← Nederland

ECLI:NL:OGEAA:2021:431

Vonnis van 8 september 2021 Behorend bij A.R. nr. AUA201900164 GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA VONNIS in de zaak van: de naamloze vennootschap NAGICO ARUBA N.V., gevestigd in Aruba, eiseres, hierna ook te noemen: Nagico, gemachtigden: de advocaten mrs. A.F. Kuster en E.A.T. Kuster, tegen: [gedaagde 1], hierna ook te noemen: [gedaagde 1], en [gedaagde 2], hierna ook te noemen: [gedaagde 2], beiden wonende in Aruba, gedaagden, hierna gezamenlijk ook te noemen: [gedaagden], gemachtigde: de advocaat M.O. Lopez. 1DE PROCEDURE 1.1 Het verloop van de procedure tot 15 april 2020 blijkt uit het tussenvonnis van dit Gerecht van die datum. Het verdere verloop van de procedure blijkt uit: - het proces-verbaal van bewijslevering zijdens Nagico van 8 september 2020; - het schrijven van Nagico van 14 september 2019, inhoudende de mededeling dat zij afziet van het voorbrengen van verdere getuigen; - de beslissing van het Gerecht van 22 september 2020 tot sluiting van bewijslevering aan de zijde van Nagico, onder verwijzing van de zaak naar de rol van 7 oktober 2020 voor akte zijdens [gedaagden] ter beantwoording van de vraag of zij al dan niet in de gelegenheid gesteld willen worden voor het houden van contra-enquête; - de op 7 oktober 2020 door [gedaagden] gediende akte houdende de mededeling dat zij afzien van contra-enquête, waarop het Gerecht de bewijslevering heeft gesloten; - de conclusie na bewijslevering zijdens Nagico, met producties; - de antwoordconclusie na bewijslevering van [gedaagden]. 1.2 Vonnis is nader bepaald op heden. 2DE VERDERE BEOORDELING 2.1 Het Gerecht volhardt in zijn in het tussenvonnis neergelegde overwegingen en beslissingen. 2.2 Onder verwijzing naar rechtsoverweging 3.1 van het tussenvonnis wordt het volgende verder overwogen. Op de rol van 13 mei 2020 hebben [gedaagden] een bewijs van onvermogen overgelegd waaruit blijkt dat [gedaagde 1] niet in staat is om de kosten van deze procedure te dragen. Aan haar zal daarom verlof tot kosteloos procederen worden verleend. 2.3 Krachtens het tussenvonnis is Nagico in de gelegenheid gesteld om door middel van het doen horen van getuigen te bewijzen dat [gedaagde 2] ten tijde van het ongeval onder invloed was van alcohol. De thans te beantwoorden vraag is of Nagico al dan niet dat bewijs heeft geleverd. 2.4 Voormelde vraag moet naar het oordeel van het Gerecht ontkennend worden beantwoord. Bedoeld bewijs volgt niet uit de verklaring van de enige door Nagico voorgebrachte getuige, te weten [getuige]. Die getuige verklaart immers dat toen hij op de plaats van het ongeval aankwam [gedaagde 2] daar niet meer aanwezig was. Aldus heeft deze getuige geen verschijnselen bij [gedaagde 2] kunnen waarnemen waaruit valt af te leiden dat hij onder invloed was van alcohol. Het bij de conclusie na enquête als bijlage 10 overgelegde rapport van Sedgwick (hierna: het rapport; waarover hierna meer) wordt als zijnde tardief niet toegelaten ten behoeve van het door Nagico te leveren bewijs. Het had op de weg van Nagico gelegen om dat rapport op een eerder in deze procedure gelegen moment in het geding te brengen, uiterlijk bij gelegenheid van repliek. Het nalaten daarvan komt voor rekening en risico van Nagico. Dit één en ander klemt temeer omdat Nagico krachtens het tussenvonnis - zoals hiervoor al gezegd - in de gelegenheid is gesteld om door middel van het doen horen van getuigen te bewijzen dat [gedaagde 2] ten tijde van het ongeval onder invloed was van alcohol, en de bewijslevering aan de zijde van Nagico reeds op 22 september 2020 was gesloten en zij geen heropening daarvan heeft verzocht. Maar zelfs al zou het rapport wel toelaatbaar zijn ten behoeve van het door Nagico te leveren bewijs heeft het volgende te gelden. 2.5 De opsteller van het rapport, verzekeringsarts drs. [verzekeringsarts], verklaart op grond van horen zeggen van poortarts [poorarts] en een niet bij naam genoemde chirurg, beiden werkzaam bij het HOH en die [gedaagde 2] volgens [verzekeringsarts] voornoemd van verder horen zeggen direct na het ongeval hebben onderzocht, dat [gedaagde 2] kort gezegd onder invloed was van alcohol. Niet alleen levert dit alles een ontoelaatbare grove schending op van in elk geval de door betrokken in het HOH werkzame artsen jegens [gedaagde 2] te betrachten medische geheimhouding, maar sprake is ook van niet voor bewijslevering bruikbare de audito verklaring. Daar komt nog eens bij dat [gedaagden] de betrouwbaarheid van het rapport alsmede inhoud daarvan gemotiveerd hebben bestreden. Dit alles leidt tot de slotsom dat het rapport geen bewijs oplevert van de stelling van Nagico dat [gedaagde 2] ten tijde van het ongeval onder invloed was van alcohol. 2.6 Al het vorenstaande leidt tot de algehele slotsom dat de vorderingen van Nagico als zijnde ongegrond zullen worden afgewezen en dat zij, als de in het ongelijk gestelde partij, zal worden veroordeeld in de kosten van deze procedure gevallen aan de zijde van [gedaagden]. Die kosten worden tot aan de uitspraak van dit vonnis begroot op Afl. 3.000,-- aan gemachtigdensalaris (3 punten, tarief 4 ad Afl. 1.000,-- per punt). 4DE UITSPRAAK Het Gerecht: -wijst af het door Nagico verzochte; -veroordeelt Nagico in de kosten van deze procedure gevallen aan de zijde van [gedaagden], tot aan deze uitspraak begroot op Afl. 3.000,--; -verleent aan [gedaagde 1] verlof tot kosteloos procederen. Dit vonnis is gewezen door mr. A.H.M. van de Leur, rechter, en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 8 september 2021 in tegenwoordigheid van de griffier. Datum uitspraak: 8 september 2021 Instantie: Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba Zaaknummer: AR nr. AUA201900164 Inhoudsindicatie: civiel, ongeval onder invloed van alcohol, bewijslevering, medische geheimhouding. Formele relaties (optioneel): Rechtsgebieden: Civiel Rechter: mr. A.H.M. van de Leur Bijzondere kenmerken: Meer in het bijzonder wordt door [gedaagde 2] de juistheid betwist van de van horen zeggen verklaring van [verzekeringsarts] voornoemd dat bedoelde poortarts en chirurg hebben geconstateerd dat [gedaagde 2] onder invloed was van alcohol.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.