Vonnis van 27 oktober 2021 Behorend bij AUA202002542 GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA VONNIS in het incident tot voeging zijdens de stichting FUNDACION LOTTA PA DEPORTE, te Aruba, eiseres in het incident, hierna ook te noemen: FLPD, gemachtigden: mrs. M.R.B. Gorsira en N.R.V. Soeltaansingh, in de zaak van: [EISER IN DE HOOFDZAAK, VERWEERDER IN HET INCIDENT] te Aruba, eiser in de hoofdzaak, verweerder in het incident, hierna ook te noemen: [Eiser in de hoofdzaak, verweerder in het incident] gemachtigden: mrs. I.R. Wever en A.A. Ruiz, tegen de maatschap ERNST & YOUNG, te Aruba, gedaagde in de hoofdzaak, verweerster in het incident, hierna ook te noemen: EY, gemachtigde: mr. P.R.C. Brown. 1DE PROCEDURE 1.
- Het verloop van de procedure blijkt uit: het vonnis in het incident tot vrijwaring van 12 mei 2021 en de daaraan ten grondslag liggende stukken; de conclusie van antwoord in de hoofdzaak; de incidentele conclusie van FLPD houdende een verzoek tot voeging ex artikel 214 Rv; de conclusie van antwoord in het incident tot voeging, van [eiser in de hoofdzaak, verweerder in het incident]. 1.
- De zaak is daarna verwezen naar de rol voor vonnis in het incident.
- DE BEOORDELING in het incident 2.
- In het voornoemde vonnis van 12 mei 2021 is het verzoek van EY om FLPD in vrijwaring op te roepen toegewezen. FLPD is vervolgens opgeroepen en zij heeft zich ook gesteld. Thans dient zij nog een conclusie van antwoord te nemen. 2.
- In dit incident verzoekt FLPD het haar toe te staan om zich in de hoofdzaak te voegen aan de zijde van EY. Uit artikel 75 Rv vloeit voort dat de waarborg, FLPD, het recht heeft om zich in de hoofdzaak aan de zijde van de gewaarborgde, EY, te voegen. Daar is geen rechterlijk verlof voor vereist en dus ook geen incidentele vordering, zoals de onderhavige (Hoge Raad 21 november 1952, NJ 1953/50). FLPD hoeft, als zij zich in de hoofdzaak wil voegen aan de zijde van EY, deze keuze dus slechts kenbaar te maken aan de rolrechter en de partijen in de hoofdzaak. Bij gebrek aan belang wordt de incidentele vordering daarom afgewezen. 2.
- FLPD zal in de proceskosten van het incident worden veroordeeld, nu uit het voorgaande volgt dat zij dit incident nodeloos heeft veroorzaakt. Gelet op het feit dat [eiser in de hoofdzaak, verweerder in het incident] zich heeft gerefereerd aan het oordeel van dit gerecht en EY niet heeft gereageerd, worden de kosten aan de zijde van verweerders begroot op nihil. in de hoofdzaak 2.
- Uit de incidentele conclusie van FLPD is gebleken dat zij zich wenst te voegen aan de zijde van EY. Zij zal daarom in de gelegenheid worden gesteld een conclusie van antwoord te nemen. 3DE UITSPRAAK Het Gerecht: in het incident: wijst het verzoek af; veroordeelt FLPD in de kosten van het geding, aan de zijde van verweerders begroot op nihil; in de hoofdzaak: stelt vast dat FLPD zich als partij heeft gevoegd aan de zijde van EY en verwijst de zaak naar de rolzitting van 24 november 2021 opdat FLPD als gevoegde partij desgewenst een conclusie van antwoord kan nemen; Dit vonnis is gewezen door mr. J.J. Verhoeven, rechter, en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 27 oktober 2021 in aanwezigheid van de griffier.