← Nederland

ECLI:NL:OGEAA:2022:508

Beschikking van 28 juni 2022 Behorend bij EJ nr. AUA202200273 GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA BESCHIKKING op het verzoek van: [Naam verzoekster], wonende in Aruba, VERZOEKSTER, hierna: de moeder, gemachtigde: de advocaat mr. N.S. Gravenstijn, tegen [Naam verweerder], zonder bekende woon- en/of verblijfplaats in Aruba of elders, VERWEERDER, hierna te noemen: de man, niet verschenen. Belanghebbenden: [Naam belanghebbende I], de minderjarige, [Naam belanghebbende II], de biologische vader, DE VOOGDIJRAAD, in zijn hoedanigheid van bijzondere curator. 1DE PROCEDURE Het verloop de procedure blijkt uit: het verzoekschrift met producties, ingediend op 11 februari 2022; het advies van de ambtenaar van de burgerlijke stand, overgelegd op 10 mei 2022; de mondelinge behandeling ter zitting van 17 mei 2022, waar zijn verschenen de moeder in persoon en bijgestaan door haar gemachtigde, de biologische vader in persoon en namens de Voogdijraad mevrouw mr. [naam raadsonderzoeker] en mevrouw [naam raadsonderzoeker]. De man is, ondanks daartoe behoorlijk te zijn opgeroepen, niet verschenen. De uitspraak is bepaald op heden. 2DE FEITEN 2.1 Uit het huwelijk tussen de moeder en de man is op [geboortedatum] in Aruba geboren [belanghebbende I] (hierna: de minderjarige). 2.2 Dit gerecht heeft op 19 juni 2017 de echtscheiding tussen de moeder en de man uitgesproken en op 8 september 2017 is de echtscheidingsbeschikking ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand. 3HET VERZOEK Het verzoek strekt tot gegrondverklaring van de ontkenning van het door het huwelijk ontstane vaderschap van de man. 4DE BEOORDELING 4.1 Ingevolge artikel 1:212 van het Burgerlijk Wetboek van Aruba (BW) dient in zaken van afstamming het minderjarig kind vertegenwoordigd te worden door een daartoe door het gerecht benoemde bijzondere curator. De Voogdijraad heeft zich bereid verklaard als bijzondere curator van de minderjarige op te treden. 4.2 Ingevolge artikel 1:200 leden 1 en 5 BW kan, op de grond dat de man niet de biologische vader van het kind is, het door huwelijk ontstane vaderschap door de moeder worden ontkend. Het verzoek tot gegrondverklaring van de ontkenning dient door de moeder te worden ingediend binnen een jaar na de geboorte van het kind. Het onderhavige verzoek is niet binnen de wettelijke termijn ingediend, zodat de moeder niet-ontvankelijk zal worden verklaard in haar verzoek. 4.3 De bijzondere curator is bevoegd de minderjarige te vertegenwoordigen in een door de moeder ingekomen verzoekschrift tot ontkenning van vaderschap. De bijzondere curator heeft ter zitting namens de minderjarige het vaderschap van de man ontkend en de gegrondverklaring van de ontkenning verzocht. In casu heeft moeder het verzoek ingediend, zodat de bijzondere curator ontvankelijk is in zijn verzoek. 4.4 De moeder heeft een rapport overgelegd van het MedLab van 11 juni 2021, houdende de bevindingen van een verwantschapsonderzoek (DNA-test). Op grond van dit rapport kan de conclusie worden getrokken dat de man niet de verwekker is van de minderjarige. Aan de wettelijke eis voor gegrondverklaring van de ontkenning is dus voldaan. Voor het overige is niet gebleken van enig bezwaar tegen toewijzing van het verzoek. Het verzoek tot gegrondverklaring van de ontkenning is derhalve toewijsbaar. 4.5 Artikel 1:202 lid 1 BWA bepaalt dat nadat de beschikking houdende gegrondverklaring van een ontkenning van een door huwelijk ontstaan vaderschap in kracht van gewijsde is gegaan, het door huwelijk ontstane vaderschap geacht wordt nimmer gevolg te hebben gehad. Dat betekent dat nadat deze beschikking in kracht van gewijsde is gegaan, de minderjarige de achternaam van de moeder zal dragen, onverlet een eventuele naamskeuze op grond artikel 5g lid 1 van het BW 4.6 Gelet op het door de moeder overgelegde bewijs van onvermogen van 5 oktober 2021, zal aan haar toelating worden verleend om kosteloos te procederen. 5DE BESLISSING Het gerecht: verleent de moeder toestemming om kosteloos te procederen, verklaart de moeder niet-ontvankelijk in haar verzoek, verklaart gegrond de ontkenning van het door het huwelijk ontstane vaderschap van [de man], geboren op [geboortedatum] in Suriname van [de minderjarige], geboren op [geboortedatum] in Aruba uit [de moeder]. Deze beschikking is gegeven op dinsdag 28 juni 2022 door mr. W.C.E. Winfield, rechter in dit gerecht, in tegenwoordigheid van de griffier.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.