← Nederland

ECLI:NL:OGEAA:2022:80

Beschikking van 29 maart 2022 behorend bij EJ AUA202103884 GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA BESCHIKKING op het verzoek van: DE VOOGDIJRAAD, kantoorhoudend in Aruba, VERZOEKER, vertegenwoordigd, met betrekking tot de minderjarige: [Minderjarige], geboren op [geboortedatum] 2020 in Aruba, hierna: de minderjarige, belanghebbenden: [Naam moeder], de moeder, [Naam vader], de vader, [Naam voorgestelde gezingsvoogd], de voorgestelde gezinsvoogd. 1DE PROCEDURE De procedure blijkt uit: het verzoekschrift, ingediend op 15 december 2021, de mondelinge behandeling ter zitting met gesloten deuren van 15 februari 2022, in aanwezigheid van de raadsonderzoekers van de Voogdijraad, mevrouw [X] en mevrouw [Z], de moeder in persoon en de voorgestelde gezinsvoogd. De vader is, ondanks daartoe behoorlijk te zijn opgeroepen, niet verschenen. De uitspraak is bepaald op heden. 2DE FEITEN 2.1 De minderjarige is geboren uit de affectieve relatie tussen de moeder en de vader. De vader heeft de minderjarige niet erkend. De moeder oefent van rechtswege het gezag over de minderjarige alleen uit. 2.2 Bij beschikking van dit gerecht van 5 oktober 2021 is de moeder uit het gezag dat zij over de minderjarige uitoefent geschorst en is de minderjarige voorlopig, tot 5 april 2022, aan de Voogdijraad toevertrouwd. 3HET VERZOEK Het ter zitting gewijzigde verzoek strekt – naar het gerecht begrijpt – tot opheffing van de schorsing van de moeder uit het ouderlijk gezag en tot ondertoezichtstelling van de minderjarige voor de periode van één jaar, met benoeming van [naam voorgestelde gezingsvoogd] tot gezinsvoogd. Tevens wordt de plaatsing van de minderjarige in ‘Casa Cuna’ verzocht. 4DE BEOORDELING 4.1 Ingevolge artikel 1:254, eerste lid, van het Burgerlijk Wetboek van Aruba (BW) kan de rechter een kind onder toezicht stellen indien het zodanig opgroeit, dat het met de zedelijke of lichamelijke ondergang wordt bedreigd. 4.2 Het gerecht is, gelet op hetgeen uit het dossier en ter terechtzitting naar voren is gekomen, van oordeel dat genoemde gronden voor ondertoezichtstelling aanwezig zijn en overweegt daartoe als volgt. In het rapport dat de Voogdijraad heeft overgelegd staat het volgende. De moeder heeft geen inzicht in de behoeften van de minderjarige en zet haar eigen behoeften op de eerste plek. Zij onderschat mogelijke gevaren uit de omgeving en brengt hierdoor de minderjarige in gevaar. Zo is de minderjarige uit de eetstoel gevallen en is zij een keer in kokend heet water gestopt. De moeder heeft psychiatrische problemen en onverwerkte trauma’s die behandeld moeten worden. Zij heeft geen stabiele en veilige woonplek en kan de minderjarige geen veiligheid, stabiliteit, structuur en routine bieden. Het is moeder na één jaar intensieve begeleiding in het tienermoederhuis (nog) niet gelukt om voor de minderjarige te zorgen en haar tegemoet te komen in haar behoeften. De minderjarige is zonder toezicht niet veilig bij de moeder. De minderjarige wordt door de moeder verwaarloosd, waardoor de ontwikkeling van de minderjarige verstoord wordt. Deze omstandigheden maken dat de ontwikkeling van de minderjarige thans met zedelijke of lichamelijke ondergang wordt bedreigd en dat een kinderbeschermingsmaatregel in de vorm van een ondertoezichtstelling nodig is, aldus nog steeds de Voogdijraad. 4.3 Gelet hierop en nu de moeder geen bezwaren heeft geuit tegen het verzoek, is het gerecht van oordeel dat een ondertoezichtstelling, binnen welk kader de benodigde hulpverlening wordt opgestart, aangewezen is. Het gerecht zal hierbij mevrouw [naam voorgestelde gezingsvoogd] benoemen tot gezinsvoogd. 4.4 Ingevolge artikel 1:263, eerste lid, BW kan de rechter het kind doen opnemen in een door hem aan te wijzen inrichting of elders dan in een inrichting indien dit in het belang van de verzorging en opvoeding noodzakelijk is. Het gerecht is van oordeel dat het in het belang van de verzorging en opvoeding van minderjarige noodzakelijk is dat zij wordt opgenomen in ‘Casa Cuna’. 5DE BESLISSING Het gerecht: heft op de schorsing van de moeder uit het ouderlijk gezag over [minderjarige], geboren op [geboortedatum] 2020 in Aruba, stelt [minderjarige] onder toezicht voor de duur van één jaar, ingaande heden, benoemt [naam voorgestelde gezingsvoogd] tot gezinsvoogd, beveelt de plaatsing van [minderjarige] in ‘Casa Cuna’, voor de duur van één jaar, ingaande heden, verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad. Deze beschikking is gegeven op 29 maart 2022 door mr. A.J. Martijn, rechter in dit gerecht, in aanwezigheid van de griffier.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.