Beschikking van 29 maart 2022 behorend bij EJ nr. AUA201601628 GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA BESCHIKKING op het verzoek van: [Naam verzoekster], wonende in Aruba, VERZOEKSTER, gemachtigde: mr. M.M. Malmberg, om ondercuratelestelling van haar zoon: [Naam verweerder], wonende in Aruba, te [adres], VERWEERDER, in persoon, belanghebbende: [Naam belanghebbende], de vader van verweerder. 1DE PROCEDURE De procedure blijkt uit: het verzoekschrift, ingediend op 17 november 2016, de mondelinge behandeling ter zitting van 15 februari 2022, waarbij aanwezig waren verzoekster, bijgestaan door haar gemachtigde, verweerder en de vader van verweerder, nadere stukken ingediend door verzoekster. De uitspraak is bepaald op heden. 2HET VERZOEK Het verzoek strekt ertoe dat verweerder onder curatele wordt gesteld met benoeming van verzoekster tot zijn curatrice. 3DE BEOORDELING 3.1 Het verzoek is gegrond op artikel 1:378 lid 1 en onder a van het Burgerlijk Wetboek van Aruba (BWA). Ingevolge deze bepaling kan de rechter een meerderjarige onder curatele stellen wegens een geestelijke stoornis waardoor de gestoorde, al dan niet met tussenpozen, niet in staat is of bemoeilijkt wordt zijn belangen behoorlijk waar te nemen. 3.2 Uit de verklaringen van verzoekster en de vader van verweerder, de schriftelijke verklaring van 3 maart 2022 van Dr. N. Alvarez Quezada (behandeld arts) en uit eigen waarneming van de rechter, is gebleken dat verweerder wegens het verkeersongeluk dat hij in 2016 heeft gehad blijvend hersenletsel heeft opgelopen, waardoor hij nu nog kampt met fysieke en geestelijke beperkingen. Het gerecht concludeert dan ook dat verweerder wegens een geestelijke stoornis niet in staat is of bemoeilijkt wordt zijn belangen behoorlijk waar te nemen. Het verzoek tot ondercuratelestelling is dan ook voor toewijzing vatbaar. 3.3 Het gerecht is voorts van oordeel dat de benoeming van verzoekster tot curatrice het meest met de belangen van verweerder strookt. Nu voor het overige niet van bezwaren daartegen is gebleken, zal het gerecht dienovereenkomstig beslissen. 3.4 De curatrice dient ingevolge artikel 1:386 lid 1 BWA juncto artikel 1:338 BWA binnen acht weken na aanvang van haar taak als curatrice (derhalve uiterlijk op 24 mei 2022) een schriftelijke opgave ter griffie van dit gerecht te doen van de bij het begin van de curatele aanwezige gerede gelden, effecten aan toonder en spaarbankboekjes. De curatrice dient voorts binnen acht maanden na aanvang van haar taak als curatrice (derhalve uiterlijk op 29 november 2022) ter bevestiging van haar deugdelijkheid een door haar ondertekende boedelbeschrijving bij de griffie van dit gerecht in te dienen. In de boedelbeschrijving is begrepen opgave van de wijzigingen in de samenstelling van het vermogen tot het ogenblik dat zij wordt opgemaakt. 3.5 De curatrice dient ingevolge artikel 1:386 lid 1 BWA in samenhang met artikel 1:359 lid 1 BWA jaarlijks een rekening van haar bewind over de goederen van de onder curatele gestelde ter griffie van dit gerecht in te dienen, voor het eerst uiterlijk op 1 juni 2023. 4DE BESLISSING Het gerecht: - stelt [verweerder], geboren op [geboortedatum] in Aruba, onder curatele, - benoemt over de onder curatele gestelde tot curatrice zijn moeder [verzoekster], wonende in Aruba, - bepaalt dat deze uitspraak vanwege de curatrice binnen tien
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.