Beschikking van 21 maart 2023 Behorend bij AUA202202205 EJ GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA BESCHIKKING in de zaak van: [Naam verzoeker], te Aruba, verzoeker, hierna ook te noemen: [verzoeker], gemachtigde: de advocaat mr. C.H. Lejuez, tegen: de publiekrechtelijke rechtspersoon SERVICIO DI LIMPIESA DI ARUBA, te Aruba, verweerster, hierna ook te noemen: Serlimar, gemachtigde: de advocaat mr. D.G. Kock. 1DE PROCEDURE 1.1 Het verloop van de procedure blijkt uit: - het verzoekschrift met producties, ingediend op 12 juli 2022; - het verweerschrift, ingediend op 6 september 2022; - de producties van Serlimar, ingediend op 30 september 2022; - de pleitaantekeningen van [verzoeker]; - de mondelinge behandeling van 4 oktober 2022, waarbij aanwezig waren [verzoeker] bijgestaan door zijn gemachtigde voornoemd en Serlimar bij haar gemachtigde voornoemd; - de nadere producties van Serlimar, ingediend op 26 oktober 2022; - de voorgezette mondelinge behandeling van 28 oktober 2022, waarbij aanwezig waren [verzoeker] bijgestaan door zijn gemachtigde voornoemd en Serlimar bij haar gemachtigde voornoemd en vergezeld door de waarnemend directrice [naam directrice]. 1.2 Beschikking is nader bepaald op heden. 2DE VASTSTAANDE FEITEN 2.1 [ Verzoeker] is op 6 mei 2019 op grond van een tussen partijen gesloten arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd in loondienst getreden van Serlimar, in de functie van “chauffeur”, tegen een brutoloon van Afl. 2.780,- per maand. 2.2 Artikel 1 van de arbeidsovereenkomst luidt als volgt: “Conform het tweede lid van artikel 1613y van het Burgerlijk Wetboek (zoals gewijzigd bij AB 1992 no. 78), is de Zevende Titel A van het BW (het arbeidsovereenkomstenrecht) niet van toepassing op de onderhavige overeenkomst, met uitzondering van die artikelen, waarnaar in deze overeenkomst specifiek wordt verwezen.” 2.3 Artikel 5 van de arbeidsovereenkomst luidt als volgt: “Tussentijdse beëindiging van de overeenkomst is mogelijk, met inachtneming van het bepaalde in de artikelen 1615f t/m 1615m BW”. 2.4 Artikel 11.3 van de arbeidsovereenkomst luidt als volgt: “Het bepaalde in artikel 1615p BW met betrekking tot ontslag op staande voet is onverminderd de voorafgaande artikelen van toepassing.” 2.5 Op 27 mei 2022 heeft [verzoeker] vijf kapotte, niet bruikbare, autobatterijen meegenomen, die aan de kant van de hal van Ecogas op een pallet waren geplaatst om naar de dump te worden gebracht. 2.6 Op 30 mei 2022 is Serlimar door Ecogas bericht dat [verzoeker] vijf baterijen had meegenomen. 2.7 Op diezelfde dag is [verzoeker] door de Human Resources van Serlimar gehoord. 2.8 Bij brief van 30 mei 2022 heeft Serlimar de arbeidsovereenkomst met [verzoeker] met onmiddellijk ingang opgezegd. Bedoelde brief luidt voor zover van belang als volgt: “Na vanochtend door Ecogas te zijn verwittigd van een door u gepleegde diefstal van batterijen op hun terrein, de door Ecogas verzonden video te hebben gezien alsmede uw reactie hieromtrent te hebben vernomen, bericht ik u dat vanwege uw gedrag en het gepleegde delict -wat zelfs een strafbaar feit oplevert- het voor Serlimar mogelijk is om u in dienst te behouden. Uw gedrag is niet alleen jegens Ecogas ontoelaatbaar maat heeft u daarmee het vertrouwen dat Serlimar in u had op irreparabele wijze geschonden. Diefstal kan binnen het bedrijf niet worden getolereerd zodat Serlimar de beslissing heeft genomen om uw dienstverband om die reden ook met onmiddellijke ingang op te zeggen, hetgeen bij deze geschiedt. U zult de afrekening bij de volgende uitbetaling ontvangen. Serlimar geeft u in overweging om de gestolen batterijen aan Ecogas te retourneren bij gebreke waarvan Serlimar gehouden zal zijn deze schade aan Ecogas te betalen en zal Serlimar dit inhouden op uw laatste betaling.(…)” 2.9 Op 31 mei 2022 heeft [verzoeker] de vijf niet bruikbare autobatterijen teruggebracht naar Ecogas en zijn excuses aangeboden aan de plant supervisor, dhr. [naam supervisor]. 2.10 Bij brief van 1 juni 2022 is Serlimar door de gemachtigde van [verzoeker] onder meer verzocht om de dienstbetrekking met [verzoeker] te herstellen. 2.11 [ Verzoeker] heeft geen reactie op bovengenoemd schrijven ontvangen. 3HET VERZOEK [Verzoeker] verzoekt het gerecht om bij beschikking uitvoerbaar bij voorraad: a. a) voor recht te verklaren dat het gegeven ontslag nietig danwel vernietigbaar is; b) voor recht te verklaren dat de arbeidsovereenkomst tussen partijen nog steeds rechtsgeldig bestaat; c) Serlimar te bevelen – binnen vijf
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.