Beschikking van 19 november 2024 Behorend bij E.J. nr. AUA202304271 en EJ nr. AUA202304272 GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA BESCHIKKING in de zaak van: 1[Verzoeker],
- [Verzoekster], beide wonende in Aruba, VERZOEKERS, gemachtigde: de advocaat mr. M.B. Boyce. Belanghebbende: [Belanghebbende], hierna: [belanghebbende], zonder bekende woon- en of verblijfplaats in Aruba of daarbuiten. 1DE PROCEDURE In de zaken met nummers AUA202304271 en AUA202304272 1.1 Het verloop van de procedure blijkt uit: - de verzoekschriften, ingediend op 6 december 2023, - de producties, ingediend op 21 maart 2024, - de mondelinge behandeling met gesloten deuren van 26 maart 2024, in aanwezigheid van verzoeker sub 1 in persoon, bijgestaan door mr. Boyce. Verzoeker sub 2 is verschenen bij mr. Boyce. [Belanghebbende] is - hoewel behoorlijk opgeroepen - niet te zitting verschenen; - de akte uitlating zijdens verzoekers, ingediend op 30 april 2024; - de voortzetting van de mondelinge behandeling met gesloten deuren op 1 oktober 2024, waarbij is verschenen verzoekers in persoon, bijgestaan door mr. Boyce. [Belanghebbende] is niet ter zitting verschenen. 1.2 Beschikking is nader bepaald op heden. 2DE VASTSTAANDE FEITEN In de zaken met nummers AUA202304271 en AUA202304272 2.1 Op 22 november 2022 is overleden de heer [erflater] (hierna: de erflater). 2.2 Verzoekers en [belanghebbende] zijn kinderen van de erflater en zijn erfgenamen, ieder voor één derde (1/3) deel in de nalatenschap. 2.3 [ Belanghebbende] is in de ochtenduren van 31 juli 1987 met een vliegtuig van Avia Air van Punto Fijo, Venezuela, naar Aruba vertrokken. Hij was de piloot van het vliegtuig; er zat verder niemand in dat vliegtuig. [Belanghebbende] is nimmer in Aruba aangekomen; hij wordt sindsdien vermist. 3HET VERZOEK In de zaak met nummer AUA202304271 3.1 Verzoekers verzoeken het gerecht een machtiging te verlenen op grond van artikel 1:412 van het Burgerlijk Wetboek van Aruba (hierna: BWA) tot de uitoefening van het recht van erfgenaam. In de zaak met nummer AUA202304272 3.2 Verzoekers verzoeken - zoals gewijzigd ter zitting - dat bij beschikking uitvoerbaar bij voorraad wordt verklaard: primair: dat de vermiste [belanghebbende] op 31 juli 1987 is overleden, subsidiair: dat het rechtsvermoeden van overlijden van de vermiste [belanghebbende] bestaat. 4DE BEOORDELING In de zaak met nummer AUA202304272 4.1 Ingevolge artikel 1:426 lid 1 van het Burgerlijk Wetboek van Aruba (BWA) kan, indien het lichaam van een vermist persoon niet is kunnen worden teruggevonden doch, alle omstandigheden in aanmerking genomen, zijn overlijden als zeker kan worden beschouwd, het gerecht op vordering van het openbaar ministerie of op verzoek van iedere belanghebbende verklaren dat de vermiste is overleden, indien: a. de vermissing heeft plaatsgevonden in Aruba; b. de vermissing heeft plaatsgevonden tijdens een reis met een in Aruba thuisbehorend schip of luchtvaartuig; c. de vermiste een in Aruba woonplaats hebbende of gehad hebbende Nederlander was; d. de vermiste zijn woon- of verblijfplaats had in Aruba. 4.2 Aan hun verzoek hebben verzoekers ten grondslag gelegd dat [belanghebbende] op vrijdag 31 juli 1987 kort voor 8:00 uur van de luchthaven Josefa Camejo te Punto Fijo, Venezuela, met een vliegtuig van Avia Air (een in Aruba thuisbehorend luchtvaartuig) is vertrokken richting de luchthaven Reina Beatrix te Aruba. Volgens het vliegplan zou [belanghebbende] ongeveer tussen 8:00 en 9:00 uur op de luchthaven in Aruba landen. De verkeerstoren in Punto Fijo heeft tot vijf minuten na het vertrek uit Venezuela nog contact met [belanghebbende] gehad, maar heeft daarna niets meer gehoord. [Belanghebbende] is nimmer in Aruba aangekomen. De familie van [belanghebbende] heeft destijds verschillende zoekacties ondernomen, maar deze hebben niets opgeleverd. Ook de Arubaanse en Venezolaanse autoriteiten hebben zoektochten gedaan, maar ook die waren tevergeefs. [Belanghebbende] wordt sindsdien vermist. Voor zover bekend, heeft niemand ooit meer iets van [belanghebbende] gehoord. Verzoekers hebben ter onderbouwing hiervan diverse krantenknipsels overgelegd over de verdwijning van het Avia Air vliegtuig en [belanghebbende] op 31 juli
- 4.3 Vaststaat dat het lichaam van [belanghebbende] nimmer is teruggevonden. Naar het oordeel van het gerecht kan - rekening houdend met alle omstandigheden van het geval - zijn overlijden als zeker worden beschouwd. Het gerecht ziet daarom aanleiding om te verklaren dat [belanghebbende] op 31 juli 1987 is overleden. Nu het procesdossier onvoldoende aanknopingspunten biedt omtrent het precieze tijdstip respectievelijk de plaats van overlijden, zal hierover niet worden beslist. 4.4 Het verzoek om de beslissing uitvoerbaar bij voorraad te verklaren wordt afgewezen, nu dat niet verenigbaar is met artikel 1:429 BWA. In de zaak met nummer AUA202304271 4.5 Ingevolge artikel 1:412 BWA kan de rechter, ingeval aan een persoon wiens bestaan onzeker is, een erfdeel of en legaat opkomt, waartoe, indien hij niet in leven mocht zijn, anderen gerechtigd zouden zijn, een machtiging van het recht van erfgenaam of legataris verlenen. 4.6 Nu het gerecht zal verklaren dat [belanghebbende] op 31 juli 1987 is overleden, zal niet langer sprake zijn van een persoon wiens bestaan onzeker is. Verzoekers hebben dan ook geen belang meer bij de verzochte machtiging van het recht van erfgenaam. Het gerecht zal hun verzoek dan ook afwijzen. 4.7 Het voorgaande leidt tot de volgende beslissing.
- DE BESLISSING Het gerecht: in de zaak met nummer AUA202304272: verklaart dat op 31 juli 1987 is overleden: [Belanghebbende], geboren op [geboortedatum] 1961 op [geboorteplaats], van [geboortedatum] 1961 tot 1 augustus 1980 gewoond hebbende te [adres] in Aruba, op 1 augustus 1980 vertrokken naar de Verenigde Staten van Amerika, wijst af het meer of anders verzochte, in de zaak met nummer AUA202304271: wijst het verzoek af. Deze beschikking is gedaan door mr. A.J. Martijn, in tegenwoordigheid van mr. K.M. Geerman als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op dinsdag 19 november 2024.