← Nederland

ECLI:NL:OGEABES:2020:54

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN BONAIRE, SINT EUSTATIUS EN SABA zittingsplaats Bonaire Burgerlijke zaken over 2019 registratienummer: BON201900174 datum uitspraak: 23 september 2020 VONNIS in de zaak van 1de buitenlandse vennootschap HADRIA TRUST,

  1. de buitenlandse vennootschap PRODUCE TRADING AND MANAGEMENT SERVICES LTD., beide gevestigd te Nieuw Zeeland, eiseressen, voormalig gemachtigde: E.J. Winkel, tegen 1[GEDAAGDE SUB 1], zonder bekende woon- of verblijfplaats, en 2[GEDAAGDE SUB 2], wonende te Bonaire, gemachtigde: mr. M.M.A. van Lieshout. De procedure
  2. Het verloop van de procedure blijkt uit: - het verzoekschrift, ingekomen op 20 maart 2019, - het tegen [gedaagde sub 1] verleende verstek, - de conclusie van antwoord van [gedaagde sub 2] van 20 maart 2020, - de comparitie van partijen van 6 augustus 2020, - de intrekking van de vorderingen bij e-mail van 20 augustus 2020 om 11.41 uur; - de e-mail van de gemachtigde van [gedaagde sub 2] van 21 augustus 2020 om 15.01 uur waarin zij heeft verzocht om nog wel een beslissing te nemen over de vordering tot veroordeling van eiseressen in de proceskosten en het verzoek om [gedaagde sub 2] toe te staan kosteloos te mogen procederen. De beoordeling
  3. Nu eiseressen hun vorderingen hebben ingetrokken behoeft daarop niet meer te worden beslist.
  4. Er dient nog een beslissing genomen te worden over de proceskosten en de kosteloze rechtsbijstand.
  5. Zonder nadere toelichting van de zijde van eiseressen over de reden van de intrekking moet ervan worden uitgegaan dat de intrekking is geschied op gronden die in de risicosfeer van eiseressen liggen. Gelet hierop acht het gerecht een proceskostenveroordeling van eiseressen op zijn plaats. Nu [gedaagde sub 2] een conclusie van antwoord heeft ingediend en tijdens de comparitie van partijen is verschenen, staat vast dat zij kosten heeft moeten maken. [Gedaagde sub 1] is niet in de procedure verschenen en heeft dus geen kosten gemaakt. Gelet op het voorgaande zullen eiseressen worden veroordeeld in de proceskosten die door het gerecht aan de zijde van [gedaagde sub 2] conform het Procesreglement worden begroot op US$ 558,- aan gemachtigdensalaris (2 punten x tarief 3) en aan de zijde van [gedaagde sub 1] op nihil.
  6. Gelet op het overgelegde KRB-formulier zal [gedaagde sub 2] toestemming krijgen kosteloos te procederen. De beslissing Het gerecht:
  7. veroordeelt eiseressen in de kosten van de procedure, tot op heden begroot aan de zijde van [gedaagde sub 2] op US$ 558,- aan gemachtigdensalaris en aan de zijde van [gedaagde sub 1] op nihil,
  8. verklaart deze veroordeling uitvoerbaar bij voorraad,
  9. verleent [gedaagde sub 2] toestemming om kosteloos te procederen. Dit vonnis is gewezen door mr. J.A. van Voorthuizen, rechter, en is in het openbaar uitgesproken op 23 september 2020 in tegenwoordigheid van de griffier.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.