GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN BONAIRE, SINT EUSTATIUS EN SABA zittingsplaats Bonaire registratienummer: BON202300080 datum beslissing: 24 januari 2024 BESCHIKKING in de zaak van: [DE MAN], wonende te Bonaire, hierna: de man, gemachtigde: mr. A.T.C. Nicolaas, en [DE VROUW], wonende te Limón, Costa Rica, hierna: de vrouw. 1De procedure 1.
- Het verzoekschrift van de man met bijlagen is ingekomen op 27 februari
- 1.
- De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 7 december
- Daarbij is de man verschenen met mr. Nicolaas. De vrouw is, hoewel behoorlijk opgeroepen, niet verschenen. Verder was de moeder van de man aanwezig. 1.
- De beschikking is bepaald op vandaag. 2De feiten 2.
- De vrouw en de man zijn op 11 januari 2018 te Bonaire in gemeenschap van goederen met elkaar gehuwd. 2.
- Uit dit huwelijk is het volgende nu nog minderjarige kind geboren: - [de miderjarige], geboren op [geboortedatum] 2018 te Limón, Costa Rica (hierna ook: [de minderjarige]). 3Het verzoek en de beoordeling 3.
- De man verzoekt om de echtscheiding tussen partijen uit te spreken en om nevenvoorzieningen te treffen. Tijdens de mondelinge behandeling heeft de man het verzoek om een bevel verdeling ingetrokken, zodat alleen de nevenvoorziening over het gezag over [de minderjarige] resteert. Echtscheiding 3.
- Gelet op de internationale aspecten van deze zaak is de eerste vraag die voorligt of de Bonairiaanse rechter rechtsmacht heeft. 3.
- Voor wat betreft de internationale bevoegdheid ten aanzien van de echtscheiding gelden geen internationale verdragen. Op grond van artikel 814 lid 1 onder b van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering BES (Rv BES) komt aan de Bonairiaanse rechter rechtsmacht toe. De man heeft de Nederlandse nationaliteit en had ten tijde van het verzoekschrift reeds minimaal zes maanden woonplaats op Bonaire. 3.
- De Bonairiaanse rechter past Bonairiaans recht toe. Als onweersproken staat vast dat het huwelijk van partijen duurzaam is ontwricht. Het verzoek tot echtscheiding zal daarom worden toegewezen. Gezag 3.
- Ook voor wat betreft het gezag is gelet op de internationale aspecten de eerste vraag of de Bonairiaanse rechter rechtsmacht heeft. 3.
- Voor wat betreft het gezag geldt wel een verdrag. Het ‘Verdrag inzake de bevoegdheid, het toepasselijke recht, de erkenning, de tenuitvoerlegging en de samenwerking op het gebied van ouderlijke verantwoordelijkheid en maatregel ter bescherming van kinderen van 1996’ (Haags Kinderbeschermingsverdrag 1996, hierna: het Verdrag) heeft medegelding voor de BES-eilanden waar Bonaire onderdeel van is. Het Verdrag geldt ook in Costa Rica. 3.
- In het onderhavige geval gaat het om een minderjarige die is geboren in Costa Rica en nooit op Bonaire heeft gewoond. 3.
- Op grond van artikel 5 van dit Verdrag is, kort gezegd, bevoegd de rechterlijke autoriteit van de Staat waar het kind zijn gewone verblijfplaats heeft. Aan de vereisten om zich toch bevoegd te verklaren inzake de nevenvoorzieningen over een kind in het geval de Bonairiaanse rechter bevoegd is inzake de echtscheiding neergelegd in artikel 10 van het Verdrag is niet voldaan, alleen al omdat de Bonairiaanse rechter dit verzoek onvoldoende kan beoordelen, omdat [de minderjarige] in Costa Rica woont. 3.
- Het gerecht zal zich onbevoegd verklaren om van het nevenverzoek over het gezag kennis te nemen. 4De beslissing 4.
- spreekt de echtscheiding tussen partijen uit, 4.
- verklaart zich onbevoegd om van het verzoek om een nevenvoorziening over het gezag kennis te nemen. Deze beschikking is gegeven door mr. J.R. Veerman, rechter, en in het openbaar uitgesproken op 24 januari 2024 in tegenwoordigheid van de griffier.