GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN BONAIRE, SINT EUSTATIUS EN SABA, zittingsplaats Sint Eustatius Zaaknummer: EUX202500053 Vonnisdatum: 9 december 2025 in de zaak van 1[eiser 1]en
(5)jaar melden en aanspraak op betaling maken, aan ieder van hen een bedrag van USD 1.950,- wordt uitgekeerd door de gezamenlijke erfgenamen van erflater. - voorts te bepalen dat, ingevolge artikel 3:300 BW, de uitspraak in de plaats treedt van de notariële (leverings)akten die vereist zijn voor de levering van het onroerend goed; - te bepalen dat verzoekers alle (rechts)handelingen kunnen verrichten die daarvoor nodig zijn, inclusief de inschrijving van de uitspraak in de openbare registers van Sint Eustatius, zodat deze uitspraak direct kan worden ingeschreven conform artikel 3:301 BW, met als gevolg dat het onroerend goed direct ten name van kopers kan worden gesteld door de hypotheekbewaarder. 3.
- Eisers baseren deze eis op het volgende. Het perceel werd bij leven door erflater, tijdens diens huwelijk — en dus met de toestemming van zijn toenmalige echtgenote — verkocht aan kopers bij overeenkomst d.d. 9 september
- De koopsom is in de periode van 2004 - 2009 in termijnen voldaan. Ten tijde van de laatste betaling kon de levering van het onroerend goed echter niet plaatsvinden, omdat [erflaatster] in 2008 is overleden en haar erfgenamen hun medewerking daartoe niet hebben verleend.3.
- Erflater is overleden zonder dat levering heeft plaatsgevonden, en kopers zijn hun verplichtingen volledig nagekomen. Daarom rust op de gezamenlijke erfgenamen een verplichting tot medewerking aan de levering. Erflater heeft voor zijn overlijden geprobeerd deze kwestie op te lossen en heeft daartoe zowel een advocaat als een notaris ingeschakeld. Helaas is erflater op 31 oktober 2024 overleden, zonder dat er tot een oplossing is gekomen. Ondanks herhaalde inspanningen van notaris mr. Bouterse sinds 2022 is het haar niet gelukt om de medewerking van de overige erfgenamen aan de levering van het onroerend goed te verkrijgen. 3.
- Gedaagden hebben als verweer aangevoerd dat op de vordering het oud Antilliaans recht van toepassing is. Zij beroepen zich op artikel 1:88 BWNA (oud) en stellen zich op het standpunt dat niet geleverd hoeft te worden, omdat de koop vernietigbaar is. Er is door [erflaatster] nooit toestemming verleend aan [erflater] om het perceel te verkopen. Gedaagden betwisten dat de koopprijs is betaald. [erflaatster] of haar erfgenamen hebben ook nooit een deel van de koopsom ontvangen. Zij verzoeken het Gerecht de koopovereenkomst te vernietigen. 4De beoordeling 4.
- Eisers hebben door het overleggen van de overeenkomst van 9 september 2004 voldoende onderbouwd dat het perceel op die datum werd verkocht aan kopers voor een bedrag van USD 39.000,-. Ook is voldoende onderbouwd dat de koopsom in termijnen is voldaan, de laatste termijn op 2 juli
- [erflaatster] was in 2008 overleden, zodat [erflater] de medewerking van haar erven nodig had om het perceel te kunnen leveren. 4.
- Gedaagden beroepen zich op vernietiging van de koopovereenkomst. Terecht stellen gedaagden dat het in 2004 geldende burgerlijk recht toepasselijk is op de totstandkoming van de overeenkomst en dus ook op de vernietigbaarheid ervan. Er was geen instemming van [erflaatster] voor de verkoop van het perceel, dus de overeenkomst is vernietigbaar, aldus gedaagden. 4.
- Eisers stellen daar tegenover dat de verkoop wel met instemming van [erflaatster] is gebeurd. Die is echter niet en blijkt verder ook nergens uit. De vraag is wat het gevolg moet zijn, als ervan wordt uitgegaan dat [erflater] geen toestemming van [erflaatster] had voor de verkoop. 4.
- Naar het oordeel van het Gerecht was de toestemming niet noodzakelijk. In het algemeen behoeft een echtgenoot voor de koop of verkoop van een zaak geen toestemming van de andere echtgenoot. Op dat uitgangspunt zijn echter enkele uitzonderingen. Als reactie op het beroep van gedaagden hebben eisers naast andere verweren onder meer aangevoerd dat voor deze koopovereenkomst de in artikel 1:88 lid 1, onder a. BWNA (oud) bedoelde toestemming niet vereist was. Dat verweer slaagt. Het gaat in die bepaling om de gezamenlijk bewoonde woning of zaken die bij een zodanige woning of tot de inboedel daarvan behoren. De gedachte daarachter is dat de echtgenoten tegen elkaar worden beschermd om rechtshandelingen te verrichten die voor de ander in het belang van het gezin mogelijk nadelig zouden kunnen zijn. Dat speelt in dit geval niet. Het perceel grond is elders op het eiland gelegen en heeft niets met de destijds bewoonde woning te maken. Het beroep op deze vernietigingsgrond wordt daarom afgewezen. 4.
- De verbintenis tot levering volgde uit de koopovereenkomst en behoorde tot de huwelijksgoederengemeenschap van [erflater] en [erflaatster]. Zij waren in die zin in 2004 de schuldenaren van deze verbintenis. Deze verplichting tot levering ging na het overlijden van [erflaatster] in 2008 over op [erflater] en de erfgenamen van [erflaatster] samen. En na het overlijden van [erflater] in 2024 op alle erfgenamen tezamen. 4.
- Het voorgaande betekent dat de primaire vorderingen toewijsbaar zijn. Alle erfgenamen zullen moeten meewerken aan levering aan de kopers. Er is in deze procedure niets gesteld over de omvang van de nalatenschap op dit moment. Indien de boedel het toelaat, hebben de negen gedaagden na overdracht van het perceel ieder recht op 5% van de koopsom, dus USD 1.950,-. Proceskosten 4.
- Eisers hebben niet om een proceskostenveroordeling verzocht en gelet op de familiale banden ziet het Gerecht daartoe ook geen aanleiding.Vonnis uitvoerbaar bij voorraad 4.
- Dit vonnis zal uitvoerbaar bij voorraad worden verklaard. Dat betekent dat het vonnis meteen mag worden uitgevoerd, ook als één van de partijen aan het Gemeenschappelijk Hof vraagt om de zaak opnieuw te beoordelen. 5De beslissing Het Gerecht: 5.
- veroordeelt gedaagden om uiterlijk vijf dagen na betekening van dit vonnis hun medewerking te verlenen aan — en de nodige handelingen te verrichten voor — de overdracht van het perceel [./. …/….] op Sint Eustatius aan kopers; 5.
- bepaalt dat dit vonnis in de plaats treedt van de notariële (leverings)akten die vereist zijn voor de levering van het perceel, indien niet wordt voldaan aan bovenstaande veroordeling; 5.
- bepaalt dat eisers alle (rechts)handelingen kunnen verrichten die daarvoor nodig zijn, inclusief de inschrijving van dit vonnis in de openbare registers van Sint Eustatius, zodat dit vonnis direct kan worden ingeschreven, met als gevolg dat het perceel direct op naam van kopers kan worden gesteld door de hypotheekbewaarder; 5.
- verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad; 5.
- wijst alles wat meer of anders is gevorderd af. Dit vonnis is gewezen door mr. L.J. Saarloos, rechter in voormeld Gerecht, bijgestaan door de griffier, en in het openbaar uitgesproken op 9 december 2025 Artikel 6:249 BW