GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN BONAIRE, SINT EUSTATIUS EN SABA zittingsplaats Bonaire Registratienummer: BON202400636 Datum uitspraak: 29 oktober 2025 VONNIS IN HET INCIDENT TOT VOEGING in het incident van de besloten vennootschap APEX B.V. gevestigd te Bonaire, eiseres in het incident tot voeging, gemachtigde: mr. A.F. van Toll in de hoofdzaak van [eiseres] wonende te Bonaire, eiseres gemachtigde: mr. A.C.A. Gonzales tegen 1[gedaagde 1]
- [gedaagde 2] wonend te Bonaire, gedaagden, gemachtigde: mr. A.F. van Toll. Partijen zullen hierna ook APEX, [eiseres], [gedaagde 1] en [gedaagde 2] genoemd worden. 1De procedure 1.
- Het procesverloop blijkt uit: het verzoekschrift in de hoofdzaak d.d. 20 november 2024 de incidentele conclusie tot voeging van APEX de incidentele conclusie van antwoord van [eiseres], met producties de akte uitlating producties in incident tot voeging van APEX 1.
- Ten slotte is vonnis in het incident bepaald op heden. 2De beoordeling 2.
- Tussen [eiseres] als verkoopster en [gedaagde 1] en [gedaagde 2] als kopers is een koopovereenkomst gesloten met betrekking tot de onroerende zaak “Kunuku Arawak”. 2.
- [ eiseres] vordert in de hoofdzaak veroordeling van [gedaagde 1] en [gedaagde 2] tot nakoming van die koopovereenkomst. 2.
- [ gedaagde 1] en [gedaagde 2] zijn bestuurders van APEX. 2.
- APEX verzoekt om te worden toegelaten in de hoofdzaak en zich daar te voegen aan de zijde van [gedaagde 1] en [gedaagde 2] om als medebelang-hebbende met hen voort te procederen. Zij voert daartoe aan dat feitelijk APEX de wederpartij van [eiseres] was bij de koopovereenkomst, dat APEX ook investeringen heeft gedaan met het oog op horeca-activiteiten in Kunuku Arawak en dat het ook APEX is die schade heeft geleden door een onjuiste voorstelling van zaken door [eiseres] en haar makelaar bij de verkoop. Zij heeft daarom een belang om zich aan de zijde van [gedaagde 1] en [gedaagde 2] te voegen. 2.
- [ eiseres] concludeert tot afwijzing van het verzoek tot voeging. Zij stelt dat APEX onvoldoende heeft onderbouwd wat voor haar de nadelige gevolgen zijn van een uitspraak in een hoofdzaak waarin zij niet als procespartij betrokken is. Bovendien zou deze (late) voeging in strijd zijn met de goede procesorde. 2.
- Het gerecht overweegt als volgt. Voor het aannemen van een belang bij voeging is voldoende dat de partij die voeging vordert nadelige gevolgen kan ondervinden van een uitkomst van de procedure die ongunstig is voor de partij aan wier zijde de derde zich voegt. Onder nadelige gevolgen verstaat de Hoge Raad de feitelijke of juridische gevolgen van de toe- of afwijzing van de vordering of het gezag van gewijsde dat de in de procedure gegeven eindbeslissingen kunnen hebben voor degene die voeging vordert. 2.
- Het gerecht begrijpt uit de stellingen van APEX dat zij een belang heeft bij de koopovereenkomst en dus ook bij de uitkomst van het geschil daarover. Of zij feitelijk contractspartij was, wat zij stelt maar [eiseres] betwist, is niet doorslaggevend. Een voor [gedaagde 1] en [gedaagde 2] negatieve uitkomst van de hoofdzaak, te weten dat zij veroordeeld worden de koopovereenkomst voor een koopsom van USD 2,5 miljoen na te komen, kan APEX schaden. Zij stelt immers schade te lijden doordat zij door onjuiste informatie door [eiseres] de horeca-exploitatie van Kunuku Arawak niet kon starten. [eiseres] betwist weliswaar inhoudelijk de stellingen van APEX (en [gedaagde 1] en [gedaagde 2]) maar dat is juist iets dat in de procedure zal moeten blijken en doet niet af aan het door APEX gestelde belang. 2.
- Dat de voeging in strijd zou zijn met de goede procesorde heeft [eiseres] onvoldoende onderbouwd. Niet valt in te zien dat door APEX toe te laten zich te voegen vertraging in de hoofdzaak zal ontstaan. [gedaagde 1] en [gedaagde 2] zijn immers ook bestuurders/vertegenwoordigers van APEX en partijen hebben ook één en dezelfde gemachtigde. 2.
- De conclusie is dat het verzoek tot voeging zal worden toegewezen. De beslissing over de proceskostenveroordeling in het incident zal worden aangehouden tot de beslissing in de hoofdzaak. 3De beslissing Het gerecht, beslissende in het incident tot voeging: 3.
- laat APEX toe zich in de hoofdzaak met nummer BON202400636 te voegen; 3.
- beveelt APEX om aan de zijde van [gedaagde 1] en [gedaagde 2] voort te procederen en verwijst de hoofdzaak daartoe naar de rolzitting van 26 november 2025 voor (gezamenlijke/gelijktijdige) conclusie van antwoord; 3.
- houdt de beslissing over de proceskosten in het incident aan totdat in de hoofdzaak zal worden beslist. Dit vonnis is gewezen door mr. R.P.P. Hoekstra, rechter, en in het openbaar uitgesproken op 29 oktober 2025 in tegenwoordigheid van de griffier.