GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN CURAÇAO Zaaknummer: CUR202402704 Beschikking van 14 november 2024 op het verzoek van: [de verzoekster], wonende in Curaçao, gemachtigde: mr. N.B. Louisa, tot de ondercuratelestelling van: [de betrokkene], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1949, wonende in [woonplaats], betrokkene, waarbij als belanghebbenden worden aangemerkt de echtgenoot, zussen en broer van de betrokkene:
- [belanghebbende 1], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1946, wonende in [woonplaats], gemachtigde: mr. L.N. Asjes, thans occuperende mr. Q.D.A. Carrega;
- [belanghebbende 2],
- [belanghebbende 3],
- [belanghebbende 4]. 1Het verloop van de procedure 1.
- Dat blijkt uit: - het verzoekschrift met producties dat op 18 juli 2024 ter griffie is ingediend; - de mondelinge behandeling op 31 oktober 2024, waarbij zijn verschenen verzoekster, vertegenwoordig door haar gemachtigde, de betrokkene in persoon, de echtgenoot van betrokkene, bijgestaan door zijn gemachtigde, de belanghebbenden 2 en 3 in persoon, en de door verzoekster voorgedragen curator [de curator]; de producties van 28 oktober 2024, gemaild door de gemachtigde van de echtgenoot; de pleitnota van de gemachtigde van de echtgenoot. 1.
- De uitspraak is bepaald op vandaag. 2
- Het verzoek, het zelfstandig verzoek en de beoordeling 2.
- Verzoekster is de zus van betrokkene. Verzoekster heeft het gerecht verzocht betrokkene onder curatele te stellen, met benoeming van haar neef [de curator] tot curator. 2.
- De echtgenoot van betrokkene weerspreekt niet dat betrokkene onder curatele moet worden gesteld. Het zelfstandig verzoek van de echtgenoot strekt ertoe dat hij tot curator wordt benoemd. Daartoe voert hij aan dat hij al 25 jaar samen is met betrokkene, waarvan 18 jaar gehuwd. Gedurende al die jaren heeft hij voor betrokkene gezorgd, in het bijzonder de afgelopen 13 jaar vanwege haar ziekte. De echtgenoot heeft dan ook bezwaar tegen benoeming van een ander familielid tot curator. 2.
- Op grond van artikel 1:378 lid 1 sub a van het Burgerlijk Wetboek (BW) kan een meerderjarige door de rechter onder curatele worden gesteld wegens een geestelijke stoornis, waardoor deze, al dan niet met tussenpozen, niet in staat is of bemoeilijkt wordt zijn belangen behoorlijk waar te nemen. 2.
- Op grond van de mondelinge behandeling en de overgelegde stukken, waaronder de verklaring van 5 juli 2024, van [de verklaarder], arts, is aannemelijk geworden dat er bij betrokkene sprake is van een geestelijke stoornis als bedoeld in artikel 1:378 lid 1 BW, waardoor deze, al dan niet met tussenpozen, niet in staat is of bemoeilijkt wordt haar belangen behoorlijk waar te nemen. Nu voor het overige niet van bezwaren daartegen is gebleken, zal het gerecht de betrokkene onder curatele stellen. 2.
- Op grond van 1:383 lid 1 BW benoemt de rechter bij het uitspreken van de curatele of zo spoedig mogelijk daarna een curator. Op grond van het tweede lid volgt de rechter daarbij de uitdrukkelijke voorkeur van de betrokkene, tenzij gegronde redenen zich tegen zodanige benoeming verzetten. Op grond van het derde lid wordt, tenzij het tweede lid is toegepast, indien de onder curatele gestelde gehuwd is, bij voorkeur de echtgenoot tot curator benoemd. 2.
- Betrokkene is niet in staat om expliciet haar voorkeur te uiten over de persoon van de curator. Gelet op artikel 1:383 lid 3 BW zal het gerecht de echtgenoot van betrokkene tot curator benoemen. Daarbij neemt het gerecht mede in aanmerking dat de echtgenoot al geruime tijd de zorg voor betrokkene draagt en daarbij ook haar belangen waarneemt en behartigt, zodat de benoeming van de echtgenoot tot curator nier meer zal zijn dan de formalisering van de feitelijke situatie. De bezwaren van verzoekster betreffen geen wezenlijke bezwaren ten aanzien van het curatorschap van de echtgenoot op zichzelf, maar liggen eerder in de sfeer van een op de achtergrond spelende erfrechtelijke kwestie. Overigens bieden de wettelijke taken van een curator voldoende waarborgen ter zake. Voorts zijn er geen aanwijzingen dat een ander persoon geschikter is om als curator te worden benoemd. Onder deze omstandigheden en nu ook overigens niet van bezwaren daartegen is gebleken, zal het zelfstandig verzoek worden toegewezen. 2.
- Van de curator wordt (bij de aanvang van de werkzaamheden als curator) verwacht dat hij: a. a) een inventarisatie en een boedelbeschrijving maakt van hetgeen betrokkene bij het begin van de curatele bezit (zie aangehecht invulformulier); b) de inventarisatie en boedelbeschrijving binnen acht weken na de benoeming zal indienen bij dit gerecht; c) in de regel ieder jaar - voor het eerst uiterlijk op 15 april 2025 - een schriftelijke rekening en verantwoording indient bij dit gerecht over het gevoerde beheer; d) machtiging vraagt aan de rechter - onder meer – als hij over goederen van betrokkene wil beschikken (verkopen, bezwaren, schenken), een gerechtelijke procedure wenst te starten voor betrokkene dan wel een erfenis waarin betrokkene gerechtigd is, onverdeeld wenst te houden. 3De beslissing Het gerecht: 3.
- stelt [betrokkene], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1949, betrokkene, onder curatele; 3.
- benoemt tot curator [belanghebbende 1], geboren op [geboortedatum] 1946 te [geboorteplaats]; 3.
- draagt de griffier op om aantekening van deze beschikking in het curateleregister te doen; 3.
- bepaalt dat deze beschikking door de curator binnen tien dagen nadat deze beschikking ten uitvoer zal kunnen worden gelegd, zal worden bekend gemaakt in de in Curaçao verschijnende dagbladen Èxtra en Amigoe (dit naast de bekendmaking in de Landscourant op grond van artikel 1:390 lid 1 BW); 3.
- bepaalt dat indien de curator daarmee nalatig is, zij gehouden is de daardoor veroorzaakte schade aan derden te vergoeden; 3.
- bepaalt dat de curator bewijsstukken van de publicatie ter hand zal stellen aan de griffier van dit gerecht; 3.
- verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad; 3.
- wijst af het meer of anders gevorderde. Deze beschikking is gegeven door mr. M.E.B. de Haseth, rechter, en op 14 november 2024 in het openbaar uitgesproken, in aanwezigheid van de griffier.