GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN CURAÇAO Zaaknummer: CUR202402868 Vonnis in kort geding van 7 augustus 2024 in de zaak van [Eiseres], wonend in [woonplaats], eiseres, gemachtigde: mr. A.S.M. Blonk, tegen [gedaagde], wonend in [woonplaats], gedaagde, procederend in persoon, ter zitting met schriftelijke volmacht vertegenwoordigd door de heer [belanghebbende 1]. Partijen worden hierna [eiseres] en [gedaagde] genoemd. 1Het procesverloop 1.
- Het procesverloop blijkt uit: het verzoekschrift van 30 juli 2024, de mondelinge behandeling van 7 augustus 2024, 1.
- Vonnis is bepaald op uiterlijk 8 augustus
- 2De feiten 2.
- Partijen zijn getrouwd geweest. Uit het huwelijk is op 5 september 2019 geboren [de minderjarige] (hierna: de minderjarige). Bij beschikking van 19 oktober 2023 heeft het gerecht de echtscheiding van het huwelijk tussen partijen uitgesproken. 2.
- Partijen hebben het gezamenlijk gezag over de minderjarige. [eiseres] wil van 9 tot 12 augustus 2024 met de minderjarige naar [eiland]. Bij e-mailbericht van 19 juli jl. heeft haar gemachtigde namens haar dit voorgesteld aan de gemachtigde van [gedaagde]. Als bijlage is het toestemmingsformulier meegestuurd. 3De vordering en de standpunten van partijen 3.
- [ eiseres] vordert dat het gerecht bij vonnis toestemming verleent aan [eiseres] om met de minderjarige op vakantie te gaan naar [eiland] van 9 tot 12 augustus 2024 en te bepalen dat dit vonnis in de plaats treedt van de van [gedaagde] benodigde toestemming, kosten rechtens. 4De beoordeling 4.
- Het spoedeisend belang volgt uit de aard van de vordering. 4.
- Het gerecht overweegt in de eerste plaats dat gesteld noch gebleken is dat een driedaagse vakantie naar [eiland] met zijn moeder en haar nieuwe partner strijdig is met de belangen van de minderjarige. De door het gerecht vastgestelde voorlopige omgangsregeling tussen de minderjarige en [gedaagde] wordt als gevolg daarvan bovendien niet doorkruist, reeds omdat [gedaagde] thans in het buitenland verblijft. [gedaagde] wil zijn toestemming niet geven omdat hij bang is dat [eiseres] van de gelegenheid gebruik maakt en via [eiland] naar de [land] reist, waar haar familie woont. Aan dit bezwaar van [gedaagde] zal het gerecht voorbijgaan omdat dit niet concreet is onderbouwd en bovendien door [eiseres] gemotiveerd is weersproken. 4.
- Omdat partijen gewezen echtelieden zijn, worden de proceskosten gecompenseerd in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt. 4.
- Het gerecht zal deze uitspraak in kort geding ambtshalve uitvoerbaar bij voorraad verklaren. 5De beslissing in kort geding Het gerecht: 5.
- verleent toestemming aan [eiseres] om met [de minderjarige], geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 2019, op vakantie te gaan naar [eiland] van 9 tot 12 augustus 2024 en bepaalt dat dit vonnis in de plaats treedt van de van [gedaagde] benodigde toestemming; 5.
- compenseert de proceskosten in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt; 5.
- verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad. Dit vonnis is gewezen door mr. M.E.B. de Haseth, rechter, bijgestaan door mr. M.M.M. van Leest, griffier, en in het openbaar uitgesproken.