Parketnummer: 500.00156/23 Uitspraak: 19 juli 2024 Tegenspraak Vonnis van dit Gerecht in de strafzaak tegen de verdachte: [verdachte], geboren op [geboortedatum] 1997 te [geboorteland] ([geboorteland]), volgens eigen opgave ter terechtzitting: wonende in [woonplaats], thans gedetineerd in het huis van bewaring in Curaçao. Onderzoek van de zaak Het onderzoek heeft plaatsgevonden ter openbare terechtzittingen van 15 september 2023, van 8 december 2023, van 3 april 2024, van 26 juni 2024, van 27 juni 2024 en van 28 juni 2024. De verdachte is telkens verschenen, bijgestaan door zijn raadsvrouw, mr. A.M. Tromp, advocaat in Curaçao. De benadeelde partij [benadeelde partij 1] en de benadeelde partij [benadeelde partij 2] hebben zich ieder ter terechtzitting gevoegd in het strafproces met een vordering tot schadevergoeding. De officieren van justitie, mrs. V.Z.B. Girigoria-Hernandez en D. van Zetten (hierna: officier van justitie), hebben ter terechtzitting gevorderd dat het Gerecht de onder 1 tweede alternatief cumulatief, 2 en 3 ten laste gelegde feiten bewezen zal verklaren en de verdachte daarvoor zal veroordelen tot een gevangenisstraf voor de duur van 8 jaren, met aftrek van voorarrest. De vordering behelst voorts: de onttrekking aan het verkeer van de in beslag genomen voorwerpen, te weten een pistool van het merk [merk], model [model], van het kaliber 9 x 19 mm, en 30 (dertig) scherpe patronen, van het kaliber 9 x 19 mm en 10 (tien) zakjes inhoudende hennep; de teruggave van de in beslag genomen voorwerpen aan de verdachte, te weten 3 (drie) mobiele telefoons, een geldbedrag van NAf 100,00 en 1 (één) Apple laptop; de teruggave van het in beslag genomen voorwerp aan de benadeelde partij [benadeelde partij 2], te weten een voertuig van het merk [merk], model [model]; de volledige toewijzing van de vordering van de benadeelde partij [benadeelde partij 2] en de oplegging van een daarbij behorende schadevergoedingsmaatregel aan de verdachte; de niet-ontvankelijkverklaring van de benadeelde partij [benadeelde partij 1] in hetgeen zij heeft gevorderd. De raadsvrouw heeft primair bepleit dat de verdachte zal worden vrijgesproken van het onder 2 ten laste gelegde feit. Subsidiair heeft zij een strafmaatverweer gevoerd. De raadsvrouw heeft eveneens ter zake van de vorderingen van de benadeelde partijen verweer gevoerd. Tenlastelegging Aan de verdachte is ten laste gelegd dat: 1. hij op of omstreeks 23 mei 2023, althans in of omstreeks de maand mei 2023 te Curaçao, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijk toeëigening heeft weggenomen een auto, te weten een [automerk/model 1], in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan die [benadeelde partij 1] en/of [aangever 1] en/of [benadeelde partij 2], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, en/of zijn mededader(s), welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [benadeelde partij 1] en/of [aangever 1], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf en/of aan zijn mededaders hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(
(1)plasticzak inhoudende 4 (vier) plasticzakken inhoudende in totaal 200 (tweehonderd) op maat geknipte zilverkleurige papier, elk bevattende een geringe hoeveelheid witachtige poeder; (-) in de badkamer, 3 (drie) boodschappentassen met als inhoud zwarte blokken met logo’s erop (26 blokken in het plafond); (-) in de keuken, 4 (vier) kleine zakjes met witte poeder. ” 22De verbalisant [verbalisant 12] heeft het volgende gerelateerd: “Op 7 juni 2023 vond een huiszoeking plaats op het adres, [adres 1], alwaar de verdachte [medeverdachte 4] woonachtig is. De navolgende voorwerpen werden onder meer aangetroffen en inbeslaggenomen: (-) een kwitantie van Aqualectra ten name van [medeverdachte 4], onder vermelding van het adres [adres 2], en het adres van gebruik te [adres 3]; (-) in de slaapkamer, in de onderste lade van de klerenkast, een pas van Bureau Telecommunicatie en Post op naam van [medeverdachte 4]; (-) in de keuken, een aantal dozen medicijnen met de naam van [medeverdachte 4] erop vermeld.“ 23. De verbalisant [verbalisant 5] heeft het volgende gerelateerd: “Op 7 juni 2023 vond een huiszoeking plaats op het adres, [adres 1], alwaar de verdachte [medeverdachte 4] woonachtig is. Ter plaatse werd onder meer een wit gekleurde mobiele telefoon van het merk Apple, model iPhone, toebehorende aan de verdachte [medeverdachte 4], aangetroffen en voor verder onderzoek inbeslaggenomen. Na analyse van de opgeslagen informatie in de mobiele telefoon, is gebleken dat de verdachte [medeverdachte 4] gebruiker is van deze mobiele telefoon. In het geheugen van de mobiele telefoon werden verschillende uitgewerkte gesprekken aangetroffen tussen het aansluitnummer [aansluitnummer] in gebruik bij de verdachte [medeverdachte 4], met de gebruikersnaam ‘[gebruikersnaam]’, en het aansluitnummer [aansluitnummer] in gebruik bij een persoon met de gebruikersnaam ‘[gebruikersnaam]’. Op 7 juni 2023 omstreeks 12:01:54 uur en 12:02:09 uur werd door de gebruikersnaam ‘[gebruikersnaam]’ de navolgende foto’s verzonden: “ 24. De verbalisanten [verbalisant 13] en [verbalisant 14] hebben het volgende gerelateerd: “Op 7 juni 2023 vond een huiszoeking plaats op het adres, [adres 4], alwaar de verdachte [medeverdachte 3] woonachtig is. Ter plaatse werd onder meer een mobiele telefoon van het merk Samsung, model A03 Core, toebehorende aan de verdachte [medeverdachte 3], aangetroffen en voor verder onderzoek inbeslaggenomen. Na analyse van de opgeslagen informatie in de mobiele telefoon, is gebleken dat de verdachte [medeverdachte 4] gebruiker is van deze mobiele telefoon. Na analyse van de veiliggestelde opgeslagen informatie in de mobiele telefoon werden 3 (drie) afbeeldingen van een pakket met logo erop aangetroffen. Na onderzoek is gebleken dat de kilopakketten afgebeeld op deze foto’s overeenkomen met de aangetroffen en inbeslaggenomen kilopakketten te [adres 1], alwaar de verdachte [medeverdachte 4] woonachtig is: ” 25. De verbalisant [verbalisant 11] heeft het volgende gerelateerd: “Op 7 juni 2023 heb ik onderzoek ingesteld naar de inbeslaggenomen 29 (negenentwintig) met zwarte plastic en transparante plastic bewerkte pakken, elk inhoudende een hoeveelheid samengeperste witachtige poeder en brokjes, 1 (één) Zip Lock zak, inhoudende 6 (zes) plasticzakjes inhoudende, elk een hoeveelheid samengeperste witachtige poeder en brokjes, 1 (één) Zip Lock zak inhoudende een hoeveelheid witachtige poeder, 6 (zes) plasticzakjes inhoudende een geringe hoeveelheid witachtige poeder en brokjes en 200 (tweehonderd) op maat geknipte zilverkleurige papier, elk inhoudende een geringe hoeveelheid witachtige poeder. Bij weging van de 29 (negenentwintig) met zwarte plastic en transparante plastic bewerkte pakket, elk inhoudende een hoeveelheid samengeperste witachtige poeder en brokjes, bleken deze een gezamenlijk brutogewicht van 31760 gram te hebben. Vervolgens is vanuit 6 (zes) van de met zwarte plastic en transparante plastic bewerkte pakken, afzonderlijk, elk inhoudende een hoeveelheid samengeperste witachtige poeder en brokjes, met behulp van een daartoe bestemde Narcotest, getest. Bij het testen trad een positieve kleurreactie op, zodat aangenomen kan worden dat de geteste hoeveelheden witachtige poeder en brokjes vermoedelijk cocaïne betrof. Bij weging van de Zip Lock zak, inhoudende 6 (zes) plasticzakjes inhoudende, elk een hoeveelheid samengeperste witachtige poeder en brokjes, een Zip Lock inhoudende een hoeveelheid witachtige poeder en 6 (zes) kleine plasticzakken inhoudende een geringe hoeveelheid witachtige poeder en brokjes, bleken deze een gezamenlijk brutogewicht van 842 gram te hebben. Vervolgens is vanuit 5 (vijf) van de plasticzakken en Zip Lock zakken, afzonderlijk, een geringe hoeveelheid witachtige poeder en brokjes, met behulp van een daartoe bestemde Narcotest, getest. Bij het testen trad een positieve kleurreactie op, zodat aangenomen kan worden dat de geteste hoeveelheden witachtige poeder en brokjes vermoedelijk cocaïne betrof. Bij weging van de 200 (tweehonderd) op maat geknipte zilverkleurige papier, elk inhoudende een geringe hoeveelheid witachtige poeder, bleken deze een gezamenlijk brutogewicht van 138 gram te hebben. Vervolgens is vanuit 5 (vijf) van de op maat geknipte zilverkleurige papier, afzonderlijk, elk inhoudende een geringe hoeveelheid witachtige poeder, met behulp van een daartoe bestemde Narcotest, getest. Bij het testen trad een positieve kleurreactie op, zodat aangenomen kan worden dat de geteste hoeveelheden witachtige poeder en brokjes vermoedelijk cocaïne betrof. Uit 29 (negenentwintig) van de reeds omschreven pakken, afzonderlijk, uit 3 (drie) van de reeds omschreven op maat geknipte zilverkleurige papier, afzonderlijk, uit 6 (zes) plasticzakjes, uit de Zip Lock zak en uit 6 (zes) kleine plasticzakjes, afzonderlijk, werd een monster genomen en in 12 (twaalf) afzonderlijke plastic potjes met dopje gedaan, voorzien van het opschrift [opschrift] code [code]. De potjes met inhoud werden in een verzegelde envelop op 8 juni 2023 ter beschikking gesteld aan de afdeling Toxicologie van het Analytisch Diagnostisch Centrum N.V. (hierna: ADC).” 26. De afdelingshoofd Toxicologie en Geneesmiddelenonderzoek van het ADC, [de afdeelingshoofd], heeft op 8 juni 2023 de aangeboden 12 (twaalf) monsters, voorzien van opschrift [opschrift] [code], ontvangen en onderzocht. Zij heeft het volgende gerapporteerd: “Het materiaal bestond uit 12 (twaalf) plastic potjes met dopje, waarvan 9 (negen) plastic potjes, elk inhoudende een geringe hoeveelheid witachtige poeder en brokjes en 3 (drie) plastic potjes, elk inhoudende een op maat geknipte zilverpapier, inhoudende een geringe hoeveelheid witachtige poeder. Uit de verkregen resultaten moet de conclusie worden getrokken dat het materiaal cocaïne bevat in de zin van de Opiumlandsverordening 1960.” 27. De verdachte [medeverdachte 3] heeft op 7 juni 2023 de volgende verklaring afgelegd: “Ik woonde tot twee maanden geleden in het huurappartement gelegen aan de [adres 1].” 28. De verdachte [medeverdachte 3] heeft op 12 juni 2023 de volgende verklaring afgelegd: “Toen ik uit het appartement vertrok bleef ik het appartement huren. Ik ging dagelijks naar het appartement om mijn vissen te voeren.” Ten aanzien van feit 3 1. De verbalisant [verbalisant 15] heeft het volgende gerelateerd: “Op 7 juni 2023 vond een huiszoeking plaats op het adres, [adres 5], alwaar de verdachte [verdachte] woonachtig is. Onder meer de navolgende voorwerpen werden aangetroffen en inbeslaggenomen: (-) in de slaapkamer van de verdachte [verdachte], op het bed in een zwart gekleurde schoudertas van het merk Louis Vuitton een zilver/zwart gekleurd pistool van het merk [merk], met een patroonhouder, inhoudende 15 (vijftien) scherpe patronen; (-) in de slaapkamer van de verdachte [verdachte], op het bed in een zwart gekleurde schoudertas van het merk Louis Vuitton, een patroonhouder, inhoudende 15 (vijftien) scherpe patronen; (-) op het erf, een motorvoertuig van het merk [merk], model [model], met daarin een kentekenplaat met kentekennummer [kentekennummer 7].“ 2. De verbalisant [verbalisant 16] heeft het volgende gerapporteerd: “Op 7 juni 2023 zijn, onder de als verdachte aangemerkte [verdachte], de navolgende inbeslaggenomen voorwerpen voor onderzoek aangeboden: - een pistool van het merk [merk], model [model], van het kaliber 9 x 19 mm, en niet zichtbare serienummer; - 30 (dertig) scherpe patronen van het kaliber 9 x 19 mm, waarvan 27 (zevenentwintig) scherpe patronen voorzien van bodemstempel S & B en 3 (drie) scherpe patronen voorzien van bodemstempel WIN. Het pistool is bestemd en geschikt om kogels door een loop af te schieten. De patronen zijn geschikt om met pistolen en geweren van het kaliber 9 x 19 mm af te schieten. Het pistool werkt optimaal en de scherpe patronen, die zijn gebruikt, werden tijdens het proefschieten normaal tot ontbranding gebracht. Het pistool en de scherpe patronen zijn deugdelijk. Het pistool is een vuurwapen in de zin van de Vuurwapenverordening 1930, zoals gewijzigd. De scherpe patronen zijn munitie in de zin van de Vuurwapenverordening 1930, zoals gewijzigd.” 3. De verdachte [verdachte] heeft ter terechtzitting het volgende verklaard: “Het klopt dat ik heb bekend dat de op 7 juni 2023 tijdens een huiszoeking op mijn adres aangetroffen en inbeslaggenomen vuurwapen en munitie van mij zijn.” Bewijsoverwegingen Ten aanzien van feit 2 Inleidende feiten en omstandigheden Het Gerecht gaat, gelet op de inhoud van het dossier en het verhandelde ter terechtzitting, uit van de volgende redengevende feiten en omstandigheden. Op 16 mei 2022 is bij de politie via de Criminele Inlichtingen Dienst van de Kustwacht van het Koninkrijk der Nederlanden van het Caribisch gebied (hierna: CID-Kustwacht) de informatie binnengekomen dat [medeverdachte 3], met wie wordt bedoeld de verdachte [medeverdachte 3], de opdrachtgever is van de smokkel van een partij cocaïne die onlangs op Hato Airport in beslag is genomen. Vervolgens is via de CID-Kustwacht op 27 september 2022 de informatie binnengekomen dat [medeverdachte 3] gebruikmaakt van het mobiele telefoonnummer [telefoonnummer medeverdachte 3]. Daaropvolgend is via de CID-Kustwacht op 3 oktober 2022 de informatie binnengekomen dat [medeverdachte 3] gebruikmaakt van twee panden waarin hij onder meer de verdovende middelen bewaart en dat [medeverdachte 3] in bezit is van een vuurwapen. De informatie ontvangen door de CID-Kustwacht is daarbij als betrouwbaar aangemerkt. Vanaf 27 september 2022 werd vertrouwelijke communicatie, gevoerd vanuit het mobiele telefoonnummer +[telefoonnummer medeverdachte 3], opgenomen en afgeluisterd en de gevoerde gesprekken vastgelegd. Uit de inhoud van meerdere opgenomen vertrouwelijke communicatie is onder meer gebleken dat door verschillende personen, waaronder de verdachte ([medeverdachte 3]) zelf, in versluierende taal met elkaar werd gesproken. Het is een feit van algemene bekendheid dat betrokkenen bij de handel in verdovende middelen zich in telefoongesprekken veelal bedienen van versluierende taal. Door het voorgaande rees het vermoeden dat de verdachte [medeverdachte 3], samen met anderen, betrokken was bij het invoeren van dan wel de handel in verdovende middelen via zee en daarin een prominente rol heeft. Uit de bewijsmiddelen blijkt van de navolgende feiten en/of omstandigheden. (-) de boot [naam vaartuig] is in de nachtelijke uren van 22 april 2023 op 23 april 2023 vanuit de vissershaven te Piscadera uitgevaren en werd na terugkomst op 23 april 2023 bij de vissershaven te Caracasbaai afgemeerd; (-) aan boord bevonden zich de verdachten [medeverdachte 2], [medeverdachte 1] en de verdachte; (-) blijkens de op 14 juni 2023 door de verdachte [medeverdachte 1], tot het bewijs gebezigde, afgelegde verklaring is op 23 april 2023 een partij verdovende middelen vanuit een boot afkomstig uit Venezuela door een aantal Spaanssprekende mannen op de boot [naam vaartuig] overgeladen; (-) door de verdachte [medeverdachte 1], de verdachte [medeverdachte 2] en verdachte is een hoeveelheid van 180 à 190 kilopakketten aan verdovende middelen in de verborgen compartimenten op de boot gezet; (-) aan de hand van geanalyseerde opgeslagen gegevens in het GPS-systeem dat tijdens de aanhouding en huiszoeking op het adres van de verdachte [medeverdachte 2] is aangetroffen en inbeslaggenomen, is uit de gereconstrueerde vaarroute gebleken dat het GPS-systeem op 23 april 2023 veelvuldig verbinding heeft gemaakt met een satelliet, te weten op ongeveer 45 kilometer ten zuiden van Curaçao en op ongeveer 30 kilometer ten noorden van de Venezolaanse kust; (-) op 23 april 2023 vindt er een diefstal op de boot [naam vaartuig] plaats; (-) van deze diefstal wordt door de verdachte [medeverdachte 3] geen aangifte gedaan; (-) na analyse van de camerabeelden opgenomen op 23 april 2023 bij de Vissershaven te Caracasbaai wordt waargenomen dat -in het bijzonder- een [automerk/model 3] betrokken was bij het wegnemen van goederen uit de boot en dat twee inzittenden van de [automerk/model 3] vanaf omstreeks 18:29 uur op de boot bezig waren en enkele tassen uit de boot in de [automerk/model 3] hebben gezet, om vervolgens omstreeks 19:05 uur het terrein van de vissershaven te verlaten; (-) de verdachte [medeverdachte 3] heeft op 23 april 2023 omstreeks 19:19 uur in een telefoongesprek, gevoerd met de verdachte [medeverdachte 2], onder meer het navolgende besproken: * de mensen hebben het hangslot van de boot gebroken [...] zij hebben een stuk van het hout kapot gemaakt en de dingen weggenomen; * komen jullie hier boven; (-) de verdachte [medeverdachte 3] heeft op 23 april 2023 omstreeks 19:23 uur in een telefoongesprek, gevoerd met de verdachte [medeverdachte 1], onder meer het navolgende besproken: * de boot is kapot gemaakt; * ik heb [medeverdachte 2] (de verdachte [medeverdachte 2]) al gebeld, jullie zoeken hem en kom hierboven, want ze hebben ingebroken, de linkerkant, de rechterzijde, zij hebben de tank opengemaakt en ze [...] hebben uitgehaald, niet aan de zijde van het stuur, maar de andere zijde, waarop de verdachte [medeverdachte 1] reageert dat die zijde vol vol zat; * kom nu direct…nu direct; (-) op 25 april 2023 is de boot door de Kustwacht aan een grondige controle onderworpen, waarbij is geconstateerd dat: * aan het potdeksel, zowel aan de bak- en stuurboordzijde, verse verf wordt geroken * er oppervlakten op het potdeksel waren bijgewerkt; * in de kajuit aan beide zijden de afwerkplanken waren vernield; * na het afschrappen van de verf en silicone zowel aan de bak- als stuurboordzijde een niet vast getimmerde houten plank was gelegd en dat bij afhalen van deze planken aan beide zijden van het vaartuig, een deksel van een compartiment betrof tussen de scheepswand en de dieseltanks aan beide zijden; * alle planken van het potdeksel waren zodanig vastgetimmerd dat deze niet los, af te halen waren; * het is ambtshalve bekend dat zulke compartimenten in vaartuigen worden gebouwd om als verborgen compartimenten voor het smokkelen van contrabande te worden gebruikt. De verdachte heeft volhard in zijn verklaring dat hij niets van doen heeft met de invoer van verdovende middelen. Het Gerecht overweegt als volgt. Betrouwbaarheid van de tot het bewijs gebezigde verklaring van de verdachte [medeverdachte 1] Naar het oordeel van het Gerecht wordt de verklaring van de verdachte [medeverdachte 1] van 14 juni 2023, daar waar hij de verdachte [medeverdachte 3] belast als zijnde de opdrachtgever van en de persoon die verantwoordelijk is voor het transport van de verdovende middelen op 23 april 2023 vanuit Venezuela naar Curaçao, maar ook zichzelf en de verdachte [verdachte] en de verdachte [medeverdachte 2] belast, ook door andere bewijsmiddelen ondersteund. Zijn gedetailleerde verklaringen met betrekking tot de boot [naam vaartuig] en de kilopakketten verdovende middelen met de daarbij behorende boodschappentassen, nadat hij geconfronteerd wordt met de onderzoeksbevindingen tijdens de politieverhoren, worden ondersteund door andere bewijsmiddelen. Het Gerecht wijst daarbij ook op de tot het bewijs gebezigde tapgesprekken die de gang van zaken voor wat betreft de gepleegde diefstal op de boot ondersteunen. Bij aanvang en afsluiting van het verhoor geeft [medeverdachte 1] aan bang te zijn voor zijn eigen veiligheid en dat hij meerdere bedreigingen, ook vanuit de gevangenis en van de verdachte [medeverdachte 2], heeft ontvangen. De verdachte [medeverdachte 1] blijft vervolgens bij deze voor de verdachten belastende verklaringen in de daarop volgende politieverhoren. Het Gerecht acht de belastende verklaringen van de verdachte [medeverdachte 1], daar waar het gaat om het noemen van de verdachte [medeverdachte 3] als opdrachtgever van het transport, maar ook wat betreft de rol van de verdachten [medeverdachte 2] en [verdachte], mede gelet op de wijze van totstandkoming ervan, en de inhoud van de overige door hem afgelegde verklaringen, betrouwbaar en geloofwaardig en bezigt deze dan ook tot het bewijs. Het verweer wordt verworpen. Tapgesprekken Het Gerecht overweegt hieromtrent dat, gelet op onder meer de belastende verklaring van de verdachte [medeverdachte 1], met voldoende mate van zekerheid kan worden vastgesteld dat de verdachten in de voor het bewijs gebezigde tapgesprekken versluierend spraken over (voorgenomen) transport van verdovende middelen. Naar het oordeel van het Gerecht kunnen ook deze gesprekken zelf in een voor de bewezenverklaring betekenisvolle samenhang worden geplaatst, zoals weergegeven in de bewijsmiddelen. Het Gerecht is van oordeel dat de verweren omtrent de redengevendheid van het bewijs voor het overige worden weerlegd door de inhoud van de bewijsmiddelen en de nadere overweging hieromtrent. De door de verdachte [medeverdachte 1] geschetste gang van zaken, de wijze waarop de verdachten over de diefstal op de boot hebben gesproken in de (tap)gesprekken en de geanalyseerde informatie in het GPS-systeem, die tot het bewijs worden gebezigd, bevestigen dat sprake is geweest van een transport van verdovende middelen. Het Gerecht neemt daarbij in aanmerking dat de verdachte [medeverdachte 1] door de verdachte [medeverdachte 1] met de dood werd bedreigd indien hij niet 20 blokken binnen 10 uren tevoorschijn zou halen. Anders dan de verdachte [medeverdachte 2] het Gerecht wil doen geloven, namelijk dat hij daarmee heeft bedoeld dat de verdachte [medeverdachte 1] de vis een dag na de diefstal aan een zekere ‘Blòki’ (Gerecht: ‘Blok’) heeft verkocht, kan naar het oordeel van het Gerecht uit het desbetreffende gesprek niet anders worden afgeleid dan dat de verdachte [medeverdachte 1] met 20 blokken (kilo-blokken) verdovende middelen over de brug diende te komen. Voormelde gang van zaken, de resultaten van de tapgesprekken die werden gevoerd, de stemherkenningen en de transcripties van de gevoerde gesprekken, zijn naar het oordeel van het Gerecht bruikbaar voor het bewijs. De concreet voor het bewijs gebezigde transcripties van gevoerde gesprekken acht het Gerecht ook voldoende betrouwbaar. Hetzelfde geldt voor de beschrijving van hetgeen op de camerabeelden wordt waargenomen. Tot slot Uit de bewijsmiddelen volgt dat bij de inbraak op de boot [naam vaartuig] op 23 april 2023 een totaal van 90 pakketten (kilo blokken) verdovende middelen werden weggenomen en dat een deel van de partij verdovende middelen was achtergebleven op de boot. De verdachte [medeverdachte 1] heeft verklaard dat de resterende pakketten in opdracht van de verdachte [medeverdachte 3] uit de boot zijn gehaald en in boodschappentassen van Centrum of Mangusa zijn gedaan. Het waren vijf of zes supermarkttassen met een rode rand. Het zou gaan om 90 pakketten. De boodschappentassen met drugs werden naar de rode [automerk/model 5] van de verdachte [medeverdachte 3] gebracht. De verdachte [medeverdachte 1] denkt dat de drugs naar [adres 1] zijn gebracht, nu de afspraak was dat men meteen naar [adres 1] zou gaan. Tijdens de huiszoeking op het adres [adres 1] op 7 juni 2023 werden onder andere 29 (waarvan 26 in 3 boodschappentassen van Centrum) blokken witachtig samengeperste poeder en brokjes, 6 plastic zakjes en 200 op maat geknipte papiertjes elk inhoudende een hoeveelheid witachtig poeder en brokjes aangetroffen en inbeslaggenomen. Het bleek te gaan om in totaal ruim 32 kilo cocaïne. De verdachte [medeverdachte 1] herkent de pakketten als de pakketten cocaïne die hij in het verborgen compartiment op de boot [naam vaartuig] had verstopt. Tevens herkent hij de boodschappentassen als de tassen met drugs afkomstig van de boot [naam vaartuig]. Hij verklaart dat de rode randen goed zichtbaar zijn. Uit drie afbeeldingen uit de uitgelezen telefoon Samsung model A03 Core van de verdachte [medeverdachte 3] blijkt dat het pakket en logo overeen komen met de kilopakketten verdovende middelen met logo’s welke bij de huiszoeking op [adres 1] zijn aangetroffen en inbeslaggenomen. Op grond van het bovenstaande leidt het Gerecht af en acht het buiten redelijke twijfel bewezen dat de op 7 juni 2023 te [adres 1] aangetroffen en inbeslaggenomen 32 kilo cocaïne een deel van de cocaïne betrof die op 23 april 2023 is ingevoerd middels de boot [naam vaartuig]. Dat de diefstal op de boot [naam vaartuig] op 23 april 2023 vis dan wel vislijnen betrof, wordt weerlegd door de inhoud van de bewijsmiddelen en acht het Gerecht overigens in het licht van die bewijsmiddelen ongeloofwaardig. Medeplegen Het Gerecht is van oordeel dat de rollen van de verdachten van belang zijn bij de effectuering van het transport. Het Gerecht benadrukt dat reeds gelet op het aantal onderlinge contacten de samenwerking tussen de verdachten zonder meer intensief is te noemen en dat de handelingen die de verdachten hebben verricht essentieel en onmisbaar zijn geweest voor het goede verloop van de invoer van drugs. Alles bij elkaar genomen zijn dit gedragingen die in verband plegen te worden gebracht met medeplegen. Het Gerecht neemt daarbij in aanmerking dat de verdachte [medeverdachte 3] als huurder van de boot [naam vaartuig] feitelijk degene was die de reis organiseerde en ervoor zorgde dat de bemanningsleden goed voorzien het transport konden uitvoeren. Een lading verdovende middelen van dergelijke omgang moet op het juiste moment en de juiste plaats aan en van boord om het risico op betrapping door de autoriteiten te voorkomen. Dit vereist voorbereiding, afstemming en overleg tussen alle betrokkenen. De wijze waarop de verdachten over de diefstal van de verdovende middelen uit de boot hebben gesproken in de tapgesprekken die tot het bewijs worden gebezigd, bevestigt dat er sprake is geweest van een gezamenlijke uitvoering. Uit deze gesprekken kan worden afgeleid dat de verdachten kennis hebben van de gehele gang van zaken met betrekking tot het transport en in deze gesprekken wordt onder meer gesproken over eerder weggooien en nu het stelen van ‘de dingen’ door zijn eigen mensen, waardoor de verdachte [medeverdachte 3] nu flink in de problemen zit, leidt het Gerecht af dat hij (een van) de organisator(
- en)van het transport is geweest. Het achterwege blijven van een fysieke uitvoeringshandeling op de plaats delict door de verdachte [medeverdachte 3] kan worden gecompenseerd door andere factoren, zoals de rol van de verdachte in het kader van het beramen en voorbereiden van het feit. Ook de verdachte [medeverdachte 1] heeft bij de invoer van de drugs een actieve rol gespeeld door samen met de verdachte [medeverdachte 2] en de verdachte uit te varen om de lading op zee over te nemen en door na de constatering van de diefstal op de boot de taak op zich te nemen om reparaties op de boot uit te voeren. Het Gerecht is dan ook van oordeel dat de handelingen van de verdachte [medeverdachte 1] met betrekking tot de invoer van de verdovende middelen zodanig substantieel en wezenlijk zijn geweest en in zodanige samenhang en afstemming met de handelingen van de verdachte en de verdachten [medeverdachte 1] en [medeverdachte 3] zijn verricht, dat zijn bijdrage bij het invoeren van de cocaïne van zodanig gewicht is dat sprake is van medeplegen. Met betrekking tot de rol van de verdachte overweegt het Gerecht dat hij net als de verdachte [medeverdachte 3] en de verdachte [medeverdachte 2] ook aanwezig was op de boot en als kapitein/helper aan boord daarvan fungeerde. Het Gerecht acht, op grond van hetgeen hiervoor is overwogen, bewezen dat de verdachten zich, als medepleger, schuldig hebben gemaakt aan het invoeren, vervoeren en in bezit hebben van een hoeveelheid cocaïne, waarbij het Gerecht uit gaat van een partij van ongeveer 180 tot 190 kilo pakketten cocaïne. De verdachten hebben daarbij ieder een belangrijke rol gespeeld. Het Gerecht is van oordeel dat hiervoor genoemde feiten en omstandigheden in combinatie met de overige gebezigde bewijsmiddelen, in onderling verband en samenhang bezien, voldoende zijn om te kunnen spreken van een voor medeplegen vereiste intellectuele en materiële bijdrage aan het delict van voldoende gewicht. Het verweer wordt verworpen. Strafbaarheid en kwalificatie van het bewezenverklaarde Het onder 1 tweede alternatief cumulatief bewezenverklaarde is voorzien bij en strafbaar gesteld in artikel 2:294 juncto artikel 2:289 van het Wetboek van Strafrecht. Het wordt als volgt gekwalificeerd: Afpersing, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen. Het onder 2 bewezenverklaarde is voorzien bij artikel 3, eerste lid, aanhef, en onder A, B en C, van de Opiumlandsverordening 1960 juncto artikel 1:123 van het Wetboek van Strafrecht en strafbaar gesteld in artikel 11, eerste lid, aanhef, onder a, van de Opiumlandsverordening 1960. Het wordt als volgt gekwalificeerd: Medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met artikel 3, eerste lid, van de Opiumlandsverordening 1960. Het onder 3 bewezenverklaarde is zowel ten aanzien van het voorhanden hebben van het vuurwapen, als ten aanzien van het voorhanden hebben van de munitie voorzien bij artikel 3, eerste lid, van de Vuurwapenverordening 1930 juncto artikel 1:123 van het Wetboek van Strafrecht en strafbaar gesteld in artikel 11 van de Vuurwapenverordening 1930. Het wordt als volgt gekwalificeerd: Overtreding van een verbod gesteld bij artikel 3, eerste lid, van de Vuurwapenverordening 1930, meermalen gepleegd. Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het bewezenverklaarde uitsluiten. Strafbaarheid van de verdachte Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluiten. De verdachte is daarom strafbaar voor het hiervoor bewezenverklaarde. Oplegging van straf en maatregel Bij de bepaling van de op te leggen straf wordt gelet op de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard, op de omstandigheden waaronder het bewezenverklaarde is begaan, op de mate waarin de gedraging aan de verdachte te verwijten is en op de persoon van de verdachte, zoals een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting naar voren is gekomen. Daarbij wordt rekening gehouden met de ernst van het bewezenverklaarde in verhouding tot andere strafbare feiten, zoals die onder meer tot uitdrukking komt in het hierop gestelde wettelijke strafmaximum en in de straffen die voor soortgelijke feiten worden opgelegd. De verdachte heeft zich, als opvarende op een vaartuig, samen met anderen, schuldig gemaakt aan het opzettelijk invoeren, vervoeren en aanwezig hebben van een grote hoeveelheid verdovende middelen (cocaïne). De cocaïne zat in pakketten en werd in een verborgen compartiment op een vaartuig Curaçao binnengevaren nadat deze op zee werden overgenomen. Uit de bewijsmiddelen blijkt dat het gaat om ongeveer 180 à 190 kilo pakketten. Deze hoeveelheid is zo groot, dat deze alleen bestemd kan zijn geweest voor verdere verspreiding en handel. De verspreiding van en handel in cocaïne in deze omvang vormt een ernstige bedreiging voor de samenleving door de criminaliteit en overlast die daarmee gepaard gaat. Ook levert cocaïne grote gevaren op voor de gezondheid van gebruikers, die verstrekkende gevolgen kan hebben voor zowel de gebruikers daarvan als voor de maatschappij. De verdachte heeft met zijn handelen hieraan bijgedragen. Het Gerecht rekent de verdachte zijn rol in dit feit zwaar aan. De verdachte heeft zich samen met een ander ook schuldig gemaakt aan een gewapende overval. De verdachte en zijn mededader hebben de slachtoffers, in het bijzijn van drie minderjarige kinderen, op klaarlichte dag voor een restaurant en een toko nabij een doorgaans drukke hoofdweg, zodat ook willekeurige automobilisten en klanten hiervan getuige (kunnen) zijn geweest, onder bedreiging van vuurwapens van een auto beroofd en zijn daarmee er vandoor gegaan. Door zo te handelen hebben de verdachte en zijn mededader de slachtoffers een angstige en traumatische ervaring bezorgd. Het is algemeen bekend dat slachtoffers van dergelijke daden nog langdurig kunnen lijden onder de (geestelijke) gevolgen daarvan. Het Gerecht acht het uiterst kwalijk dat de verdachte zich van deze mogelijke gevolgen geen rekenschap heeft gegeven en door zijn handelen geen blijk heeft gegeven van enig besef van het eigendomsrecht van een ander en zich kennelijk uitsluitend heeft laten leiden door zijn eigen financieel gewin. Een dergelijke beroving versterkt bovendien gevoelens van angst en onveiligheid in de Curaçaose samenleving. De verdachte heeft zich tevens schuldig gemaakt aan verboden vuurwapen- en munitiebezit. Hij heeft daarmee een onaanvaardbaar risico voor de veiligheid van andere personen en zichzelf in het leven geroepen, omdat het voorhanden hebben van een vuurwapen vaak leidt tot het gebruik daarvan, hetgeen ook weer (vuurwapen)geweld uitlokt. Ook hiertegen dient streng te worden opgetreden. De verdachte heeft zich aldus schuldig gemaakt aan een reeks van zeer ernstige strafbare feiten. Het Gerecht is van oordeel dat deze feiten de verdachte zwaar moeten worden aangerekend. Naar het oordeel van het Gerecht kan gelet op de ernst van het bewezenverklaarde niet worden volstaan met een andere of lichtere sanctie dan een straf die een onvoorwaardelijke vrijheidsbeneming met zich brengt. De ernst van de feiten rechtvaardigt in beginsel het opleggen van een vrijheidsbenemende straf van aanzienlijke duur, zoals door de officier van justitie is gevorderd. In dat verband kan aansluiting worden gezocht bij de oriëntatiepunten straftoemeting, waarin het gebruikelijke rechterlijke straftoemetingsbeleid van het Hof en de Gerechten in eerste aanleg zijn neerslag heeft gevonden. Daarin wordt voor in- en uitvoer/aanwezig hebben van tussen 10 kilogram en 25 kilogram cocaïne, als indicatie een onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 42 maanden genoemd, doch de hoeveelheid bewezenverklaarde cocaïne is daar een veelvoud van. Deze straf geldt ten aanzien van een first offender. In de onderhavige zaak geldt dat de hoeveelheid bewezenverklaarde cocaïne een veelvoud is van de hierboven aangehaalde hoeveelheid uit de oriëntatiepunten. Verder wordt voor diefstal met geweld waarbij met een vuurwapen is gedreigd, als indicatie een onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 4 jaren genoemd en voor het bezit van een vuurwapen in thuis (in de la), als indicatie een gevangenisstraf voor de duur van 9 maanden, waarvan een deel voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaren genoemd. Deze straffen gelden eveneens ten aanzien van een first offender. Het Gerecht is, na dit een en ander te hebben afgewogen, tot de slotsom gekomen dat een gevangenisstraf voor de duur van 6 jaren en 6 maanden passend en geboden is. De verdachte zal daartoe dan ook worden veroordeeld. In beslag genomen voorwerpen Aan de orde zijn voorts de onder de verdachte in beslag genomen en nog niet teruggegeven voorwerpen. Vuurwapen, munitie en hennep Op 7 juni 2023 zijn een vuurwapen (een pistool), munitie (30 scherpe patronen) en hennep (10 zakjes) bij gelegenheid van het onderzoek naar de door de verdachte begane misdrijven aangetroffen en in beslag genomen. Uit het forensisch onderzoek volgt dat het pistool bestemd en geschikt is om kogels door een loop af te schieten. Het pistool werkt optimaal en de scherpe patronen, die zijn gebruikt, werden tijdens het proefschieten normaal tot ontbranding gebracht. Het pistool betreft een vuurwapen in de zin van de Vuurwapenverordening 1930, zoals gewijzigd en de scherpe patronen zijn munitie in de zin van de Vuurwapenverordening 1930, zoals gewijzigd. Het pistool en de scherpe patronen zijn deugdelijk. Het Gerecht is van oordeel dat deze in beslag genomen en nog niet teruggegeven voorwerpen vatbaar zijn voor onttrekking aan het verkeer. Deze voorwerpen behoren toe aan de verdachte en zijn van zodanige aard dat het ongecontroleerde bezit daarvan in strijd is met de wet en het algemeen belang. Het Gerecht zal deze voorwerpen daarom onttrekken aan het verkeer. Mobiele telefoons, geldbedrag en Apple laptop Het Gerecht is van oordeel dat zich thans geen strafvorderlijk belang verzet tegen teruggave aan de verdachte van de in beslag genomen en nog niet teruggegeven voorwerpen, te weten 3 (drie) mobiele telefoons, een gelbedrag van NAf 100,00 en 1 (één) Apple laptop. Daarom zal daarvan de teruggave aan de verdachte worden gelast. Voertuig van het merk [merk], model [model] Uit de stukken van het geding en het verhandelde ter terechtzitting is het Gerecht genoegzaam gebleken dat [benadeelde partij 2] degene is die redelijkerwijs als rechthebbende kan worden aangemerkt. Het Gerecht is derhalve van oordeel dat het in beslag genomen en nog niet teruggegeven voorwerp, te weten een voertuig van het merk [merk], model [model], zal worden teruggegeven aan [benadeelde partij 2]. Schadevergoeding De benadeelde partijen [benadeelde partij 1] en [benadeelde partij 2] hebben zich ieder in het strafproces gevoegd met een vordering tot schadevergoeding. De verdediging heeft de vorderingen betwist. Benadeelde partij [benadeelde partij 1] De vordering van [benadeelde partij 1] strekt tot vergoeding van een bedrag van totaal NAf 1.835,00 ter zake van materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 23 mei 2023. De vordering tot materiële schade van NAf 1.835,00 bestaat uit de navolgende posten: 1. Contant geldbedrag - t.b.v. het kopen vliegticket NAf 1.500,00 2. Nike tas – met inhoud (make-up tasje) NAf 85,00 3. Autoverhuurder - betaling huurauto NAf 250,00 Uit het onderzoek ter terechtzitting is niet genoegzaam gebleken dat [benadeelde partij 1] als gevolg van het bewezenverklaarde - rechtstreeks - schade heeft geleden. Tegen de achtergrond van het verhandelde ter terechtzitting heeft de vordering te gelden als onvoldoende onderbouwd. Immers, anders dan aan de vordering ten grondslag is gelegd, is uit onderzoek van de politie niet gebleken dat de verdachte de tas van de benadeelde partij met inhoud heeft weggenomen. Het tegenovergestelde lijkt eerder waar, namelijk de verklaring van de verdachte dat hij dat niet heeft gedaan. Ook de vordering van NAf 250,00 ter zake van ‘betaling huurauto’ is, tegenover de gemotiveerde betwisting door de verdachte en diens raadsvrouw, door of namens de benadeelde partij onvoldoende gemotiveerd gehandhaafd. Bij deze stand van zaken kan de benadeelde partij derhalve niet in haar vordering worden ontvangen en kan zij de vordering slechts bij de burgerlijke rechter aanbrengen. Het Gerecht zal de benadeelde partij [benadeelde partij 1] veroordelen in de proceskosten van de verdachte voor zover die betrekking hebben op de vordering van de benadeelde partij. Door of namens de verdachte is niet naar voren gebracht dat zulke kosten zijn gemaakt, zodat die kosten dienen te worden begroot op nihil. Benadeelde partij [benadeelde partij 2] De vordering van [benadeelde partij 2] strekt tot vergoeding van een bedrag van totaal NAf 8.200,00 aan materiele schade, zijnde aanschafwaarde van een voertuig van het merk [merk], model [model]. Uit het onderzoek ter terechtzitting, de inhoud van het strafdossier en de mondelinge toelichting op de vordering is het Gerecht genoegzaam gebleken dat [benadeelde partij 2] als gevolg van het bewezenverklaarde handelen van de verdachte rechtstreeks materiële schade heeft geleden tot het gevorderde bedrag van NAf 8.200,00, zoals gevorderd. De verdachte is tot vergoeding van die schade gehouden, zodat de vordering in zoverre tot dat bedrag toewijsbaar is. Het Gerecht ziet aanleiding om daarbij een schadevergoedingsmaatregel als bedoeld in artikel 1:78 van het Wetboek van Strafrecht aan de verdachte op te leggen. Voor het geval volledige betaling of volledig verhaal van het verschuldigde bedrag niet volgt, zal vervangende hechtenis van na te melden duur worden opgelegd. De proceskosten van de benadeelde partij [benadeelde partij 2], tot op heden begroot op nihil en ten behoeve van de tenuitvoerlegging alsnog te maken, zullen ten laste van de verdachte worden gebracht. Toepasselijke wettelijke voorschriften De op te leggen straf en maatregel zijn, behalve op de reeds aangehaalde wettelijke voorschriften, gegrond op de artikelen 1:74, 1:75 en 1:136 van het Wetboek van Strafrecht, zoals deze luidden ten tijde van het bewezenverklaarde. BESLISSING Het Gerecht: verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte onder feit 1 eerste alternatief cumulatief ten laste is gelegd en spreekt hem daarvan vrij; verklaart wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte de onder 1, tweede cumulatief alternatief, 2 en 3 ten laste gelegde feiten heeft begaan; verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders ten laste is gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt hem daarvan vrij; kwalificeert het bewezenverklaarde als hiervoor omschreven; verklaart het bewezenverklaarde strafbaar en de verdachte daarvoor strafbaar; veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de 6 (zes) jaren en 6 (zes) maanden; beveelt dat de tijd die door de verdachte voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van de opgelegde gevangenisstraf in mindering wordt gebracht; beveelt de onttrekking aan het verkeer van de in beslag genomen en nog niet teruggegeven voorwerpen, te weten pistool van het merk [merk], model [model], van het kaliber 9 x 19 mm, en 30 (dertig) scherpe patronen, van het kaliber 9 x 19 mm, en 10 (tien) zakjes inhoudende hennep; gelast de teruggave van 3 (drie) mobiele telefoons, een geldbedrag van NAf 100,00 (zegge: honderd gulden) en 1 (één) Apple laptop aan de verdachte; gelast de teruggave van een voertuig van het merk [merk], model [model], aan de rechthebbende [benadeelde partij 2]; verklaart de benadeelde partij [benadeelde partij 1] niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat deze de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen; veroordeelt de benadeelde partij [benadeelde partij 2] in de door de verdachte gemaakte kosten voor zover die betrekking hebben op de vordering van de benadeelde partij, begroot op nihil; wijst de vordering tot vergoeding van de door de benadeelde partij [benadeelde partij 2]geleden schade toe tot een bedrag van NAf 8.200,00 (zegge: achtduizend en tweehonderd gulden), en veroordeelt de verdachte om dit bedrag tegen een behoorlijk bewijs van kwijting te betalen aan de benadeelde partij; veroordeelt de verdachte in de kosten door de benadeelde partij [benadeelde partij 2] gemaakt, tot op heden begroot op nihil, en in de kosten ten behoeve van de tenuitvoerlegging alsnog te maken; legt aan de verdachte als schadevergoedingsmaatregel ten behoeve van de benadeelde partij [benadeelde partij 2] de verplichting op tot betaling aan het Land van een bedrag van NAf 8.200,00 (zegge: achtduizend en tweehonderd), bij gebreke van betaling of verhaal te vervangen door 38 (achtendertig) dagen hechtenis, met dien verstande dat toepassing van de vervangende hechtenis de betalingsverplichting niet opheft; bepaalt dat, indien de verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan het Land daarmee zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij in zoverre komt te vervallen en andersom dat, indien de verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij daarmee zijn verplichting tot betaling aan het Land in zoverre komt te vervallen. Dit vonnis is gewezen door de rechter mr. S.A. Carmelia, bijgestaan door R.A. Caupain, (zittingsgriffier), en op 19 juli 2024 in tegenwoordigheid van de griffier uitgesproken ter openbare terechtzitting van het Gerecht in Curaçao. Hierna wordt, tenzij anders vermeld, telkens verwezen naar ambtsedige - en door de desbetreffende verbalisant(
- en)in wettelijke vorm opgemaakte - processen-verbaal en overige geschriften, die als bijlagen zijn opgenomen in het eindproces-verbaal van het Korps Politie Curaçao (Unit Zware Criminaliteit) d.d. 28 augustus 2023, geregistreerd onder dossiernummer: [dossiernummer] en proces-verbaalnummer: [procesverbalnummer].DOS en met de onderzoeksnaam “[onderzoeksnaam]” en met de onderzoeksnaam “[onderzoeksnaam]” en het eindproces-verbaal d.d. 28 augustus 2023, geregistreerd onder dossiernummer: 16502308”. Proces-verbaal van bevindingen d.d. 30 mei 2023, deelonderzoek [onderzoeksnaam], documentcode: 2023019821_20230530_144508.doc, map 1, pagina 184-186. Proces-verbaal van aangifte d.d. 23 mei 2023, deelonderzoek [onderzoeksnaam], proces-verbaalnummer: [procesverbaalnummer], map 1, pagina 187-194. Proces-verbaal van aangifte d.d. 23 mei 2023, deelonderzoek [onderzoeksnaam], proces-verbaalnummer: [procesverbaalnummer], map 1, pagina 195-199. Proces-verbaal van bevinding camerabeelden Pompstation [pompstation] d.d. 29 mei 2023, deelonderzoek [onderzoeksnaam], proces-verbaalnummer: [procesverbaalnummer].AMB.2319, map 1, pagina 221-238. Proces-verbaal van bevinding camerabeelden Restaurant [naam restaurant] en [bedrijf ] d.d. 24 mei 2023, deelonderzoek [onderzoeksnaam], proces-verbaalnummer: [procesverbaalnummer].AMB.2319, map 1, pagina 200-220. Proces-verbaal van bevinding PV-identificatie [verdachte] als vermoedelijke overvaller d.d. 31 mei 2023, deelonderzoek [onderzoeksnaam], proces-verbaalnummer: [procesverbaalnummer].BEV.2319, map 1, pagina 239-242. Proces-verbaal van verhoor getuige [benadeelde partij 1] d.d. 2 juni 2023, onderzoek [onderzoeksnaam] en deelonderzoek [onderzoeksnaam], proces-verbaalnummer: [procesverbaalnummer].VH, map 1, pagina 280-283. Verklaring van de verdachte ter terechtzitting van 26 juni 2024, zoals die eventueel later -indien tegen dit vonnis hoger beroep wordt ingesteld- in het proces-verbaal van die terechtzitting zal worden weergegeven. Proces-verbaal van bevindingen tapgesprekken d.d. 18 mei 2023, onderzoek [onderzoeksnaam], proces-verbaalnummer: [procesverbaalnummer].BEV.2319, map 1, pagina 56-72. Proces-verbaal van bevindingen (camerabeelden Caracasbaai Vissershaven) d.d. 17 augustus 2023, onderzoek [onderzoeksnaam], proces-verbaalnummer: 202303051005.AMB.2319, map 1, pagina 86-160. Proces-verbaal van bevinding d.d. 9 mei 2023, onderzoek [onderzoeksnaam], proces-verbaalnummer: [procesverbaalnummer], map 1, pagina 73-85. Proces-verbaal van aangifte, verhoor getuige [medeverdachte 1] d.d. 25 mei 2023, onderzoek [onderzoeksnaam] en deelonderzoek [onderzoeksnaam], proces-verbaalnummer: [procesverbaalnummer], map 1, pagina 246-251. Proces-verbaal van bevinding d.d. 29 mei 2023, onderzoek [onderzoeksnaam] en deelonderzoek [onderzoeksnaam], proces-verbaalnummer: [procesverbaalnummer].AMB, map 1, pagina 257-258. Proces-verbaal van 5de verhoor verdachte [medeverdachte 2] d.d. 8 juni 2023, onderzoek [onderzoeksnaam] en deelonderzoek [onderzoeksnaam], proces-verbaalnummer: [procesverbaalnummer].VV5, map 2, pagina 632-643. Proces-verbaal van verhoor getuige [benadeelde partij 2] d.d. 25 mei 2023, onderzoek [onderzoeksnaam], proces-verbaalnummer: [procesverbaalnummer].G, map 1, pagina 264-267. Proces-verbaal van verhoor getuige [benadeelde partij 2] d.d. 2 juni 2023, onderzoek [onderzoeksnaam], proces-verbaalnummer: [procesverbaalnummer], map 1, pagina 276-279. Proces-verbaal van 1ste verhoor verdachte [medeverdachte 1] d.d. 14 juni 2023, onderzoek [onderzoeksnaam], proces-verbaalnummer: [procesverbaalnummer].VV1, map 3, pagina 952-968. Proces-verbaal van bevindingen d.d. 6 juli 2023, onderzoek [onderzoeksnaam], proces-verbaalnummer: [procesverbaalnummer].AMB, map 2, pagina 543-548. Proces-verbaal van bevindingen tapgesprekken d.d. 30 mei 2023, onderzoek [onderzoeksnaam], proces-verbaalnummer: [procesverbaalnummer], map 1, pagina 172-183. Proces-verbaal van 1ste verhoor verdachte [medeverdachte 3] d.d. 7 juni 2023, onderzoek [onderzoeksnaam], proces-verbaalnummer: [procesverbaalnummer].VV1, map 2, pagina 367-378. Proces-verbaal van 2de verhoor verdachte [medeverdachte 3] d.d. 7 juni 2023, onderzoek [onderzoeksnaam], proces-verbaalnummer: [procesverbaalnummer], map ,: pagina 379-391. Proces-verbaal van 3de verhoor verdachte [medeverdachte 3] d.d. 8 juni 2023, onderzoek [onderzoeksnaam], proces-verbaalnummer: [procesverbaalnummer], map 2, pagina 392-408. Proces-verbaal van 4de verhoor verdachte [medeverdachte 3] d.d. 8 juni 2023, onderzoek [onderzoeksnaam], proces-verbaalnummer: [procesverbaalnummer], map 2, pagina 409-431. Proces-verbaal van 6de verhoor verdachte [medeverdachte 3] d.d. 12 juni 2023, onderzoek [onderzoeksnaam], proces-verbaalnummer: [procesverbaalnummer], map 2, pagina 442-478. Proces-verbaal van 7de verhoor verdachte [medeverdachte 3] d.d. 20 juni 2023, onderzoek [onderzoeksnaam], proces-verbaalnummer: [procesverbaalnummer], map 2, pagina 479-500. Proces-verbaal van 3de verhoor verdachte [medeverdachte 2] d.d. 8 juni 2023, onderzoek [onderzoeksnaam], proces-verbaalnummer: [procesverbaalnummer], map 2, pagina 599-615. Proces-verbaal van 4de verhoor verdachte [medeverdachte 2] d.d. 8 juni 2023, onderzoek [onderzoeksnaam], proces-verbaalnummer: [procesverbaalnummer], map 2, pagina 616-631. Proces-verbaal van 8ste verhoor verdachte [medeverdachte 2] d.d. 21 juni 2023, onderzoek [onderzoeksnaam], proces-verbaalnummer: [procesverbaalnummer], map 2, pagina 661-681. Proces-verbaal van huiszoeking en aanhouding van de verdachten [medeverdachte 4] en [betrokkene 5] d.d. 8 juni 2023, onderzoek [onderzoeksnaam], proces-verbaalnummer: [procesverbaalnummer].HZ, map 3, pagina 781-788. Proces-verbaal van aangetroffen gegevens van [medeverdachte 3] d.d. 21 juni 2023, onderzoek [onderzoeksnaam], proces-verbaalnummer: [procesverbaalnummer].AMB, map 3, pagina 795-796. Proces-verbaal van bevindingen mobiele telefoon d.d. 18 juli 2023, onderzoek [onderzoeksnaam], proces-verbaalnummer: [procesverbaalnummer].AMB, map 3, pagina 811-819. Proces-verbaal van huiszoeking en aanhouding van de verdachten [medeverdcahte 4] en [betrokkene 5] d.d. 8 juni 2023, onderzoek [onderzoeksnaam], proces-verbaalnummer: [procesverbaalnummer].HZ, map 3, pagina 781-788. Proces-verbaal van weging, testen en opsturen van monsters naar het laboratorium d.d. 8 juni 2023, onderzoek [onderzoeksnaam], proces-verbaalnummer: [procesverbaalnummer], map 3, pagina 789-791. Schriftelijk bescheid, te weten een rapport van [afdelingshoofd], afdelingshoofd Toxicologie en Geneesmiddelenonderzoek, werkzaam bij het ADC, d.d. 21 augustus 2023, onderzoek [onderzoeksnaam], map 3, pagina 792-794. Proces-verbaal van 1ste verhoor verdachte [medeverdachte 3] d.d. 7 juni 2023, onderzoek [onderzoeksnaam] en deelonderzoek Boca Ascencion, proces-verbaalnummer: [procesverbaalnummer].VV1, map 2, pagina 367-378. Proces-verbaal van 6de verhoor verdachte [medeverdachte 3] d.d. 12 juni 2023, onderzoek [onderzoeksnaam], proces-verbaalnummer: [procesverbaalnummer].VV6, map 2, pagina 442-478. Proces-verbaal van huiszoeking te [adres 5] d.d. 7 juni 2023, onderzoek [onderzoeksnaam] en deelonderzoek [onderzoeksnaam], proces-verbaalnummer: [procesverbaalnummer].HZ, map 3, pagina 693-700. Proces-verbaal van inbeslaggenomen vuurwapen en patronen d.d. 22 juni 2023, onderzoek [onderzoeksnaam] en deelonderzoek [onderzoeksnaam], registratienummer: [registratienummer], map 3, pagina 704-707. Verklaring van de verdachte ter terechtzitting van 26 juni 2024, zoals die eventueel later -indien tegen dit vonnis hoger beroep wordt ingesteld- in het proces-verbaal van die terechtzitting zal worden weergegeven. Proces-verbaal van CID-informatie d.d. 16 mei 2022, onderzoek [onderzoeksnaam], proces-verbaalnummer: [procesverbaalnummer], map 1, pagina 1. Proces-verbaal van CID-informatie d.d. 27 september 2022, onderzoek [onderzoeksnaam], proces-verbaalnummer: [procesverbaalnummer], map 1, pagina 2. Proces-verbaal van CID-informatie d.d. 3 oktober 2022, onderzoek [onderzoeksnaam], proces-verbaalnummer: [procesverbaalnummer], map 1, pagina 3-4. Proces-verbaal van bevindingen tapgesprekken d.d. 31 mei 2023, onderzoek [onderzoeksnaam], proces-verbaalnummer: [procesverbaalnummer].BEV.2319, map 1, pagina 5-37. Proces-verbaal van 2de verhoor [medeverdachte d.d. 7 juni 2023, onderzoek [onderzoeksnaam], proces-verbaalnummer: [procesverbaalnummer].VV2, map 2, pagina 383. Proces-verbaal van huiszoeking te [adres 4] d.d. 7 juni 2023, onderzoek [onderzoeksnaam] en deelonderzoek [onderzoeksnaam], proces-verbaalnummer: [procesverbaalnummer].HZ, map 2, pagina 693-700.