Parketnummers: 500.00269/24 en 500.00127/25 Uitspraak : 17 oktober 2025 Tegenspraak Vonnis van dit Gerecht in de strafzaak tegen de verdachte: [verdachte], geboren op [geboortedatum] 1971 te [geboorteplaats], wonende in [woonplaats], [adres 1], thans gedetineerd in het huis van bewaring in Curaçao. Onderzoek van de zaak Het onderzoek ter openbare terechtzitting heeft plaatsgevonden op 10 en 26 september 2025. De verdachte is telkens verschenen, bijgestaan door zijn raadsman, mr. S.N. Zahedi, advocaat in Curaçao. De officier van justitie, mr. K. Hara, heeft ter terechtzitting gevorderd dat het Gerecht het ten laste gelegde bewezen zal verklaren en de verdachte daarvoor zal veroordelen tot een gevangenisstraf voor de duur van 6 jaren, met aftrek van voorarrest. Haar vordering behelst voorts de verbeurdverklaring van de twee in beslag genomen Samsung telefoons. De raadsman heeft bepleit dat de verdachte primair zal worden vrijgesproken van het zowel bij parketnummer 500.00269/24 als bij parketnummer 500.00127/25 ten laste gelegde feiten. Subsidiair heeft de raadsman een strafmaatverweer gevoerd. Tenlastelegging Aan de verdachte is ten laste gelegd dat: Parketnummer 500.00269/24 ONDERZOEK OCEAN FEIT 1: OVERTREDING VAN DE OPIUMLANDSVERORDENING 1960 hij op een of meer tijdstip (pen) in of omstreeks de periode van 30 juni 2019 tot en met 4 december 2020 te Curaçao en/of Bonaire en/of Aruba en/of Venezuela en/of Europa en/of Azië en/of de Dominicaanse Republiek en/of Ecuador en/of Mexico en/of Colombia en/of Australië, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, telkens om een feit, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel A,B of D van de Opiumlandsverordening 1960, te weten het opzettelijk in, uit of doorvoeren en/of het opzettelijk bereiden, bewerken, verwerken, verkopen, afleveren, verstrekken en/of vervoeren van verdovende middelen zoals genoemd in artikel 3 eerste lid onderdeel A,B of D van de Opiumlandsverordening 1960 en/of artikel 4 eerste lid onderdeel A van de Opiumlandsverordening 2024 voor te bereiden en/of te bevorderen, een of meer ander(
(20)12. (…) de laatste keer was het nog een keer in 2015. Nu kan het na 5 jaar weer, dus (…) het kan, dus we kunnen deze kans niet missen. (…) (…) Op 25 november 2020 te 16:31 uur stuurt [account] aan [account 3] de volgende afbeelding: (…) Op 1 december 2020 tussen 11:43 uur en 11:43 stuurt [account] aan [ACCOUNT 4] de volgende foto’s: Aansluitend stuurt [account] aan [ACCOUNT 4] op 1 december 2020 te 11:45 uur het volgende bericht: Vertaling Mijn broer, dat is de vracht met bloemen die echt elke week 3 keer per (het Gerecht begrijpt:) week naar Aruba gaat, nu kan het max. 50 per keer alleen, dus 150. (…) Op 1 december 2020 tussen 11:43 uur en 11:43 stuurt [account] aan [ACCOUNT 4] de volgende foto’s: Aansluitend stuurt [account] aan [ACCOUNT 4] op 3 december 2020 tussen 01:34 uur en 01:35 uur de volgende berichten: Vertaling Excuses voor de tijd, mijn familie, dat is de vracht van bloemen van vandaag die is vertrokken vanuit Aruba. Ja, neef, van ons heeft die ook. (…)“ 5. Een proces-verbaal van relevante berichten van het Sky-account [account] van 18 juli 2024, in de wettelijke vorm opgemaakt door de bevoegde opsporingsambtenaren [verbalisant 4] en [verbalisant 7]. Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven: (…) C: Postpakketten Op 15 oktober 2020 tussen 11:52 uur en 12:11 uur stuurt [account] aan [account 3] de volgende afbeeldingen van postpakketten: Op 15 oktober 2020 te 12:18 uur stuurt [account] aan [account 3] het volgende audiobericht: Vertaling (…) Kijk, familie, DHL doe ik al sinds 2015, op allerlei manieren doen we dat, dus ik doe dat al vele jaren. (…) (…) Op 15 oktober 2020 te 12:19 uur stuurt [account] aan [account 3] het volgende audiobericht: Vertaling (…) Dus DHL (…) En dat posten is gemakkelijk, want we kunnen het illegaal doen in elektronische dingen die gaan of we kunnen het legaal doen, dan laten we iemand het posten, ik maak de dingen zelf thuis. Ik heb thuis alles om het te maken op pallets, en mijn mensen veranderen het en ik heb mensen bij de bushalte. Het probleem ontstaat als ze het aan die andere kant niet pakken, dan kan dat ding gaan hoesten, want normaal is het vloeistof. Je moet het in vloeistoffen doen en al die dingen gaan door. Al die foto’s die ik heb gestuurd, zijn dingen die ik zelf heb gedaan. (…) Op 15 oktober 2020 te 12:19 uur stuurt [account] aan [account 1] het volgende audiobericht: Vertaling Dus die foto’s kan je ze laten zien, die van [persoon 4] en zo, al die heb ik verstuurd. Dus al die zijn ze overheen gegaan. Al die, zijn dingen die ik heb gedaan. Dus wat ik heb gestuurd, het zijn geen foto’s van dingen die ik kan doen, het zijn dingen die ik al heb gedaan. Begrijp je me, familie? Het zijn dingen die ik heb gezet. Dus het zijn geen foto’s van die plek, het zijn foto’s met dingen erin, zo zijn de dingen naar boven gegaan. (…) Op 20 oktober 2020 te 17:51 uur stuurt [account] aan [account 3] het volgende audiobericht: Vertaling Kijk, de DHL doen we op alle manieren, alle enveloppen, alle dingen, alle dozen kunnen we doen, familie. (…) (…) Op 21 oktober 2020 te 15:13 uur stuurt [account] aan [account 3] het volgende audiobericht: Vertaling Uhm, goedemorgen, mijn familie (…) Ik had een afspraak met de mensen van DHL vandaag ook en ze vragen hetzelfde als wat ik dacht. Dus die meneer wil bedrijf tot bedrijf doen, ik heb hem gisteren een bedrijf van mij aangeboden (…) (…) Op 21 oktober 2020 te 15:13 uur stuurt [account] aan [account 3] het volgende audiobericht: Vertaling (…) zodat u begrijpt, familie, het ‘track’-nummer blijft op de dingen, dus elke fase dat het doormaakt, blijven ze steeds de chef van mij in Cura steeds melden, dus ik heb de chef van DHL “live”. (…) Op 27 oktober 2020 te 18:40 uur stuurt [account] aan [account 3] het volgende audiobericht: Vertaling (…) Met DHL kan je geen blokjes sturen, toch? Ik heb het wel een keertje gedaan, maar die ploeg gaat direct naar het vliegtuig. Dan kunnen ze het direct eruit trekken, die blokjes. (…) Het is mijn baby, toch? Dus we gaan die dingen in model doen, snappie? (…) Op 27 oktober 2020 te 18:43 uur stuurt [account] aan [account 3] het volgende audiobericht: Vertaling (…) ik heb die baas toch, ik heb die luchthaven en alles. Ik weet precies wat naar waar gaat en alles, begrijpt u? (…) (…) Op 27 oktober 2020 te 18:45 uur stuurt [account] aan [account 3] het volgende audiobericht: Vertaling (…) normaal gesproken werken we bijvoorbeeld maandag om woensdag daar te komen. We werken nooit om de dingen in het weekeinde te laten komen (…) want soms als die dingen in het weekeinde binnenkomen, dan moeten we tot maandag wachten. (…) We zullen proberen alles doordeweeks te sturen. (…) Op 14 november 2019 te 16:52 uur stuurt [account] aan [account 1] het vervolgbericht: Vertaling Mijn neef, ik heb [persoon 2] gesproken over de vracht naar Santo (…) hij heeft me 2 datums gegeven, dus we moeten iemand de doos naar beneden laten halen bij hem op werk laten afzetten, hij neemt ze zelf zoals bij de post…en ze vetrekken dinsdagochtend…07:00 uur op de bus van DHL zegt hij, de kleine bus vliegt deze week…en omdat het de bus van DHL is, gaat het met de vracht naar Santo deze dagen, dus de kerels van jou kunnen het daar pakken, mijn familie. (…)“ Bewijsoverwegingen De raadsman heeft bepleit dat de verdachte eveneens van het onder 1 en 2 (parketnummer 500.00269/24) zal worden vrijgesproken. Hij heeft daartoe aangevoerd dat de berichten waarop de verdenking is gebaseerd niet als betrouwbaar bewijs kunnen dienen. Dit nu de inhoud van de Sky ECC-berichten door hem niet kan worden geverifieerd. Daarnaast kan niet worden vastgesteld dat één en dezelfde persoon – laat staan de verdachte – de gebruiker van het Sky-account was. Hierdoor kunnen ook de tekstberichten niet aan een persoon worden gelinkt. Voorts zijn de berichten slechts een selectie waardoor enig context volledig ontbreekt. De gebruikers van het account spreken nooit over eigen handelingen. Dit wijst erop dat de handelingen waar het in de berichten over gaat niet aan de verdachte kunnen worden toegeschreven. Voorts blijkt ook nergens uit dat de verdachte iets te maken heeft gehad met de handelingen die door de persoon in het account worden genoemd. Verwijzend naar de uitspraak van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant van 13 september 2022 (ECLI:NL:RBZWB:2022:5151) heeft de raadsman nog aangevoerd dat ook de verdenkingen tegen de verdachte enkel gebaseerd zijn op de in het dossier aanwezige Sky ECC-berichten, waardoor niet is voldaan aan het bewijsminimum en dus ontbreekt het wettig bewijs voor de ten laste gelegde feiten. Het Gerecht overweegt als volgt. Identificatie gebruiker van het Sky ECC-account [account] De officier van justitie baseert de verdenking dat de verdachte als medepleger betrokken is geweest bij meerdere drugstransporten en in dat kader voorbereidingshandelingen heeft verricht, in het bijzonder op een aantal berichten afkomstig van het SKY ECC-account met de gebruikerscode [account], welk account door de officier van justitie aan de verdachte wordt toegeschreven. Het Gerecht dient allereerst de vraag te beantwoorden of de verdachte inderdaad als de gebruiker van voormeld SKY ECC-account kan worden aangemerkt. Uit het procesdossier volgt dat het Sky ECC-account [account] in de periode van 30 juni 2019 tot en met 4 december 2020 actief is geweest. De verdachte heeft zich zowel tijdens de verhoren bij de politie als tijdens het onderzoek ter terechtzitting grotendeels op zijn zwijgrecht beroepen. Het Gerecht stelt vast dat in meerdere audioberichten, in ieder geval alle audioberichten die als bewijsmiddel zijn gebezigd, de stem van de verdachte is herkend als de zijne. Deze herkenning is gebaseerd op specifieke en individuele kenmerken van het stemgeluid van de verdachte, waaronder klank, articulatie en spreektempo. De identificatie is verricht door meerdere verbalisanten die de verdachte eerder hebben verhoord, gesprekken met hem hebben gevoerd en de desbetreffende audioberichten hebben uitgeluisterd, en die derhalve in staat waren een betrouwbare stemvergelijking te doen. Het Gerecht acht de stemherkenningen overtuigend en betrouwbaar en stelt op grond daarvan buiten redelijke twijfel vast dat de als bewijsmiddel gebezigde audioberichten door de verdachte zijn ingesproken. Ten aanzien van de als bewijsmiddelen gebezigde tekstberichten, overweegt het Gerecht als volgt. Vaststaat dat de verdachte de auteur is van de hiervoor vermelde audioberichten die als bewijsmiddel zijn gebruikt. Het daarin gehanteerde (versluierende) taalgebruik vertoont een duidelijke overeenstemming met het taalgebruik, de woordkeuze, formuleringen en stijl die in de desbetreffende tekstberichten worden aangetroffen. Het Gerecht acht deze overeenstemming voldoende redengevend om de tekstberichten, net als de audioberichten, aan de verdachte toe te rekenen. Dat geconstateerd is dat anderen via het Sky ECC-account [account] ook enkele audioberichten hebben verstuurd, doet daaraan niet af. Zonder enige door de verdachte afgelegde, ontzenuwende verklaring is niet aannemelijk geworden dat de samenhang tussen de audioberichten en de tekstberichten op toeval zou berusten. De verdachte heeft zich weliswaar op zijn zwijgrecht beroepen – hetgeen een de verdachte toekomend fundamenteel recht is – maar dat neemt niet weg dat de bewijsmiddelen in onderlinge samenhang bezien in zoverre overtuigend wijzen op één en dezelfde gebruiker. Gelet op het voorgaande acht het Gerecht het buiten redelijke twijfel bewezen dat ook de als bewijsmiddelen gebezigde tekstberichten door de verdachte zijn verzonden, zodat ook deze berichten aan hem kunnen worden toegeschreven. Voorbereidingshandelingen Voorts dient het Gerecht te beoordelen of de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan voorbereidingshandelingen gericht op de in- of uitvoer van verdovende middelen. Uit de gebezigde bewijsmiddelen volgt dat de verdachte via zijn Sky ECC-account in versluierende taal gesprekken voerde over de in-/uitvoer van onder meer ‘Gutu’, ‘vissen’, ‘stenen’, ‘carco’ en ‘Ice’ via zeevracht, vliegtuigen en postpakketten, alsmede over daarmee samenhangende termen als ‘manifest’, ‘boot’, ‘Porto’, ‘Colo’, ‘Chavez’, ‘Santo’ en ‘Jam’. Het doel van dit versluierende taalgebruik is, zo moet worden aangenomen, om te kunnen spreken over de handel in verdovende middelen zonder dat dit uit de concrete inhoud van de berichten blijkt, althans zou moeten blijken. Bij de beoordeling of er sprake is van voorbereidingshandelingen als bedoeld in artikel 1:120 van het Wetboek van Strafrecht (hierna: Sr) is vereist dat met voldoende bepaaldheid moet kunnen worden vastgesteld op welk misdrijf de voorbereidingshandelingen en voorbereidingsmiddelen waren gericht, en dat het opzet van de verdachte op het begaan daarvan was gericht. Onder dit opzet is voorwaardelijk opzet begrepen. Het Gerecht stelt vast dat de door de verdachte verzonden berichten niet slechts algemene of vrijblijvende opmerkingen bevatten, maar concrete, uitvoerbare aanwijzingen die zien op de organisatie en uitvoering van de in- dan wel uitvoer, verpakking, verzending en distributie van verdovende middelen. Zo geeft de verdachte onder meer: specifieke aantallen (‘hoeveel Gutu’s’) en levermomenten door; aanwijzingen over betalingen, inhoudingen en prijsafspraken; mededelingen over logistieke (en concrete lever)routes en ‘Porto’s die uithaal hebben in Taiwan, Beijing, Zeeland, Cameroon en Polen; operationele instructies voor het verbergen van verdovende middelen (in catering, in bloemzendingen, vloeibaar maken, in toiletten of aircoluiken van een vliegtuig) aanwijzingen over het gebruik van transportbedrijven (DHL) en het omzeilen van controles (“ik heb de Douane, de kerels van de scan en de chef van DHL”); verwijzingen van concrete personen met specifieke rollen (een kapitein, Porto’s, drugskoeriers, douanepersoneel en scanmedewerkers). De verdachte biedt tevens samenwerking aan en vraagt toestemming van mededaders voor specifieke handelingen: de verdachte vraagt aan [account 1] of de kapitein die zaken onder de boot kan plaatsen iets is wat ze kunnen gebruiken, en of [account 1] hem zijn zegen geeft zodat zijn Porto’s op verzoek van ‘Kabouw’ de Gutu’s van Colombia naar Venezuela kunnen doorsturen). Verder stuurt de verdachte ook foto’s van AKE-standplaatsen en voorbereide pakketten waarbij hij expliciet stelt dat het beelden zijn van handelingen die hij eigenhandig heeft verricht. Uit de gebezigde bewijsmiddelen blijkt niet slechts dat de verdachte sprak over drugstransporten, maar ook handelde als een organisator met operationele zeggenschap: hij deed mededeling van beschikbare Porto’s, geeft aangeboden prijzen door (bijvoorbeeld offerte van [persoon 2] om zendingen te verzorgen), bespreekt de verkoop van Gutu’s en geeft aan dat hij controle heeft over de lokale post (DHL) en over personen die relevante controles uitvoeren. Voorts meldt hij concreet dat hij een koffer voor Duitsland klaarmaakt en dat hij ruime ervaring heeft met het ‘zetten’ van Gutu’s in vliegtuigen. De verdachte noemt zichzelf ‘de professor van vliegtuigen’ en geeft aan dat hij dat al 29, 30 jaren doet. Naar het oordeel van het Gerecht houden deze uitlatingen en de door hem verzonden afbeeldingen meer in dan louter voornemens of algemene beraadslagingen. De communicatie bevat concrete, uitvoerbare afspraken en aanwijzingen die – gelet op hun aard, en precisie en inhoud – gericht zijn op de voltooiing van een concreet in- dan wel uitvoerplan. Het Gerecht acht deze berichten en de bijbehorende afbeeldingen, ondanks dat beide afkomstig zijn van de verdachte zelf, twee zelfstandige, elkaar ondersteunende bewijsmiddelen. Het Gerecht ziet in deze berichten en afbeeldingen voorbereidingshandelingen in de zin van artikel 1:120 Sr: er is sprake van voorbereidingshandelingen en – middelen gericht op het internationaal verplaatsen en doen circuleren van verdovende middelen, waarbij de verdachte (
- i)het beoogde misdrijf voor ogen heeft, (
- ii)concrete middelen, personen en routes aanwijst en inzet, en (iii) operationele stappen ondernam en coördineerde. Dat sommige termen in een versluierende taal zijn weergegeven doet geen afbreuk aan de inhoudelijke betekenis van de berichten. De context van deze berichten maakt voldoende duidelijk dat wordt gesproken over drugstransport en drugshandel. Zulks geldt temeer nu de verdachte zelf in de berichten uitvoerig technische en praktische kennis deelt die alleen aan daadwerkelijk voorbereidend handelen kan worden toegeschreven. De berichten verschaffen context en inhoud aan de afbeeldingen, terwijl de afbeeldingen de juistheid en werkelijkheid van de in de berichten beschreven handelingen bevestigen. Hun onderlinge samenhang versterkt de bewijswaarde en geeft daarmee een voldoende betrouwbaar en sluitend beeld van het voorbereidend handelen van de verdachte weer. Voorts staat buiten redelijke twijfel vast dat met de termen ‘Gutu’, ‘vissen’ en ‘stenen’ wordt gedoeld op cocaïne. Dit volgt uit de uiterlijke kenmerken van de op de foto’s zichtbare witte stof en verpakkingen, de genoemde prijzen, de specifieke transportroutes (onder meer tussen Zuid-Amerika en Europa), en de gehanteerde verbergingsmethoden die kenmerkend zijn voor cocaïnetransporten. Gelet op het voorgaande acht het Gerecht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte voorbereidingshandelingen heeft verricht, gericht op de in- dan wel uitvoer van verdovende middelen, waaronder cocaïne. Daadwerkelijke uitvoer van cocaïne Dat de verdachte daadwerkelijk cocaïne heeft uitgevoerd, leidt het Gerecht af uit de door hem op 10 november 2019 om 23:47 uur, 23:48 uur, 23:51 uur en 23:52 uur verzonden afbeeldingen en de daaropvolgende berichten, waarin hij aangeeft een koffer gereed te maken om die voor Duitsland met [vliegtuig] Airlines te regelen. Aangenomen moet worden dat het een feit van algemene bekendheid is dat vanuit Curaçao naar Europa doorgaans cocaïne wordt verzonden en niet andere verdovende middelen. Het Gerecht stelt dan ook vast dat het ook hier om cocaïne gaat. Daarnaast verwijst het Gerecht naar het op 1 december 2020 om 11:43 uur aan het Sky ECC-account [ACCOUNT 4] verstuurde bericht, inhoudende een zogenoemd manifest, en het daarop aansluitende bericht waarin wordt bevestigd dat ook hun ‘deel’ deel uitmaakte van de vracht bloemen die op die dag vanuit Aruba naar Nederland is vertrokken. Het Gerecht begrijpt deze berichten in onderlinge samenhang aldus dat de verdachte op dat moment betrokken was bij een concreet transport van verdovende middelen, vermomd als een reguliere bloemenexportzending. Deze berichten sluiten bovendien aan bij eerdere communicatie waarin de verdachte melding maakt van de mogelijkheid om “Gutu’s” – het Gerecht begrijpt: cocaïne – te verzenden met bloemen, een methode die volgens hem slechts periodiek beschikbaar is in verband met het bloemenseizoen. Gelet op deze context en de bewoordingen van de berichten acht het Gerecht het buiten redelijke twijfel dat het transport waarop de verdachte doelde, daadwerkelijk de uitvoer van cocaïne betrof. De verweren worden verworpen. Strafbaarheid en kwalificatie van het bewezen verklaarde Parketnummer 500.00269/24 Het onder 1 bewezen verklaarde is voorzien bij artikel 3 van de Opiumlandsverordening 2024 en strafbaar gesteld in artikel 11 van die verordening juncto artikel 1:123 van het Wetboek van Strafrecht. Het wordt als volgt gekwalificeerd: Medeplegen van, om een feit, bedoeld in artikel 3 van de Opiumlandsverordening 2024, in, uit, door te voeren of te verkopen, zich en een of meer anderen gelegenheid, middelen en inlichtingen tot het plegen van die feiten heeft getracht te verschaffen en voorwerpen voorhanden heeft gehad, waarvan hij weet of ernstige reden heeft om te vermoeden dat het bestemd is tot het plegen van dat feit, meermalen gepleegd. Het onder 2 bewezen verklaarde is voorzien bij artikel en strafbaar gesteld in artikel 3, eerste lid, aanhef onder c en A van de Opiumlandsverordening 2024 en strafbaar gesteld in artikel 11 van die verordening juncto artikel 1:123 van het Wetboek van Strafrecht. Het wordt als volgt gekwalificeerd: Medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met artikel 3, eerste lid, van de Opiumlandsverordening 2024, meermalen gepleegd. Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het bewezen verklaarde uitsluiten. Strafbaarheid van de verdachte Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluiten. De verdachte is daarom strafbaar voor het hiervoor bewezen verklaarde. Oplegging van straf Bij de bepaling van de op te leggen straf wordt gelet op de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard, op de omstandigheden waaronder het bewezen verklaarde is begaan, op de mate waarin de gedraging aan de verdachte te verwijten is en op de persoon van de verdachte, zoals een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting naar voren is gekomen. Daarbij wordt rekening gehouden met de ernst van het bewezen verklaarde in verhouding tot andere strafbare feiten, zoals die onder meer tot uitdrukking komt in de hierop gestelde wettelijke strafmaxima en in de straffen die voor soortgelijke feiten worden opgelegd. De verdachte heeft zich samen met anderen schuldig gemaakt aan de in- en uitvoer van cocaïne. Daarnaast heeft hij voorbereidingshandelingen gepleegd die eveneens gericht waren op het internationaal verhandelen en vervoeren van cocaïne. Uit de inhoud van de berichten blijkt dat de verdachte handelde met aanzienlijke hoeveelheden, kennelijk bestemd voor de grootschalige internationale handel. Evenwel kan uit het beschikbare bewijsmateriaal niet met de vereiste mate van zekerheid, ook niet bij benadering, worden vastgesteld op welke hoeveelheden de voorbereidingshandelingen, zoals bewezenverklaard onder feit 1, betrekking hadden, noch hoeveel verdovende middelen daadwerkelijk zijn uitgevoerd zoals bewezenverklaard onder feit 2. Wel staat vast dat de verdachte zich gedurende een ruime periode heeft ingelaten met de handel in cocaïne. Het betreft feiten van een zeer ernstige aard. De handel in en het internationaal vervoer van verdovende middelen vormen een groot maatschappelijk probleem en gaan gepaard met andere vormen van zware criminaliteit, waaronder geweld, witwassen en corruptie. Door zijn handelen heeft de verdachte bijgedragen aan het in stand houden van dit criminele circuit en de daarmee gepaard gaande ondermijning van de samenleving. De verdachte vervulde daarin geen ondergeschikte rol. Uit de berichten blijkt dat hij beschikte over kennis, ervaring en een uitgebreid netwerk waarmee hij transporten kon organiseren, controleren en faciliteren. Hij presenteerde zich als een ervaren en gezaghebbende organisator met zeggenschap over de uitvoering van drugstransporten en de daarbij betrokken personen. Dat maakt zijn rol zwaarwegender dan die van een uitvoerder. Het Gerecht rekent het de verdachte zwaar aan dat hij uitsluitend handelde uit financieel gewin, zonder zich te bekommeren om de schadelijke gevolgen die de verspreiding van en handel in cocaïne veroorzaken voor anderen en de maatschappij als geheel. Blijkens een de verdachte betreffende strafkaart van 26 september 2024 is hij niet eerder door de strafrechter veroordeeld. Het Gerecht heeft voorts acht geslagen op de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, zoals deze door en namens hem naar voren zijn gebracht. Naar het oordeel van het Gerecht kan gelet op de ernst van het bewezen verklaarde niet worden volstaan met een andere of lichtere sanctie dan een straf die een onvoorwaardelijke vrijheidsbeneming met zich brengt. Deze straf is lager dan gevorderd omdat het Gerecht de verdachte vrijspreekt van vier van de zes ten laste gelegde feiten. Het Gerecht is, na dit een en ander te hebben afgewogen, tot de slotsom gekomen dat na te noemen straf passend en geboden is. De verdachte zal daartoe dan ook worden veroordeeld. In beslag genomen voorwerpen Aan de orde zijn voorts de onder de verdachte in beslag genomen en nog niet teruggegeven voorwerpen. In het dossier zit geen beslaglijst. In ieder geval zijn onder de verdachte het volgende inbeslaggenomen:: - een mobiele telefoon van het merk [telefoon 1]; en - een mobiele telefoon van het merk [telefoon 2] De in beslag genomen mobiele telefoons zijn vatbaar voor onttrekking aan het verkeer. Deze voorwerpen zijn aangetroffen bij gelegenheid van het onderzoek naar de onder parketnummer 500.00127/25 ten laste gelegde feiten. Uit het dossier blijkt dat in deze mobiele telefoons – zoals overwogen onder het kopje ’Vrijspraak’– belastend materiaal is aangetroffen. Gelet op de aard en inhoud daarvan is het Gerecht van oordeel dat voormelde mobiele telefoons kunnen dienen tot het begaan of de voorbereiding van soortgelijke feiten, zodat zij vatbaar zijn voor onttrekking aan het verkeer. Toepasselijke wettelijke voorschriften De op te leggen straf is, behalve op de reeds aangehaalde wettelijke voorschriften, gegrond op het artikel 1:136 van het Wetboek van Strafrecht, zoals dit luidde ten tijde van het bewezen verklaarde. BESLISSING Het Gerecht: verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte onder feiten 3 en 4 (parketnummer 500.00269/24) en onder feiten 1 en 2 (parketnummer 500.00127/25) ten laste is gelegd en spreekt hem daarvan vrij; verklaart wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte de onder 1 en 2 (parketnummer 500.00269/24) ten laste gelegde feiten heeft begaan; verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders ten laste is gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt hem daarvan vrij; kwalificeert het bewezen verklaarde als hiervoor omschreven; verklaart het bewezen verklaarde strafbaar en de verdachte daarvoor strafbaar; veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de 24 (vierentwintig) maanden; beveelt dat de tijd die door de verdachte voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van de opgelegde gevangenisstraf in mindering wordt gebracht; beveelt de onttrekking aan het verkeer van de in beslag genomen en nog niet teruggegeven voorwerpen, te weten twee mobiele telefoons van het merk [telefoon 1] en [telefoon 2]. Dit vonnis is gewezen door de rechter mr. S.A. Carmelia, bijgestaan door mr. O.H.M. Leito, (zittingsgriffier), en op 17 oktober 2025 in tegenwoordigheid van de griffier uitgesproken ter openbare terechtzitting van het Gerecht in Curaçao. Proces-verbaal inzake beoordeling geluidsfragmenten in relatie tot [verdachte] d.d. 15 mei 2025, geregistreerd onder het proces-verbaalnummer 202505151000.AMB. Verwezen wordt naar randnummers 48 tot en met 59 van het requisitoir. Proces-verbaal uitlezen [telefoon 1] d.d. 20 januari 2025, geregistreerd onder het proces-verbaalnummer 202501061100, dossierpagina’s 569-589 en proces-verbaal uitlezen [telefoon 2] d.d. 27 januari 2025, geregistreerd onder het proces-verbaalnummer 202501141000, dossierpagina’s 590-616. Verwezen wordt naar de volgende dossierpaginanummers, te weten: 578 t/m 588 en 599 t/m 614. Hierna wordt, tenzij anders vermeld, telkens verwezen naar ambtsedige - en door de desbetreffende verbalisant(
- en)in wettelijke vorm opgemaakte - processen-verbaal en overige geschriften, die als bijlagen zijn opgenomen in het eindproces-verbaal van het Korps Politie Curaçao (Unit Zware Criminaliteit) d.d. 10 december 2024, geregistreerd onder proces-verbaalnummer 202412091035 en de onderzoeksnaam “Oceaan”, doorgenummerde dossierpagina’s 1 – 338; het eindproces-verbaal van het Korps Politie Curaçao (Unit Zware Criminaliteit) d.d. 10 december 2024, geregistreerd onder proces-verbaalnummer 113/24 NBD/DGC en de onderzoeksnaam “Chogogo”, doorgenummerde dossierpagina’s 339-568; en het aanvullend proces-verbaal van het Korps Politie Curaçao (Unit Zware Criminaliteit) d.d. 2 april 2025, geregistreerd onder proces-verbaalnummer 202503310820 en de onderzoeksnaam “Oceaan”, doorgenummerde dossierpagina’s 569-706. Proces-verbaal stemherkenning d.d 9 augustus 2024, geregistreerd onder het proces-verbaalnummer 202408090900, dossierpagina’s 130-133. Proces-verbaal bevestiging stem [verdachte] als gebruiker Sky-account [account], geregistreerd onder het proces-verbaalnummer 202410171400.AMB, dossierpagina’s 140-142. Proces-verbaal relevante berichten Sky-account [account]: Algehele smokkel verdovende middelen, geregistreerd onder het proces-verbaalnummer 202401101100.AMB, dossierpagina’s 3-23. Proces-verbaal relevante berichten Sky-account [account]: Transporten middels AKE’s en vliegtuigen, geregistreerd onder het proces-verbaalnummer 202407011500.AMB, dossierpagina’s 26-58. Proces-verbaal relevante berichten Sky-account [account]: Postpakketten, geregistreerd onder het proces-verbaalnummer 202407151100.AMB, dossierpagina’s 59-74. Proces-verbaal inzake beoordeling geluidsfragmenten in relatie tot [verdachte] d.d. 15 mei 2025, geregistreerd onder het proces-verbaalnummer 202505151000.AMB. Proces-verbaal uitlezen [telefoon 1] d.d. 20 januari 2025 geregistreerd onder het proces-verbaalnummer 202503310820, dossierpagina’s 569-589. Proces-verbaal uitlezen [telefoon 2] d.d. 27 januari 2025 geregistreerd onder het proces-verbaalnummer 202501141000, dossierpagina’s 569-589.