Landsverordening administratieve rechtspraak Uitspraak: 24 juli 2020 Zaaknummer: SXM201900786 - LAR00070/2019 HET GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN SINT MAARTEN UITSPRAAK (eiser) eiser, gemachtigde: mr. G. HATZMANN, tegen HET UITVOERINGSORGAAN SOCIALE EN ZIEKTEKOSTENVERZEKERING, verweerder, gemachtigde: mr. D.C. DAAL, 1Aanduiding bestreden beschikking De beschikking van verweerder van 20 juni 2019, betreffende bezwaar tegen de beschikking van verweerder van 2 januari 2019 inhoudende een herziene korting van 22% op het aan eiser toegekende maximale ouderdomspensioen met ingang van 1 februari 201. 2Procesverloop 2.1. Namens eiser is op 2 augustus 2019 ter Griffie van het Gerecht in eerste aanleg alhier een pro forma beroepschrift ingesteld ingevolge de Landsverordening administratieve rechtspraak. Op 11 oktober 2019 zijn de gronden van het beroep aangevuld. 2.2. Op 18 november 2019 heeft verweerder een verweerschrift ingediend. 2.3. Vanwege het opschorten voor onbepaalde tijd van zittingen ten gevolge van de Covid-19 crisis hebben partijen middels emailbericht van 11 mei 2020 toestemming gegeven tot schriftelijke afdoening. Een mondelinge behandeling is derhalve achterwege gebleven. 2.4. Bij email van 12 mei 2020 zijn partijen in de gelegenheid gesteld om pleitnotities in te dienen. Bij email bericht van 25 mei 2020 heeft gemachtigde van eiser medegedeeld in de zaak te persisteren en geen behoefte te hebben aan pleidooi. Op 26 mei 2020 heeft verweerder een pleitnota ingediend. 2.5. Uitspraak is bepaald op heden. 3Feiten en standpunten 3.1 Het Gerecht gaat uit van de volgende vaststaande feiten. Eiser is op (…) geboren te Curaçao en heeft daar tot 1964 gewoond. In 1964 is eiser naar Nederland verhuisd, alwaar hij tot en met 1970 heeft gewoond. Vanaf 1970 is eiser op Sint Maarten woonachtig geweest. Op (…) heeft eiser de leeftijd van 60 jaar bereikt. Sinds 1 januari 2014 woont eiser in Nederland. Bij brief van 25 mei 2001 is aan eiser een ouderdomspensioen toegekend van 88%. Bij brief van 2 januari 2018 is het ouderdomspensioen van eiser met ingang van 1 februari 2014 herzien en vastgesteld op 78%. De reden voor herziening is dat eiser sinds 1 januari 2014 woonachtig is in Nederland. Eiser heeft op 11 februari 2019 bezwaar ingesteld. Op 10 mei 2019 heeft een hoorzitting plaatsgevonden waarvan een verslag is opgemaakt. Op 20 juni 2019 is het bezwaar ongegrond verklaard. Daarbij is overwogen dat eiser niet meer woonachtig is op Sint Maarten met als gevolg dat de vier extra verzekeringsjaren van 1956 tot 1960 niet meer mee mogen tellen voor de berekening van ouderdomspensioen. 3.2 Eiser verzoekt gegrondverklaring van het beroep, vernietiging van de beschikking en zelf in de zaak te voorzien, dan wel verweerder te bevelen tot het opnieuw beschikken op het bezwaar onder verbeurte van dwangsommen in geval van niet nakomen en veroordeling van de proceskosten. 3.3 Verweerder voert gemotiveerd verweer en heeft geconcludeerd tot ongegrondverklaring van het beroep. 3.4 Op de standpunten van partijen wordt hierna voor zover van belang in gegaan. 4De beoordeling 4.1. Het Gerecht overweegt als volgt. Op grond van artikel 5, eerste lid van de Landsverordening Algemene Ouderdomsverzekering (hierna: Lvo AOV) is verzekerd overeenkomstig de bepalingen van deze landsverordening degene, die de leeftijd van 15 jaar, doch niet die van 60 jaar heeft bereikt, indien hij ingezetene is, geen ingezetene is, doch in de inkomstenbelasting wordt aangeslagen als in Sint Maarten wonende belastingplichtige, geen ingezetene is en evenmin geacht kan worden blijvend buiten Sint Maarten te wonen, doch ter zake van buiten Sint Maarten verrichte arbeid wedde of loon geniet ten laste van Sint Maarten, mits hij Nederlander is. Bij de artikelen 40 tot en met 43, die gerubriceerd staan onder het kopje Overgangsbepalingen, worden de zogenoemde fictieve verzekerde jaren geregeld. Op grond van artikel 40, eerste lid van de Landsverordening Algemene Ouderdomsverzekering van de Nederlandse Antillen (hierna: Lvo Oud) wordt degene, die voor het in werking treden van artikel 5 de leeftijd van 15, doch nog niet die van 65 jaar heeft bereikt, en die – al dan niet onafgebroken – gedurende zes jaren na de voleindiging van zijn 54ste levensjaar in de Nederlandse Antillen, Nederland, Suriname of Nederlands Nieuw-Guinea heeft gewoond, voor wat betreft het tijdvak gelegen binnen het bereiken van de leeftijd van 15 jaar en het tijdstip van inwerking treden van deze landsverordening voor de toepassing van het bepaalde in artikel 8, eerste lid, en tweede lid, onder 1°, sub a en b, onder 2°, sub a en b geacht verzekerd te zijn geweest. Op grond van artikel 41, eerste lid heeft degene, die voor of op de dag van het in werking treden van artikel 6 de leeftijd van 65 heeft bereikt en die – al dan niet onafgebroken – gedurende zes jaren na de voleindiging van zijn 54ste levensjaar in de Nederlandse Antillen, Nederland, Suriname of Nederlands Nieuw-Guinea gewoond, heeft recht op ouderdomspensioen. Op grond van artikel 42 komen de voordelen, voortvloeiende uit de artikelen 40 en 41 uitsluitend toe aan degene, die Nederlander is, en in de Nederlandse Antillen woont. Op grond van artikel 43 kan bij landsbesluit, houdende algemene maatregelen, onder daarbij te stellen voorwaarden worden bepaald, dat (
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.