Uitspraakdatum: 16 januari 2023 Zaaknummer: SXM202200046-LAR00010/2022 GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN SINT MAARTEN UITSPRAAK In het geding van:
- BZSE ATTORNEYS AT LAW,
- LAW FACTORY (OPERATIONS) N.V.,
- ZWANIKKEN JURA N.V.,
- SNOW JURA N.V.,
- ATTORNEYS ANONYMOUS B.V.,
- PHAROS LEGAL B.V., eiseressen, gemachtigde: mr. P.P. SOONS, tegen HET MELDPUNT ONGEBRUIKELIJKE TRANSACTIES SINT MAARTEN, gezeteld te Sint Maarten, verweerder, gemachtigden: drs. L.M.I. STELLA en mr. S. KHODABAKS, 1Aanduiding bestreden beschikking De brief van 6 december 2021 behelzende een vordering/verzoek tot het verschaffen van informatie 2Het verloop van de procedure 2.
- Met een op 17 januari 2022 ter griffie van het Gerecht in eerste aanleg alhier ingediend pro-forma beroepschrift (met producties) hebben eiseressen tegen voormelde beschikking beroep ingesteld als bedoeld in artikel 7 van de Landsverordening administratieve rechtspraak (Lar). Op 30 mei 2022 zijn de gronden ingediend. 2.
- Op 21 september 2022 heeft verweerder een verweerschrift (met producties) ingediend. 2.
- Op 21 november 2022 is namens eiseressen aanvullende producties in het geding gebracht. 2.
- Mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden ter zitting van 28 november
- Partijen zijn bij hun gemachtigden voornoemd verschenen en hebben op schrift gestelde pleitaantekeningen voorgedragen en overgelegd. 2.
- Uitspraak is bepaald op heden. 3Feiten 3.
- BZSE is een openbare vennootschap met vijf vennoten die allen rechtspersonen zijn. BZSE is een samenwerkingsverband. 3.
- Het Meldpunt Ongebruikelijke Transacties (hierna: MOT) is een uitvoerende dienst, vallend binnen het ministerie van Justitie. MOT voert zijn taken en werkzaamheden uit in het kader van het voorkomen en bestrijden van witwassen en de financiering van terrorisme. Daartoe is MOT bevoegd tot het verzamelen, registreren, bewerken en analyseren van gegevens die het MOT verkrijgt teneinde daaraan een meerwaarde toe te voegen en te bezien of deze gegevens van belang kunnen zijn voor het voorkomen en bestrijden van witwassen, de financiering van terrorisme, en de hieraan ten grondslag liggende misdrijven. 3.
- In het e-mail bericht van 6 december 2021 is vermeld dat ingevolge artikel 3, lid 2, onder a, LvMOT, verweerder bevoegd is tot het uitoefenen van toezicht op de naleving van de meldingslandsverordeningen door niet-financiële dienstverleners, gericht op voorkoming van witwassen en terrorismefinanciering. Verweerder heeft daartoe een formulier opgesteld om informatie van uiteindelijk begunstigden te verzamelen. Verzocht wordt om het formulier in te vullen. 4Het geschil 4.
- Eiseressen hebben het Gerecht verzocht het beroep gegrond te verklaren, de beschikking waarvan beroep te vernietigen en verweerder op te dragen een nieuwe beschikking te nemen. 4.
- Eiseressen leggen daaraan het volgende ten grondslag. Uit de email, brief en UBO formulier volgt dat MOT van mening is dat BZSE, als niet financiële dienstverlener, het UBO formulier moet invullen. De brief is dus gericht op rechtsgevolg en aan alle vereisten van artikel 3 Lar is voldaan, aldus eiseressen. 4.
- Verweerder heeft gemotiveerd verweer gevoerd en concludeert tot niet- ontvankelijkheid dan wel ongegrondverklaring van het beroep. 4.
- Op de standpunten van partijen wordt voor het overige hierna zo nodig nader ingegaan.
- De beoordeling 5.
- Ingevolge artikel 3, lid 1 van de Lar wordt verstaan onder beschikking: een schriftelijk besluit van een bestuursorgaan inhoudende een publiekrechtelijke rechtshandeling die niet van algemene strekking is. 5.
- Het Gerecht is met verweerder van oordeel dat voormelde brief van 6 december 2021 geen beschikking is in de zin van artikel 3 lid 1 van de Lar. Deze brief is gelet op de bewoording en de inhoud, niet gericht op enig rechtsgevolg. De brief van 6 december 2021 behelst een verzoek tot aanleveren van Ultimate Beneficial Owner (UBO) gegevens van eiseressen. Het verzoek is per brief in een e-mail met een bijgaande UBO formulier gedaan aan alle onder toezicht gestelden, de zogenoemde Designated Non-Financial Businesses and Professions van verweerder. Daarmee is de brief niet op het in het leven roepen van enig rechtsgevolg gericht en is aldus niet aan te merken als een beschikking waartegen beroep ingesteld kon worden. 5.
- Het voorgaande leidt tot de slotsom dat het beroep niet-ontvankelijk is. 6.De beslissing Het Gerecht: verklaart het beroep niet-ontvankelijk. Deze uitspraak is gedaan door mr. J.M. Ghrib, rechter in het Gerecht in eerste aanleg te Sint Maarten, en uitgesproken in het openbaar in tegenwoordigheid van de griffier op 16 januari
- Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open binnen zes weken na de dag van kennisgeving van deze uitspraak. Zie hoofdstuk 5 van de Landsverordening Administratieve Rechtspraak.
🔗 Naar officiële bron
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.