← Nederland

ECLI:NL:OGHACMB:2013:64

HLAR 60795/13 Datum uitspraak: 28 juni 2013 gemeenschappelijk hof van jusTitie van aruba, CURAÇAO, SINT MAARTEN EN VAN BONAIRE, SINT EUSTATIUS EN SABA Uitspraak op het hoger beroep van: de naamloze vennootschap Smitcoms N.V., gevestigd in Sint Maarten; de naamloze vennootschap Sint Maarten Telephone Company N.V., gevestigd in Sint Maarten; de naamloze vennootschap Telcell N.V., gevestigd in Sint Maarten,(hierna: gezamenlijk en in enkelvoud: Smitcoms), appellanten tegen de uitspraak van het Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten van 22 november 2012 in zaak nr. Lar 048/2010, in het geding tussen: appellanten en de minister van Toerisme, Economische Zaken, Verkeer en Telecommunicatie. Procesverloop Bij brief van 15 maart 2010 heeft de minister de naamloze vennootschap Cellular One Communications N.V. (hierna COC) gemaand om binnen één jaar aan de aan haar bij landsbesluit van 18 januari 2003 opgelegde concessieverplichtingen te voldoen en gewaarschuwd dat, indien zij na afloop van die periode nog niet aan die verplichtingen voldoet, tot intrekking van de concessie zal worden besloten. Bij uitspraak van 22 november 2012 heeft het Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten het door Smitcoms daartegen ingestelde beroep niet‑ontvankelijk verklaard. Tegen deze uitspraak heeft Smitcoms hoger beroep ingesteld. De minister heeft een verweerschrift ingediend. Het Hof heeft de zaak ter zitting behandeld op 19 april 2013, waar Smitcoms, vertegenwoordigd door mr. M. Hofman, advocaat, en de minister, vertegenwoordigd door mr. M.N. Hoeve, advocaat, zijn verschenen. Overwegingen

  1. Smitcoms betoogt dat het Gerecht heeft miskend dat de brief van 15 maart 2010 een beschikking inhoudt, waartegen zij beroep kon instellen. 1.
  2. Dat betoog faalt. Het Gerecht heeft met juistheid geoordeeld dat die brief niet meer inhoudt dan een waarschuwing dat tot intrekking van de concessie zal worden besloten, indien COC niet binnen één jaar aan de haar daarbij opgelegde verplichtingen voldoet. Daarmee is die brief niet gericht op het in het leven roepen van enig publiekrechtelijk rechtsgevolg en houdt die geen beschikking in, waartegen beroep ingesteld kon worden.
  3. Het hoger beroep is ongegrond.
  4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing Het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba bevestigt de aangevallen uitspraak. Aldus vastgesteld door mr. J.Th. Drop, voorzitter, en mr. R.W.L. Loeb en mr. P. van Dijk, leden, in tegenwoordigheid van mr. N.A. Martines, griffier. w.g. Drop voorzitter w.g. Martines griffier Uitgesproken in het openbaar op 28 juni 2013 Verzonden: Voor eensluidend afschrift,de griffier,voor deze,

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.