← Nederland

ECLI:NL:OGHACMB:2015:17

HLAR 73436/2015 Datum uitspraak: 9 oktober 2015 gemeenschappelijk hof van jusTitie van aruba, CURAÇAO, SINT MAARTEN EN VAN BONAIRE, SINT EUSTATIUS EN SABA Uitspraak op het hoger beroep van: [Appellante], wonend in Sint Maarten appellante, tegen de uitspraak van het Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten van 30 januari 2015 in zaaknr. Lar 102/2014, in het geding tussen: appellante en de minister van Justitie (hierna: de minister) Procesverloop Bij beschikking van 3 juni 2013 heeft de minister een aanvraag van appellante om haar een vergunning tot verblijf voor bepaalde tijd te verlenen afgewezen. Bij beschikking van 15 mei 2014 heeft de minister het door appellante daartegen gemaakt bezwaar ongegrond verklaard. Bij uitspraak van 30 januari 2015 heeft het Gerecht het door appellante daartegen ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft appellante bij brief hoger beroep ingesteld. Het Hof heeft de zaak ter zitting behandeld op 25 augustus 2015, waar appellante, vertegenwoordigd door mr. B.B. Brooks, advocaat, en de minister, vertegenwoordigd door mr. A.O. Muller, advocaat, zijn verschenen. Overwegingen

  1. In hoger beroep heeft appellante aangevoerd dat zij het heeft ingesteld om al haar rechtsmiddelen uit te putten, zodat zij na een jaar opnieuw een aanvraag om een vergunning tot verblijf voor onbepaalde tijd kan indienen. Zij heeft niet uiteengezet, met welke overwegingen in de aangevallen uitspraak zij zich niet kan verenigen en waarom dat zo is. Aldus heeft zij niet de gronden vermeld, waarop het hoger beroep berust en niet aan het bij artikel 15, vijfde lid, aanhef en onder c, gelezen in verbinding met artikel 77, eerste lid, van de Lar voor het instellen van hoger beroep gestelde vereiste voldaan. Bij brief van 7 mei 2015 is de gemachtigde van appellante in de gelegenheid gesteld dat verzuim binnen een daarvoor gestelde termijn te herstellen. Van deze gelegenheid is geen gebruik gemaakt. Gelet op artikel 22, tweede lid van de Lar, ziet het Hof hierin aanleiding om het hoger beroep niet-ontvankelijk te verklaren.
  2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing Het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba: verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk. Aldus vastgesteld door mr. E.J. van der Poel, voorzitter, en mr. R.W.L. Loeb en mr. A.W.M. Bijloos, leden, in tegenwoordigheid van mr. M.E.B. de Haseth, griffier. w.g. Van der Poel voorzitter w.g. De Haseth griffier Uitgesproken in het openbaar op 9 oktober
  3. Verzonden: Voor eensluidend afschrift,de griffier,voor deze,

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.