HLAR 71232/15 Datum uitspraak: 3 juni 2016 GEMEENSCHAPPELIJK HOF VAN JUSTITIE VAN ARUBA, CURAÇAO, SINT MAARTEN EN VAN BONAIRE, SINT EUSTATIUS EN SABA Uitspraak op het hoger beroep van: de naamloze vennootschap Botica Mia N.V., gevestigd in Curaçao, appellante, tegen de uitspraak van het Gerecht in eerste aanleg van Curaçao van 10 juni 2015 in zaak nr. Lar 2014/71232 in het geding tussen: appellante en de minister van Gezondheid, Milieu en Natuur. Procesverloop Bij beschikking van 18 november 2012 heeft de minister een verzoek van appellante om haar vergunning te verlenen voor het vestigen van een apotheek aan de Santa Rosaweg 354 afgewezen. Bij beschikking van 12 november 2014 heeft de minister het door appellante daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. Bij uitspraak van 10 juni 2015 heeft het Gerecht het door appellante daartegen ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft appellante hoger beroep ingesteld. De minister heeft een verweerschrift ingediend. Appellante heeft nadere stukken ingediend. Het Hof heeft de zaak ter zitting behandeld op 17 maart 2016, waar appellante, vertegenwoordigd door […], bijgestaan door mr. R. Koeijers, advocaat, en de minister, vertegenwoordigd door M. Fernando, V. Bitorina-Eliza en C. Constancia, allen werkzaam in dienst van het land, bijgestaan door mr. T.E. Matroos, ook advocaat, zijn verschenen. Overwegingen Ingevolge artikel 26a, eerste lid, van de Landsverordening op de geneesmiddelenvoorziening is het verboden, middellijk of onmiddellijk, een apotheek te vestigen, te verplaatsen, over te nemen dan wel te drijven, zonder een daartoe door de minister verleende vergunning. Ingevolge het vijfde lid kan de minister aan de vergunning voorwaarden verbinden, de vergunning weigeren of intrekken, indien het belang van de volksgezondheid zulks vordert en voorts indien naar het oordeel van de minister het algemeen belang zulks vordert. Ingevolge het zesde lid beslist de minister niet tot toekenning, weigering of intrekking van een vergunning, als bedoeld in het eerste lid, alvorens een bij landsbesluit in te stellen commissie te hebben gehoord. In deze commissie hebben, naast de Inspecteur, die als voorzitter optreedt, twee of meerdere door het bestuurscollege van het betrokken eilandgebied voorgedragen personen zitting. Bij de uitvoering van haar werkzaamheden neemt de commissie de door de minister vast te stellen regelen in acht, aldus die bepaling. Ingevolge artikel 1, eerste lid, van de Beschikking regels toelating apotheken (hierna: de Beschikking) brengt een adviescommissie, die is ingesteld krachtens artikel 26a, zesde lid, van de Landsverordening op de geneesmiddelenvoorziening ter zake van de beoordeling van aanvragen om een vergunning, als bedoeld in artikel 26a, eerste lid, van die landsverordening, advies uit met inachtneming van de volgende, in overeenstemming met de minister van Gezondheid, Natuur en Milieu nader in te vullen, criteria:het aantal apotheken per aantal inwoners;de geografische spreiding van de apotheken;de verschillende bevolkingsdichtheid per district of wijk; ende planning ten aanzien van de ruimtelijke ordening en economische ontwikkeling per district of wijk. Aan de beschikking van 12 november 2014 heeft de minister een advies van de commissie, als bedoeld in artikel 1 van de Beschikking, van 9 oktober 2014 ten grondslag gelegd. Appellante betoogt dat het Gerecht heeft miskend dat de minister zich ten onrechte op het standpunt heeft gesteld dat met het verlenen van de vergunning niet zou worden voldaan aan het vereiste aantal apotheken per aantal inwoners. Daartoe voert zij aan dat ten tijde van de bestreden beschikking, uitgaande van de toegepaste norm van 1 apotheek per 5000 inwoners, weliswaar geen ruimte was voor vestiging van een nieuwe apotheek, maar inmiddels zes apotheken zijn gesloten, zodat thans wel aan die norm wordt voldaan. 3.1 Dit betoog faalt, reeds omdat op het bezwaarschrift terecht is beslist, uitgaande van de feiten en omstandigheden ten tijde van die beschikking (vergelijk onder meer de uitspraak van het Hof van 30 mei 2005; ECLI:NL:OGHNAA:2005:BF7453) en de minister het aantal op 12 november 2014 in Curaçao bestaande apotheken in aanmerking heeft genomen.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.