Burgerlijke zaken over 2018 Vonnis no.: Registratienummer: KG 155/15 - ghis 81375 - H 360/16 Uitspraak: 6 april 2018 GEMEENSCHAPPELIJK HOF VAN JUSTITIE van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba V O N N I S in kort geding in de zaak van: de naamloze vennootschap [APPELLANT] N.V., gevestigd in Sint Maarten, oorspronkelijk eiseres in coventie, verweerster in reconventie, thans appellante, tegen de naamloze vennootschap [GEÏNTIMEERDE] N.V., gevestigd in Sint Maarten, oorspronkelijk gedaagde in conventie, eiseres in reconventie, thans geïntimeerde, gemachtigde: mr. D.C. Daal. De partijen worden hierna weer [appellant] en [geïntimeerde] genoemd. 1Het verdere verloop van de procedure Bij vonnis van 1 september 2017 heeft het Hof de zaak naar de rol verwezen voor gelijktijdige akten zijdens beide partijen. Er zijn daarna geen akten ingediend. Vonnis is bepaald op heden. 2De verdere beoordeling Het dossier bevat geen aanwijzingen dat er pogingen zijn ondernomen om te bevorderen dat het tussenvonnis van 1 september 2017 [appellant] en [geïntimeerde] zou bereiken, anders dan door het uitspreken van het vonnis op de openbare rolzitting. Daarom dient [appellant] en [geïntimeerde] een nieuwe gelegenheid te worden geboden om de gevraagde akte in te dienen, hetzij door tussenkomst van een advocaat, hetzij zonder die tussenkomst. Met verwijzing naar art. 119 lid 3 jo. art. 280 lid 1 jo. art. 283 lid 2 jo. art. 286 lid 1 Rv zal het Hof een wijze bepalen waarop getracht dient te worden het tussenvonnis van 1 september 2017 en dat van heden ter kennis van [appellant] te brengen. In de desisteerbrief van mr. De la Rosa van 27 januari 2017 is een adres van [appellant] genoemd. Verder bevat het dossier e-mailadressen van [betrokkene 1], die [appellant] kennelijk vertegenwoordigt. B E S L I S S I N G Het Hof: verwijst de zaak naar de openbare rolzitting van het Hof op Sint Maarten van 4 mei 2018 voor gelijktijdige akten aan beide zijden; draagt de griffier op een kopie van het tussenvonnis van 1 september 2017 en dat van heden per post toe te zenden aan: [appellant], [adres], Philipsburg, Sint Maarten, en een scan van het tussenvonnis van 1 september 2017 en dat van heden per e-mail toe te zenden aan: [adres 1]@hotmail.com en aan: [adres 2]@outlook.com en aan: sintmaarten@splawyers.biz in alle gevallen met de mededeling dat het Hof de zaak heeft verwezen naar de openbare rolzitting van het Hof op Sint Maarten van 4 mei 2018 voor gelijktijdige akten aan beide zijden; houdt iedere verdere beslissing aan. Dit vonnis is gewezen door mrs. G.C.C. Lewin, H.J. Fehmers en F.W.J. Meijer, leden van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba en ter openbare terechtzitting van het Hof in Sint Maarten uitgesproken op 6 april 2018 in tegenwoordigheid van de griffier.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.