← Nederland

ECLI:NL:OGHACMB:2019:126

Zaaknummer: H - 29/2019 Parketnummer: 400.00074/17 Uitspraak: 29 mei 2019 Tegenspraak Vonnis gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van het Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, zittingsplaats Bonaire, van 17 januari 2019 (hierna: Gerecht) in de strafzaak tegen de verdachte: [VERDACHTE], geboren op [geboortedatum] [geboortejaar] in de [geboorteplaats], wonende op [woonplaats], [adres]. Hoger beroep Het Gerecht heeft de verdachte bij zijn vonnis ter zake van het onder 1 primair en 2 ten laste gelegde veroordeeld tot een voorwaardelijke geldboete van $ 750,00, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door zesentwintig dagen hechtenis en met een proeftijd van één jaar. De verdachte heeft hoger beroep ingesteld. Onderzoek van de zaak Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting. Het Hof heeft kennisgenomen van de vordering van de procureur-generaal, mr. M.L.A. Angela, en van hetgeen door de verdachte en zijn raadsman, mr. A.T.C. Nicolaas, naar voren is gebracht. De procureur-generaal heeft gevorderd dat het Hof het vonnis waarvan beroep zal bevestigen, behoudens ten aanzien van de straf en – in zoverre opnieuw recht doende – de verdachte zal veroordelen tot een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van twee dagen, met een proeftijd van twee jaren en onder de bijzondere voorwaarde dat de verdachte gedurende veertig uur onbetaalde werkzaamheden in het kader van dienstverlening zal verrichten. De raadsman heeft bepleit dat de verdachte zal worden vrijgesproken van het ten laste gelegde. Vonnis waarvan beroep Het vonnis waarvan beroep kan niet in stand blijven, omdat het Hof tot andere beslissingen komt. Tenlastelegging Aan de verdachte is ten laste gelegd: Feit 1 dat hij, op of omstreeks 15 januari 2017, op het eiland Bonaire, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening weg te nemen, al dan niet uit een weide/kunuku, een of meer stuk(

  1. s)vee, te weten 24 geiten, althans een of meer geit(en), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan naam [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn/haar mededaders, samen met een of meer anderen, voorzien van gereedschap en goederen om een val te maken naar die weide/kunuku is gegaan en/of de plaats voor een val heeft schoongemaakt en/of aldaar een val heeft gemaakt en/of dat vee heeft opgejaagd in de richting van de val en/of het vee heeft tegengehouden en/of verhinderd om een andere richting op te lopen dan waar de val is gelegen en/of het vee heeft vastgebonden en/of dat vee onder zijn/hun bereik heeft gebracht, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid; Subsidiair dat [medeverdachte 1] en/of [echtgenote medeverdachte 1], op of omstreeks 15 januari 2017, op het eiland Bonaire, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, ter uitvoering van het door hem/hen voorgenomen misdrijf om met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening weg te nemen, al dan niet uit een weide/kunuku, een of meer stuk(
  2. s)vee, te weten een of meer geit(en), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan naam [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn/haar mededaders, samen met een of meer anderen, voorzien van gereedschap en goederen om een val te maken naar die weide/kunuku is gegaan en/of de plaats voor de val heeft schoongemaakt en/of aldaar een val heeft gemaakt en/of dat vee heeft opgejaagd in de richting van de val en/of het vee heeft tegengehouden en/of verhinderd om een andere richting op te lopen dan waar de val is gelegen en/of het vee heeft vastgebonden en/of dat vee onder zijn/hun bereik heeft gebracht, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid, tot het plegen van welk misdrijf verdachte toen en aldaar opzettelijk behulpzaam is geweest door samen met die [ medeverdachte 1] en/of [echtgenote medeverdachte 1] in zijn motorrijtuig (dubbel cabine pickup met kentekennummer [KENTEKENNUMMER]) te vervoeren naar de plaats van voornoemd misdrijf en/of (vervolgens) die [ medeverdachte 1] te helpen met het maken van de val voor de geiten en/of de geiten op te jagen om in de richting van de val te gaan en/of door, aldan niet samen met [echtgenote medeverdachte 1], de geiten tegen te houden en/of te verhinderen om een andere richting op te lopen en/of die [ medeverdachte 1] te helpen de geiten vast te binden; Feit 2 dat hij, op of omstreeks 15 januari 2017, op het eiland Bonaire, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen opzettelijk en wederrechtelijk een dier, namelijk een geit, in elk geval enig goed, dat geheel of ten dele aan een ander, te weten aan [slachtoffer 2] toebehoorde, heeft vernield, beschadigd, onbruikbaar gemaakt en/of weggemaakt. Vrijspraak van de feiten 1 primair en subsidiair en 2 Ten aanzien van feit 1 primair en subsidiair Het Hof acht niet wettig en overtuigend bewezen hetgeen aan de verdachte onder 1 primair en subsidiair is ten laste gelegd. Het Hof overweegt daartoe als volgt. Op basis van het voorliggende dossier en het verhandelde ter terechtzitting is niet buiten redelijke twijfel komen vast te staan dat de verdachte wist of heeft kunnen weten dat de geiten die hij samen met de medeverdachten [medeverdachte 1] en diens vrouw [echtgenote medeverdachte 1] ging vangen aan een ander dan aan [medeverdachte 2] en/of [medeverdachte 1] toebehoorden. Medeverdachte [medeverdachte 1] heeft de verdachte gevraagd om hem te helpen om de geiten van [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] op te halen omdat deze waren ontsnapt. Zowel [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] houden of verzorgen geiten in de omgeving. Naar het oordeel van het Hof kon in de gegeven omstandigheden niet van de verdachte worden gevergd dat hij nader onderzoek zou verrichten naar de vraag of de desbetreffende geiten daadwerkelijk van [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] waren. Met inachtneming van hetgeen hiervoor is overwogen is niet buiten redelijke twijfel komen vast te staan dat de verdachte heeft gehandeld met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening van de desbetreffende geiten. Derhalve kan niet wettig en overtuigend bewezen worden verklaard dat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het tenlastegelegde medeplegen van poging tot diefstal van vee uit de weide dan wel medeplichtigheid daaraan. De verdachte zal daarom worden vrijgesproken. Ten aanzien van feit 2 Het Hof acht evenmin wettig en overtuigend bewezen hetgeen aan de verdachte onder 2 is ten laste gelegd. Het Hof overweegt daartoe als volgt. Met inachtneming van hetgeen hiervoor ter toelichting op de vrijspraak ter zake van feit 1 is overwogen, is het Hof van oordeel dat niet buiten redelijke twijfel is komen vast te staan dat de verdachte opzet heeft gehad op de vernieling, te weten de dood, van een geit die niet toebehoorde aan de medeverdachte. BESLISSING Het Hof: vernietigt het vonnis van het Gerecht en doet opnieuw recht; verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte onder 1 primair en subsidiair en 2 ten laste is gelegd en spreekt hem daarvan vrij. Dit vonnis is gewezen door mrs. S. Verheijen, S.A. Carmelia en A.J.M. van Gink, leden van het Hof, bijgestaan door mr. M.D.M. Connor, zittingsgriffier, en op 29 mei 2019 uitgesproken in tegenwoordigheid van de griffier ter openbare terechtzitting van het Hof op Bonaire. Mr. S. Verheijen en de uitspraakgriffier zijn buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.