GEMEENSCHAPPELIJK HOF VAN JUSTITIE van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba BESCHIKKING op het verzoek tot schorsing ex artikel 429p lid 2 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (verder Rv) van: [Appellant], domicilie kiezend ten kantore van de gemachtigde te Aruba, hierna te noemen: de man, oorspronkelijk verweerder, thans appellant, verzoeker tot schorsing, gemachtigde: mr. G.L. Griffith, tegen [Geïntimeerde], wonend in Aruba, hierna te noemen: de vrouw, oorspronkelijk verzoekster, thans geïntimeerde, verweerster tot schorsing, procederend in persoon. 1Het verloop van de procedure 1.1. Bij beroepschrift van 18 december 2020 is de man in hoger beroep gekomen van de tussen partijen op 24 maart 2020 gewezen en uitgesproken beschikking (hierna: de bestreden beschikking) van het Gerecht in eerste aanleg van Aruba (verder: het Gerecht). 1.2. Bij op 21 december 2020 ingekomen afzonderlijk verzoekschrift, heeft de man verzocht de tenuitvoerlegging van de bestreden beschikking te schorsen. 1.3. Bij per e-mail ingediend verweerschrift d.d. 25 mei 2021, heeft de vrouw geconcludeerd tot niet-ontvankelijkverklaring van de man in zijn verzoek, althans tot afwijzing daarvan. 1.4. Op 4 juni 2021 hebben partijen schriftelijke pleitaantekeningen gediend. De daarbij gevoegde producties van de man zullen, nu niet is gebleken dat deze voorafgaand aan de indiening van de pleitaantekeningen aan de vrouw zijn toegezonden, buiten beschouwing worden gelaten. 1.5. Uitspraak is bepaald op heden. 2De beoordeling 2.1. Bij de beoordeling van onder meer een verzoek op de voet van artikel 429p lid 2 Rv geldt hetgeen de Hoge Raad op 20 december 2019 (ECLI:NL:HR:2019:2026) heeft overwogen: a. Uitgangspunt is dat een uitgesproken veroordeling, hangende een hogere voorziening, uitvoerbaar dient te zijn en zonder de voorwaarde van zekerheidstelling ten uitvoer kan worden gelegd. Afwijking van dit uitgangspunt kan worden gerechtvaardigd door omstandigheden die meebrengen dat het belang van de veroordeelde bij behoud van de bestaande toestand zolang niet op het door hem ingestelde rechtsmiddel is beslist, of diens belang bij zekerheidstelling, ook gegeven dit uitgangspunt, zwaarder weegt dan het belang van degene die de veroordeling in de ten uitvoer te leggen uitspraak heeft verkregen, bij de uitvoerbaarheid bij voorraad daarvan of bij deze uitvoerbaarheid zonder dat daaraan de voorwaarde van zekerheidstelling wordt verbonden. b. Bij de toepassing van de onder a genoemde maatstaf in een incident of in kort geding moet worden uitgegaan van de beslissingen in de ten uitvoer te leggen uitspraak en van de daaraan ten grondslag liggende vaststellingen en oordelen, en blijft de kans van slagen van het tegen die beslissing aangewende of nog aan te wenden rechtsmiddel buiten beschouwing, met dien verstande dat de rechter in zijn oordeelsvorming kan betrekken of de ten uitvoer te leggen beslissing(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.