Burgerlijke zaken over 2021 Registratienummers: CUR201902544-CUR2020H00390 Uitspraak: 29 juni 2021 GEMEENSCHAPPELIJK HOF VAN JUSTITIE van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba BESCHIKKING in de zaak van: [APPELLANT], wonende te Curaçao, in eerste aanleg verzoeker, thans appellant, gemachtigde: mr. drs. E. Kleist, tegen de besloten vennootschap KARIBE HULANDA B.V., h.o.d.n. Kura Hulanda, gevestigd te Curaçao, in eerste aanleg verweerster, thans geïntimeerde, gemachtigde: mr. G.B. Steward. De partijen zullen hierna [appellant] en Kura Hulanda worden genoemd. 1Het verloop van de procedure 1.1 Voor de procesgang in eerste aanleg en voor de overwegingen en beslissingen van het Gerecht in eerste aanleg van Curaçao (hierna: het Gerecht) wordt verwezen naar de tussenbeschikking van 24 oktober 2019 (hierna: de tussenbeschikking) en de beschikking van 23 oktober 2020 in de zaak met nummer CUR201902544 (die laatste hierna te noemen: de eindbeschikking). 1.2 Bij akte van hoger beroep, ingediend op 4 december 2020, is [appellant] in hoger beroep gekomen van die beide beschikkingen. Op diezelfde dag heeft [appellant] een memorie van grieven ingediend. 1.3 Op 30 maart 2021 heeft Kura Hulanda een verweerschrift ingediend. 1.4 Bij e-mail van 25 maart 2021 heeft de gemachtigde van [appellant] een zestal producties genummerd 15-20 in het geding gebracht. 1.5 Op 25 mei 2021 heeft de mondelinge behandeling plaatsgevonden. Verschenen zijn [appellant] vergezeld van zijn gemachtigde, en namens Kura Hulanda [naam 1], directrice, en [naam 2], HR-medewerkster, vergezeld van de gemachtigde van Kura Hulanda. Zij allen hebben het woord gevoerd, de gemachtigde van [appellant] aan de hand van pleitaantekeningen, en vragen van het Hof beantwoord. 1.6 Beschikking is gevraagd en bepaald op heden. 2De feiten 2.1 In hoger beroep kan worden uitgegaan van de volgende, door het Gerecht onder 2.2 tot en met 2.10 van de tussenbeschikking vastgestelde, feiten. 2.2 [ appellant], thans 57 jaar, is op 14 maart 2014 in dienst getreden van Kura Hulanda in de functie van maintenance manager tegen een brutoloon van NAf 4.500,- per maand. 2.3 Bij e-mail van 3 december 2018 heeft [appellant] onder meer het volgende aan de general manager van Kura Hulanda geschreven: “GM I need your opinion for this matter… Our neighbor [buurman] came in generously asking for cooperation, if we can open the gate ([adres], early in the morning and closed gate at 4pm), for these Days because they are started to work repairing the House bay now,” 2.4 De general manager heeft daarop bij e-mail van 5 december 2018 als volgt gereageerd: “[appellant] – I do not find we have to pen any gate. They can repair form their own area.” 2.5 Op 19 januari 2019 heeft een incident plaatsgevonden waarbij [appellant] en de buurman van het hotel [buurman] in een fysiek gevecht zijn geraakt. De politie is ter plekke aanwezig geweest. 2.6 Bij e-mail van 20 januari 2019 heeft [appellant] de general manager naar aanleiding van het incident verzocht om maatregelen te nemen om te zorgen voor een veilige werkomgeving voor hem en zijn collega’s. In de e-mail heeft hij tevens andere zaken aan de orde gesteld, zoals het ontbreken van een voertuig om werkmaterialen te vervoeren en een airco in zijn kantoor die het al achttien maanden niet deed. 2.7 Op 23 januari 2019 heeft [appellant] een schriftelijke verklaring ingeleverd over het incident en wat daaraan voorafging. Daarin heeft hij wederom verzocht om maatregelen te nemen om te voorkomen dat de buurman weer problemen met hem zou zoeken. 2.8 Op 23 januari 2019 is [appellant] op staande voet ontslagen. Een brief van die datum van Kura Hulanda aan [appellant] luidt – voor zover van belang – als volgt: “[…] On January 19th , 2019 you got involved in a discussion, at your working place, with the neighbor next door, regarding work related matters. Unfortunately, the discussion escalated on [adres] where both parties, notwithstanding who started first, made physical contact. The police officer was present and indicated two both parties (your person and the neighbor) that each one of you will be imprisoned if this case is reported (Aangifte). To avoid further issues you have been sent home immediately. Please be reminded that you have breached our rules and regulations by allowing yourself to get into a physical fight with the above person on property. The above behavior is certainly not what we expect and accept from any team member, especially from a Manager. It is needless to say, that work related matters that causes discussion and or remain unsolved must be simply taken to the next level. That would have been the path to follow. Important to also note that based on article 1615p Lid 1, Sub 5 the latter mentioned incident is a reason for immediate dismissal. Looking back, we have not tolerated behaviors which entails, threat, physical contact etc. in the past by anyone. These are all grounds based by law for immediate dismissal as indicated earlier. Therefore, [appellant], we cannot overlook this incident and have to unfortunately terminate the working agreement with your person per immediate. Your final settlement in such case includes your worked days in January 2019 and your outstanding vacation days accumulated as of January 31, 2019, namely 8.75 days. […]” 2.9 [ appellant] is vanaf het incident tot in de maand mei 2019 arbeidsongeschikt verklaard. 2.10 Nadat [appellant] eerder al per e-mail de nietigheid van het ontslag had ingeroepen en loondoorbetaling had verzocht, heeft hij bij brief van 20 maart 2019 nogmaals de nietigheid van het ontslag ingeroepen. Tevens heeft hij wedertewerkstelling en loondoorbetaling, vermeerderd met de wettelijke verhoging en wettelijke rente gevorderd, en Kura Hulanda aansprakelijk gehouden voor de door hem geleden en nog te lijden schade. 3De beoordeling 3.1 De beslissing waartegen [appellant] appel heeft ingesteld, is een beschikking. Daartegen kan beroep worden ingesteld door een beroepschrift. Het Hof zal de memorie van grieven als zodanig opvatten en aan dat processtuk hierna ook refereren als: het beroepschrift. 3.2 Het beroepschrift is tijdig en op de juiste wijze ingediend, zodat [appellant] in zijn appel ontvankelijk is. 3.3 [ appellant] heeft in eerste aanleg na wijziging van zijn verzoek verzocht – zakelijk weergegeven – het hem door Kura Hulanda verleende ontslag op staande voet nietig te verklaren, te bepalen dat hij in ieder geval recht heeft op doorbetaling van loon vermeerderd met rente tot het moment dat de arbeidsovereenkomst op rechtsgeldige wijze zal zijn beëindigd en voor zover de arbeidsrelatie moet worden ontbonden, deze alsnog te ontbinden maar niet met terugwerkende kracht en onder toekenning van een redelijke vergoeding en met veroordeling van Kura Hulanda in de kosten van deze procedure. 3.4 In de bestreden beschikking heeft het Gerecht het verzoek van [appellant] afgewezen met veroordeling van [appellant] in de proceskosten. Hiertegen richt zich het hoger beroep. 3.5 In zijn beroepschrift heeft [appellant] drie grieven aangevoerd en toegelicht en geconcludeerd: “(I) de aangevallen beschikkingen geheel te vernietigen nu de Eerste Rechter ten onrechte het ontslag op staande voet rechtsgeldig heeft geoordeeld en, opnieuw recht doende, de vorderingen van [appellant] zoals verwoord in zijn verzoek in eerste aanleg alsnog toe te wijzen; (II) voor het geval Uw Hof van mening mocht zijn dat de arbeidsovereenkomst moet worden ontbonden, deze te ontbinden met toekenning aan [appellant] van een in goede justitie te bepalen ontbindingsvergoeding vermeerderd met de wettelijke rente te rekenen vanaf de dag van ontbinding; (III) Kura Hulanda te veroordelen in de kosten van beide instanties; (IV) [appellant] toestemming te verlenen kosteloos te mogen procederen.” 3.6 Gezien het overgelegde bewijs van onvermogen van 30 november 2020 zal het Hof [appellant] toestemming verlenen kosteloos te procederen. 3.7 Volgens artikel 7A:1615o Burgerlijk Wetboek van Curaçao (BWC) is voor een rechtsgeldig ontslag op staande voet vereist een dringende reden, die onverwijld is medegedeeld aan de wederpartij. Artikel 7A:1615p BWC bevat een uitwerking van wat voor de werkgever als dergelijke dringende redenen worden beschouwd. [appellant] voert aan dat niet is voldaan aan deze vereisten en dat daarom het ontslag op staande voet hem niet rechtsgeldig is gegeven. 3.8 Het Hof stelt voorop dat Kura Hulanda als exploitant van een hotel er groot belang bij heeft dat haar gasten niet worden geconfronteerd met incidenten als vechtpartijen. Dat zou gasten immers kunnen afschrikken. Dat belang heeft zij ook tot uitdrukking gebracht door in haar reglement (aanvankelijk het “Reglamentu di trabou” en later het “Employee House Rules Booklet”) gedragsregels op te nemen die voorschrijven dat werknemers zich netjes en ordelijk gedragen. [appellant] heeft niet betwist dat deze reglementen aan hem zijn uitgereikt en van toepassing zijn op de arbeidsrelatie van hem met Kura Hulanda. Daardoor was hij dus bekend met de desbetreffende bepalingen. 3.9 Aan het verleende ontslag op staande voet heeft Kura Hulanda blijkens haar brief van 23 januari 2019 (r.ov. 2.8) ten grondslag gelegd dat [appellant] met [buurman] in een fysiek gevecht is geraakt. Anders dan het Gerecht, leest het Hof daarin dus niet het verwijt dat [appellant] het gevecht met [buurman] heeft uitgelokt. Gezien deze bewoordingen heeft Kura Hulanda naar het oordeel van het Hof voldoende duidelijk omschreven dat de reden voor het ontslag was gelegen in het gevecht met [buurman] op 19 januari
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.