Burgerlijke zaken over 2021 Vonnis no.: Registratienummers: SXM201801460 - SXM2020H00006 Uitspraak: 27 juli 2021 GEMEENSCHAPPELIJK HOF VAN JUSTITIE van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba V O N N I S in de zaak van:
- de naamloze vennootschap LARRY RENTAL CAR N.V., gevestigd in Sint Maarten, hierna: LRC,
- [APPELLANT 2], wonende in Sint Maarten, hierna: [appellant 2], in eerste aanleg gedaagden in conventie, eisers in reconventie, thans appellanten, gemachtigden: mrs. H.S. Kockx en P.A.M. Brandon, tegen [GEINTIMEERDE], wonende in Sint Maarten, in eerste aanleg eiser in conventie, verweerder in reconventie, thans geïntimeerde, hierna: [geïntimeerde], gemachtigden: mrs. A.R. de Groot en M.N. Hoeve.
- Het verloop van de procedure 1.
- Bij akte van appel, ingekomen op 14 januari 2020, zijn LRC en [appellant 2] in hoger beroep gekomen van het tussen partijen gewezen en op 10 december 2019 uitgesproken vonnis van het Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten (hierna: het Gerecht). 1.2 Op diezelfde dag, 14 januari 2020, is een memorie van grieven ingekomen waarbij LRC en [appellant 2] grieven tegen het bestreden vonnis hebben aangevoerd en toegelicht en hebben geconcludeerd dat het Hof dat vonnis zal vernietigen en, opnieuw rechtdoende, de vordering in conventie van [geïntimeerde] zal afwijzen en de vordering in reconventie van LRC en [appellant 2] zal toewijzen, met veroordeling van [geïntimeerde] in de kosten van de beide instanties. 1.3 Bij een op 25 mei 2020 ingediende memorie van antwoord heeft [geïntimeerde] het appel bestreden, met als conclusie dat het Hof het bestreden vonnis zal bevestigen, met veroordeling van LRC en [appellant 2] in de kosten van de procedure in hoger beroep. 1.4 Op de rol van 26 maart 2021 hebben partijen schriftelijke pleitnoties ingediend, waarbij LRC en [appellant 2] producties in het geding hebben gebracht. 1.5 Vonnis is gevraagd en nader bepaald op vandaag.
- De beoordeling 2.1 Het Hof ziet aanleiding om een comparitie te gelasten om nadere inlichtingen te verkrijgen en de zaak met partijen te bespreken, onder meer waar het gaat om de verdeling van de schuld aan de aanrijding, de omvang van de gestelde schade (dit mede naar aanleiding van het commentaar dat LRC en [appellant 2] bij schriftelijk pleidooi in appel hebben gegeven op de door [geïntimeerde] overlegde factuur) en de wenselijkheid en mogelijkheid om over dit voorval uit december 2017 nog getuigen te laten horen. Tegen die achtergrond zal ook worden bezien of een schikking mogelijk is. 2.2 De beide zittingsdagen van het Hof in Sint Maarten op 26 en 27 augustus 2021 zijn al volledig “volgepland”, maar de comparitie zou met instemming van partijen enkelvoudig kunnen plaatsvinden ten overstaan van mr. De Boer op donderdag 19 augustus 2021 om 15.00 uur. Een ander alternatief om de zaak op wat kortere termijn te laten behandelen, maar dan meervoudig, is een behandeling via een videoverbinding tussen Curaçao en Sint Maarten. Voor een meervoudige behandeling in Sint Maarten zal pas plaats (kunnen) zijn op de volgende dienstreis van het Hof in december
- 2.3 Partijen wordt verzocht om binnen twee weken na vandaag (dus uiterlijk op 10 augustus 2021) het Hof ([e-mail adres]) te laten weten of zij instemmen met een enkelvoudige behandeling op 19 augustus
- 2.4 Verder wordt iedere beslissing eerst aangehouden. B E S L I S S I N G Het Hof: gelast een comparitie van partijen op een nader te bepalen tijdstip, ten overstaan van van het Hof in een nader te bepalen samenstelling, om de zaak met partijen te bespreken, nadere inlichtingen te verkrijgen en een schikking te beproeven; houdt iedere verdere beslissing aan. Deze beschikking is gegeven door mrs. M.W. Scholte, F.W.J. Meijer en J. de Boer, leden van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba en ter openbare terechtzitting van het Hof in Sint Maarten uitgesproken op 27 juli 2021 in tegenwoordigheid van de griffier.