Burgerlijke zaken over 2025 Registratienummers: BON202400485 - BON2024H00047 en BON2024H00048 - BON202400510 Uitspraak: 19 augustus 2025 GEMEENSCHAPPELIJK HOF VAN JUSTITIE van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba B E S C H I K K I N G in de zaak van: [de man], wonende in [woonplaats], in eerste aanleg verzoeker, thans appellant, hierna: de man, procederend zonder gemachtigde, tegen [de vrouw], wonende in [woonplaats], in eerste aanleg verweerster, thans geïntimeerde, hierna: de vrouw, gemachtigde: mr. M.M.A. van Lieshout. belanghebbende: [de minderjarige] (hierna de minderjarige), geboren op [geboortedatum] 2009 in [geboorteplaats]. 1Het verloop van de procedure 1.1 Bij op 18 december 2024 ingekomen beroepschrift, met producties, is de man in hoger beroep gekomen van de tussen partijen gewezen mondelinge uitspraak van 4 december 2024 (vastgelegd in een proces-verbaal dat is vastgesteld op 10 december 2024) van het Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Saba en Sint Eustatius, zittingsplaats Bonaire (hierna: het Gerecht). Hierbij heeft de man bezwaren tegen de beschikking aangevoerd en toegelicht. Zijn conclusie strekt ertoe (zo begrijpt het Hof) dat het Hof de uitspraak zal vernietigen en zijn verzoeken alsnog zal toewijzen. 1.2 Bij verweerschrift in hoger beroep, met een productie heeft de vrouw verweer gevoerd. Haar conclusie strekt ertoe dat het Hof de bestreden beschikking zal bevestigen, met veroordeling van in de proceskosten in beide instanties. 1.3 De man heeft op 9 mei 2025, op 1 juni 2025, op 4 juni 2025, op 16 juni 2025, op 17 juni 2025 en op 18 juni 2025 mailberichten verstuurd aan het Hof en de wederpartij. 1.4 Op 23 juni 2025 heeft een mondelinge behandeling door het Hof plaatsgevonden in het gerechtsgebouw in Bonaire. Aldaar zijn partijen beiden verschenen, de vrouw bijgestaan door haar gemachtigde. Namens de Voogdijraad was [medewerker Voogdijraad] aanwezig. Partijen hebben hun standpunten nader toegelicht en vragen van het Hof beantwoord. 1.5 Voorafgaand aan de zitting heeft de voorzitter een gesprek gehad met de minderjarige. 1.6 Beschikking is aangezegd en nader bepaald op vandaag. 2De feiten 2.1 Partijen zijn in Bonaire op 19 december 2008 met elkaar gehuwd in gemeenschap van goederen. Uit het huwelijk is de minderjarige geboren. 2.2 Bij beschikking van 21 januari 2015 (2014:E28, hierna de echtscheidingsbeschikking) heeft het Gerecht de echtscheiding tussen partijen uitgesproken en is de man (onder meer) veroordeeld tot betaling van USD 1.000 per maand als bijdrage in de kosten van levensonderhoud van de minderjarige (kinderalimentatie) en USD 2.000 per maand als bijdrage in het levensonderhoud van de vrouw (partneralimentatie voor de vrouw). Deze beschikking is op 12 maart 2015 ingeschreven in de registers van de Burgerlijke Stand. 2.3 In 2015 heeft de man gedurende een aantal maanden alimentatie betaald ten behoeve van de minderjarige. In de loop van dat jaar is hij daarmee gestopt. De man heeft daarna meerdere verzoeken ingediend tot nihilstelling van de kinderalimentatie maar die zijn steeds afgewezen. Dat gebeurde voor het laatst door het Hof in een beschikking van 15 december 2020 (BON2019H00034). 2.4 De man heeft nooit alimentatie betaald ten behoeve van de vrouw. Bij beschikking van 22 september 2017 (EJ 64) heeft het Gerecht het verzoek van de man tot nihilstelling van de partneralimentatie toegewezen met ingang van 1 september
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.