ECLI:NL:OGHNAA:2009:BK0011
Registratienrs. AR 1436/03 – H. 365/04 Uitspraak: 22 september 2009 VONNIS GEWEZEN DOOR HET GEMEENSCHAPPELIJK HOF VAN JUSTITIE VAN DE NEDERLANDSE ANTILLEN EN ARUBA In de zaak van: [man], wonende in Aruba, oorspronkelijk eiser, thans appellant, gemachtigde: mr. M.M. Malmberg, tegen [vrouw], wonende in Aruba, oorspronkelijk gedaagde, thans geïntimeerde, thans procederend in persoon, andere belanghebbende: [curator], curator over appellant, benoemd bij beschikking van het GEA van 4 juli 2002, EJ 197/01.
Partijen worden hierna wederom aangeduid met de man en de vrouw.
1.2. De vrouw heeft bij brief, ingekomen ter griffie van het GEA op 14 augustus 2009, medegedeeld niet te kunnen voldoen aan de haar opgedragen bewijslevering en het Hof gevraagd uitspraak te doen.
1.3. Uitspraak is bepaald op heden.
2.2. Uit het voorgaande volgt dat het bestreden vonnis moet worden vernietigd en dat de inleidende vordering van de man tot nietigverklaring van het huwelijk moet worden toegewezen.
2.3. Gelet op de hoedanigheid van partijen en de aard van het geschil worden de kosten van deze procedure in beide instanties gecompenseerd.
Dit vonnis is gewezen door mr. L.C. Hoefdraad, President, en mrs. J. de Boer en J.R. Sijmonsma, leden van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba en uitgesproken ter openbare terechtzitting in Aruba van 22 september 2009 in aanwezigheid van de griffier.