Mr Jörg Nr. 00339/01 Zitting 29 januari 2002 Conclusie inzake: [verzoeker = verdachte]
(2)dat ook [slachtoffer] niet als rechthebbende op dat geld wordt beschouwd. Gelet op het gevoerde verweer, de gegeven verklaring van herkomst en in aanmerking genomen dat het geld onder verzoeker in beslag is genomen, had het hof nader moeten motiveren op grond waarvan de bewaring van dat Nederlandse geld ten behoeve van de destijds onbekende rechthebbende werd gelast (vgl. HR 6 maart 2001, nr 02157/00, dat alleen in die zin van de onderhavige zaak verschilt dat in die zaak een rechthebbende niet viel aan te wijzen, en in de onderhavige zaak thans niet. Dit verschil komt mij niet cruciaal voor). Het middel, dat hierover klaagt, slaagt derhalve.
- Het middel is gegrond. Ambtshalve heb ik geen andere gronden aangetroffen waarop Uw Raad de aangevallen beslissing zou moeten vernietigen.
- Deze conclusie strekt tot vernietiging van de bestreden uitspraak, doch uitsluitend ten aanzien van de beslissing met betrekking tot de inbeslaggenomen som gelds ter grootte van f. 10.425,--, en tot verwijzing van de zaak naar een aangrenzend hof teneinde ten aanzien van die beslissing opnieuw te worden berecht en afgedaan. De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden AG