Nr. 08/05038 Mr. Vellinga Zitting: 14 september 2010 Conclusie inzake: [Verdachte]
(2)Zonder nadere motivering, die ontbreekt, valt immers niet in te zien hoe uit het enkel uit handen van de eigenaar van het wapen even vasthouden van dat wapen en die munitie kan worden afgeleid dat verdachte met het oog op dat voorhanden hebben van dat wapen en die munitie bewust en nauw met de eigenaar van het wapen en de munitie heeft samengewerkt.
- Ter zijde merk ik nog op dat het Hof in het kader van zijn motivering met betrekking tot de vrijspraak voor feit 1 - welke vrijspraak niet aan het oordeel van de Hoge Raad is onderworpen - heeft overwogen dat niet aannemelijk is geworden dat het wapen mede is aangeschaft door verdachte, dan wel dat zij daarvan vooraf op de hoogte was of daar financieel aan heeft bijgedragen.
- Het middel slaagt.
- Ambtshalve heb ik geen gronden aangetroffen waarop het bestreden arrest zou dienen te worden vernietigd.
- Deze conclusie strekt tot vernietiging van het bestreden arrest voor wat betreft het onder 2 bewezenverklaarde en de strafoplegging, en in zoverre tot terugwijzing naar het Hof dan wel verwijzing naar een aangrenzend Hof teneinde op het bestaande hoger beroep opnieuw te worden berecht en afgedaan, met verwerping van het beroep voor het overige. De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden AG 1 Zie D.H. de Jong en H.G.M. Krabbe, De Wet Wapens en Munitie, een strafrechterlijk commentaar, Samsom H.D. Tjeenk Willink 1989, p. 80-96 en de daar genoemde jurisprudentie. Zie voorts wat betreft de tweede voorwaarde HR 26 januari 1999, NJ 1999, 537, m.nt. T.M. Schalken en HR 2 februari 2010, LJN BK6138, NJ 2010,
- 2 Zie voor een geval waarin het bewijs van het medeplegen van het voorhanden hebben van het vuurwapen wel geleverd werd geacht HR 7 juli 2009, LJN BI3888, NJ 2009, 389, m. nt. M.J. Borgers. In het daar berechte geval lag het wapen voor de stoel van de bestuurder maar zei niet alleen de bestuurder maar ook de bijrijder (de verdachte) aan de politie niet te weten van wie de auto was, waarin zij hadden gereden, en liepen zij weg.