Nr. 10/04345 Mr Jörg Zitting 15 november 2011 Conclusie inzake: [Verzoeker = verdachte]
(1)gezonden aan de politie Utrecht (district Lekstroom, wijkteam Vianen) met onder meer de volgende woorden: - "[betrokkene 1] haar smoel wordt ingeslagen" - "uiteraard nadat de hechtingen in kankerhoer haar rotbek genaaid zijn", zijnde de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet voltooid". Verzoeker heeft bekend de brief te hebben geschreven.
- Terecht wordt in de toelichting opgemerkt dat poging pas kan worden aangenomen indien het voornemen van de dader zich door een begin van uitvoering heeft geopenbaard. Voornemen bij poging is niet anders dan opzet, eventueel in voorwaardelijke vorm.
- Door het schrijven van en toezenden van de bewuste brief aan de politie - die in het kader van de hulpverleningstaak de geadresseerde op de hoogte had kunnen stellen van de bij de politie binnengekomen, weinig opbeurende, tekst - heeft verzoeker zijnerzijds alles gedaan wat nodig was om de bedreiging eventueel bij het slachtoffer bekend te krijgen. Voor de voltooiing van het delict, in de zin dat het slachtoffer van de bedreiging op de hoogte zou komen, was hij geheel afhankelijk van het optreden van de politie. Ten aanzien van verzoeker is de poging dus voltooid: alleen indien hij onverwijld na de toezending van de brieven deze bij de politie had teruggevraagd zou men anders kunnen redeneren. De kans dat het slachtoffer van de bedreiging op de hoogte zou geraken was aanmerkelijk en heeft verzoeker welbewust op de koop toegenomen.
- Beide middelen falen en kunnen worden afgedaan met de aan art. 81 RO ontleende overweging. Ambtshalve gronden waarop Uw Raad de aangevallen beslissing zou moeten vernietigen heb ik niet aangetroffen.
- Deze conclusie strekt tot verwerping van het beroep. De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden A-G 1 In de bewezenverklaring ontbreekt een hulpwerkwoord.