Nr. 12/02638 Mr. Machielse Zitting 27 november 2012 Conclusie inzake: [Verdachte]
(2)Nu het hierboven geciteerde faxbericht niet inhoudt dat zo een volmacht aan een griffiemedewerker wordt verleend of zelfs maar wordt verzocht namens verdachte beroep in cassatie in te stellen waarin eventueel een volmacht zou kunnen worden gelezen, dient verdachte niet-ontvankelijk te worden verklaard in het cassatieberoep.
- Ook indien de Hoge Raad hierover anders mocht oordelen, kan verdachte niet worden ontvangen in het cassatieberoep. De aanzegging op de voet van het eerste lid van artikel 435 Sv is op 21 juni 2012 aan verdachte in persoon betekend. De in het tweede lid van artikel 437 Sv genoemde termijn van twee maanden voor indiening van de cassatieschriftuur eindigde derhalve op 20 augustus
- Binnen deze termijn is geen schriftuur van verdachte ter administratie van de Hoge Raad ontvangen.
- Deze conclusie strekt tot niet-ontvankelijk verklaring van verdachte in zijn beroep. De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden 1 Er bestaat samenhang tussen onderhavige zaak en de zaak met nummer 12/01221 ([medeverdachte]). In beide zaken zal ik vandaag concluderen. 2 HR 22 december 2009, LJN: BJ7810, NJ 2010, 102 m.nt. Borgers; HR 20 maart 2012, LJN: BV6999, NJ 2012, 426 m.nt. Bleichrodt