Nr. 12/04136 A Mr. Vegter Zitting 12 maart 2013 (bij vervroeging) Conclusie inzake: [Verdachte]
(2)De raadsman ter zitting heeft in ieder geval het belang van een verhoor van de getuige ook niet aanstonds herkend. Immers uit het proces-verbaal van de zitting blijkt niet dat hij het verzoek tot het horen van de getuige alsnog heeft gedaan, laat staan dat hij het alsnog heeft onderbouwd. 7.
- Het middel kan niet tot cassatie leiden.
- De middelen kunnen worden afgedaan met de aan art. 81 RO ontleende motivering. Ambtshalve heb ik geen gronden aangetroffen die tot vernietiging van het bestreden arrest behoren te leiden.
- Deze conclusie strekt tot verwerping van het beroep. De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden 1 Vgl. HR 13 juli 2010, LJN BM2452, NJ 2010/515 en bijv. HR 5 oktober 2010, LJN BN1728, NJ 2010/612 m.nt. Borgers. 2 A.J.A. van Dorst, Cassatie in strafzaken, 7e druk, p. 192.