PROCUREUR-GENERAAL BIJ DE HOGE RAAD DER NEDERLANDEN Nummer 19/03632 B Zitting 10 december 2019 CONCLUSIE T.N.B.M. Spronken In de zaak [klaagster 10], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1975, hierna: de klaagster 1Inleiding 1.1. Bij beschikking van 28 mei 2019 heeft de Rechtbank Midden-Nederland, zittingsplaats Utrecht, beslist tot gegrondverklaring van het door klaagster ingestelde beklag met betrekking tot drie in de beschikking aangeduide goederen en de teruggave aan klaagster daarvan gelast. Voorts heeft de rechtbank het beklag per 28 juni 2019 gegrond verklaard met betrekking tot zeven andere inbeslaggenomen goederen “indien daarover op 28 juni 2019 door het OM nog geen beslissing is genomen” en daarvan ook de teruggave gelast “indien daarover op 28 juni 2019 door het OM nog geen beslissing is genomen”. Ten slotte heeft de rechtbank klaagster niet-ontvankelijk verklaard in haar beklag ten aanzien van de overige goederen op bijlage I, als nader in de beschikking aangegeven. 1.2. Er bestaat samenhang met negen andere zaken. In deze zaken zal ik vandaag ook concluderen. 1.3. Uit de gedingstukken blijkt dat het in deze zaak en in de samenhangende zaken gaat om het volgende. In het kader van een strafrechtelijk onderzoek naar de motorclub ‘[A] MC’ hebben bij een grootschalige actie op 21 november 2018 op 40 locaties doorzoekingen plaatsgevonden, waarbij naast andere goederen, in totaal ongeveer 700 digitale gegevensdragers in beslag zijn genomen. Het onderzoek door politie en justitie naar de inbeslaggenomen gegevensdragers richt zich op het uitlezen daarvan en de (mogelijke) communicatie tussen klagers en degenen die in dit onderzoek als verdachte zijn aangemerkt. Het gaat daarbij om twee verdachten, een bestuurder van de motorclub, [betrokkene 1] (bijnaam: [betrokkene 1]) en [betrokkene 2]. Zij worden verdacht van deelname aan een criminele organisatie en betrokkenheid bij de liquidatie van [betrokkene 3]. Met betrekking tot de liquidatie zijn eerder vier verdachten aangehouden, waarvan drie lid van de motorclub [A]. 1.4. De rechtbank heeft, zoals gezegd, in de onderhavige zaak bij beschikking van 28 mei 2019 het beklag op grond van art. 552a Sv tegen de inbeslagneming van zeven gegevensdragers onder de klaagster gegrond verklaard per 28 juni 2019, indien daarover op die datum door het openbaar ministerie nog geen beslissing tot teruggave is genomen. 1.5. Het cassatieberoep is ingesteld namens het openbaar ministerie en mr. H.H.J. Knol, plaatsvervangend officier van justitie bij het arrondissementsparket Midden-Nederland, heeft één middel van cassatie voorgesteld. Namens klaagster heeft mr. M.R. Mantz, advocaat te Den Haag, het middel tegengesproken. 2Het oordeel van de rechtbank 2.1. De beschikking van de rechtbank houdt onder meer het volgende in: “ “De rechtbank gaat bij de beoordeling van het onderhavige beklag uit van de navolgende feiten en omstandigheden: “ 1. onder klaagster is op 21 november 2018 op locatie [j-straat 1] te [plaats] een (groot) aantal goederen in beslag genomen (zie beslaglijst die als bijlage I is gevoegd); “ 2. klaagster heeft geen afstand gedaan van hetgeen in beslag is genomen. “ (…) “ Overwegingen “ De raadsman van klaagster heeft aangevoerd dat haar ex-man [betrokkene 7] niets te maken heeft met de inbeslaggenomen goederen De goederen zijn van klaagster en deels van haar kinderen. Haar persoonlijke belangen dienen zwaarder te wegen dan andere belangen, waar onder het onderzoeksbelang omdat deze goederen niets zullen bijdragen aan het onderzoek. Ter zitting heeft de raadsman verzocht het klaagschrift gegrond te verklaren, met dien verstande dat indien het strafvorderlijk belang dermate groot is, de gegevensdragers met spoed dienen te worden uitgelezen. “ Voorts heeft de raadsman aangegeven dat er twee laptops (waar onder een Acer tablet) volgens de officier van justitie al wel teruggegeven zouden zijn, maar dat klaagster deze nog niet heeft ontvangen. “ Van de volgende goederen heeft klaagster afstand gedaan: “ AL.06.01.001 rugzak met diverse goederen “ AL.06.01.001.001 mobiele telefoon Samsung “ AL.06.01.001.002 Volvo sleutel “ AL.06.01.001.003 Harley Davidson motorsleutel “ AL.06.01.001.004 4 mappen administratie “ AL.06.01.001.005 verlopen paspoort [betrokkene 7]. “ De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat ten aanzien van een groot aantal goederen er op dit moment nog een onderzoeksbelang is. Dat maakt dat het OM zich verzet tegen de teruggave van: “ AL.02.01.013 Nokia “ AL.02.01.014 Nokia “ AL.02.02.004 Samsung Movistar “ AL.02.02.005 Nokia “ AL.04.01.001 Samsung “ AL.04.02.001 Acer computer “ AL.02.02.006 blackberry mobiel “ Bovenstaande digitale gegevensdragers konden niet volledig worden uitgelezen. Aangezien er nog geen inhoudelijk onderzoek plaats heeft kunnen vinden aan deze goederen, is het onderzoeksbelang nog onverkort van kracht. Het onderzoek richt zich op communicatie tussen klagers en verdachten in het onderzoek. “ Ter zitting heeft de officier van justitie aangegeven dat alle gegevensdragers (tussentijds) zullen worden teruggegeven als deze zijn onderzocht. De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat het klaagschrift voor wat betreft deze goederen vooralsnog ongegrond dient te worden verklaard. “ De volgende goederen kunnen volgens de officier van justitie geretourneerd worden aan klaagster: “ AL.01.03.001 tablet Acer “ AL.01.05.002 Playstation 4 “ AL.02.01.005 LG. “ De volgende goederen staan volgens de officier van justitie wel op de beslaglijst maar zijn nooit daadwerkelijk inbeslaggenomen: “ AL.02.02.001 2 papiertjes met administratie “ AL.02.02.002 3 zakken met sleutels “ AL.02.02.003 blauwe zwarte Nokia gsm zonder batterij met sim “ AL.06.02.001 dvd spel met daarin papiertje met accountnaam en ww “ AL.07.01 18 t-shirts met […] MC opdruk en een jack. “ Wat betreft de overige goederen op bijlage I dient het klaagschrift volgens de officier van justitie niet-ontvankelijk te worden verklaard, omdat deze goederen zijn of worden geretourneerd aan klaagster. “ De rechtbank overweegt dat na verkregen machtiging van de rechter-commissaris te Den Haag een groot aantal huiszoekingen zijn gedaan in het kader van een grootschalig onderzoek dat zich richt op de verdenking dat [A] MC een criminele organisatie is. In dat kader zijn als verdachten [betrokkene 1] en [betrokkene 2] aangehouden. In hoger beroep zijn door het Gerechtshof te Den Haag geen ernstige bezwaren aangenomen voor voornoemde verdenking. Over de redenen dat bij klaagster huiszoeking is gedaan is in het kader van het onderzoeksbelang geen mededeling gedaan. Klaagster is en wordt evenwel tot op de dag van vandaag niet als verdachte in dit onderzoek aangemerkt. Hetgeen van de zijde van het openbaar ministerie is aangevoerd rechtvaardigt naar het oordeel van de rechtbank niet veel langer de conclusie dat het belang van strafvordering zich in dit geval verzet tegen de beëindiging van het beslag. Hoewel een groot aantal gegevensdragers in beslag is genomen en het begrijpelijkerwijs veel tijd kost om alles te doorzoeken is de rechtbank van oordeel dat het belang van klaagster bij teruggave van de gegevensdragers thans, na een halfjaar, zwaarder moet wegen. De rechtbank stelt een termijn van één maand waarbinnen het onderzoek dient te worden afgerond. De rechtbank zal het klaagschrift dan ook per 28 juni 2019 gegrond verklaren ten aanzien van de gegevensdragers waarover op 28 juni 2019 door het OM nog geen beslissing is genomen en de teruggave daarvan gelasten. “ Wat betreft de volgende goederen dient het klaagschrift gegrond te worden verklaard omdat deze goederen nog niet zijn geretourneerd aan klaagster: “ AL.01.03.001 tablet Acer “ AL.01.05.002 Playstation 4 “ AL.02.01.005 LG. “ De rechtbank zal geen beslissing nemen ten aanzien van de volgende goederen omdat klaagster afstand heeft gedaan: “ AL.06.01.001 rugzak met diverse goederen “ AL.06.01.001.001 mobiele telefoon Samsung “ AL.06.01.001.002 Volvo sleutel “ AL.06.01.001.003 Harley Davidson motorsleutel “ AL.06.01.001.004 4 mappen administratie “ AL.06.01.001.005 verlopen paspoort [betrokkene 7]. “ Ten aanzien van de volgende goederen zal de rechtbank geen beslissing nemen omdat deze goederen niet in beslag zijn genomen: “ AL.02.02.001 2 papiertjes met administratie “ AL.02.02.002 3 zakken met sleutels “ AL.02.02.003 blauwe zwarte Nokia gsm zonder batterij met sim “ AL.06.02.001 dvd spel met daarin papiertje met accountnaam en ww “ AL.07.01 18 t-shirts met […] MC opdruk en een jack. “ Beslissing “ De rechtbank: “ verklaart het beklag gegrond ten aanzien van: “ AL.01.03.001 tablet Acer “ AL.01.05.002 Playstation 4 “ AL.02.01.005 LG; “ gelast de teruggave van het inbeslaggenomene, te weten “ AL.01.03.001 tablet Acer “ AL.01.05.002 Playstation 4 “ AL.02.01.005 LG “ aan klaagster; “ verklaart het beklag per 28 juni 2019 gegrond ten aanzien van de volgende goederen, indien daarover op 28 juni 2019 door het OM nog geen beslissing is genomen: “ AL.02.01.013 Nokia “ AL.02.01.014 Nokia “ AL.02.02.004 Samsung Movistar “ AL.02.02.005 Nokia “ AL.04.01.001 Samsung “ AL.04.02.001 Acer computer “ AL.02.02.006 blackberry mobiel; “ gelast de teruggave van het inbeslaggenomene, te weten “ AL.02.01.013 Nokia “ AL.02.01.014 Nokia “ AL.02.02.004 Samsung Movistar “ AL.02.02.005 Nokia “ AL.04.01.001 Samsung “ AL.04.02.001 Acer computer “ AL.02.02.006 blackberry mobiel “ aan klaagster, indien daarover op 28 juni 2019 door het OM nog geen beslissing is genomen. “ verklaart klaagster niet-ontvankelijk in haar beklag ten aanzien van de overige goederen op bijlage I.” 3Het middel 3.1. Het middel komt op tegen de (gedeeltelijke) gegrondverklaring van het klaagschrift en is gebaseerd op twee klachten. 3.2. Primair wordt aangevoerd dat uit de overwegingen van de rechtbank niet expliciet blijkt dat zij de maatstaf heeft aangelegd dan wel heeft toegepast die geldt bij de beoordeling van een klaagschrift van de beslagene tegen een op de voet van art. 94 Sv gelegd beslag. Dit brengt volgens de steller van het middel mee dat de bestreden beschikking ontoereikend is gemotiveerd. 3.3. Subsidiair wordt gesteld dat het oordeel van de rechtbank dat "het belang van klaagster bij teruggave van de gegevensdragers thans, na een half jaar, zwaarder moet wegen", zonder nadere motivering, die ontbreekt, niet begrijpelijk is. Daarbij wordt gewezen op rechtspraak van de Hoge Raad met betrekking tot de weging van de proportionaliteit en subsidiariteit van het beslag in het kader van de beklagprocedure. Uit deze jurisprudentie leidt de steller van het middel af dat slechts in uitzonderlijke gevallen sprake is van onrechtmatig voortduren van beslag op grond van disproportionaliteit vanwege het verstreken tijdsverloop na de inbeslagname. Van de beklagrechter mag dan worden verlangd dat hij blijk geeft van een zorgvuldige belangenafweging door aandacht te besteden aan de bijzonderheden van het geval en daarbij helder motiveert waarom de persoonlijke belangen van klager in casu zwaarder dienen te wegen dan het strafvorderlijk belang bij handhaving van het beslag. 3.4. In het onderhavige geval heeft de officier van justitie blijkens het voorlopig standpunt OM aangevoerd dat: (
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.