[Noot 18 in origineel, A-G:] Zie in verband met dit laatste het p-v van de comparitie in eerste aanleg, p. 11, voorlaatste alinea, waar is vermeld dat mr. Brouwer heeft opgemerkt dat "de derde generatie geld in [eiseres 1] heeft gestoken". Met de 'derde generatie' werd gedoeld op de kleinkinderen van [sr.] , de oprichter van het familiebedrijf [eiseres 1] . Zie o.a. CvA § 10. Het ging daarbij klaarblijkelijk om meerdere miljoenen, aangezien [eiseres 1] met die financiële injectie onder meer een lening aan de bank van € 2,5 miljoen heeft afgelost. [Noot 19 in origineel, A-G:] Zie
[Noot 20 in origineel, A-G:] Zie
A § 69, 150. [Noot 22 in origineel, A-G:] Zie CvA § 146;
A § 146 t/m 156;
[Noot 24 in origineel, A-G:] Zie het p-v van de comparitie in eerste aanleg, p. 11, voorlaatste alinea. [Noot 23 in origineel, A-G:] Info KvK. Dit (meeromvattende) nr. 5.108 volgt, als separate uiteenzetting, op nr. 5.107 van genoemde memorie: “Als toelichting op deze grief wordt opnieuw, ter voorkoming van onnodige herhalingen, verwezen naar de toelichting op de vorige grieven, speciaal de grieven 8 t/m 13.” Dit laatste sluit veeleer aan op nr. 5.79 van genoemde memorie, onderdeel van grief 9 van Allgo c.s.: “Daarbij komt, dat het rapport [het DHW-rapport 2019, A-G] wordt aangedragen als bewijs voor de op zich niet zeer voor de hand liggende stelling dat de onderneming die in 2017 een eigen vermogen heeft van € 6,5 miljoen, in 2013 ‘niets waard’ zou zijn geweest” (achter “€ 6,5 miljoen” staat in noot 18 aldaar: “Dit is dus zonder Spaander en [het hotel- en restaurantbedrijf] , die via het 49%-belang uit de boeken zijn geschreven”). En op nr. 5.98 van genoemde memorie, onderdeel van grief 11 van Allgo c.s.: “Wanneer dus door Allgo c.s. wordt gewezen op een eigen vermogen van 6,5 mio van [eiseres 1] per 2017 volgens de eigen balans is dit een deugdelijke weerspreking van de bewering van [eiseres 1] dat haar eigen aandelen in 2013 (dan wel 2014, toen de overdracht van de regresvorderingen middels de kapitaaluitkering plaatsvond) “niets waard” zouden zijn geweest.” Zie ook de vorige noot over nr. 5.107 van genoemde memorie. [Noot 30 in origineel, A-G:] Immers is het Allgo c.s. dat zonder relevante onderbouwing stelt dat de overige regresvordering “gewoon” zijn voldaan, vgl. randnummer 5.108, slot MvG.” Op nr. 5.107 van de memorie van grieven reageert [eiseres] in nr. 143 van de memorie van antwoord: “Zoals Allgo c.s. zelf al opmerkt, is deze grief inhoudelijk nagenoeg gelijk aan de grieven 8 t/m 12. Hetgeen [eiseres] in reactie op deze grieven in het bovenstaande heeft opgemerkt, dient dan ook als hier herhaald en ingelast te worden beschouwd.” Ik citeer dit door de rechtbank in rov. 4.15 samengevatte verweer van [eiseres] uitvoeriger in noot 81 hierna. Dit terwijl toch verwacht
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.