← Nederland

ECLI:NL:RBALK:2011:BP7538

RECHTBANK ALKMAAR Sector Kanton Locatie Hoorn Zaaknr/rolnr.: 340964 \ CV EXPL 10-3896 Uitspraakdatum: 7 februari 2011 Vonnis in de zaak van: de besloten vennootschap VKM Advertising B.V. gevestigd te Winkel eisende partij in conventie / gedaagde partij in reconventie verder ook te noemen: VKM gemachtigden: incassobureau v.d. Donk, Bot & Co. b.v. te Heerhugowaard en J.H. Kerckhoffs, gerechtsdeurwaarder te Hoorn tegen [naam] wonende [adres] gedaagde partij in conventie / eisende partij in reconventie verder ook te noemen: [gedaagde] procederende in persoon Het procesverloop in conventie en in reconventie VKM heeft bij dagvaarding van 12 augustus 2010 met producties in conventie een vordering ingesteld. [gedaagde] heeft onder overlegging van producties in conventie bij antwoord verweer gevoerd en in reconventie een (voorwaardelijke) tegenvordering ingesteld. Vervolgens heeft VKM van repliek in conventie gediend en in reconventie bij antwoord verweer gevoerd. Daarna is gediend van dupliek in conventie/repliek in reconventie (met producties) en van dupliek in reconventie. De inhoud van de processtukken geldt als hier ingelast. Ten slotte is heden uitspraak bepaald. De geschillen in conventie 1.VKM vordert in conventie veroordeling van [gedaagde] tot betaling van een hoofdsom ad € 473,62 te vermeerderen met de wettelijke handelsrente (tot 12 augustus 2010 berekend op € 13,39), leges/informatiekosten ad € 14,20 en € 75,00 voor buitengerechtelijke kosten, met veroordeling van [gedaagde] in de proceskosten. in reconventie 2.Voor het geval komt vast te staan dat tussen partijen een rechtsgeldige overeenkomst bestaat vordert [gedaagde] in (voorwaardelijke) reconventie ontbinding van deze overeenkomst, met veroordeling van VKM in de proceskosten. 3.Nu de tegeneis voortvloeit uit het verweer in conventie en de vorderingen in nauw verband tot elkaar staan, worden deze hierna gezamenlijk behandeld. 4.VKM heeft het volgende -zakelijk weergegeven- gesteld als grondslag van haar vordering en als verweer tegen de reconventionele vordering. VKM heeft overeenkomstig telefonische opdracht van [gedaagde] d.d. 26 februari 2010 diens bedrijfsgegevens geplaatst op de door VKM geëxploiteerde internetsite www.bedrijven2day.nl, zulks voor een periode van 1 jaar, aanvangende terstond. De daaruit voortvloeiende factuur d.d. 8 maart 2010 ad € 473,62 heeft [gedaagde] onbetaald gelaten, ondanks herhaalde aanmaning. 5.Als verweer tegen de vordering van VKM en als grondslag voor zijn (voorwaardelijke) tegeneis heeft [gedaagde] het volgende -zakelijk weergegeven- aangevoerd. Primair betwist [gedaagde] dat tussen partijen een rechtsgeldige overeenkomst tot stand is gekomen. Subsidiair is de overeenkomst vernietigbaar op grond van dwaling, bedrog c.q. misbruik van omstandigheden. Meer subsidiair is sprake van een toerekenbare tekortkoming in de nakoming van de overeenkomst door VKM. De beoordeling van de geschillen in conventie 6.VKM baseert haar vordering op een telefonisch op 26 februari 2010 door [gedaagde] gegeven opdracht. Ter onderbouwing daarvan legt VKM bij dagvaarding een CD met geluidsopname en transcript daarvan over. [gedaagde] betwist deze opdracht stellig en gemotiveerd. Het verweer van [gedaagde] treft doel. Daartoe overweegt de kantonrechter als volgt. 7.Uit de stukken, waaronder door [gedaagde] geproduceerde jurisprudentie, blijkt dat VKM gebruik maakt van een standaardvorm van telefonische acquisitie, met als doel het verkrijgen van opdrachten tot plaatsing van bedrijfsgegevens (van potentiële opdrachtgevers) op een door VKM geëxploiteerde internetsite. Vaststaat dat [gedaagde] met dit doel op 26 februari 2010 ongevraagd en onaangekondigd door VKM is benaderd. Uit het overgelegde transcript blijkt dat [gedaagde] tijdens dit telefoongesprek tot twee maal toe om een bevestiging per e-mail heeft gevraagd, en deze hem is toegezegd. [gedaagde] heeft echter geen bevestiging per e-mail ontvangen en betwist de ontvangst van de als productie 3 bij dagvaarding overgelegde brief d.d. 26 februari

  1. Voor zover al een mondelinge overeenkomst tot stand is gekomen moet er dus van uitgegaan worden dat [gedaagde] daarvan geen bevestiging heeft ontvangen. 8.Wel ontving [gedaagde] de factuur d.d. 8 maart 2010 waarvan in deze procedure betaling wordt gevorderd. Daartegen heeft [gedaagde] bij brief van 31 maart 2010 geprotesteerd en aangegeven dat geen sprake is van wilsovereenstemming. Volgens [gedaagde] is in het acquisitiegesprek (achteraf ten onrechte) gesuggereerd dat sprake was van een reeds bestaande advertentieovereenkomst (op grond waarvan de bedrijfsgegevens reeds een jaar op de door VKM geëxploiteerde website vermeld stonden), ten behoeve waarvan de bedrijfsgegevens gecontroleerd moesten worden. Dit standpunt vindt steun in de -in reactie op zijn protest- aan [gedaagde] gerichte e-mail van bedrijven2day.nl d.d. 9 april 2010 (productie 2 bij antwoord), waarin staat “het gaat hier om een aanbieding van 2 jaar waarvan uw in het 2e jaar de factuur krijgt toegestuurd en daar wordt een geluidsopname van gemaakt om de gegevens van uw opdracht naadloos af te stemmen en om fouten te voorkomen”. 9.De onderhavige factuur is gedateerd 8 maart
  2. De door VKM gestelde datum van totstandkoming van de opdracht is 26 februari
  3. Een en ander laat zich niet rijmen met voormelde passage in de e-mail van 9 april
  4. VKM geeft hiervoor bij repliek geen enkele verklaring. De overgelegde geluidsopname betreft kennelijk slechts een gedeelte van het telefoongesprek d.d. 26 februari 2010, zodat deze de door [gedaagde] gestelde verdere inhoud van dat gesprek niet uitsluit. Een opdracht van eerdere datum is gesteld noch gebleken. 10.Gelet op het vorenstaande is naar het oordeel van de kantonrechter niet komen vast te staan dat tussen partijen op 26 februari 2010 een rechtsgeldige overeenkomst tot stand is gekomen wegens het ontbreken van wilsovereenstemming, althans heeft [gedaagde] de overeenkomst tijdig en terecht vernietigd bij brief van 31maart
  5. Hierbij merkt de kantonrechter op dat de werkwijze van VKM zoals die blijkt uit haar door [gedaagde] overgelegde correspondentie vragen oproept omtrent de goede trouw van haar handelen. 11.De vordering van VKM wordt dan ook afgewezen wegens het ontbreken van een contractuele grondslag. in reconventie 12.Gegeven hetgeen in conventie is overwogen behoeft de voorwaardelijke reconventionele vordering geen verdere bespreking. in conventie en in reconventie 13.De proceskosten komen voor rekening van VKM als de in het ongelijk gestelde partij, terwijl de proceskosten in reconventie wegens de nauwe samenhang van de zaak in conventie en die in reconventie worden vastgesteld op nihil. [gedaagde] heeft aannemelijk gemaakt dat hij noodzakelijkerwijs een derde heeft ingeschakeld voor (juridische) bijstand in deze procedure en daartoe kosten heeft gemaakt die voor vergoeding in aanmerking komen. Hoewel [gedaagde] formeel niet door tussenkomst van een gemachtigde procedeert ziet de kantonrechter aanleiding bij de proceskostenveroordeling aansluiting te zoeken bij het in deze procedure te liquideren gemachtigdensalaris van € 100,00 per punt, zodat € 200,00 zal worden toegewezen. De beslissing De kantonrechter: in conventie en in reconventie Wijst de vorderingen af. Veroordeelt VKM in de proceskosten, die tot heden voor [gedaagde] worden vastgesteld op een bedrag van € 200,
  6. Dit vonnis is gewezen door mr. H.A. van den Berg, kantonrechter, bijgestaan door de griffier en op 7 februari 2011 in het openbaar uitgesproken. De griffier De kantonrechter

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.