RECHTBANK ALMELO Sector civiel recht zaaknummer: 122658 / HA ZA 11-606 datum vonnis: 2 november 2011 (n) Vonnis van de rechtbank Almelo, enkelvoudige kamer voor burgerlijke zaken, in de zaak van: mr. Mink Maurits Jan Severiens q.q., in hoedanigheid van curator in de faillissementen van de besloten vennootschappen Waterbeek Media B.V., Waterbeek Holding B.V. en Just Nautic B.V., wonende te Enschede, eiser q.q., advocaat: mr. M.M.J. Severiens te Enschede, tegen
- [gedaagde sub 1], wonende te [woonplaats], verder te noemen [gedaagde sub 1],
- de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Compublica B.V., gevestigd te Enschede, verder te noemen Compublica,
- de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Crossmedia Investments B.V., gevestigd te Enschede, verder te noemen Crossmedia Investments, gedaagden, niet verschenen. Het procesverloop Na daartoe verkregen verlof van de voorzieningenrechter in deze rechtbank heeft eiser q.q. op 28 juli 2011 en 1 augustus 2011 conservatoir beslag gelegd, waarna gedaagden op 9 augustus 2011 zijn gedagvaard. Gedaagden zijn te dienende dage niet in rechte verschenen waarna tegen hen verstek is verleend. Eiser q.q. heeft gevorderd als vermeld in de dagvaarding. Vervolgens heeft eiser q.q. vonnis verzocht. De beoordeling van het geschil en de motivering van de beslissing
- Bij de dagvaarding en de gelegde beslagen zijn de wettelijke termijnen en formaliteiten in acht genomen.
- De vordering tot betaling van het gehele boedeltekort, alsmede de vordering tot betaling van de wettelijke rente daarover, zal worden toegewezen met dien verstande dat gedaagden hierna slechts tot betaling van het boedeltekort (kunnen) worden veroordeeld, indien en voor zover het voorschot waartoe gedaagden worden veroordeeld niet (reeds) daarop in mindering strekt of dient te strekken. Nu eiser q.q. heeft gesteld dat de verificatievergadering nog dient plaats te vinden, alwaar het boedeltekort - voor zover dit niet door vereffening van de overige baten kan worden voldaan - zal worden vastgesteld, kunnen gedaagden slechts vanaf die datum worden veroordeeld tot betaling van de wettelijke rente over hetgeen zij na verificatie nog aan eiser q.q. verschuldigd zijn.
- Eiser q.q. heeft verzocht om waarmerking van dit vonnis als Europese executoriale titel. Dit verzoek wordt afgewezen, aangezien de rechtsgrondslag van de ingestelde vorderingen rechtstreeks uit het faillissementsrecht is af te leiden en deze nauw met de insolventieprocedure samenhangen. Gelet op het bepaalde in artikel 2 van EG-verordening nr. 805/2004 (EET-Verordening) vallen de ingestelde vorderingen derhalve buiten het materiële toepassingsgebied van deze verordening.
- De vordering komt voor het overige niet onrechtmatig of ongegrond voor en kan daarom worden toegewezen.
- Gedaagden zullen als de overwegend in het ongelijk gestelde partij in de kosten van dit geding worden veroordeeld. De beslissing De rechtbank: I. Verklaart voor recht dat [gedaagde sub 1], als (indirect) bestuurder c.q. beleidbepaler van respectievelijk Waterbeek Media B.V., Waterbeek Holding B.V. en Just Nautic B.V., zijn taken kennelijk onbehoorlijk heeft vervuld en dit een belangrijke oorzaak is van de faillissementen van respectievelijk Waterbeek Media B.V., Waterbeek Holding B.V. en Just Nautic B.V. als bedoeld in artikel 2:248 lid 1, althans lid 2, BW, als gevolg waarvan [gedaagde sub 1] jegens de failliete boedels van respectievelijk Waterbeek Media B.V., Waterbeek Holding B.V. en Just Nautic B.V. aansprakelijk is voor het boedeltekort in de faillissementen van respectievelijk Waterbeek Media B.V., Waterbeek Holding B.V. en Just Nautic B.V. II. Verklaart voor recht dat Compublica en Crossmedia Investments onrechtmatig hebben gehandeld als bedoeld in artikel 6:162 BW, als gevolg waarvan zij hoofdelijk, althans ieder afzonderlijk, aansprakelijk zijn voor de schade die de gezamenlijke schuldeisers van respectievelijk Waterbeek Media B.V., Waterbeek Holding B.V. en Just Nautic B.V. hebben geleden, bestaande uit het boedeltekort in de faillissementen van respectievelijk Waterbeek Media B.V., Waterbeek Holding B.V. en Just Nautic B.V. III. Veroordeelt gedaagden hoofdelijk, des dat de één betalende de ander zal zijn bevrijd, om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan eiser te betalen het bedrag van € 850.000,- (zegge achthonderdvijftigduizend euro), bij wijze van voorschot op het boedeltekort in de faillissementen van respectievelijk Waterbeek Media B.V., Waterbeek Holding B.V. en Just Nautic B.V. IV. Veroordeelt gedaagden hoofdelijk, des dat de één betalende de ander zal zijn bevrijd, om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan eiser q.q. te betalen het gehele boedeltekort in de faillissementen van respectievelijk Waterbeek Media B.V., Waterbeek Holding B.V. en Just Nautic B.V., voor zover dit niet door vereffening van de overige baten kan worden voldaan, zoals dit is komen vast te staan na de te houden verificatievergadering, te vermeerderen met de boedelschulden, waaronder onder meer begrepen het salaris van de curator en de overige faillissementskosten, en onder aftrek van het onder III. van dit dictum toegewezen voorschot. V. Veroordeelt gedaagden hoofdelijk, des dat de één betalende de ander zal zijn bevrijd, om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan eiser q.q. te betalen de wettelijke rente over de onder III. van dit dictum toegewezen bedrag, vanaf de dag der dagvaarding tot aan de dag der algehele voldoening. VI. Veroordeelt gedaagden hoofdelijk, des dat de één betalende de ander zal zijn bevrijd, om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan eiser q.q. te betalen de wettelijke rente over het onder IV. van dit dictum toegewezen boedeltekort, vanaf de dag dat het boedeltekort bij verificatievergadering door deze rechtbank is vastgesteld tot aan de dag der algehele voldoening. VII. Veroordeelt gedaagden hoofdelijk, des dat de één betalende de ander zal zijn bevrijd, in de proceskosten, tot op deze uitspraak aan de zijde van eiser q.q. begroot op € 3.227,37 aan verschotten en € 5.160,- aan salaris van de advocaat, de kosten van de gelegde beslagen inbegrepen. VIII. Verklaart onderdelen III. tot en met VII. van dit dictum uitvoerbaar bij voorraad. IX. Wijst af het meer of anders gevorderde. Dit vonnis is gewezen te Almelo door mr. G.G. Vermeulen en op 2 november 2011 in het openbaar uitgesproken in tegenwoordigheid van de griffier.