vonnis RECHTBANK AMSTERDAM Sector civiel recht zaaknummer / rolnummer: 378259 / HA ZA 07-2418 Vonnis van 28 mei 2008 in de zaak van A, wonende te ( plaats ), eiser, procureur mr. I.M.C.A. Reinders Folmer, tegen de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid KIMMAN AMSTERDAM B.V., gevestigd te Amsterdam, gedaagde, procureur mr. A.P. de Vree. Partijen zullen hierna (tevens) A en Kimman genoemd worden. 1. De procedure 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: - de dagvaarding met producties, - de conclusie van antwoord met producties, - het tussenvonnis van 23 januari 2008, - het proces-verbaal van comparitie van 2 april 2008, met de daarin genoemde processtukken, waaronder twee aktes vermeerderingen van eis. 1.2. Ten slotte is vonnis bepaald. 1.3. Om organisatorische redenen wordt dit vonnis niet gewezen door de rechter die de zaak ter comparitie heeft behandeld. 2. De feiten 2.1. In juni 2002 heeft A voor een bedrag van € 26.750,- een (nieuwe) Landrover Defender (hierna: de Defender) gekocht bij Landring B.V. (hierna: Landring). Sinds de aankoop heeft A problemen met de Defender. Verscheidene malen heeft hij de Defender ter reparatie aangeboden, eerst bij Landring vervolgens bij Kimman, die het Landrover dealerschap per 1 juni 2003 van Landring heeft overgenomen. 2.2. Omdat de reparaties niet, althans niet naar tevredenheid van A werden uitgevoerd, heeft A in februari 2006, met instemming van Kimman, de Geschillencommissie Voertuigen (hierna: de geschillencommissie) om bindend advies gevraagd en verzocht de koopovereenkomst te ontbinden in verband met de volgende klachten: “(…) • Alarm gaat zonder reden steeds af (…) • Er komt water in het compartiment (door de deur en het dak – achter) • Als de motor koud is maakt iets in de aandrijving een verschrikkelijk geluid. • De achterdeur is half te openen, ondanks het sluiten met de afstandsbediening. • De dealer is niet bij machte de gebreken te verhelpen en heeft dit ook reeds meermaals aangegeven. (…)” 2.3. Op verzoek van de geschillencommissie is de Defender door de deskundige G. B (hierna: B) onderzocht. In zijn deskundigenrapport van 12 juli 2006 bevestigt B het bestaan van de door A genoemde gebreken en concludeert hij dat deze grotendeels zijn te verhelpen. Met betrekking tot het alarm overweegt de deskundige onder meer dat ofwel de bewegingssensor dient te worden verwijderd, ofwel dat een compleet ander alarm dient te worden ingebouwd. De kosten daarvan schat de deskundige op € 900,-. Als oorzaken van de waterlekkage noemt de deskundige het “wringen” van de carrosserie, het opgeschroefde dak en een loszittend schuimrubber van de ventilatieklep. Meer in zijn algemeenheid merkt B ten aanzien van de Defender het volgende op: “Wij spreken van een auto met een Spartaans concept terrein/bedrijfswagen, zowel de carrosserie als het mechanische gedeelte; met de hand gemaakt. Men kan en mag van dit product niet een perfecte passing van naden en kieren verwachten.” Met betrekking tot het geluid in de aandrijving schrijft de deskundige: “Het geluid is technisch wat moeilijk te verhelpen. Zelfs bij vervanging van de genoemde delen, komt het geluid gewoon weer terug. Advies is: “Hier niets aan te doen” Geen invloed op de levensduur van de koppeling en aanverwante zaken.” 2.4. Bij brief van 1 augustus 2006 doet A zijn reacties op het rapport aan de geschillencommissie toekomen. Hij schrijft onder meer: “(…) Frappant is wel, dat een Expert van de Geschillencommissie, die toch alle merken voertuigen moet kunnen beoordelen, wél binnen twee uur kan beoordelen waar de klachten van bv het rare geluid vandaan komen, terwijl de officiële dealer met ondersteuning van Land Rover NL tijdens meerdere sessies (sommige meer dan een week) de oorzaak niet heeft kunnen achterhalen (…) Door de gang van zaken en de historie heb ik ook geen enkel vertrouwen meer in een goede afloop. (…)” 2.5. Bij bindend advies van 6 september 2006 heeft de geschillencommissie de conclusies van de deskundige tot de hare gemaakt en beslist dat Kimman de achterklep diende te herstellen, de lekkage diende te verhelpen en de alarminstallatie diende te vervangen door een soortgelijke. Met betrekking tot de aandrijving werd, conform het advies van de deskundige, geen herstel gelast. Voor ontbinding van de koopovereenkomst achtte de geschillencommissie de klachten van A onvoldoende zwaarwegend. 2.6. In januari 2007 heeft A de geschillencommissie opnieuw benaderd, stellende dat Kimman zich niet had gehouden aan het bindend advies van 6 september 2006 en een schadevergoeding van van € 7.891,- verzocht, welk bedrag bestond uit een bedrag van € 2.000,- voor “vergoeding defecten” en uit een bedrag van € 5.981,- aan “onkosten” zoals reiskosten, kosten voor vervangend vervoer en gederfde inkomensten. Vervolgens is de Defender, op verzoek van de geschillencommissie, opnieuw door B geïnspecteerd. 2.7. In zijn deskundigenrapport van 15 maart 2007 schrijft B, onder meer het volgende: “(…) 4. vaktechnisch oordeel 1. Alarm; na het hele systeem grondig getest te hebben – zeer tijdrovende procedure – kon vastgesteld worden dat het systeem – op het moment van opname – 100% werkt. (…) 2. Achterklepslot; (…) Ondanks dat het mechanische gedeelte is vervangen, functioneert het niet helemaal vlekkeloos. 4. Waterlekkage; de linker voormat is aan de onderzijde vochtig; (…) De oorzaak van de lekkage is gelegen dat boven het portierrubber er zich water “ophoopt” en door een kleine openstaande kier het interieur kan binnen komen. Dit met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid. Pas na herstel zal een en ander duidelijk moeten blijken. (…) 5. Herstel 1. Alarm; neen. 2, Achterklepslot; ruimte in de overbrenging zo goed mogelijk elimineren: € 25,00. 4. Waterlekkage; het “drippen” – zeer zorgvuldig en goed droog – van de naad. Zonodig een nieuw portierrubber. (…) € 250,00 6. Toelichting Vooral tijdens een herhaling onderzoek is het heel moeilijk om objectief te blijven, zeker vanuit de zijde van een consument. (…)” 2.8. Bij brief van 20 maart 2007 reageert A op de bevindingen van de deskundige. Hij schrijft onder meer: “(…) 1. Alarm (…) Op mijn vraag of het alarmsysteem, zoals verordend door de commissie, is vervangen door een nieuw/soortgelijke, kreeg ik geen antwoord. De deskundige kon het niet beoordelen. (…) Vooralsnog (…) kan ik niet anders concluderen, dan dat het alarm schijnbaar niet, zoals door uw commissie verordend, is vervangen. (…) 4. Waterlekkage: (…) De deskundige had vorige keer een uitgesproken mening over dit probleem – het zou hier gaan om een (“hem welbekende”) afwijking bij de Defender, namelijk de aansluiting van het dak op de carrosserie. Nu is het schijnbaar toch weer wat anders en komt hij met een “aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid” nieuwe mogelijkheid. (…) Van mij, als partij in deze, moet niet verwacht worden objectief te zijn, maar van de expert echter wél! (…) Sinds gisteren gaat het alarm weer spontaan af en geeft ook bij het inschakelen weer een akoestisch signaal af. (…) Ik zit nog steeds met de problemen en ben er geheel niet van overtuigd, dat ik met de aanbevelingen van de deskundige verder ben gekomen, of zal komen. (…)” 2.9. Bij “vervolg bindend advies” van 13 juni 2007, verzonden op 26 juni 2007, heeft de geschillencommissie het oordeel van de deskundige overgenomen (behalve met betrekking tot het alarm) en heeft zij, onder verwijzing naar de door B opgestelde schadeberekeningen, beslist dat Kimman een bedrag van € 1.217,72 aan A dient te voldoen, onder meer bestaande uit een bedrag van € 250,- voor de waterlekkage, een bedrag van € 900,- voor het alarm en een bedrag van € 25,- voor het achterklepslot. De verzochte vergoeding van “onkosten” werd afgewezen. 2.10. Kimman heeft het bedrag van € 1.217,72 aan A betaald. 2.11. In een e-mail van 12 oktober 2007 schrijft de heer C van Geba Auto B.V. aan A: “(…) Ho, Kosten van de onderdelen van het alarm zitten op globaal 2250 euro, incl bekabeling Geschatte tijdsduur inbouw alarm ca 40 uur, 2880 euro Geschatte kosten lekdicht maken van grijs kenteken ombouw 1350 euro Wat betreft achterklepslot 155 euro Total verwachte kosten 6635 euro exclusief de BTW- Met vriendelijke groet, (…)”. 3. Het geschil 3.1. A vordert na eiswijzigingen dat de rechtbank bij vonnis, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad: I. het advies van 26 juni 2007 (de rechtbank begrijpt: 13 juni 2007) van de Geschillencommissie Voertuigen vernietigt; II. Kimman veroordeelt aan A te betalen een bedrag van € 6.677,93, althans zoveel als de rechtbank in goede justitie rechtvaardig acht, vermeerderd met de wettelijke rente, vanaf de dag der dagvaarding tot aan de dag der algehele voldoening; III. Kimman veroordeelt aan A te betalen als vergoeding voor gemaakte buitengerechtelijke incassokosten een bedrag van € 833,-- en een bedrag van € 636,65 ten behoeve van de kosten voor het inschakelen van een deskundige; IV. Kimman veroordeelt in de kosten van deze procedure, vermeerderd met de wettelijke rente. 3.1.1. Ter onderbouwing van zijn vordering heeft A gesteld dat het advies van 13 juni 2007 van de geschillencommissie naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is omdat: (
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.