vonnis RECHTBANK AMSTERDAM Sector civiel recht, voorzieningenrechter zaaknummer / rolnummer: 433372 / KG ZA 09-1521 WT/MdB Vonnis in kort geding van 6 augustus 2009 in de zaak van 1. de vereniging VERENIGING WINKELCENTRUM IN DE BANNE, gevestigd te Amsterdam, 2. t/m 54. [de winkeliers] eisers bij gelijkluidende dagvaardingen van 21 juli 2009, advocaat mr. T.J. van Vugt te Amsterdam, tegen 1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid MEDIA MARKT AMSTERDAM NOORD B.V., gevestigd te Amsterdam, 2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid V&D B.V., gevestigd te Amsterdam, advocaat mr. H.D.L.M. Schruer te Rotterdam, 3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [C1000], gevestigd te Amsterdam, gedaagde, advocaat mr. M.R. Plug te Delft. De gedaagde sub 1 zal afzonderlijk ook Media Markt, de gedaagde sub 2 ook V&D en gedaagde sub 3 ook C1000 worden genoemd. 1. De procedure Ter zitting van 24 juli 2009 hebben gedaagden aangevoerd dat van een aantal eisers twijfelachtig is of deze opdracht hebben gegeven aan mr. Van Vugt om hen in deze procedure te vertegenwoordigen. Met betrekking tot zijn vertegenwoordigings-bevoegdheid wordt de advocaat op zijn woord geloofd, zodat eisers, anders dan gedaagden hebben betoogd, moeten worden geacht te zijn verschenen. Ter terechtzitting van 24 juli 2009 heeft mr. Van Vugt namens de oorspronkelijk op de dagvaardingen onder nummers 9, 12, 14, 15, 21, 23, 28, 29, 31, 37, 39, 42, 44, 46, 47, 48, 51 en 55 vermelde (rechts)personen de vorderingen tegen gedaagden ingetrokken. Ter zitting hebben de overige eisers gesteld en gevorderd overeenkomstig de in fotokopie aan dit vonnis gehechte dagvaarding, met dien verstande dat in het petitum van de dagvaarding het adres van C 1000 aan het Buikslotermeerplein 1 is gewijzigd in Buikslotermeerplein 52. Gedaagden hebben verweer gevoerd met conclusie tot weigering van de gevraagde voorziening. Eisers en gedaagden hebben producties en pleitnota’s in het geding gebracht. Na verder debat hebben partijen verzocht vonnis te wijzen. Ter zitting waren aanwezig: Aan de zijde van eisers: [vertegenwoordiger eiseres 1 en 2] namens eiseres 1 en 2, en [vertegenwoordiger eiseres 10] namens eiseres 10, met mr. Van Vugt. Aan de zijde van gedaagden: [vestigingsdirecteur], vestigingsdirecteur Media Markt, [bedrijfsleider], bedrijfsleider V&D, en [hoofd juridische zaken], hoofd juridische zaken V&D, met mr. Schruer en [directeur], directeur [C1000] met mr. Plug. 2. De feiten 2.1. Eiseres sub 1 is een belangenvereniging van winkeliers van het winkelcentrum “In de Banne”. De overige eisers zijn allen winkeliers in Amsterdam-Noord, eisers 2 tot en met 31 in het winkelcentrum “In de Banne”en de overige eisers elders. De desbetreffende winkels van Media Markt, V&D en C1000 zijn gelokaliseerd op het Buikslotermeerplein te Amsterdam-Noord. 2.2. Artikel 11 van de Verordening Winkeltijden voor het stadsdeel Amsterdam-Noord 1996 (hierna: de stadsdeelverordening), luidt als volgt: “Artikel 11 Vrijstelling ten behoeve van toerisme 1. De stadsdeelraad kan vrijstelling verlenen van de in artikel 2 van de wet (Winkeltijdenwet, vrz) genoemde verboden, voor zover deze betrekking hebben op zon- en feestdagen ten behoeve van op het stadsdeel of een deel daarvan gericht toerisme. 2. De stadsdeelraad verleent de in het eerste lid bedoelde vrijstelling slechts in overleg met Burgemeester en Wethouders en na advies van de Kamer van Koophandel en Fabrieken voor Amsterdam en Haarlem. 3. De vrijstelling wordt niet verleend indien de aantrekkingskracht voor dat toerisme niet geheel of nagenoeg geheel is gelegen buiten de verkoopactiviteiten die door de vrijstelling worden mogelijk gemaakt.” 2.3. De deelraad van het stadsdeel Amsterdam-Noord heeft op 17 december 2008 (onder meer) het besluit genomen om bij wijze van proef voor een proefperiode van een jaar met ingang van 1 januari 2009 een toeristisch regime voor het gehele stadsdeel Amsterdam-Noord in te stellen. 2.4. De voorzieningenrechter van het College van beroep voor het bedrijfsleven (CBB) heeft op 11 maart 2009 het besluit genoemd onder 2.3 geschorst met ingang van 11 april 2009 tot het moment waarop het besluit wordt ingetrokken of vervangen door een ander besluit, dan wel het geschil anderszins een einde heeft genomen. De voorzieningenrechter van het CBB heeft daartoe onder meer overwogen: “Enerzijds moet ernstig worden getwijfeld aan de verbindendheid van artikel 11 van de Stadsdeelverordening, op welk artikel verweerder (deelraad stadsdeel Amsterdam-Noord, vrz) zijn besluit van 17 december 2008 heeft gebaseerd. Anderzijds is verweerder er niet in geslaagd aannemelijk te maken dat ten aanzien van het stadsdeel Amsterdam-Noord sprake is van een toeristische situatie waarin met recht toepassing kan worden gegeven aan dat artikel in samenhang bezien met artikel 3, derde lid, aanhef en onder a, van de Wet.“ 2.5. Op 25 mei 2009 heeft Grontmij/Van der Tuuk in opdracht van het stadsdeel Amsterdam-Noord het rapport “Toerisme in Amsterdam-Noord” opgesteld. 2.6. Op 5 juni 2009 heeft het stadsdeel Amsterdam-Noord C1000 naar aanleiding van een verzoek tot handhaving namens onder meer eiseres sub 1 aangeschreven tot het staken van het openen op zondag van de C 1000 in strijd met de Winkeltijdenwet op last van een dwangsom van EUR 15.000,--. 2.7. In de vergadering van de deelraad van het stadsdeel Amsterdam-Noord van 24 en 25 juni 2009 heeft het dagelijks bestuur van het stadsdeel aan de deelraad, onder verwijzing naar het rapport van Grontmij/Van der Tuuk voorgesteld om het besluit van 17 december 2008 in te trekken en een nieuw artikel 11 van de Stadsdeelverordening vast te stellen, dat als volgt luidt: “Toerisme De verboden vervat in artikel 2 van de wet (Winkeltijdenwet, vrz) gelden, in verband met de toeristische aantrekkingskracht van dit gebied, niet: a. voor het gehele grondgebied van het stadsdeel Amsterdam-Noord; b. op de zondag, Nieuwjaarsdag, tweede Paasdag, Hemelvaartsdag, tweede Pinksterdag en eerste of tweede kerstdag; c. van 07.00 tot 22.00 uur.” Dit voorstel is op 25 juni 2009 met 18 stemmen voor en 9 stemmen tegen door de deelraad aangenomen. Op 30 juni 2009 is dit besluit gepubliceerd, met als datum van inwerkingtreding 8 juli 2009. 2.8. Eisers hebben daarop samen met een aantal andere winkeliers in Amsterdam Noord het stadsdeel Amsterdam-Noord op 26 juni 2009 in kort geding gedagvaard. Bij vonnis van 10 juli 2009 heeft de voorzieningenrechter van deze rechtbank het besluit genoemd onder 2.7 buiten werking gesteld en bepaald dat deze buitenwerkingstelling voortduurt tot het moment waarop dat besluit wordt ingetrokken of vervangen door een ander besluit, dan wel de bodemrechter anders heeft beslist. De voorzieningenrechter heeft daarbij geoordeeld dat het stadsdeel onrechtmatig heeft gehandeld door het gehele grondgebied van Amsterdam Noord als toeristisch gebied aan te wijzen, dat het voorshands aannemelijk is dat de winkeliers schade lijden bij instandhouding van de gewijzigde verordening en dat de geschonden norm het door de winkeliers aangevoerde belang van zondagsrust stoort. 2.9. Volgens een door eisers als productie 4 overgelegde uitdraai van 23 juli 2009 staat op de website van de gemeente www.noord.amsterdam.nl het volgende vermeld: “Winkels op zondag toch gesloten In december 2008 besloot de deelraad van Amsterdam tot het instellen van een toeristisch regime in Amsterdam-Noord. Daartegen werd bezwaar ingediend. De rechter oordeelde dat de deelraad dit besluit in een andere juridische vorm had moeten nemen en dat toerisme in Noord beter onderbouwd moest worden. Donderdag 25 juni 2009 stemde de deelraad in met het voorstel tot wijziging van de verordening winkeltijden voor het stadsdeel Amsterdam-Noord 1996. Tegen het vaststellen van deze wijziging is door een aantal winkeliers een rechtszaak aangespannen. De zaak is op 3 juli 2009 door de rechter behandeld. De rechter heeft op 10 juli 2009 uitspraak gedaan. De rechter heeft uitgesproken dat het stadsdeel in redelijkheid niet tot het wijzigen van de verordening heeft kunnen komen. Hij vond dat het stadsdeel niet voldoende aannemelijk heeft kunnen maken dat er voor het gehele grondgebied van Amsterdam-Noord voldoende toerisme aanwezig is om het besluit te kunnen dragen dat er een toeristisch regime in Noord kon komen. Dat betekent dat de verordening geschorst wordt, en dus de winkeliers in het gehele stadsdeel Amsterdam-Noord hun winkels vanaf heden op zondagen (buiten de hieronder genoemde door de centrale stad vastgestelde koopzondagen) niet geopend mogen hebben. (…)” 2.10. Op zondag 19 juli 2009 hebben gedaagden hun winkels op het Buikslotermeerplein geopend. Zij hebben laten weten ook op de komende zondagen die niet zijn aangewezen als koopzondagen open te gaan. 3. Het geschil 3.1. Eisers vorderen samengevat - gedaagden elk afzonderlijk te verbieden hun winkels aan of rondom Buikslotermeerplein 52, Buikslotermeerplein 226 en Buikslotermeerplein 123 op zondagen en op de in artikel 1 lid 1 sub b Winkeltijdenwet genoemde feestdagen voor het publiek geopend te hebben, behoudens op de door de het stadsdeel Amsterdam-Noord vastgestelde twaalf jaarlijkse vrijstellingen, op straffe van een dwangsom van EUR 100.000,-- per (afzonderlijke) overtreding, Met veroordeling in de proceskosten vermeerderd met de wettelijke rente over die kosten vanaf de vijftiende dag na de uitspraak. 3.2. Eisers hebben daartoe het volgende gesteld. Gelet op het vonnis van de voorzieningenrechter van 10 juli 2009 waarin het besluit van het stadsdeel Amsterdam-Noord van 25 juni 2009 buiten werking is gesteld, gedragen gedaagden zich onrechtmatig jegens eisers door hun winkels op de zondag te openen. Eisers kunnen noch willen op zondag open, conform de Winkeltijdenwet, maar willen niet dat gedaagden er vervolgens op oneigenlijke wijze vandoor gaat met “hun” omzet door in strijd met de Winkeltijdenwet wèl open te gaan. Het assortiment van gedaagden is vergelijkbaar met het assortiment van eisers. Klanten die op zondag hun boodschappen doen bij gedaagden zullen die boodschappen niet (meer) halen bij eisers. Eisers worden gestoord in hun recht op zondagsrust en lijden door de oneerlijke concurrentie substantiële omzetschade door de winkelopening van gedaagden op de zondag. Er is sprake van dalende omzetcijfers van de winkeliers. De voorzieningenrechter heeft ook aannemelijk geacht dat eisers schade lijden. Bovendien dreigt het gevaar van “olievlekwerking” indien niet nu wordt opgetreden tegen gedaagden. Er is geen sprake van een gedoogsituatie. Het stadsdeel heeft tegen de C1000 een dwangsombesluit genomen. Het Stadsdeel heeft op 12 juli jl. ook een persbericht uitgegeven waarin zij winkeliers meedeelt dat alle winkels op zondag gesloten dienen te worden gehouden. De geschonden norm strekt mede tot bescherming van de belangen van eisers en voorzover daar geen sprake van mocht zijn, geldt dat gedaagden zich schuldig maken aan maatschappelijk onbetamelijk gedrag. Gedaagden plegen namelijk ongeoorloofde concurrentie. De gevorderde dwangsom vormt een redelijke prikkel tot nakoming, een betere prikkel dan de huidige alleen tegen C 1000 vastgestelde gemeentelijke dwangsom. 3.3. Gedaagden voeren -samengevat weergegeven- verweer als volgt. V&D en Media Markt zijn niet betrokken geweest in eerdere procedures, ook niet in de kort geding procedure waarin de voorzieningenrechter op 10 juli jl. uitspraak heeft gedaan. Het vonnis van de voorzieningenrechter is gewezen tussen eisers en het stadsdeel en het is niet algemeen verbindend, te minder nu het vonnis nog niet onherroepelijk is (en spoedappel geboden
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.