vonnis RECHTBANK AMSTERDAM Sector civiel recht zaaknummer / rolnummer: 484614 / HA ZA 11-737 Vonnis van 25 januari 2012 in de zaak van de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [A] ELEKTROTECHNISCHE GROOTHANDEL B.V., gevestigd te Alkmaar, eiseres, advocaat mr. A.H.J. Dunselman te Alkmaar, tegen 1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid SVEBA BEHEER B.V., gevestigd te Amsterdam, 2. [B], wonende te --, gedaagden, advocaat mr. J.G.J. Elslo te Groenekan, gemeente De Bilt. Eiseres zal hierna [A] worden genoemd. Gedaagden zullen hierna Sveba Beheer respectievelijk [B] worden genoemd. 1. De procedure 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: - het tussenvonnis van 29 juni 2011 waarbij de zaak is verwezen naar de rol voor conclusie van repliek, - de conclusie van repliek tevens akte wijziging eis, met producties, - de conclusie van dupliek, met producties, - de akte uitlating producties. 1.2. Ten slotte is vonnis bepaald. 2. De feiten 2.1. Als door de ene partij gesteld en door de andere partij niet dan wel onvoldoende betwist, wordt het volgende als vaststaand aangenomen. 2.2. [B] is enig aandeelhouder en bestuurder van Sveba Beheer. Tot 24 september 2010 was Sveba Beheer enig aandeelhouder en bestuurder van de vennootschap Sveba Bouwen en Wonen B.V. (hierna: Sveba B&W), een onderneming met - volgens het handelsregister - als bedrijfsomschrijving ‘klussenbedrijf en detachering’. 2.3. Op 24 september 2010 zijn de aandelen in Sveba B&W geleverd aan de vennootschap Vitalis B.V. (hierna: Vitalis), die met ingang van deze datum ook enig bestuurder van Sveba B&W is geworden. 2.4. Bestuurder van Vitalis is de stichting Stichting Hygia (hierna: Hygia). De heer [C] is bestuurder van Hygia. 2.5. Op 14 oktober 2010 is de statutaire naam van Sveba B&W gewijzigd in Svalan B.V. (hierna: Svalan). 2.6. In het handelsregister is aangetekend dat Svalan haar activiteiten per 24 september 2010 heeft gestaakt en nog slechts een correspondentieadres heeft in Goch, Duitsland. 2.7. [A] heeft in de periode 24 juni 2008 tot en met 8 november 2010 electrotechnische goederen verkocht en geleverd aan Sveba B&W. [A] heeft voor deze transacties facturen met een betalingstermijn van 30 dagen aan Sveba B&W, te Amsterdam, gezonden. Alle facturen waarvan de betalingstermijn afliep vóór 24 september 2010 zijn door Sveba B&W voldaan. Op of na 24 september 2010 zijn geen goederen meer door Sveba B&W besteld. Niet voldaan zijn de volgende facturen waarvan de betalingstermijn afliep op of na 24 september 2010: 1267043 van 26 augustus 2010 ad € 274,45 1269159 van 2 september 2010 ad € 1.856,40 1269160 van 2 september 2010 ad € 6.629,37 1271373 van 9 september 2010 ad € 1.157,28 1272327 van 10 september 2010 ad € 30,94 1272328 van 10 september 2010 ad € 651,67 1272795 van 14 september 2010 ad € 77,35 1277728 van 28 september 2010 ad € 2.843,93 1280399 van 5 oktober 2010 ad € 202,81 1293282 van 9 november 2010 ad € 184,40 TOTAAL € 13.871,11 (waarbij rekening is gehouden met een creditfactuur van 14 september 2010 ad € 37,49) De laatste drie facturen ad (2.843,93 + 202,81 + 184,40 =) € 3.231,14 betreffen bestellingen die zijn geleverd en gefactureerd ná 24 september 2010 en zien op een mechanische ventilatie van het merk S&P, buizen van het merk Spiralo en ten slotte een televisie. Deze goederen zijn, zoals steeds op de factuur vermeld staat, afgeleverd op het aan [A] bekende bedrijfsadres van Sveba B&W te Kwadijk. 2.8. Betaling op de hiervoor genoemde facturen bleef uit. Op 16 november 2010 heeft [A] naar aanleiding van een door haar gedane betalingsherinnering een ongedateerde en niet ondertekende brief ontvangen, die naar later is gebleken, is verzonden door een hulppersoon van [B] die bij afwezigheid van [B] de post verzorgde, met de volgende inhoud: Betreft: verkoop [Sveba B&W] Geachte heer/mevrouw, Bijgaand treft u door ons ontvangen correspondentie, betreffende [Sveba B&W]. Het bedrijf is per 24 september verkocht en verder gegaan onder de naam Svalan B.V. Correspondentieadres is: Svalan B.V. Moelscherweg 104 47574 Goch Duitsland Telefonisch te bereiken onder tel.nr (…) hopende u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd verblijf ik. 2.9. Bij brief van 22 november 2010 heeft de raadsman van [A] aan [B] bericht dat [A] hem wegens onrechtmatig handelen aansprakelijk houdt voor de door haar als gevolg van de uitgebleven betaling op de facturen geleden schade en hem gesommeerd om de openstaande facturen te voldoen. 2.10. Bij brief aan de raadsman van [A] van 29 november 2010 heeft [B] onder meer als volgt gereageerd: (…) [Sveba B&W] werd bestuurd door [Sveba Beheer] op 24 september is [Sveba B&W] overgegaan in handen van Vitalis BV. Tot en met de dag van de overname heeft er geen enkele factuur opengestaan langer dan de overeengekomen betaling termijn en zijn er zelfs vlak voor de overname nog gewoon facturen betaald, zoals er gedurende onze jarenlange relatie altijd keurig op tijd betaald is. Wat betreft de leveringen die gedaan zijn na de overname het volgende, dit zijn zonder uitzondering naleveringen van eerder gedane bestellingen er is op geen enkel moment na de overname nog een bestelling geweest. De spullen die geleverd zijn hadden gewoon terug gestuurd moeten worden dit is helaas niet gebeurd i.v.m. mijn afwezigheid(ik was in het buitenland van 27 september t/m 15 november) deze spullen staan gewoon nog verpakt en kunnen door de firma [A] weer opgehaald worden, ze zijn niet gebruikt of verwerkt etc. aangezien het bouwbedrijf verkocht is en er door mij niet meer gebouwd word. Alleen de geleverde televisie is helaas in gebruik genomen en wil ik graag betalen als ik een factuur krijg op het juiste bedrijf. Tevens wil ik ook nog aan u kwijt dat ik dit in een persoonlijk telefonisch overleg met de Firma [A] tot twee maal toe tegen twee verschillende medewerkers gezegd heb dat ik niet wist dat er spullen geleverd waren na de verkoop en dat ik dit zeker in orde zou maken omdat dat niet kon, het bevreemd mij dan ook ten zeerste dat er nu gedaan wordt alsof ik willens en wetens nog spullen aan het bestellen ben geweest om de firma [A] met de rekening op te zadelen. (…) Er is wel iets wat mij aan te rekenen valt namelijk dat de communicatie te wensen heeft overgelaten, onze jarenlange relatie had een beter einde verdiend, ik heb volledig te goede trouw gehandeld en was ervan uit gegaan dat de nieuwe eigenaar zich bekend zou maken dit hadden wij afgesproken, door mijn lange afwezigheid en het niet nakomen van de afspraken door koper is de firma [A] te lang in het ongewisse gebleven waardoor de leveringen (aan mijn adres) nog hebben plaatsgevonden, maar zoals eerder aangegeven neem ik hier mijn verantwoordelijkheid in. (…) (…) Tevens wil ik u meedelen dat ik buitengewoon zorgvuldig gehandeld heb ten tijde van mijn bestuur over [Sveba B&W], er is nooit op enig moment een rekening blijven liggen of onbetaald gebleven. Bij de verkoop heb ik getracht uitermate zorgvuldig te zijn en ik heb mij in deze ook door professionals laten bijstaan. Ik betreur het feit dat de firma [A] mij aanspreekt op zaken waarvoor ik niet verantwoordelijk ben. Ik verzoek u dan ook om zich tot Svalan/Vitalis te richten welke alle rechten en plichten per 24 September hebben over genomen. (…) 2.11. Een medewerker van [A] heeft in een e-mail van 14 februari 2011 als volgt verklaard: (…) N.a.v. mijn ontmoeting met [[B]] (…) te Kwadijk, constateerde ik dat er in de container aldaar, alleen een pallet met meganische ventilatie van het merk S&P en een paar buizen van het merk Spiralo aanwezig waren. Verder was de container geheel leeg. Dus kortom, alle andere materialen die door dhr. [D] besteld waren, waren niet meer aanwezig. (…) 2.12. De door de medewerker van [A] aangetroffen zaken betroffen de geleverde goederen bedoeld in de laatste drie facturen, behoudens de televisie. De televisie was al door [B] persoonlijk in gebruik genomen. 2.13. Bij brief van 10 december 2010, ter attentie van [C], heeft [A] Svalan (op haar correspondentieadres te Goch, Duitsland), gesommeerd om de openstaande facturen binnen zeven dagen te betalen. 2.14. Op de brief van [A] van 10 december 2010 is geen reactie gekomen. 2.15. Bij brief van 20 januari 2011 heeft de raadsman van [A] Sveba Beheer en (nogmaals) [B] aansprakelijk gesteld voor de door haar als gevolg van onrechtmatig handelen hunnerzijds geleden schade, bestaand uit het openstaande factuurbedrag. Bij brief van 27 januari 2011 heeft [B], mede namens Sveba Beheer, aansprakelijkheid wederom van de hand gewezen. 2.16. Op 15 maart 2011 is Svalan in staat van faillissement verklaard. 2.17. [A] heeft de vordering ter zake van de openstaande facturen, ad € 13.871,11, ter verificatie bij de curator van Svalan ingediend. 2.18. Op 11 juli 2011 heeft de curator van Svalan aan de raadsman van [A] bevestigd dat er geen activa bij Svalan zijn aangetroffen, dat de administratie spoorloos is en dat de bestuurder van Svalan medewerking weigert en (na één telefoongesprek met de curator) onbereikbaar is gebleken. 2.19. De openstaande facturen van [A] zijn tot op heden onbetaald gelaten. 2.20. Bij vonnis van 5 juli 2011 van de rechtbank Zutphen is [C] strafrechtelijk veroordeeld. De rechtbank heeft onder meer overwogen en geoordeeld: Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan diverse vormen van fraude: belastingfraude, faillissementsfraude en valsheid in geschrift, meermalen gepleegd, alsmede oplichting. Verdachte is door diens raadsman afgeschilderd als een soort weldoener, die andere ondernemers van hun problemen afhelpt. Hij wikkelt na een overname van een bedrijf/vennootschap zaken af en beëindigt de onderneming. Inkomsten haalt hij onder meer uit het verkopen van activa uit de onderneming. Naar het oordeel van de rechtbank is de handelwijze van verdachte echter te betitelen als gericht op eigen verrijking, afkeurenswaardig en onontkoombaar leidend tot delicten als de onderhavige. Verdachte heeft tegenover de FIOD, curatoren en de rechtbank verklaringen afgelegd over zijn handelwijze. Hieruit blijkt dat hij tegen betaling vennootschappen overneemt, activa te gelde maakt en de passiva laat voor wat ze zijn. Voorts dat hij geen administratie overneemt, noch dat hij daaraan doet. Tevens dat hij uit eigen beweging geen actie onderneemt, tenzij hij door anderen wordt benaderd. Post welke hij ontvangt binnen een door hem overgenomen vennootschap wordt niet geopend of "gaat in de versnipperaar". (…) hieruit blijkt wel zonder enig voorbehoud een instelling, die niet in overeenstemming is met het op een deugdelijke wijze opereren in handelsverkeer met inachtneming van belangen van derden en het zich aantrekken van wettelijke voorschriften. Louter het eigen financieel belang was/is voor verdachte leidend. Meermalen heeft hij (…) bedrieglijke bankbreuk gepleegd door geen administratie te voeren en (dus) te overleggen en activa te gelde te maken zonder enige deugdelijke verantwoording af te leggen jegens de respectievelijke curatoren, de failliete boedel van de vennootschappen achterlatend met vorderingen van tien- tot honderduizenden euro. (…) De rechtbank acht gelet op hetgeen, in afwijking van de eis van de officier van justitie bewezen wordt verklaard een geheel onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 17 maanden passend en geboden. Gelet op de overschrijding van de redelijke termijn zal de rechtbank deze beperken tot een duur van 15 maanden. Gelet op het hiervoor overwogene met betrekking tot het recidiverisico zal de rechtbank hiervan een deel, te weten 5 maanden voorwaardelijk opleggen, teneinde verdachte ervan te weerhouden opnieuw strafbare feiten te plegen. 3. Het geschil 3.1. Na wijziging van eis vordert [A] dat Sveba Beheer en [B], bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad, hoofdelijk worden veroordeeld tot betaling aan [A] van: I € 13.871,11 aan hoofdsom, te vermeerderen met de wettelijke (handels)rente vanaf de vervaldatum van de desbetreffende facturen, II € 5.160,-- aan buitengerechtelijke kosten, te vermeerderen met de wettelijke (handels)rente vanaf de dag der dagvaarding, III de tot heden gevallen kosten van het geding, IV de na dit vonnis te vallen kosten van € 131,--, te vermeerderen met € 68,-- indien betekening van het vonnis plaatsvindt, voorts te vermeerderen met de wettelijke rente over € 131,-- vanaf zeven dagen na aanzegging en voorts te vermeerderen met de wettelijke rente over € 68,-- vanaf zeven dagen na betekening van het vonnis. 3.2. [A] legt samengevat het volgende aan de vordering ten grondslag. Sveba Beheer had als enig bestuurder en aandeelhouder de feitelijke zeggenschap over de bedrijfsvoering van Sveba B&W. Sveba Beheer heeft zich derhalve intensief en indringend met het beleid van Sveba B&W beziggehouden. Op Sveba Beheer rustte dan ook een zorgplicht ten aanzien van de schuldeisers van Sveba B&W. Sveba Beheer heeft die zorgplicht geschonden doordat zij niet erop heeft toegezien dat de facturen van [A] tijdig werden betaald. Voorts heeft Sveba Beheer die zorgplicht geschonden omdat zij gelet op de omstandigheden van het geval wist, althans behoorde te weten, dat de overdracht van de aandelen in Sveba B&W aan Vitalis tot gevolg zou hebben dat de schuldeisers van Sveba B&W niet zouden worden voldaan. Genoemde schendingen van de zorgplicht constitueren een onrechtmatige daad van Sveba Beheer jegens [A], uit welken hoofde Sveba Beheer aansprakelijk is voor de schade van [A], in hoofdsom bestaande uit de onbetaald gelaten en als oninbaar te beschouwen facturen. [B] is op grond van artikel 2:11 Burgerlijk Wetboek (BW) als middellijk bestuurder naast Sveba Beheer hoofdelijk aansprakelijk. 3.3. Sveba Beheer en [B] voeren verweer. 3.4. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan. 4. De beoordeling 4.1. De stellingen van [A] strekken ten betoge, samengevat, dat gedaagden de onderneming van Sveba B&W hebben overgedragen aan een derde terwijl zij wisten, althans behoorden te weten, dat de onderneming onder het nieuwe eigenaars- en bestuurdersschap zou worden leeggehaald ten detrimente van haar crediteuren. In dat licht moet, nu een andersluidende toelichting ontbreekt, ook worden begrepen de stelling van [A] dat gedaagden de uit hun intensieve en indringende bemoeienis met Sveba B&W voortvloeiende zorgplicht hebben geschonden, waarmee [A] doelt op het arrest van de Hoge Raad van 19 februari 1988 (NJ 1988, 487). 4.2. In geval van benadeling van een schuldeiser van een vennootschap door het onbetaald en onverhaalbaar blijven van diens vordering kan, naast de aansprakelijkheid van de vennootschap mogelijk ook, afhankelijk van de omstandigheden van het concrete geval, grond zijn voor aansprakelijkheid van degene die als bestuurder heeft bewerkstelligd of toegelaten dat de vennootschap haar wettelijke of contractuele verplichtingen niet nakomt (zie Hoge Raad 8 december 2006, LJN AZ0758). In het algemeen mag alleen dan worden aangenomen dat de bestuurder jegens de schuldeiser van de vennootschap onrechtmatig heeft gehandeld waar hem, mede gelet op zijn verplichting tot een behoorlijke taakuitoefening als bedoeld in art. 2:9 BW, een voldoende ernstig verwijt kan worden gemaakt. De betrokken bestuurder kan voor de schade van de schuldeiser aansprakelijk worden gehouden, indien zijn handelen of nalaten als bestuurder ten opzichte van de schuldeiser in de gegeven omstandigheden zodanig onzorgvuldig is dat hem daarvan persoonlijk een ernstig verwijt kan worden gemaakt. Van een dergelijk ernstig verwijt zal in ieder geval sprake kunnen zijn als komt vast te staan dat de bestuurder wist of redelijkerwijze had behoren te begrijpen dat de door hem bewerkstelligde of toegelaten handelwijze van de vennootschap tot gevolg zou hebben dat de vennootschap haar verplichtingen niet zou nakomen en ook geen verhaal zou bieden voor de als gevolg daarvan optredende schade. Er kunnen zich echter ook andere omstandigheden voordoen op grond waarvan een ernstig persoonlijk verwijt kan worden aangenomen. 4.3. Ter onderbouwing van haar stelling dat Sveba Beheer en [B] in het licht van de hiervoor aangehaalde maatstaf aansprakelijk zijn voor de door [A] geleden schade wijst [A] onder meer op de volgende - onbetwist gebleven - omstandigheden:
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.