← Nederland

ECLI:NL:RBAMS:2012:BX9883

RECHTBANK AMSTERDAM VONNIS Parketnummer: 13/845024-08 (Promis) Datum uitspraak: 1 juni 2012 Vonnis van de rechtbank Amsterdam, meervoudige strafkamer, in de strafzaak tegen: [verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [1959], ingeschreven in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens op het adres [adres], postcode woonplaats]. Inhoudsopgave van het vonnis 1. Het onderzoek ter terechtzitting 4 2. De tenlastelegging 4 3. Voorvragen 15 4. Het bewijs, bewijsoverwegingen en bewezenverklaring 16 4.1. Algemene verweren 16 4.1.1. Suggestief onderzoek van de FIOD? 16 4.1.2. Had artikel 344 Wetboek van Strafrecht (Sr) ten laste moeten worden gelegd? 16 4.2. De vennootschappen van [verdachte] 17 4.2.1. Andere vennootschappen 17 4.2.2. [vennootschap 25] 19 5. [vennootschap 23] 20 5.1. Essentie 20 5.2. De feiten 21 5.3. Tijdstip waarop het faillissement niet meer kon worden voorkomen? 26 5.4. Zijn er paulianeuze handelingen verricht? 28 5.5. [verdachte] 31 5.6. [persoon 3] 32 5.7. Bewezenverklaring 33 6. [persoon 4] 34 6.1. Nietigheidsverweer 34 6.2. Essentie 34 6.3. De feiten 35 6.4. Tijdstip waarop het faillissement niet meer kon worden voorkomen? 39 6.5. Zijn er paulianeuze handelingen verricht? 40 6.6. [verdachte] 43 6.7 [persoon 5] 46 6.8. [persoon 6] 48 6.9. Bewezenverklaring 49 7. [vennootschap 30] 50 7.1. Essentie 50 7.2. De feiten 50 7.3. Tijdstip waarop het faillissement niet meer kon worden voorkomen? 53 7.4. Zijn er paulianeuze handelingen verricht? 55 7.5. [verdachte] 56 7.6. [persoon 5] 58 7.7. [persoon 6] 59 8. [vennootschap 1] 60 8.1. Essentie 60 8.2. De feiten 60 8.3. Tijdstip waarop het faillissement niet meer kon worden voorkomen? 66 8.4. Zijn er paulianeuze handelingen verricht? 68 8.5. Bewezenverklaring 75 9. [vennootschap 36] 76 9.1. Nietigheidsverweren 76 9.2. Essentie 77 9.3. De feiten 77 9.4. Rechtmatigheid faillissement/benadeling schuldeisers? 85 9.5. Tijdstip waarop het faillissement niet meer kon worden voorkomen? 87 9.6. Zijn er paulianeuze handelingen verricht? 90 9.7. [verdachte] 93 9.8. De bewezenverklaring 94 10. Algehele conclusie ten aanzien van het bewijs, de strafbaarheid van de feiten en de strafbaarheid van de verdachte 95 11. Motivering van de straf 95 11.1. De vordering van de officier van justitie 95 11.2. Het oordeel van de rechtbank 95 11.3. De vorderingen van benadeelde partijen 97 12. Beslissing 99 1. Het onderzoek ter terechtzitting Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen op: - 6 oktober 2009 (regiezitting) - 27, 28, 29 en 30 maart 2012, - 2, 3 en 4 april 2012, - 4 mei 2012. De rechtbank heeft op 18 mei 2012 het onderzoek ter terechtzitting heropend en onmiddellijk weer gesloten, omdat de beraadslaging vanwege onvoorziene omstandigheden langer duurde dan voorzien. Zowel de officier van justitie als de raadslieden zijn hiervan op voorhand op de hoogte gesteld, terwijl tevens is medegedeeld dat verdachte desgewenst opnieuw zou kunnen gebruikmaken van zijn recht op het uitspreken van het laatste woord; aan hen is bij diezelfde gelegenheid medegedeeld dat de uitspraak op 1 juni 2012 zal plaatsvinden. Op de zitting van 18 mei 2012 zijn verdachte noch zijn raadslieden verschenen. De officier van justitie mr. J.W. Bollen heeft zich door een ambtsgenoot laten vertegenwoordigen. De rechtbank heeft ten behoeve van haar beraadslaging kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie mr. J.W. Bollen en van wat [verdachte] en zijn raadslieden, mrs. R.E. Drenth en M.J.A. Castelijn, bij de inhoudelijke behandeling van de zaak ter terechtzitting naar voren hebben gebracht. Voorts heeft de rechtbank acht geslagen op de inhoud van de schriftelijke visie van de verdediging op de hierna te bespreken zaken [vennootschap 30], [vennootschap 18], [vennootschap 36] en [vennootschap 23], die de raadslieden voorafgaande aan de inhoudelijke behandeling aan de rechtbank hebben doen toekomen. Tot slot heeft de rechtbank kennis genomen van de inhoud van het rapport van forensisch onderzoeksbureau [forensisch onderzoeksbureau], dat de verdediging in het kader van de hierna te bespreken zaak [vennootschap 1] heeft ingediend. 2. De tenlastelegging Aan verdachte is ten laste gelegd dat Feit 1: (faillissement [vennootschap 1] ([vennootschap 1])) hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 22 december 2004 tot en met 28 juni 2005, in de gemeente(

  1. n)Amsterdam en/of Laren en/of Baarn en/of Abcoude en/of (elders) in Nederland, tezamen en in vereniging met (de bestuurder(
  2. s)van) [vennootschap 1] ([vennootschap 1]) en/of met één of meer (andere) rechtspersonen en/of natuurlijke personen, althans alleen, terwijl [vennootschap 1] bij vonnis van de Rechtbank Amsterdam van 28 juni 2005 in staat van faillissement is verklaard, ter bedrieglijke verkorting van de rechten der schuldeisers van bovengenoemde rechtspersoon, (telkens): -lasten heeft verdicht en/of baten niet heeft verantwoord, en/of -enig goed aan de boedel heeft onttrokken, en/of -enig goed om niet en/of klaarblijkelijk beneden de waarde heeft vervreemd, en/of -ter gelegenheid van het faillissement van [vennootschap 1] en/of op een tijdstip waarop [vennootschap 1] en/of verdachte en/of zijn/haar/hun mededader(
  3. s)wist(
  4. en)dat het faillissement niet kon worden voorkomen, één of meer van haar ([vennootschap 1]) schuldeisers op enige wijze heeft bevoordeeld, door: -een (direct opeisbare) lening tot stand te (laten) brengen en/of te laten komen als gevolg van een op 29 december 2004 tussen [vennootschap 2] en [vennootschap 1] gedateerde en/of afgesloten "Overeenkomst van Geldlening" voor het bedrag van EUR 610.000 (proces-verbaal bijlage 78, BD.0058; blz. 404 ev.) waarin opgenomen een boeteclausule van 25%, te voldoen bij niet nakoming van de aflossingsverplichtingen door [vennootschap 1] en waarbij een akte van verpanding (proces-verbaal bijlage 79, BD.02.01; blz. 412 ev.) was opgemaakt waarmee [vennootschap 2] een recht van pand verkreeg op alle debiteuren/vorderingen en/of voorraden en/of zaken van [vennootschap 1], waardoor bij een faillissement ten koste van de positie van de overige (concurrente) crediteuren een bevoorrechte, althans een betere positie voor [vennootschap 2] werd gecreëerd, in ieder geval door toen daar in even genoemde lening een boeteclausule (25%) op te (laten) nemen te voldoen bij niet nakoming van de aflossingsverplichtingen door [vennootschap 1], en/of tengevolge waarvan [vennootschap 1] in de periode van 08 februari 2005 tot en met 19 april 2005 in totaal een bedrag van EUR 734.318, althans een geldbedrag (zijnde terugbetaling hoofdsom (EUR 610.000) en/of rente en/of boete en/of boeterente (EUR 124.318)) heeft betaald aan [vennootschap 2] en/of waardoor de curator na het intreden van dit faillissement niet meer kon beschikken over de voorraden en/of vorderingen en/of (debiteuren)gelden en/of zaken van [vennootschap 1], en/of - [vennootschap 1] een geldbedrag van EUR 210.000, althans enig geldbedrag, voor huurpenningen te (laten) betalen/over te (laten) boeken en/of (in totaal) EUR 400.000 af te (laten) lossen aan [vennootschap 3] op diens concurrente vordering, en/of - [vennootschap 1] één of meer geldbedragen van (in totaal) EUR 555.651 (onverplicht) te (laten) betalen en/of over te (laten) boeken aan bij/door Atradius verzekerde crediteuren (ondermeer [vennootschap 4], [vennootschap 5], [vennootschap 6], [vennootschap 7] en/of [vennootschap 8]) (proces-verbaal 3.2.1.10; blz. 78-83), en/of - een factuur (proces-verbaal bijlage 118, BD.0236; blz. 596) ten name van [vennootschap 9] ten bedrage van EUR 17.754,80 en gedateerd 23 mei 2005 in te (laten) dienen bij [vennootschap 1] en/of (vervolgens) die EUR 17.754,80, althans enig geldbedrag (op 26 mei 2005) door [vennootschap 1] te (laten) betalen aan [vennootschap 9] (proces-verbaal bijlage 177, BD.0197; blz. 592), en/of - [vennootschap 1] (een) geldbedrag(
  5. en)van EUR 154.494,99 en/of EUR 697,34 (onverplicht) te (laten) betalen en/of over te (laten) boeken aan (een crediteur van [vennootschap 10] BV) [vennootschap 11] BV (bijlage 121, BD.0323; blz. 603), en/of - [vennootschap 1] een geldbedrag van EUR 20.563,20 (onverplicht) te (laten) betalen en/of over te (laten) boeken aan (een crediteur van [vennootschap 10] BV) [vennootschap 12] (bijlage 121, BD.0323; blz. 603), en/of -[vennootschap 1] een geldbedrag van EUR 25.317 (op 22 maart 2005) te (laten) betalen aan [vennootschap 13] Beheer BV (proces-verbaal bijlage 118, BD.0236; blz. 598), en/of - [vennootschap 1] een geldbedrag van EUR 23.800 (op 02 juni 2005) te (laten) betalen aan [vennootschap 14] BV (proces-verbaal bijlage 117, BD.0197, blz. 593), en/of - (op 01 juni 2005) een (deel van een) vordering van [vennootschap 1] op [vennootschap 10 A] BV ten bedrage van EUR 173.220 kwijt te (laten) schelden (bijlage 127; blz. 612 en bijlage 130; blz. 635), en/of - (op 01 juni 2005) een (deel van een) vordering van [vennootschap 1] op [vennootschap 15] BV ten bedrage van EUR 170.825 kwijt te (laten) schelden (proces-verbaal bijlage 127; blz. 612 en bijlage 130; blz. 635), en/of - een vordering van [vennootschap 1] op [vennootschap 16] NV ter waarde van ongeveer EUR 365.000 te (laten) verkopen/over te (laten) dragen (akte van cessie, proces-verbaal bijlage 137, FE.0874b; blz. 644) aan [vennootschap 17] BV voor een bedrag van EUR 200.000, althans voor een bedrag ver onder de werkelijke en/of gangbare waarde; Subsidiair: [vennootschap 1] ([vennootschap 1]) op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 22 december 2004 tot en met 28 juni 2005, in de gemeente(
  6. n)Amsterdam en/of Laren en/of Baarn en/of Abcoude en/of (elders) in Nederland, tezamen en in vereniging met één of meer (andere) rechtspersonen en/of natuurlijke personen, althans alleen, welke rechtspersoon ([vennootschap 1]) bij vonnis van de Rechtbank Amsterdam van 28 juni 2005 in staat van faillissement is verklaard, ter bedrieglijke verkorting van de rechten der schuldeisers van bovengenoemde rechtspersoon, (telkens): - lasten heeft verdicht en/of baten niet heeft verantwoord, en/of - enig goed aan de boedel heeft onttrokken, en/of - enig goed om niet en/of klaarblijkelijk beneden de waarde heeft vervreemd, en/of - ter gelegenheid van het faillissement van [vennootschap 1] en/of op een tijdstip waarop [vennootschap 1] en/of verdachte en/of haar/zijn/hun mededader(
  7. s)wist(
  8. en)dat het faillissement niet kon worden voorkomen, één of meer schuldeisers op enige wijze heeft bevoordeeld, door: - een (direct opeisbare) lening tot stand te (laten) brengen en/of te laten komen als gevolg van een op 29 december 2004 tussen [vennootschap 2] en [vennootschap 1] gedateerde en/of afgesloten "Overeenkomst van Geldlening" voor het bedrag van EUR 610.000,00 (proces-verbaal bijlage 78, BD.0058; blz. 404 ev.) waarin opgenomen een boeteclausule van 25%, te voldoen bij niet nakoming van de aflossingsverplichtingen door [vennootschap 1] en waarbij een akte van verpanding (proces-verbaal bijlage 79, BD.02.01; blz. 412 ev.) was opgemaakt waarmee [vennootschap 2] een recht van pand verkreeg op alle debiteuren/vorderingen en/of voorraden en/of zaken van [vennootschap 1] waardoor bij een faillissement ten koste van de positie van de overige (concurrente) crediteuren een bevoorrechte, althans een betere positie voor [vennootschap 2] werd gecreëerd, in ieder geval door toen daar in even genoemde lening een boeteclausule (25%) op te (laten) nemen te voldoen bij niet nakoming van de aflossingsverplichtingen door [vennootschap 1], en/of tengevolge waarvan [vennootschap 1] in de periode van 08 februari 2005 tot en met 19 april 2005 in totaal een bedrag van EUR 734.318, althans een geldbedrag (zijnde terugbetaling hoofdsom (EUR 610.000) en/of rente en/of boete en/of boeterente (EUR 124.318) heeft betaald aan [vennootschap 2] en/of waardoor de curator na het intreden van dit faillissement niet meer kon beschikken over de voorraden en/of vorderingen en/of (debiteuren)gelden en/of zaken van [vennootschap 1], en/of -een geldbedrag van EUR 210.000, althans een geldbedrag, voor huurpenningen te (laten) betalen/over te (laten) boeken en/of (in totaal) EUR 400.000 af te (laten) lossen aan [vennootschap 3] op diens concurrente vordering, en/of - één of meer geldbedragen van (in totaal) EUR 555.651 -onverplicht- te (laten) betalen en/of over te (laten) boeken aan bij/door Atradius verzekerde crediteuren (ondermeer [vennootschap 4], [vennootschap 5], [vennootschap 6], [vennootschap 7] en/of [vennootschap 8]) (proces-verbaal 3.2.1.10; blz. 78-83), en/of -een factuur (proces-verbaal bijlage 118, BD.0236; blz. 596) ten name van [vennootschap 9] ten bedrage van EUR 17.754,80 en gedateerd 23 mei 2005 in te (laten) dienen bij [vennootschap 1] en/of (vervolgens) die EUR 17.754,80, althans enig geldbedrag (op 26 mei 2005) te (laten) betalen aan [vennootschap 9] (proces-verbaal bijlage 117, BD.0197; blz. 592), en/of -(een) geldbedrag(
  9. en)van EUR 154.494,99 en/of EUR 697,34 (onverplicht) te (laten) betalen en/of over te (laten) boeken aan (een crediteur van [vennootschap 10] BV) [vennootschap 11] BV, (bijlage 121, BD.0323; blz. 603), en/of -een geldbedrag van EUR 20.563,20 (onverplicht) te (laten) betalen en/of over te (laten) boeken aan (een crediteur van [vennootschap 10] BV) [vennootschap 12] (bijlage 121, BD.0323; blz. 603), en/of -een geldbedrag van EUR 25.317 (op 22 maart 2005) te (laten) betalen aan [vennootschap 13] Beheer BV (proces-verbaal bijlage 118, BD.0236; blz. 598), en/of - een geldbedrag van EUR 23.800 (op 02 juni 2005) te (laten) betalen aan [vennootschap 14] BV (proces-verbaal bijlage 117, BD.0197, blz. 593), en/of - (op 01 juni 2005) een (deel van een) vordering van [vennootschap 1] op [vennootschap 10 A] BV ten bedrage van EUR 173.220 kwijt te (laten) schelden (proces-verbaal bijlage 127; blz. 612 en bijlage 130; blz. 635), en/of - (op 01 juni 2005) een (deel van een) vordering van [vennootschap 1] op [vennootschap 15] BV ten bedrage van EUR 170.825 kwijt te (laten) schelden (proces-verbaal bijlage 127; blz. 612 en bijlage 130; blz. 635), en/of - een vordering van [vennootschap 1] op [vennootschap 16] NV ter waarde van ongeveer EUR 365.000 te (laten) verkopen/over te (laten) dragen (akte van cessie, proces-verbaal bijlage 137, FE.0874b; blz. 644) aan [vennootschap 17] BV voor een bedrag van EUR 200.000, althans voor een bedrag ver onder de werkelijke en/of gangbare waarde, tot het plegen van welk(
  10. e)bovenomschreven strafbare feit(
  11. en)verdachte tezamen en in vereniging met één of meer (andere) natuurlijke en/of rechtspersonen, althans alleen, (telkens) opdracht heeft gegeven, dan wel aan welke bovenomschreven verboden gedraging(
  12. en)verdachte tezamen en in vereniging met één of meer (andere) natuurlijke en/of rechtspersonen, althans alleen, (telkens) feitelijke leiding heeft gegeven; Feit 2 (faillissement: [vennootschap 18]) hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 25 april 2005 tot en met 31 december 2005 in de gemeente(
  13. n)Brummen en/of Apeldoorn en/of Blaricum en/of Laren en/of Loenen en/of (elders) in Nederland, tezamen en in vereniging met (de bestuurder(
  14. s)van) [vennootschap 18] BV ([vennootschap 18]) en/of met één of meer (andere) rechtspersonen en/of natuurlijke personen, althans alleen, welke rechtspersoon ([vennootschap 18]) bij vonnis van 7 oktober 2005 van de Rechtbank Zutphen in staat van faillissement is verklaard, ter bedrieglijke verkorting van de rechten der schuldeisers van genoemde rechtspersoon, (telkens): - ter gelegenheid van het faillissement van [vennootschap 18] en/of op een tijdstip waarop [vennootschap 18] en/of verdachte en/of zijn/haar/hun mededader(
  15. s)wist(
  16. en)dat het faillissement van haar ([vennootschap 18]) niet kon uitblijven één of meer schuldeisers heeft bevoordeeld, en/of -lasten heeft verdicht en/of baten niet heeft verantwoord, en/of -enig goed aan de boedel heeft onttrokken, en/of -enig goed hetzij om niet, hetzij klaarblijkelijk beneden de waarde heeft vervreemd, door: - een (direct opeisbare) lening tot stand te (laten) brengen en/of te laten komen ten gevolge van een op 08 juni 2005 tussen [vennootschap 19] BV en [vennootschap 18] gedateerde en/of afgesloten "Overeenkomst van Geldlening" (proces-verbaal bijlage 131, BD.0034; blz. 668-670) voor het bedrag van EUR1.250.000 waarin opgenomen een boeteclausule van 25%, te voldoen bij niet nakoming van de aflossingsverplichtingen door [vennootschap 18] en waarbij een akte van verpanding activa onderneming (proces-verbaal bijlage 132, BD.0219; blz. 671-677) was opgemaakt waarmee -via [vennootschap 19] BV- [vennootschap 20] middellijk, althans meer zekerheid tot aflossing door een recht van pand van [vennootschap 19] BV verkreeg op alle (roerende) zaken (inclusief voorraden en/of rollend materieel) van [vennootschap 18], waardoor bij een faillissement ten koste van de positie van de overige (concurrente) crediteuren een betere positie voor [vennootschap 19] BV en/of daarmee voor [vennootschap 20] werd gecreëerd, en/of - van een concurrente lening/vordering -zonder zekerheidstelling- van [vennootschap 20] aan/op [vennootschap 18] BV ([vennootschap 18]) ad. EUR 1.300.000, laatstgenoemde een geldbedrag van EUR 500.000 af te (laten) lossen en/of (terug) te (laten) betalen en/of te storten, en/of - [vennootschap 18] een geldbedrag van EUR 80.899,95 te (laten) betalen en/ofover te (laten) maken aan [vennootschap 21] (ter voldoening van een openstaande vordering), en/of - [vennootschap 18] een geldbedrag van EUR 478.058 te (laten) betalen en/of over te (laten) maken aan [vennootschap 21] in verband met de aankoop en/of levering van een vijftal vrachtauto's/trucks aan [vennootschap 18], terwijl die vrachtauto's/trucks als onderdeel van de activa van [vennootschap 18] onder het gevestigde pandrecht vielen en/of kwamen te vallen ten behoeve van [vennootschap 19] BV, en/of - het (laten) verkopen van activa van [vennootschap 18] tegen (liquidatie)waarde ter grootte van EUR 1.826.888 incl. btw aan [vennootschap 19] BV, terwijl de opbrengst bij de niet lang daarna plaatsgevonden hebbende verkoop (door [vennootschap 19] BV) aan derden EUR 2.133.021 incl. btw bedroeg waardoor de boedel een geldbedrag van EUR 306.133, althans een (aanzienlijk) geldbedrag is misgelopen; Subsidiair: [vennootschap 18] BV ([vennootschap 18]) op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 25 april 2005 tot en met 31 december 2005 in de gemeente(
  17. n)Brummen en/of Apeldoorn en/of Blaricum en/of Laren en/of Loenen en/of (elders) in Nederland, tezamen en in vereniging met één of meer (andere) rechtspersonen en/of natuurlijke personen, althans alleen, welke rechtspersoon ([vennootschap 18]) bij vonnis van 7 oktober 2005 van de Rechtbank Zutphen in staat van faillissement is verklaard, ter bedrieglijke verkorting van de rechten der schuldeisers van genoemde rechtspersoon, (telkens): -ter gelegenheid van het faillissement van [vennootschap 18] en/of op een tijdstip waarop [vennootschap 18] en/of verdachte en/of haar/zijn/hun mededader(
  18. s)wist(
  19. en)dat het faillissement van [vennootschap 18] niet kon uitblijven één of meer schuldeisers heeft bevoordeeld, en/of - lasten heeft verdicht en/of baten niet heeft verantwoord, en/of -enig goed aan de boedel heeft onttrokken, en/of -enig goed hetzij om niet, hetzij klaarblijkelijk beneden de waarde heeft vervreemd, door: - een (direct opeisbare) lening tot stand te (laten) brengen en/of te laten komen ten gevolge van een op 08 juni 2005 tussen [vennootschap 19] BV en [vennootschap 18] gedateerde en/of afgesloten "Overeenkomst van Geldlening" (proces-verbaal bijlage 131, BD.0034; blz. 668-670) voor het bedrag van EUR1.250.000 waarin opgenomen een boeteclausule van 25%, te voldoen bij niet nakoming van de aflossingsverplichtingen door [vennootschap 18] en waarbij een akte van verpanding activa onderneming (proces-verbaal bijlage 132, BD.0219; blz. 671-677) was opgemaakt waarmee -via [vennootschap 19] BV- [vennootschap 20] middellijk, althans meer zekerheid tot aflossing door een recht van pand van [vennootschap 19] BV verkreeg op alle (roerende) zaken (inclusief voorraden en/of rollend materieel) van [vennootschap 18], waardoor bij een faillissement ten koste van de positie van de overige (concurrente) crediteuren een betere positie voor [vennootschap 19] BV en/of daarmee voor [vennootschap 20] werd gecreëerd, en/of - van een concurrente lening/vordering -zonder zekerheidstelling- van [vennootschap 20] aan/op [vennootschap 18] BV ([vennootschap 18]) ad. EUR 1.300.000, laatstgenoemde een geldbedrag van EUR 500.000 af te (laten) lossen en/of (terug) te (laten) betalen en/of te storten, en/of - [vennootschap 18] een geldbedrag van EUR 80.899,95 te (laten) betalen en/ofover te (laten) maken aan [vennootschap 21] (ter voldoening van een openstaande vordering), en/of - [vennootschap 18] een geldbedrag van EUR 478.058 te (laten) betalen en/of over te (laten) maken aan [vennootschap 21] in verband met de aankoop en/of levering van een vijftal vrachtauto's/trucks aan [vennootschap 18], terwijl die vrachtauto's/trucks als onderdeel van de activa van [vennootschap 18] onder het gevestigde pandrecht vielen en/of kwamen te vallen ten behoeve van [vennootschap 19] BV, en/of - het (laten) verkopen van activa van [vennootschap 18] tegen (liquidatie)waarde ter grootte van EUR 1.826.888 incl. btw aan [vennootschap 19] BV, terwijl de opbrengst bij de niet lang daarna plaatsgevonden hebbende verkoop (door [vennootschap 19] BV) aan derden EUR 2.133.021 incl. btw bedroeg waardoor de boedel een geldbedrag van EUR 306.133, althans een (aanzienlijk) geldbedrag is misgelopen; Feit 3 (faillissement: [vennootschap 23]) hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 01 oktober 2005 tot en met 01 januari 2007 in de gemeente(
  20. n)Dongen en/of Laren en/of Leek en/of (elders) in Nederland, tezamen en in vereniging met (de bestuurder(
  21. s)van) [vennootschap 22] voorheen [vennootschap 23] BV en/of met één of meer (andere) rechtspersonen en/of natuurlijke personen, althans alleen, welke rechtspersoon ([vennootschap 22]) bij vonnis van 01 augustus 2006 van de Rechtbank Breda in staat van faillissement is verklaard, ter bedrieglijke verkorting van de rechten der schuldeisers van eerstgenoemde rechtspersoon, (telkens): - ter gelegenheid van het faillissement en/of op een tijdstip waarop [vennootschap 22] voorheen [vennootschap 23] BV en/of verdachte en/of zijn/haar/hun mededader(
  22. s)wist(
  23. en)dat het faillissement niet kon uitblijven één of meer van haar ([vennootschap 22] voorheen [vennootschap 23] BV) schuldeisers heeft bevoordeeld, en/of -lasten heeft verdicht en/of baten niet heeft verantwoord, en/of -enig goed aan de boedel heeft onttrokken, en/of -enig goed hetzij om niet, hetzij klaarblijkelijk beneden de waarde heeft vervreemd, door: -een lening tot stand te (laten) brengen en/of te (laten) komen ten gevolge van een op 12 januari 2006 tussen [vennootschap 24] en [vennootschap 22] voorheen [vennootschap 23] BV afgesloten en/of gedateerde "Overeenkomst van Geldlening" voor het bedrag van EUR 1.375.000 waarin opgenomen een boeteclausule van 25%, te voldoen bij niet nakoming van de aflossingsverplichtingen door [vennootschap 22] voorheen [vennootschap 23] BV (proces-verbaal bijlage 135, BD.0009; blz. 975) en waarbij (een) akte(
  24. s)van verpanding (proces-verbaal bijlage 136, BD.0010; blz. 982 en bijlage 137, BD.0011; blz. 998) was/waren opgemaakt waarmee [vennootschap 24] en/of (later) [vennootschap 25A] BV een recht van pand verkreeg op alle voorraden en/of de bedrijfsuitrusting van [vennootschap 22] voorheen [vennootschap 23] BV, waardoor bij een faillissement ten koste van de positie van de overige (concurrente) crediteuren, voor [vennootschap 24] BV en/of (later) [vennootschap 25A] BV en/of daarmee voor [vennootschap 26A] BV een betere positie werd gecreëerd, en/of -van een lening/vordering ten bedrage van EUR 1.700.000 -zonder zekerheidstelling- van [vennootschap 23] Group BV aan/op [vennootschap 22] voorheen [vennootschap 23] BV een geldbedrag van EUR 1.520.000 door laatstgenoemde af te (laten) lossen en/of (terug) te (laten) betalen en/of te storten (op rekening van [vennootschap 27] BV), en/of -[vennootschap 22] voorheen [vennootschap 23] BV (rechten
  25. op)de (geregistreerde) woord- en beeldmerken Quadralite, Skandiplex en/of [vennootschap 23] (onverplicht) te (laten) verkopen en/of over te (laten) dragen aan [vennootschap 28] BV (proces-verbaal bijlage 143, BD.0013; blz. 1032-1034), en/of -(op 28 juli 2006) een (schijn) openbare veiling -via het internet- te (laten) organiseren en/of houden waarbij activa (magazijn-, kantoor- en/of bedrijfsinventaris en/of voorraden grondstoffen en/of producten en/of onderhanden werk) van [vennootschap 22] voorheen [vennootschap 23] BV werden geveild/verkocht en/of (vervolgens) de opbrengst van die veiling(verkoop), zijnde (in totaal) ongeveer EUR 984.956 excl. btw, althans enig geldbedrag te (laten) betalen en/of over te (laten) maken aan [vennootschap 25E] BV en/of [vennootschap 29] BV, en/of (daarna) -evengenoemde vennootschap(pen) (delen van) de bedoelde activa te (laten) verkopen/leveren aan [vennootschap 26A] BV waarbij door [vennootschap 25D] BV een winst/voordeel is behaald van ongeveer EUR 70.300 excl. btw, althans enig geldbedrag en/of voor [vennootschap 29] BV een winst/voordeel is behaald van ongeveer EUR 116.882 excl. btw, althans enig geldbedrag, tengevolge waarvan laatstgenoemde geldbedragen uit het zicht en/of buiten het bereik van de curator zijn gebracht en/of gehouden; Subsidiair: [vennootschap 22] voorheen [vennootschap 23] BV op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 01 oktober 2005 tot en met 01 januari 2007 in de gemeente(
  26. n)Dongen en/of Laren en/of Leek en/of (elders) in Nederland, tezamen en in vereniging met één of meer (andere) rechtspersonen en/of natuurlijke personen, althans alleen, welke rechtspersoon, zijnde [vennootschap 22] bij vonnis van 01 augustus 2006 van de Rechtbank Breda in staat van faillissement is verklaard, ter bedrieglijke verkorting van de rechten der schuldeisers van laatstgenoemde rechtspersoon, (telkens): - ter gelegenheid van het faillissement en/of op een tijdstip waarop [vennootschap 22] voorheen [vennootschap 23] BV en/of verdachte en/of haar/zijn/hun mededader(
  27. s)wist(
  28. en)dat het faillissement niet kon uitblijven één of meer van haar ([vennootschap 22] voorheen [vennootschap 23] BV) schuldeiser(
  29. s)heeft bevoordeeld, en/of - lasten heeft verdicht en/of baten niet heeft verantwoord, en/of - enig goed aan de boedel heeft onttrokken, en/of - enig goed hetzij om niet, hetzij klaarblijkelijk beneden de waarde heeft vervreemd, door: - een lening tot stand te (laten) brengen en/of te (laten) komen ten gevolge van een op 12 januari 2006 tussen [vennootschap 24] en [vennootschap 22] voorheen [vennootschap 23] BV afgesloten en/of gedateerde "Overeenkomst van Geldlening" voor het bedrag van EUR 1.375.000 waarin opgenomen een boeteclausule van 25%, te voldoen bij niet nakoming van de aflossingsverplichtingen door [vennootschap 22] voorheen [vennootschap 23] BV (proces-verbaal bijlage 135, BD.0009; blz. 975) en waarbij (een) akte(
  30. s)van verpanding (proces-verbaal bijlage 136, BD.0010; blz. 982 en bijlage 137, BD.0011; blz. 998) was/waren opgemaakt waarmee [vennootschap 24] en/of (later) [vennootschap 25A] BV een recht van pand verkreeg op alle voorraden en/of de bedrijfsuitrusting van [vennootschap 22] voorheen [vennootschap 23] BV, waardoor bij een faillissement ten koste van de positie van de overige (concurrente) crediteuren, voor [vennootschap 24] BV en/of (later) [vennootschap 25A] BV en/of daarmee voor [vennootschap 26A] BV een betere positie werd gecreëerd, en/of - van een lening/vordering ten bedrage van EUR 1.700.000 -zonder zekerheidstelling- van [vennootschap 23] Group BV aan/op [vennootschap 22] voorheen [vennootschap 23] BV een geldbedrag van EUR 1.520.000 af te (laten) lossen en/of (terug) te (laten) betalen en/of te storten (op rekening van [vennootschap 27] BV), en/of - (rechten
  31. op)de (geregistreerde) woord- en beeldmerken Quadralite, Skandiplex en/of [vennootschap 23] (onverplicht) te (laten) verkopen en/of over te (laten) dragen aan [vennootschap 28] BV (proces-verbaal bijlage 143, BD.0013; blz. 1032-1034), en/of - (op 28 juli 2006) een (schijn) openbare veiling -via het internet- te (laten) organiseren en/of houden waarbij activa (magazijn-, kantoor- en/of bedrijfsinventaris en/of voorraden grondstoffen en/of producten en/of onderhanden werk) van [vennootschap 22] voorheen [vennootschap 23] BV werden geveild/verkocht en/of (vervolgens) de opbrengst van die veiling(verkoop), zijnde (in totaal) ongeveer EUR 984.956 excl. btw, althans enig geldbedrag te (laten) betalen en/of over te (laten) maken aan [vennootschap 25E] BV en/of [vennootschap 29] BV, en/of (daarna) -evengenoemde vennootschap(pen) (delen van) de bedoelde activa te (laten) verkopen/leveren aan [vennootschap 26A] BV waarbij door [vennootschap 25E] BV een winst/voordeel is behaald van ongeveer EUR 70.300 excl. btw, althans enig geldbedrag en/of voor [vennootschap 29] BV een winst/voordeel is behaald van ongeveer EUR 116.882 excl. btw, althans enig geldbedrag, tengevolge waarvan laatstgenoemde geldbedragen uit het zicht en/of buiten het bereik van de curator zijn gebracht en/of gehouden, tot het plegen van welk(
  32. e)bovenomschreven strafbare feit(
  33. en)verdachte tezamen en in vereniging met één of meer (andere) natuurlijke en/of rechtspersonen, althans alleen, (telkens) opdracht heeft gegeven, dan wel aan welke bovenomschreven verboden gedraging(
  34. en)verdachte tezamen en in vereniging met één of meer (andere) natuurlijke en/of rechtspersonen, althans alleen, (telkens) feitelijke leiding heeft gegeven; Feit 4 (faillissement: [vennootschap 30]) hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 08 oktober 2004 tot en met 08 juni 2005 in de gemeente(
  35. n)Lemsterland en/of Laren en/of Zwolle en/of (elders) in Nederland, tezamen en in vereniging met (de bestuurder(
  36. s)van) [vennootschap 30A] BV en/of met één of meer (andere) natuurlijke en/of rechtspersonen, althans alleen, welke rechtspersoon ([vennootschap 30A] BV) bij vonnis van 20 januari 2005 van de Rechtbank Leeuwarden in staat van faillissement is verklaard, ter bedrieglijke verkorting van de rechten der schuldeisers van genoemde rechtspersoon, (telkens): - lasten heeft verdicht en/of baten niet heeft verantwoord, en/of - enig goed aan de boedel heeft onttrokken, en/of - enig goed om niet en/of klaarblijkelijk beneden de waarde heeft vervreemd, en/of - ter gelegenheid van het faillissement van [vennootschap 30A] BV en/of op een tijdstip waarop [vennootschap 30A] BV en/of verdachte en/of haar/zijn/hun mededader(
  37. s)wist(
  38. en)dat het faillissement niet kon worden voorkomen, één of meer van haar ([vennootschap 30A] BV) schuldeisers op enige wijze heeft bevoordeeld, door: - het verstrekken van (extra) zekerheden in de vorm verpanding van de handelsnaam [vennootschap 30] middels een pandakte d.d. 04 november 2004 (proces-verbaal bijlage 111, BD.0282; blz. 915-917) aan ING bank en/of verpanding van rechten/waardes waaronder die van sleutelgelden en/of handelsvorderingen van [vennootschap 30] aan ING bank voor welke vermogensrechten en/of goederen (zgn. kavels B en C genoemd in bijlage 114 van het proces-verbaal) -na het intreden van het faillissement- door [vennootschap 31] BV een geldbedrag van (in totaal) EUR 363.000 (aan de boedel/curator) is betaald en/of vervolgens ING bank -ondermeer- dat bedrag middels haar pandrecht heeft uitgewonnen en/of haar vordering op [vennootschap 30A] BV -deels- betaald heeft gekregen en/of aldus de curator in het faillissement een bedrag van EUR 363.000, althans enig geldbedrag is misgelopen, en/of -tengevolge van een op 08 november 2004 tussen [vennootschap 30A] BV en [vennootschap 32] BV (onderdeel van het [vennootschap 33] concern) gesloten "Overname Overeenkomst Huur Winkelpanden" (proces-verbaal bijlage 120, BD.0130; blz. 951) -zonder enig redelijk belang voor [vennootschap 30A] BV- de huur(rechten) van een 32-tal, althans een (aanzienlijk) aantal winkellocaties (van [vennootschap 30A] BV) -per 01 november 2004- over te (laten) dragen aan [vennootschap 32] BV, in ieder geval door [vennootschap 32] BV voor [vennootschap 30A] BV in de plaats te laten treden als huurder van 32, althans een (aanzienlijk) aantal winkellocaties, en/of (daarvoor) het [vennootschap 33]-concern een geldbedrag van in totaal EUR 596.014, althans enig geldbedrag te laten betalen waarvan een geldbedrag van EUR 313.000 middels een overeenkomst met de curator is betaald aan de failliete boedel van [vennootschap 30A] BV, met als gevolg doordat de curator in het faillissement van [vennootschap 30A] BV niet meer -volledig- over deze huurrechten en/of de huurlocaties en/of over de locatiewaardes kon beschikken, de boedel daardoor een geldbedrag van EUR 121.500, althans een aanzienlijk geldbedrag is misgelopen, en/of - het (laten) kopen en/of betalen door [vennootschap 34] BV van (delen van) de activa (zgn. kavels B, C, G, en H) uit de faillissementsboedel van [vennootschap 30A] BV voor een geldbedrag van EUR 1.241.500 -in opdracht en/of ten behoeve van [vennootschap 35] (onderdeel van het [vennootschap 33] concern)- waarna door [vennootschap 34] BV een geldbedrag van EUR 1.771.413 (indirect) is betaald en/of overgemaakt aan pandhouder ING bank, terwijl deze bank zekerheden had en/of heeft uitgewonnen tot een geldbedrag ter waarde van EUR 1.241.500, tengevolge waarvan de ING bank voor een geldbedrag van EUR 529.913 is bevoordeeld ten opzichte van andere schuldeisers en/of de boedel/de curator in het faillissement [vennootschap 30A] BV daardoor een geldbedrag van EUR 529.913, althans enig geldbedrag is misgelopen,en/of - het (laten) kopen en/of betalen door [vennootschap 34] BV en/of Holding [vennootschap 33] BV van de aandelen [vennootschap 31] BV van [vennootschap 25A] BV voor een geldbedrag van in totaal EUR 479.500, terwijl die aandelen -los van/zonder de door [vennootschap 31] BV uit de faillissementsboedel van [vennootschap 30A] BV verworven activa- geen, althans geen reële waarde bezaten, waardoor -in werkelijkheid- de meerwaarde van de activa van [vennootschap 30A] BV, zijnde die EUR 479.500, niet in de boedel van [vennootschap 30A] BV is terechtgekomen doch is betaald aan [vennootschap 25A] BV, zodat die boedel daardoor een geldbedrag van EUR 479.500, althans een aanzienlijk geldbedrag is misgelopen; Subsidiair: [vennootschap 30A] BV op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 08 oktober 2004 tot en met 08 juni 2005 in de gemeente(
  39. n)Lemsterland en/of Laren en/of Zwolle en/of (elders) in Nederland, tezamen en in vereniging met één of meer (andere) natuurlijke en/of rechtspersonen, althans alleen, welke rechtspersoon ([vennootschap 30A] BV) bij vonnis van 20 januari 2005 van de Rechtbank Leeuwarden in staat van faillissement is verklaard, ter bedrieglijke verkorting van de rechten der schuldeisers van genoemde rechtspersoon, (telkens): -lasten heeft verdicht en/of baten niet heeft verantwoord, en/of -enig goed aan de boedel heeft onttrokken, en/of -enig goed om niet en/of klaarblijkelijk beneden de waarde heeft vervreemd, en/of -ter gelegenheid van het faillissement van [vennootschap 30A] BV en/of op een tijdstip waarop [vennootschap 30A] BV en/of verdachte en/of haar/zijn/hun mededader(
  40. s)wist(
  41. en)dat het faillissement niet kon worden voorkomen, één of meer van haar ([vennootschap 30A] BV) schuldeisers op enige wijze heeft bevoordeeld, door: -het verstrekken van (extra) zekerheden in de vorm verpanding van de handelsnaam [vennootschap 30] middels een pandakte d.d. 04 november 2004 (proces-verbaal bijlage 111, BD.0282; blz. 915-917) aan ING bank en/of verpanding van rechten/waardes waaronder die van sleutelgelden en/of handelsvorderingen van [vennootschap 30] aan ING bank voor welke vermogensrechten en/of goederen (zgn. kavels B en C genoemd in bijlage 114 van het proces-verbaal) -na het intreden van het faillissement- door [vennootschap 31] BV een geldbedrag van (in totaal) EUR 363.000 (aan de boedel/curator) is betaald en/of vervolgens ING bank -ondermeer- dat bedrag middels haar pandrecht heeft uitgewonnen en/of haar vordering op [vennootschap 30A] BV -deels- betaald heeft gekregen en/of aldus de curator in het faillissement een geldbedrag van EUR 363.000, althans enig geldbedrag is misgelopen, en/of - tengevolge van een op 08 november 2004 tussen [vennootschap 30A] BV en [vennootschap 32] BV (onderdeel van het [vennootschap 33] concern) gesloten "Overname Overeenkomst Huur Winkelpanden" (proces-verbaal bijlage 120, BD.0130; blz. 951) -zonder enig redelijk belang voor [vennootschap 30A] BV- de huur(rechten) van een 32-tal, althans een (aanzienlijk) aantal winkellocaties (van [vennootschap 30A] BV) -per 01 november 2004- over te (laten) dragen aan [vennootschap 32] BV, in ieder geval door [vennootschap 32] BV voor [vennootschap 30A] BV in de plaats te laten treden als huurder van 32, althans een (aanzienlijk) aantal winkellocaties en/of (daarvoor) het [vennootschap 33]-concern een geldbedrag van in totaal EUR 596.014, althans enig geldbedrag te laten betalen waarvan een geldbedrag van EUR 313.000 middels een overeenkomst met de curator is betaald aan de failliete boedel van [vennootschap 30A] BV, met als gevolg doordat de curator in het faillissement van [vennootschap 30A] BV niet meer -volledig- over deze huurrechten en/of de huurlocaties en/of over de locatiewaardes kon beschikken, de boedel daardoor een geldbedrag van EUR 121.500, althans een aanzienlijk geldbedrag is misgelopen, en/of -het (laten) kopen en/of betalen door [vennootschap 34] BV van (delen van) de activa (zgn. kavels B, C, G, en H) uit de faillissementsboedel van [vennootschap 30A] BV voor een bedrag van EUR 1.241.500 -in opdracht en/of ten behoeve van [vennootschap 35] (onderdeel van het [vennootschap 33] concern)- waarna door [vennootschap 34] BV een geldbedrag van EUR 1.771.413 (indirect) is betaald en/of overgemaakt aan pandhouder ING bank, terwijl deze bank zekerheden had en/of heeft uitgewonnen tot een geldbedrag ter waarde van EUR 1.241.500, tengevolge waarvan de ING bank voor een geldbedrag van EUR 529.913 is bevoordeeld ten opzichte van andere schuldeisers en/of de boedel/de curator in het faillissement [vennootschap 30A] BV daardoor een geldbedrag van EUR 529.913, althans enig geldbedrag is misgelopen, en/of - het (laten) kopen en/of betalen door [vennootschap 34] BV en/of Holding [vennootschap 33] BV van de aandelen [vennootschap 31] BV van [vennootschap 25A] BV voor een geldbedrag van in totaal EUR 479.500, terwijl die aandelen -los van/zonder de door [vennootschap 31] BV uit de faillissementsboedel van [vennootschap 30A] BV verworven activa- geen, althans geen reële waarde bezaten, waardoor -in werkelijkheid- de meerwaarde van de activa van [vennootschap 30A] BV, zijnde die EUR 479.500, niet in de boedel van [vennootschap 30A] BV is terechtgekomen doch is betaald aan [vennootschap 25A] BV, zodat die boedel daardoor een geldbedrag van EUR 479.500, althans een aanzienlijk geldbedrag is misgelopen, tot het plegen van welk(
  42. e)bovenomschreven strafbare feit(
  43. en)verdachte tezamen en in vereniging met één of meer (andere) natuurlijke en/ofrechtspersonen, althans alleen, (telkens) opdracht heeft gegeven, dan wel aan welke bovenomschreven verboden gedraging(
  44. en)verdachte tezamen en in vereniging met één of meer (andere) natuurlijke en/of rechtspersonen, althans alleen, (telkens) feitelijke leiding heeft gegeven; Feit 5 (faillissement: [vennootschap 36]) hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 01 januari 2006 tot en met 31 december 2006, in de gemeente(
  45. n)Katwijk en/of Heemstede en/of Alphen aan den Rijn en/of Leiden en/of Laren en/of (elders) in Nederland, tezamen en in vereniging met (de bestuurder(
  46. s)van) [vennootschap 37] Groep BV voorheen [vennootschap 36] Groep BV en/of [vennootschap 37] Servicecentrum BV voorheen [vennootschap 36] Servicecentrum BV en/of [vennootschap 37] Heemstede BV voorheen [vennootschap 36] Heemstede BV en/of [vennootschap 36] Autoverhuur BV en/of met één of meer (andere) natuurlijke en/of rechtspersonen, althans ieder voor zich of alleen, welke rechtsperso(o)n(en), te weten [vennootschap 37] Groep BV en/of [vennootschap 37] Servicecentrum BV en/of [vennootschap 36] Autoverhuur BV bij vonnis(sen) van de Rechtbank Den Haag van 08 november 2006 en/of [vennootschap 37] Heemstede BV bij vonnis van de Rechtbank Haarlem van 28 november 2006, in staat van faillissement is/zijn verklaard, ter bedrieglijke verkorting van de rechten der schuldeisers van genoemde rechtsperso(o)n(en), (telkens): -lasten heeft verdicht en/of baten niet heeft verantwoord, en/of -enig goed aan de boedel heeft onttrokken, en/of -enig goed om niet en/of klaarblijkelijk beneden de waarde heeft vervreemd, en/of -ter gelegenheid van het faillissement van [vennootschap 37] Groep BV en/of [vennootschap 37] Servicecentrum BV en/of [vennootschap 37] Heemstede BV en/of [vennootschap 36] autoverhuur BV en/of op een tijdstip waarop [vennootschap 37] Groep BV en/of [vennootschap 37] Servicecentrum BV en/of [vennootschap 37] Heemstede BV en/of [vennootschap 36] Autoverhuur BV en/of verdachte en/of haar/zijn/hun mededader(
  47. s)wist(
  48. en)dat het/de faillissement(
  49. en)niet kon worden voorkomen, één of meer van haar/zijn/hun ([vennootschap 37] Groep BV en/of [vennootschap 37] Servicecentrum BV en/of [vennootschap 37] Heemstede BV en/of [vennootschap 36] Autoverhuur BV) schuldeisers op enige wijze heeft bevoordeeld, door: -één of meer geldbedragen uit de boedel van [vennootschap 37] Heemstede BV ter grootte van (in totaal) EUR 207.739 (EUR 17.934, 124.355 en/of 65.450), althans een (aanzienlijk) geldbedrag over te (laten) maken/te (laten) betalen aan [vennootschap 25A1] ten titel van succesfee, althans onder een niet de werkelijkheid weergevende titel, uit te betalen aan verdachte en/of zijn mededader(s), terwijl de verkoop van [vennootschap 36] Heemstede BV (later [vennootschap 37] Heemstede BV) grotendeels al rond was, zodat een succesfee niet meer had hoeven te worden betaald, althans niet ter grootte van het betaalde bedrag, en/of -een geldbedrag van EUR 136.100 -zijnde 10% van een achtergestelde lening van [vennootschap 36] Autocentrum BV aan [vennootschap 36] Service Centrum BV- althans een (aanzienlijk) geldbedrag, terwijl de aflossing van die lening was opgeschort, althans bij faillissement niet uit de boedel zou kunnen worden voldaan, uit de boedel van [vennootschap 37] Servicecentrum BV en/of [vennootschap 36] Servicecentrum BV te (laten) betalen en/of over te (laten) boeken/maken aan [vennootschap 36] Autocentrum BV, en/of - één of meer geldbedragen van (per saldo) EUR 249.332 uit de boedel(
  50. s)van [vennootschap 36] Servicecentrum BV (later [vennootschap 37] Servicecentrum BV) en/of [vennootschap 36] Groep BV (later [vennootschap 37] Groep BV) en/of [vennootschap 36] Leiden BV (later [vennootschap 37] Leiden BV) en/of [vennootschap 36] Alphen a/d Rijn BV (later [vennootschap 37] Alphen a/d Rijn BV) en/of [vennootschap 36] Autoschade BV en/of [vennootschap 36] Autoverhuur BV -te benoemen als [vennootschap 36] groep cs- te (laten) betalen en/of te (laten) overmaken aan [persoon 7] Holding BV en/of Autobedrijf [vennootschap 36] Beheer BV en/of [vennootschap 36] Autocentrum BV -te benoemen als [persoon 7] cs- (zie bijlage Geldstromenverrekening in rek-crt vanuit de administratie van [vennootschap 36] Groep cs), en/of - een geldbedrag van (in totaal) EUR 350.000 -zijnde 50% van een lening/ vordering in rekening-courant van [persoon 7] aan/op [vennootschap 36] Groep cs- uit de boedel van [vennootschap 36] Groep BV te (laten) betalen en/of over te (laten) boeken/maken aan [vennootschap 36] Autocentrum BV, en/of - een geldbedrag van EUR 102.000 -benoemd als succes-fee inzake de verkoop van aandelen en/of activa/passiva transactie van de deelneming die [vennootschap 36] Katwijk BV exploiteert inzake verkoop en onderhoud van BMW automobielen te Katwijk- te (laten) betalen en/of over te (laten) boeken/maken van de rekening van [vennootschap 36] Autoverhuur BV aan/naar [vennootschap 25C4]; Subsidiair: [vennootschap 37] Groep BV en/of [vennootschap 36] Groep BV en/of [vennootschap 37] Servicecentrum BV en/of [vennootschap 36] Servicecentrum BV en/of [vennootschap 37] Heemstede BV en/of [vennootschap 36] Heemstede BV en/of [vennootschap 36] Autoverhuur BV op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 01 januari 2006 tot en met 31 december 2006, in de gemeente(
  51. n)Katwijk en/of Heemstede en/of Alphen aan den Rijn en/of Leiden en/of Laren en/of (elders) in Nederland, tezamen en in vereniging met elkaar en/of met één of meer (andere) natuurlijke en/of rechtspersonen, althans ieder voor zich of alleen, welke rechtsperso(o)n(en), te weten [vennootschap 37] Groep BV en/of [vennootschap 37] Servicecentrum BV en/of [vennootschap 36] Autoverhuur BV bij vonnis(sen) van de Rechtbank Den Haag van 08 november 2006 en/of [vennootschap 37] Heemstede BV bij vonnis van de Rechtbank Haarlem van 28 november 2006, in staat van faillissement is/zijn verklaard, ter bedrieglijke verkorting van de rechten der schuldeisers van genoemde rechtsperso(o)n(en), (telkens): -lasten heeft/hebben verdicht en/of baten niet heeft/hebben verantwoord, en/of -enig goed aan de boedel heeft/hebben onttrokken, en/of -enig goed om niet en/of klaarblijkelijk beneden de waarde heeft/hebben vervreemd, en/of -ter gelegenheid van het faillissement van [vennootschap 37] Groep BV en/of [vennootschap 37] Servicecentrum BV en/of [vennootschap 37] Heemstede BV en/of [vennootschap 36] Autoverhuur BV en/of op een tijdstip waarop [vennootschap 37] Groep BV en/of [vennootschap 37] Servicecentrum BV en/of [vennootschap 37] Heemstede BV en/of [vennootschap 36] Autoverhuur BV en/of verdachte en/of haar/zijn/hun mededader(
  52. s)wist(
  53. en)dat het/de faillissement(
  54. en)niet kon(den) worden voorkomen, één of meer van haar/hun ([vennootschap 37] Groep BV en/of [vennootschap 37] Servicecentrum BV en/of [vennootschap 37] Heemstede BV en/of [vennootschap 36] Autoverhuur BV) schuldeisers op enige wijze heeft/hebben bevoordeeld, door: - één of meer geldbedrag(
  55. en)uit de boedel van [vennootschap 37] Heemstede BV ter grootte van (in totaal) EUR 207.739 (EUR 17.934, 124.355 en/of 65.450), althans een (aanzienlijk) geldbedrag over te (laten) maken/te (laten) betalen aan [vennootschap 25A1] ten titel van succesfee, althans onder een niet de werkelijkheid weergevende titel, uit te betalen aan verdachte en/of verdachtes mededader(s), terwijl de verkoop van [vennootschap 36] Heemstede BV (later [vennootschap 37] Heemstede BV) grotendeels al rond was, zodat een succesfee niet meer had hoeven te worden betaald, althans niet ter grootte van het betaalde bedrag, en/of - een geldbedrag van EUR 136.100 -zijnde 10% van een achtergestelde lening van aan [vennootschap 36] Autocentrum BV aan [vennootschap 36] Service Centrum BV- althans een (aanzienlijk) geldbedrag, terwijl de aflossing van die lening was opgeschort, althans bij faillissement niet uit de boedel zou kunnen worden voldaan, uit de boedel van [vennootschap 37] Service Centrum BV en/of Van de Plas Servicecentrum BV te (laten) betalen en/of over te (laten) boeken/maken aan [vennootschap 36] Autocentrum BV, en/of - één of meer geldbedragen van (per saldo) EUR 249.332 uit de boedel(
  56. s)van [vennootschap 36] Servicecentrum BV (later [vennootschap 37] Servicecentrum BV) en/of [vennootschap 36] Groep BV (later [vennootschap 37] Groep BV) en/of [vennootschap 36] Leiden BV (later [vennootschap 37] Leiden BV) en/of [vennootschap 36] Alphen a/d Rijn BV (later [vennootschap 37] Alphen a/d Rijn BV) en/of [vennootschap 36] Autoschade BV en/of [vennootschap 36] Autoverhuur BV -te benoemen als [vennootschap 36] groep cs- te (laten) betalen en/of te (laten) overmaken aan [persoon 7] Holding BV en/of Autobedrijf [vennootschap 36] Beheer BV en/of [vennootschap 36] Autocentrum BV -te benoemen als [persoon 7] cs- (zie bijlage Geldstromenverrekening in rek-crt vanuit de administratie van [vennootschap 36] Groep cs), en/of - een geldbedrag van (in totaal) EUR 350.000 -zijnde 50% van een lening/ vordering in rekening-courant van [persoon 7] aan/op [vennootschap 36] Groep cs.- uit de boedel van [vennootschap 36] Groep BV te (laten) betalen en/of over te (laten) boeken/maken aan [vennootschap 36] Autocentrum BV, en/of -een geldbedrag van EUR 102.000 -benoemd als succes-fee inzake de verkoop van aandelen en/of activa/passiva transactie van de deelneming die [vennootschap 36] Katwijk BV exploiteert inzake verkoop en onderhoud van BMW automobielen te Katwijk- te (laten) betalen en/of over te (laten) boeken/maken van de rekening van [vennootschap 36] Autoverhuur BV aan/naar [vennootschap 25C4], tot het plegen van welk(
  57. e)bovenomschreven strafbare feit(
  58. en)verdachte tezamen en in vereniging met één of meer (andere) natuurlijke en/of rechtspersonen, althans alleen, (telkens) opdracht heeft gegeven, dan wel aan welke bovenomschreven verboden gedraging(
  59. en)verdachte tezamen en in vereniging met één of meer (andere) natuurlijke en/of rechtspersonen, althans alleen, (telkens) feitelijke leiding heeft gegeven. 3. Voorvragen De dagvaarding is voor wat alle zaaksdossiers betreft geldig, deze rechtbank is bevoegd tot kennisneming van de ten laste gelegde feiten en de officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging. Er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging. De verdachte heeft ten aanzien van de geldigheid van de dagvaarding een aantal weren gevoerd. Die weren zullen bij de afzonderlijke zaaksdossiers worden besproken. 4. Het bewijs, bewijsoverwegingen en bewezenverklaringi 4.1. Algemene verweren 4.1.1. Suggestief onderzoek van de FIOD? [verdachte] en zijn raadslieden hebben zich ter terechtzitting beklaagd over het in hun ogen suggestieve karakter van het opsporingsonderzoek dat de FIOD in samenwerking met de Belastingdienst en de curatoren van de gefailleerde vennootschappen heeft verricht. Deze instanties en personen zouden vooral oog hebben gehad voor omstandigheden die [verdachte] belasten en in het dossier, dat naar aanleiding van het voorbereidend onderzoek is samengesteld, is voortdurend naar de vermeende schuld van[verdachte] toe geredeneerd. De rechtbank acht het niet nodig zich nader uit te laten over dit punt, omdat [verdachte] na het vaststellen van het eindproces-verbaal in voldoende mate gelegenheid heeft gekregen om zijn visie op de ten laste gelegde feiten naar voren te brengen. Ten eerste is op verzoek van de verdediging een groot aantal getuigen gehoord bij de rechter-commissaris. Daarnaast zijn op verzoek van [verdachte] diverse bewijsstukken aan het dossier toegevoegd die volgens hem zijn onschuld staven. Ten derde heeft [verdachte] voor elk van de vijf in de tenlastelegging genoemde faillissementen zijn visie in een voor de rechtbank opgesteld schriftelijk verweerschrift neergelegd. Deze verweerschriften zijn aan het dossier toegevoegd. Ten slotte heeft [verdachte] ter terechtzitting voldoende tijd en ruimte gekregen om zijn standpunt nog eens toe te lichten. Van een schending van de beginselen van 'fair trial' is dan ook geen sprake. 4.1.2. Had artikel 344 Wetboek van Strafrecht (Sr) ten laste moeten worden gelegd? De verdediging betoogt, onder verwijzing naar een uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 22 maart 2012, LJN: BV9770, dat de in de tenlastelegging genoemde betalingen aan derden, dat wil zeggen betalingen aan een ander dan de bestuurder of bestuurders van de gefailleerde rechtspersoon, niet als een overtreding van artikel 341/343 Wetboek van Strafrecht (Sr) ten laste hadden mogen worden gelegd, omdat de wetgever voor dergelijke betalingen een aparte strafbepaling in het leven heeft geroepen, namelijk artikel 344 Sr. Die strafbepaling vormt een lex specialis ten opzichte van de eerdergenoemde bepalingen die de bedrieglijke bankbreuk strafbaar stellen. Aldus de verdediging. De rechtbank verwerpt dit verweer. Juist is dat de wetgever paulianeuze gedragingen die zijn verricht door een ander dan de gefailleerde schuldenaar of zijn bestuurders in een afzonderlijke strafbepaling, te weten artikel 344 Sr, heeft ondergebracht, maar dat neemt niet weg dat deze 'derden' onder omstandigheden ook in zodanige mate met die schuldenaar of zijn bestuurders kunnen hebben samengewerkt, dat zij tevens kunnen worden vervolgd voor het strafrechtelijk deelnemen aan bedrieglijke bankbreuk als bedoeld in artikel 341/343 Sr (vgl. HR 23 november 1999, LJN: AA3802). De tenlastelegging moet zo worden begrepen. 4.2. De vennootschappen van [verdachte] De rechtbank stelt vast dat [verdachte] in de voor de tenlastelegging relevante periode de directe of indirecte zeggenschap had over de volgende vennootschappen. Bij elk van de vennootschappen staan de redengevende feiten en omstandigheden genoemd op grond waarvan de rechtbank die conclusie trekt.ii 4.2.1. Andere vennootschappen [vennootschap 38] BV (hierna te noemen [vennootschap 38]) Aandeelhouder en bestuurder van deze vennootschap is [persoon 1].iii [verdachte] kon de vennootschap echter inzetten voor bepaalde door hem gekozen doeleinden. [persoon 1] heeft immers verklaard dat hij, in de periode dat hij [vennootschap 38] had, een keer of zes op verzoek van [verdachte] stukken heeft ondertekend in verband met aandelenoverdrachten.iv [persoon 5], een hierna nog te noemen compagnon van [verdachte], en [verdachte] vroegen hem, [persoon 1], ook af en toe om als statutair directeur met zijn eigen bedrijf op te treden.v Verder heeft [verdachte] aan [persoon 1] gevraagd voor hem ([verdachte],
  60. rb)tijdelijk bestuurder te worden van [vennootschap 2]. [persoon 1] heeft een keer in verband met de later gefailleerde vennootschap [vennootschap 1] een pak papier thuis gekregen. Dat heeft hij toen aan [verdachte] gegeven.vi Volgens [persoon 12], een hierna nog te noemen andere compagnon van [verdachte] bij [vennootschap 25C1] BV, werd [persoon 1] wel eens door [verdachte] benoemd als directeur van een BV die door [verdachte] werd gekocht. Hij ([persoon 12],
  61. rb)zou een dergelijke rol katvanger noemen.vii Uit het een en ander blijkt dat [verdachte] indirect de controle uitoefende over [vennootschap 38] en deze vennootschap vrijelijk kon gebruiken. [vennootschap 13] Beheer BV (hierna te noemen [vennootschap 13]) [vennootschap 38] was van 1 april 2004 tot 11 november 2005 in het handelsregister van de Kamer van Koophandel ingeschreven als bestuurder van [vennootschap 13].viii Toenmalig aandeelhouder [persoon 2] heeft verklaard dat hij in 2002 is uitgetreden als directeur en dat [verdachte] vanaf dat moment voor nieuwe directeuren zorgde. Hij werd daarvan niet op de hoogte gehouden. De naam [vennootschap 38] zegt hem niets, de naam [persoon 1] evenmin.ix De rechtbank neemt daarom aan dat [verdachte] de vennootschap in handen had en daarover kon beschikken. [vennootschap 39] Beheer BV (hierna te noemen [vennootschap 39]) Vanaf 1 september 2004 is [vennootschap 13] enig bestuurder van [vennootschap 39].x Over [vennootschap 13] zwaaide, zo is hiervoor vastgesteld, [verdachte] de scepter. Aandeelhouder [persoon 13] heeft verklaard dat [verdachte] eigenlijk altijd de directie heeft gehad over [vennootschap 39].xi [vennootschap 2] (hierna te noemen [vennootschap 2]) [verdachte] heeft ter terechtzitting verklaard dat [vennootschap 2] zijn holding is.xii [verdachte] was tot 20 april 2005 bestuurder van [vennootschap 2]. Van 31 maart 2005 tot 26 oktober 2005 was [vennootschap 38] bestuurder.xiii Als gezegd was [verdachte] daarvan eveneens feitelijk leidinggever. [vennootschap 29] BV (hierna te noemen [vennootschap 29]) Dit is een holdingvennootschap van [verdachte].xiv Op 27 mei 2007 is de naam gewijzigd in [VENNOOTSCHAP 40] BV.xv [verdachte] was van 12 oktober 2004 tot en met 14 mei 2007 bestuurder van deze vennootschap.xvi [vennootschap 24] (hierna te noemen [vennootschap 24]) [verdachte] heeft verklaard dat hij directeur was van [vennootschap 24].xvii Voorts had hij 20% van de aandelen.xviii [vennootschap 17] BV (hierna te noemen [VENNOOTSCHAP 17]) [VENNOOTSCHAP 17] is een financieringsmaatschappij waar [verdachte] en zijn compagnons van [vennootschap 25C1] BV ([persoon 5], [persoon 12] en [persoon 14]) elk voor 25% aandeelhouder waren. Volgens [persoon 5] bestuurde [verdachte] [VENNOOTSCHAP 17].xix [vennootschap 28] BV (hierna te noemen [vennootschap 28]) [verdachte] was - al dan niet via [vennootschap 29] - procuratiehouder met volledige bevoegdheid van deze BV.xx Sinds 20 september 2004 was [persoon 15] op papier bestuurder van [vennootschap 28].xxi [vennootschap 28] was toen gevestigd op het adres Kanaalstraat 29 in Hengelo.xxii Dit is een deels gesloopt bedrijfspand dat volgens een deurwaarder vaker als 'spookadres' wordt gebruikt.xxiii Boekhouder [boekhouder] kreeg in die tijd van [verdachte] financiële cijfers van [vennootschap 28] aangeleverd ter verwerking in de administratie. Hij kende geen verblijfadres van [persoon 15]. Hij had in de wandelgangen gehoord dat [persoon 15] hoge schulden had.xxiv De rechtbank neemt daarom aan dat [persoon 15] niet meer dan een katvanger was en dat in feite [verdachte] de vennootschap in zijn macht had. 4.2.2. [vennootschap 25] In het dossier komen verschillende vennootschappen voor via welke [verdachte] en anderen - alle onder de algemene naam '[vennootschap 25]', of een daarop lijkende naam - advieswerkzaamheden hebben verricht. Het gaat om de volgende vennootschappen. [vennootschap 25A] BV (hierna: [vennootschap 25A]) [vennootschap 25A] is op 5 maart 2003 komen te ontstaan en heeft nadien geopereerd onder de namen: - [vennootschap 25A1] (tot 25 november 2004) - [vennootschap 25A2] (van 25 november 2004 tot 1 mei 2006) - [VENNOOTSCHAP 25A3] (van 1 mei 2006 tot 1 november 2006) Bestuurders in de perioden zijn afwisselend geweest [vennootschap 2], [vennootschap 29] en [vennootschap 28].xxv [verdachte] was van al deze vennootschappen feitelijk leiding gever. [vennootschap 25A] is eind 2007 opgehouden te bestaan.xxvi [vennootschap 14] BV (hierna te noemen [VENNOOTSCHAP 25B]) De Stichting Administratiekantoor [vennootschap 14] was vanaf 14 december 2004 enig aandeelhouder van [VENNOOTSCHAP 25B].xxvii [verdachte] was de voorzitter van deze stichting.xxviii Hij was ook directeur van [VENNOOTSCHAP 25B].xxix [VENNOOTSCHAP 25B] hanteerde de volgende handelsnamen in de jaren 2004-2006: - [vennootschap 25B1] ( 1 maart 2004 tot 1 mei 2004) - [VENNOOTSCHAP 25B2] (vanaf 1 mei 2004)xxx [vennootschap 25C1] BV (hierna te noemen [VENNOOTSCHAP 25C]) Deze vennootschap heeft geopereerd onder de handelsnamen: - [vennootschap 25C1] BV (van 2 december 2004 tot 23 oktober 2005) - [vennootschap 25C2] (van 23 oktober 2005 tot 25 augustus 2006) - [vennootschap 25C3] BV (van 25 augustus 2006 tot 2 september 2006) [verdachte] opereerde in deze vennootschap met een aantal compagnons. Op 25 februari 2005 werd de 'Stichting Administratiekantoor van aandelen [vennootschap 25C1]' aandeelhouder. [verdachte] bestuurde die stichting.xxxi Met zijn compagnons [persoon 5], [persoon 14] en [persoon 12] hield [verdachte] certificaten van aandelen in [VENNOOTSCHAP 25C]. [verdachte] hield het merendeel van de certificaten. Het aantal certificaten bepaalde het aandeel in de netto winst van [VENNOOTSCHAP 25C].xxxii [VENNOOTSCHAP 25C] is op 31 juli 2007 opgeheven.xxxiii De rechtbank stelt vast dat [verdachte] bij al deze vennootschappen de touwtjes in handen had. [verdachte] heeft ter terechtzitting zelf verklaard dat hij in 2001 zijn eigen bedrijf heeft opgericht, dat hij daarvoor de naam [vennootschap 25] heeft bedacht, dat hij meerderheidsaandeelhouder was, dat hij de baas was en dat zijn compagnons winstgerechtigd waren. Voorts heeft [verdachte] er op gewezen dat hij goede contacten in de corporate recovery branche had en dat hij dus alle klanten binnenhaalde. xxxiv Dat [verdachte] aan het roer stond, wordt bevestigd door zijn compagnons. [persoon 12] heeft verklaard dat [verdachte] de enig bevoegde directeur was van [vennootschap 25] en dat [verdachte] ook als enige kon beschikken over de bankrekening.xxxv Ten slotte blijkt uit de verklaring van [verdachte]'s eigen boekhouder dat het in wezen niet uitmaakte om welke van de vennootschappen het ging, [verdachte] voerde de directie: 'Hij ([verdachte],
  62. rb)is directeur van die vennootschappen. [vennootschap 25E] was de werkmaatschappij, [vennootschap 2] en naderhand [VENNOOTSCHAP 29] ([vennootschap 29], rb). Onder de holding hingen [vennootschap 25E] I en [vennootschap 25E] II, zoals wij die noemden. [vennootschap 25E] I was volgens mij [vennootschap 14] en [vennootschap 25E] II was [vennootschap 25C3].(..) In [vennootschap 25E] gebeurde alle acitiviteiten. Hier werkten vier mensen, [persoon 12], [persoon 5], [persoon 14] en [verdachte] zelf. In 2005/2006 zijn ze uit elkaar gegaan. [verdachte] was dé directeur en ik denk dat anderen dat niet konden verkroppen.'xxxvi 5. [vennootschap 23] 5.1. Essentie De rechtbank komt tot de vaststelling dat overeenkomstig een vooropgezet plan [vennootschap 23], die het financieel slecht ging en een aanzienlijke schuld had aan een vennootschap, indirect toebehorende aan [persoon 3], werd losgekoppeld van het [vennootschap 26] concern, waarna dit concern via vennootschappen van [verdachte] geld aan [vennootschap 23] verstrekte, waarbij pandrechten op de bedrijfsuitrusting en voorraden van [vennootschap 23] werden gevestigd. Volgens dit plan werden tevens merkrechten van [vennootschap 23] verkocht. Het geld dat zo bij [vennootschap 23] binnenkwam, werd aangewend om een groot deel van haar schuld aan de vennootschap van [persoon 3] te betalen. Vervolgens werd de aan [vennootschap 23] verstrekte lening opgezegd en werden de zekerheden uitgewonnen, zodat de activa konden worden doorverkocht aan een vennootschap van [persoon 3], waarna volgens het plan het faillissement van [vennootschap 23] volgde. 5.2. De feiten Uit het dossier blijken namelijk de volgende feitenxxxvii 1) Verdachte [persoon 3] (hierna te noemen [persoon 3]) is eigenaar van verschillende vennootschappen ondergebracht in de holdingmaatschappij [vennootschap 26A] BV (hierna te noemen [vennootschap 26A]).xxxviii Deze holdingmaatschappij is aandeelhoudster van [vennootschap 23A] BV (hierna te noemen [vennootschap 23A]), die op haar beurt de aandelen houdt van [vennootschap 23] BV (hierna te noemen [vennootschap 23]). [vennootschap 23] maakt keukenbladen. [vennootschap 23] is al jaren verliesgevendxxxix; het verlies in 2005 bedraagt EUR 506.654.xl Bovendien heeft [vennootschap 23] een schuld van EUR 1.700.000 aan [vennootschap 26A]xli, althans een van haar dochtervennnootschappen ([vennootschap 23A]xlii of [vennootschap 27] BV, ook een vennootschap van het [vennootschap 26] concern, verder te noemen [vennootschap 27]).xliii Deze schuld wordt niet door zekerheden gedekt en is niet rentedragend.xliv 2) [persoon 3] schakelt in november 2005 [verdachte] in om hem te adviseren.xlv 3) Op 12 december 2005 verkoopt [vennootschap 23A] BV 80% van de aandelen in [vennootschap 23] voor EUR 1,- aan [persoon 16] (hierna te noemen [persoon 16]). [persoon 3] tekent de overeenkomst namens koper en verkoper.xlvi Het contract is opgesteld door [verdachte].xlvii Ingevolge artikel 1.4. van de koopovereenkomst dient [persoon 16] binnen één maand vanaf de leveringsdatum (te weten 30 december 2005) zorg te dragen voor een vervangende financiering voor [vennootschap 23] ter inlossing van de eerder genoemde schuld van EUR 1.700.000. Verder vermeldt artikel 1.6 van de overeenkomst dat [vennootschap 23A] op de hoogte is van het feit dat [persoon 16] een derde bereid heeft gevonden om de naam, het beeldmerk en logo van [vennootschap 23] in licentie terug te geven teneinde aan de genoemde herfinancieringsverplichting te kunnen voldoen. Voorts staat in de overeenkomst dat [vennootschap 23] haar naam zal wijzigen in [vennootschap 22] (hierna te noemen [vennootschap 22]).xlviii 4) Op 22 december 2005 schrijft [verdachte] aan [persoon 3]: [...] Wij hebben gezamenlijk vastgesteld dat deze entiteit (rechtbank: [vennootschap 23]) welke behoort/behoorde tot uw concern een structureel verliesgevende bedrijfsexploitatie (circa 700k per jaar) kent [...] [...] Indien het onverhoopt mocht komen tot een deconfiture van [vennootschap 23] BV, hetgeen gezien de beperkte kredietfaciliteit in rekening-courant blijkens de voorliggende kredietbrief Euro 700.000,- voor het gehele concern, is het o.i. niet uigesloten dat dit nadelige gevolgen voor het gehele concern hebben, immers: [vennootschap 26A] BV heeft een 403 verklaring afgegeven hetgeen impliceert dat zij hoofdelijk aansprakelijk jegens alle crediteuren van [vennootschap 23] BV; [vennootschap 26A] BV is krachtens artikel 403 Boek 2 BW ook aansprakelijk voor alle door [vennootschap 23] BV aangegane duurovereenkomsten (denk hierbij aan arbeids-lease contracten); [vennootschap 26A] is daar er sprake is van een fiscale eenheid OB hoofdelijk aansprakelijk voor alle niet betaalde dan wel in de ogen van de fiscus ten onrechte in de voordruk genoten OB door [vennootschap 23] BV; [vennootschap 26A] c.s. heeft een onderlinge solidariteitsovereenkomst (dit impliceert dat zij hoofdelijk aansprakelijk
  63. is)gesloten terzake van de door Atradius NV aan leveranciers van [vennootschap 23] BV verstrekte kredietlimieten aan leveranciers van [vennootschap 23] BV; [vennootschap 26A] BV heeft in 2005 een bancaire herfinanciering geregeld waardoor zij hoofdelijk aansprakelijk is jegens de bankier van het gehele concern terzake van de totale kredietfaciliteit. [...]; [vennootschap 26A] BV c.s. heeft/had aan de ene kant substantiële schulden (circa 400k) aan [vennootschap 23] BV welke zij in geval van een onverhoopte deconfiture aan de boedel dient c.q. diende te betalen en heeft anderzijds een substantiële vordering op [vennootschap 23] BV (circa 2,1 mio Euro per heden) welke zij alsdan als concurrente vordering bij de boedel dient in te dienen, de door ons geschatte opbrengst (uitkerings) waarde bedraagt circa Euro 200K; Wij zijn van mening dat wij deze mogelijke probleem situatie voor u kunnen oplossen middels het arrangeren van een MBO waarmee de alsdan verzelfstandigde onderneming een eigen financiering aantrekt waarmee de schulden aan u geheel dan wel grotendeels inlost. Deze aan te trekken financiering zal gesecureerd worden door zekerheden welke [vennootschap 23] aan deze financier dient te verstrekken. Door deze MBO kan een beroep worden gedaan op de bescherming (voor
  64. u)welke artikel 404 Boek 2 BW biedt alsmede dient u de afgegeven 403 Boek 2 BW verklaring in te trekken. Door deze MBO wordt, mits deze bij de Fiscus wordt gemeld, de fiscale eenheid OB verbroken. Met Atradius kunnen en zullen wij in overleg gaan om de door u afgegeven hoofdelijkheidsverklaring te laten vervallen. Door de herfinanciering van deze MBO, welke wij desgewenst kunnen verzorgen, kan er naar verwachting binnen een tijdsbestek van 6 weken een groot deel, want wij hebben begrepen dat u een korting van 10% alsdan aan hen zou willen geven, van de per saldo netto schuld van [vennootschap 23] BV (circa 1,7 mio Euro) aan u worden terugbetaald. [...]xlix 5) Op 30 december 2005 levert [vennootschap 23A] 80% van de aandelen aan [persoon 16].l Op 8 februari 2006 wordt de naam [vennootschap 23] gewijzigd in [vennootschap 22].li Op 9 februari 2006 treedt [persoon 3] af als bestuurder van [vennootschap 23] en treedt [persoon 16] in zijn plaats.lii 6) [persoon 3] en [verdachte] voeren intussen overleg over de formalisering, vast te leggen in een overeenkomst van opdracht, van de (inhoud van
  65. de)advieswerkzaamheden die [verdachte] op zich heeft genomen of nog op zich zal nemen. In januari 2006liii ontvangt [verdachte] per fax in de vestiging van [vennootschap 23] in Dongen een conceptovereenkomst, waarbij partij zijn [vennootschap 25A] BV (hierna te noemen [vennootschap 25A]), een vennootschap die wordt geleid door [verdachte], en [vennootschap 26A].liv [verdachte] zendt vervolgens dit concept, voorzien van zijn met de pen daarop aangebrachte opmerkingen, per fax door.lv Volgens de faxdatum gebeurt dat op 3 februari 2006. Het concept is niet ondertekend. In het concept is onder meer het volgende opgenomen: Nemen het volgende in aanmerking:
  66. a)Partijen zijn met elkaar in gesprek gekomen omtrent de (financiële) problemen van de Opdrachtgever, althans van diens voormalige dochtermaatschappij de besloten vennootschap [vennootschap 23] BV, hierna te noemen: "de Vennootschap".
  67. b)De Opdrachtnemer heeft aan de Opdrachtgever een plan gepresenteerd op basis waarvan het personeelsbestand van de Vennootschap vernieuwd kan worden, de vorderingen die de opdrachtgever, althans haar dochtermaatschappijen, op de Vennootschap hebben, betaald worden [handgeschreven toegevoegd: "voor 90%"] en de exploitatie van de onderneming van de Vennootschap na de doorstart na faillissement van de Vennootschap ongehinderd voortgezet kan worden. [handgeschreven toegevoegd: " dan wel de lening volledig terug betaald kan worden."] [...] Komen als volgt overeen: Artikel 1 Opdracht [...] 1.2. De werkzaamheden die de Opdrachtnemer voor de Opdrachtgever zal uitvoeren ('de werkzaamheden"), behelzen: - het uitvoeren van een geldleningsconstructie waarbij de Opdrachtgever aan de Opdrachtnemer een bedrag ter leen verstrekt, de Opdrachtnemer ditzelfde bedrag uitleent aan de besloten vennootschap [vennootschap 24], die op haar beurt het geld zal uitlenen aan de Vennootschap, met welk bedrag de Vennootschap de schulden die zij heeft aan de Opdrachtgever, althans aan diens dochtervennootschappen zal afbetalen met een korting van 10% één en ander conform de concept overeenkomsten van geldlening ('de Geldleningen", [...] - het beëindigen van alle aansprakelijkheden van de Opdrachtgever, haar bestuurders en haar dochtervennootschappen voor schulden en/of vorderingen van derden op de Vennootschap zonder dat eerstgenoemden daarvoor aanvullend betalingen, hoe ook genaamd behoeven te verrichten [handgeschreven toegevoegd: "weet niet wat er gebeurd is"]; - het gecontroleerd failliet laten gaan van de Vennootschap onder zorgvuldige uitwinning van de pandrechten die ten behoeve van [vennootschap 24] zijn gevestigd als voorwaarde voor het doorlenen van de gelden aan de Vennootschap, zulks inclusief het optuigen van een bodemverhuurconstructie; - het realiseren van de terugkoop door de Opdrachtgever, althans door een door haar aan te wijzen derde, van de (verpande) activa van de Vennootschap [handgeschreven toegevoegd: "dan wel liquidatie ( veiling "]; - aflossing door [vennootschap 24] aan de Opdrachtnemer en door de Opdrachtnemer aan Opdrachtgever van de Geldleningen; Artikel 4 Succesfee 4.1. Indien en voor zover de Werkzaamheden alle met goed gevolg zullen zijn voltooid, zonder dat de bestuurders van de Opdrachtgever, de Vennootschap en/of de Opdrachtgever en/of diens dochtervennootschappen op enigerlei wijze aansprakelijk worden gesteld, dan heeft de Opdrachtnemer recht op een succesfee van EUR 300.000,00 ex btw. [...] 4.2. De succesfee zal betaald worden op het moment dat: [tekst doorgehaald en handgeschreven toegevoegd: "bij realisatie doorstart / uitwinning zekerheden"] 7) Op 12 januari 2006 komen [vennootschap 25A] en [vennootschap 26A] overeen dat [vennootschap 26A] EUR 1.375.000 te leen zal verstrekken aan [vennootschap 25A].lvi [verdachte] en [persoon 3] zijn de ondertekenaars van deze overeenkomst.lvii Bij overeenkomst, vastgelegd op 8 januari 2006lviii, had [vennootschap 25A] zich al verbonden om eenzelfde bedrag in leen te geven aan de in de hiervoor vermelde conceptovereenkomst al genoemde vennootschap [vennootschap 24], voluit geheten [vennootschap 24], hierna weer [vennootschap 24] te noemen, een vennootschap waarvan [verdachte] bestuurder en medeaandeelhouder is, ter financiering van de hierna te noemen lening van [vennootschap 24] aan [vennootschap 23]. De overeenkomst is namens beide partijen ondertekend door [verdachte].lix Op 12 januari 2006 verbindt [vennootschap 24] zich aan [vennootschap 23] een bedrag van EUR 1.375.000 in leen te verstrekken.lx [verdachte] ondertekent de overeenkomst tot geldlening namens [vennootschap 24]; [persoon 3] ondertekent deze namens [vennootschap 23].lxi 8) Krachtens de laatstgenoemde overeenkomst wordt [vennootschap 23] een rente van 8% per jaar verschuldigd, verbeurt zij bij niet nakoming van haar aflossingsverplichtingen een boete van 25% over het alsdan verschuldigde en is [vennootschap 23] bij verzuim een boeterente verschuldigd. Verder staat in de overeenkomst dat [vennootschap 24] het recht heeft, zonder nadere ingebrekestelling, de lening terstond op te eisen en betaling te verlangen van de door [vennootschap 23] verschuldigde hoofdsom vermeerderd met rente en boeterente indien één van de in de overeenkomst geformuleerde omstandigheden zich voordoet of zich dreigt voor te doen. Eén van die omstandigheden betreft, aldus artikel 5.1 sub F, het optreden van substantiële wijzigingen in de verhouding tussen [vennootschap 23] en belangrijke leveranciers, opdrachtgevers, contractspartijen of relaties van [vennootschap 23], dusdanig dat de marktpositie van [vennootschap 23] verslechtert of wordt aangetast.lxii Tot zekerheid voor de nakoming van de verplichtingen uit deze overeenkomst bedingt [vennootschap 24] een pandrecht op alle roerende zaken en debiteurenvorderingen van [vennootschap 23].lxiii 9) Eveneens op 12 januari 2006 worden de bij deze overeenkomst bedoelde akten van verpanding opgemaakt. Zij worden ondertekend door enerzijds [persoon 3] en anderzijds [verdachte].lxiv Pandgever en pandnemer komen verder overeen dat [vennootschap 24] het pand in vuistpand mag nemen en mag verkopen vanaf het moment van verzuim of dreigende tekortkoming van [vennootschap 23].lxv 10) Tot nakoming van de drie overeenkomsten van geldlening betaalt [vennootschap 27] namens [vennootschap 26A] in de periode van 1 februari tot en met 17 februari 2006 in totaal EUR 1.375.000 aan [vennootschap 25A]lxvi, maakt [vennootschap 25A], eveneens op verschillende tijdstippen (de laatste betaling vindt plaats op 20 februari 2006) een gelijk bedrag over aan [vennootschap 24]lxvii en maakt [vennootschap 24] vervolgens EUR 1.375.000 over aan [vennootschap 23].lxviii 11) [vennootschap 23] lost in de periode van 25 januari t/m 3 februari 2006 EUR 1.520.000 af op haar schuld aan [vennootschap 26A], althans een van haar dochtervennootschappen, door betaling van dit bedrag aan [vennootschap 27].lxix 12) Op 30 januari 2006 verkoopt en levert [vennootschap 23] haar geregistreerde woordmerken Quadralite en Skandiplex en geregistreerde beeldmerk [vennootschap 23] aan de door [verdachte] gecontroleerde vennootschap [vennootschap 28] BV (hierna te noemen [vennootschap 28]) voor EUR 170.000 (exclusief BTW),lxx zoals [verdachte] heeft geadviseerd. De koopovereenkomst is opgesteld door [verdachte].lxxi Een andere vennootschap van [verdachte], [vennootschap 29] BV (hierna te noemen [vennootschap 29]) schiet de aankoopsom voor.lxxii Zij betaalt daartoe op 2 februari 2006 EUR 151.150 aan [vennootschap 28].lxxiii [vennootschap 28] betaalt daarna op 2 en 3 februari 2006 EUR 182.465,68 aan [vennootschap 23] BV. Bij de tweede overboeking staat 'restant koopsom minus onze licentie nota s tot 01072006 (1 juli 2006, rb).lxxiv [vennootschap 27] betaalt op 6 februari 2006 een vrijwel gelijk bedrag (EUR 182.467) aan [vennootschap 28] onder vermelding 'voor en namens [vennootschap 26A] BV conf overeenkomst.(..)'. Diezelfde dag betaalt [vennootschap 28] het voorgeschoten bedrag van EUR 151.150 terug aan [vennootschap 29].lxxv Op 28 februari 2006 wordt in een koopovereenkomst vastgelegd dat [vennootschap 28] de geregistreerde woordmerken Quadralite en Skandiplex en het beeldmerk [vennootschap 23] aan [vennootschap 26A] voor EUR 153.333,35 (inclusief BTW EUR 182.466,68) verkoopt. [vennootschap 28] factureert diezelfde dag de koopsom aan [vennootschap 26A]. Onderaan de factuur staat 'Wij verrekenen deze nota met onze schuld aan u.' lxxvi 13) Op 31 maart 2006 cedeert [vennootschap 24] haar vordering uit haar overeenkomst van geldlening op [vennootschap 23] met bijbehorende pandrechten aan [vennootschap 25A]. Ten tijde van de cessie heeft [vennootschap 24] nog EUR 1.355.000 van [vennootschap 23] te vorderen.lxxvii 14) [persoon 16] doet op 13 juni 2006 namens [vennootschap 23]/[vennootschap 22] aan de Belastingdienst melding van betalingsonmacht inzake de omzetbelasting (ad EUR 33.715), de Loonbelasting (ad EUR 37.262) en de Sociale lasten (ad EUR 24.177) over het tijdvak april 2006.lxxviii 15) Op 12 juli 2006 beëindigt de kredietverzekeraar van [vennootschap 23], Atradius Credit Insurance NV (hierna te noemen Atradius), met onmiddellijke ingang het kredietobligo van [vennootschap 23]. Als belangrijkste reden hiervoor noemt Atradius de verslechterde financiële positie van [vennootschap 23].lxxix 16) [vennootschap 25A] zegt op 18 juli 2006 met onmiddellijke ingang de haar gecedeerde lening aan [vennootschap 23] op onder verwijzing naar artikel 5 lid 1 sub f van de overeenkomst en sommeert [vennootschap 23] het openstaande bedrag van EUR 1.331.000 uiterlijk binnen 4 dagen te voldoen.lxxx lxxxi Veilingbureau [veilingbureau] te Naarden krijgt op 19 juli 2006 van [vennootschap 25A] opdracht tot het veilen van de bedrijfsuitrusting en voorraden van [vennootschap 23].lxxxii Op 27 juli 2006 wordt het pand tot vuistpand gemaakt.lxxxiii Op 27 juli 2006 wordt de veiling aangekondigd in Het Parool en het Dongens Dagblad. De veiling zal de volgende dag, 28 juli 2006, plaatsvinden. In de ochtend van 28 juli 2006 bestaat de mogelijkheid de te veilen zaken te bekijken.lxxxiv [vennootschap 29] koopt op de veiling de bedrijfsuitrusting voor EUR 731.612 (inclusief BTW). [vennootschap 25A] koopt voor EUR 440.485,64 (inclusief BTW) de voorraden.lxxxv lxxxvi [vennootschap 29] en [vennootschap 25A] verkopen de bedrijfsuitrusting en voorraden vervolgens door aan [vennootschap 26A]. Betaling vindt plaats door verrekening met de vordering van Beheer uit geldlening op [vennootschap 25A]. Per saldo en exclusief kosten resteert hierdoor een winst voor [vennootschap 25A] van ruim EUR 200.000. lxxxvii 17) Op 1 augustus 2006 spreekt de rechtbank Breda het faillissement uit van [vennootschap 22], dat zij zelf aanvroeg.lxxxviii 18) In de periode 1 juni 2007 tot en met 31 augustus 2007 bedragen de vorderingen van de schuldeisers in het faillissement van [vennootschap 22] volgens het zesde faillissementsverslag: - Boedelvorderingen: : Salaris curator: PM UWV € 198.876,56 - Preferente vordering Fiscus: : € 814.627,- - Preferente vordering van het UWV : Het UWV heeft inmiddels een vordering ex. art. 3:288 ingediend ad. € 156.412,90 - Andere preferente crediteuren : Een oud werkneemster heeft een preferente vordering ex. artikel 2:88 sub e ten bedrage van € 3.259,10 ingediend. - Concurrente crediteuren : € 534.698,55lxxxix 5.3. Tijdstip waarop het faillissement niet meer kon worden voorkomen? De officier van justitie stelt zich op het standpunt dat [verdachte] en [persoon 3] zich tezamen en in vereniging met [vennootschap 23] schuldig hebben gemaakt aan faillissementsfraude. Uit de aangetroffen documenten en dan met name de brief van 22 december 2005 en de concept overeenkomst van opdracht blijkt dat welbewust is aangestuurd op een gecontroleerd faillissement van [vennootschap 23], met de bedoeling [persoon 3] ten opzichte van de andere crediteuren te bevoordelen. Verdachte [verdachte] spreekt tegen dat is aangestuurd op een faillissement. Hij voert aan dat waar weliswaar eerder, zoals bijvoorbeeld te lezen is in het concept voor de overeenkomst over zijn advieswerkzaamheden, nog werd gedacht aan een 'gecontroleerd' faillissement die gedachte door gunstige ontwikkelingen werd achterhaald , aangezien de kosten in verband met een ontslag van circa 35 medewerkers veel geringer bleken dan verwacht. Om deze reden geeft de concept overeenkomst zijn intenties in februari 2006 niet juist meer weer. De rechtbank verwerpt dit verweer. Eind 2005 bevond [vennootschap 23] zich in financieel zeer zwaar weer. De financieel manager van [vennootschap 23], [persoon 17], verklaart daarover: "(...) De financiële situatie was belabberd. (...) Vanaf 2001 ging het jaarlijks steeds slechter met [vennootschap 23]. Eind 2005 was het ronduit slecht. Het was iedere keer kantje boord of we geld zouden krijgen van de factormaatschappij [factormaatschappij]. (..) Als [factormaatschappij], later ABN en Fortisbank de stekker er uit zouden trekken was het over geweest. We leunden zwaar op de bank. Ik weet niet precies de verliescijfers, maar dat liep jaarlijks in de tonnen"xc [persoon 18], medewerker bijzonder beheer bij Atradius, verklaart in dit verband: "Het was voor ons duidelijk dat [vennootschap 22] er slecht voor stond eind 2005, begin 2006. Er was sprake van verliezen en een hoge schuldenlast."xci Verder zag de Fortis Bank aanleiding de [persoon 3]-groep onder te brengen bij haar afdeling Bijzonder Beheer.xcii Uit een interne notitie van de bank van 20 januari 2006 blijkt hoe zij tegen de zaak aankeek: "Wij verwachten dat de kans groot is dat [vennootschap 23] BV uiteindelijk failliet zal gaan, zodat wij de afdeling IC & R tijdig inschakelen."xciii Ook [verdachte] en [persoon 3] zelf hebben eind 2005 geconstateerd dat [vennootschap 23] een structureel verliesgevende bedrijfsexploitatie kende. Ook zij hielden rekening met een faillissement.xciv Weliswaar hebben sommige betrokkenen zoals [persoon 16] of [persoon 42] verklaard dat het in hun ogen goed leek te gaan, maar uit het voorgaande blijkt dat die visie geen recht deed aan de werkelijke toestand van het bedrijf. [persoon 3] heeft zich daarom tot [verdachte] gewend voor advies. Op 22 december 2005 heeft [verdachte] het gevraagde advies gegeven. Uit de bevindingen van [verdachte] wordt onmiddellijk duidelijk waar de pijnpunten voor [persoon 3] lagen. [vennootschap 26A] was in de toenmalige situatie mede-aansprakelijk voor de schulden die [vennootschap 23] aan diverse crediteuren had en daarnaast zou [vennootschap 26A], althans een van haar dochtervennootschappen, bij een faillissement van [vennootschap 23] nog slechts een fractie van haar vordering op [vennootschap 23] betaald zien. Over welke vennootschap uit het [vennootschap 26] concern een vordering heeft op [vennootschap 23] wordt verschillend verklaard. [verdachte] heeft het in zijn brief van 22 december 2005 over een vordering van [vennootschap 26A]. In de concept overeenkomst van opdracht wordt gesproken over [vennootschap 26A], "althans aan diens dochtervennootschappen". [persoon 3] heeft het in zijn verklaring over [vennootschap 27] en de schuld wordt door [vennootschap 23] ook afgelost door betaling van een bedrag aan deze [vennootschap 27]. Het bestaan van deze vordering op zich wordt niet betwist door de verdediging. De rechtbank overweegt dan ook dat in ieder geval vastgesteld moet worden dat er sprake was van een intercompany-schuld van [vennootschap 23] aan [vennootschap 26A], althans een van haar dochtervennootschappen. De rechtbank leest het tweede gedachtestreepje van de tenlastelegging ook aldus. [verdachte] heeft aan [persoon 3] een oplossing voorgelegd voor [persoon 3]'s problemen. De voorgestelde oplossing is nader uitgewerkt in de concept overeenkomst van januari 2006. Het plan hield in de lening van [vennootschap 26A], althans een van haar dochtervennootschappen, aan [vennootschap 23] grotendeels af te lossen en het [vennootschap 26] concern na faillissement de beschikking te laten krijgen over de activa van [vennootschap 23]. Hiertoe diende volgens het plan een kasrondje te worden gemaakt, waarbij geld dat afkomstig zou zijn van een [vennootschap 26] vennootschap via een vennootschap van [verdachte] bij [vennootschap 23] terecht zou komen. Dit geld zou dan door [vennootschap 23] kunnen worden gebruikt om de schuld aan [vennootschap 26A], althans een van haar dochtervennootschappen, grotendeels af te lossen. Vervolgens zou [vennootschap 23] gecontroleerd failliet moeten gaan, waarbij de inmiddels gevestigde pandrechten op de activa van [vennootschap 23] zouden kunnen worden uitgewonnen, zodat de activa van [vennootschap 23] zouden kunnen worden doorverkocht aan één van de vennootschappen van [persoon 3]. Voor een meer gedetailleerde beschrijving van het plan en de voordelen van dit plan voor [persoon 3] wordt verwezen naar de genoemde documenten zoals weergegeven bij de vaststaande feiten. Uit de vaststaande feiten volgt dat dit plan ook daadwerkelijk is uitgevoerd. [vennootschap 23] wordt losgekoppeld van het [vennootschap 26] concern. Vervolgens verschaft het concern via de vennootschappen van [verdachte] geld aan [vennootschap 23]. Dit gebeurt door middel van een lening van [vennootschap 24] aan [vennootschap 23] waarbij pandrechten op de bedrijfsuitrusting en voorraden worden gevestigd. De merken van [vennootschap 23] worden verkocht aan [vennootschap 28]. Het geld dat bij [vennootschap 23] binnenkomt wordt aangewend om de schuld aan het [vennootschap 26] concern af te lossen. Vervolgens wordt de aan [vennootschap 23] verstrekte lening opgezegd en worden de zekerheden uitgewonnen, zodat, als gezegd, de activa kunnen worden gekocht door een vennootschap van [persoon 3]. Daarna volgt het faillissement van [vennootschap 23]. De stelling van [verdachte] dat de concept overeenkomst van opdracht in februari 2006 alweer was achterhaald en in het geheel niet de werkelijke intenties van [verdachte] weergeeft, verdient geen geloof. [verdachte] heeft de hem toegezonden concept overeenkomst immers uitgebreid voorzien van commentaar en wijzigingen. Hij moet dus het concept zorgvuldig hebben gelezen. Als waar is wat hij zegt, dan zouden de passages in het concept over het voorgenomen faillissement door hem zijn aangepast. Ook overigens is niet gebleken dat op enig moment het plan is gewijzigd. Frappant is dat het plan nagenoeg geheel is uitgevoerd overeenkomstig de beide documenten die hiervoor onder de feiten zijn opgenomen. Anders dan de verdediging aanvoert, was [vennootschap 23] in het geheel niet gebaat bij het plan. In feite werd een ongesecureerde lening van het [vennootschap 26] concern waarover [vennootschap 23] geen rente was verschuldigd, vervangen door een lening met een hoge rente, een boetebeding en boeterente en met pandrechten. Daarmee werd de positie van [vennootschap 23] niet beter maar slechter. Verder konden de door [verdachte] tot zijn verweer genoemde doelstellingen (een verbetering van de balans van [vennootschap 23] en een kostenreductie) met de in het plan opgenomen stappen niet worden bereikt. Uit het vorenstaande volgt dat bewust is aangestuurd op een faillissement. De eerste stap is gezet op 12 december 2005, toen 80% van de aandelen in [vennootschap 23] aan [persoon 16] werd verkocht. Het plan trad in werking en men wist toen dan ook dat een faillissement niet kon worden voorkomen. 5.4. Zijn er paulianeuze handelingen verricht? De officier van justitie stelt zich op het standpunt dat de aflossing op de lening van [vennootschap 23A] van in totaal EUR 1.520.000 en de overdracht van de merkrechten aan [vennootschap 28] zijn aan te merken als onttrekkingen aan de boedel. De verdediging voert per ten laste gelegd onderdeel verweer, dat zo nodig hierna per onderdeel zal worden besproken. De totstandkoming van de lening tussen [vennootschap 24] BV en [vennootschap 23] BV met vestiging pandrechten De verdediging betoogt dat [vennootschap 23] door de totstandkoming van de lening een bedrag van EUR 1.375.000 heeft ontvangen en dit bedrag aan de schuldeisers van [vennootschap 23] ten goede is gekomen. De schuldeisers konden zich immers op dit bedrag verhalen. Dat daarbij pandrechten zijn bedongen, maakt niet dat er daardoor sprake is van het onttrekken van een goed aan de boedel. Uit het voorgaande volgt reeds dat de rechtbank dit verweer verwerpt. De lening is door [vennootschap 23] aangegaan om het grootste deel van de schuld aan haar moeder- of zustervennootschap te voldoen, om pandrechten op haar activa in het leven te roepen en haar volstrekt afhankelijk te maken van [verdachte], die door de bepalingen van de lening de bevoegdheid kreeg om op elk door hem gewenst moment het geleende op te eisen en het onderpand uit te winnen. Dit een en ander heeft tot gevolg gehad dat een vrijwel oninbare vordering op [vennootschap 23] alsnog grotendeels door [vennootschap 23] is betaald, dat haar activa aan een vooraf geselecteerde begunstigde zijn vervreemd en dat het faillissement van [vennootschap 23] is uitgesproken. Met andere woorden, door de constructie is een schuldeiser op strafbare wijze bevoordeeld, is door de verpanding een tegoed aan de boedel onttrokken en is mede door de bezwarende bedingen van de lening een vordering verdicht. Aflossing van EUR 1.520.000 In de eerste plaats betwist de verdediging dat de aflossingen op de lening aan [vennootschap 26A], althans een van haar dochtervennootschappen, uitsluitend afkomstig zijn van de gelden afkomstig van de geldlening met [vennootschap 24] omdat [vennootschap 23] op 25 januari EUR 178.000 en op 30 januari 2006 EUR 200.000 heeft afgelost terwijl de eerste geldbedragen in verband met de leningsovereenkomst pas op 1 februari 2006 door [vennootschap 23] van [vennootschap 24] zijn ontvangen. Aldus is door [vennootschap 23] tenminste een bedrag van EUR 378.000 betaald aan overige schuldeisers. Dit verweer gaat niet op omdat de door de verdediging genoemde betalingen onderdeel waren van het plan om het [vennootschap 26] concern te bevoordelen en hebben plaatsgevonden in de wetenschap dat het via [vennootschap 24] te verstrekken geld enkele dagen later zou worden overgemaakt en het faillissement aanstaande was. Ten tweede stelt de verdediging zich op het standpunt dat als de aflossing niet zou hebben plaatsgevonden, [vennootschap 27] zich bij voorrang en als separatist zou hebben kunnen verhalen op de voorraden van [vennootschap 23]. De schuld van [vennootschap 23] is namelijk ontstaan door de levering van producten van [vennootschap 27], op welke producten een eigendomsvoorbehoud rustte. Door de aflossing op de lening is het eigendomsvoorbehoud komen te vervallen. De rechtbank verwerpt dit verweer. Nog daargelaten dat niet vast is komen te staan dat aan de leveranties van [vennootschap 27] aan [vennootschap 23] telkens een eigendomsvoorbehoud was verbonden en evenmin is vast komen te staan dat het [vennootschap 27] was die de vordering had op [vennootschap 23], is het al dan niet bestaan van een eigendomsvoorbehoud voor een beoordeling van het tenlastegelegde niet van belang. [verdachte] noch [persoon 3] heeft bij het maken van hun plan noch bij de uitvoering daarvan zelfs maar in overweging genomen of misschien eigendomsvoorbehouden van betekenis zouden kunnen zijn. Ten derde betoogt de verdediging dat [vennootschap 23] hoofdelijk aansprakelijk was voor vorderingen die de Fortis bank had op de vennootschappen van [persoon 3], welke vorderingen waren versterkt met een pandrecht, en Fortis zich dus uit dien hoofde op de activa van [vennootschap 23] kon verhalen. Door de aflossing op de lening zijn de faillissementsschuldeisers niet in hun rechten verkort, omdat zij zich door de positie van Fortis in geen geval op de verpande activa van [vennootschap 23] hadden kunnen verhalen. Dit betoog gaat er aan voorbij dat niet is gebleken dat de bank op de activa van [vennootschap 23] enig pandrecht heeft gevestigd. Het verweer mist dus feitelijke grondslag. Verkoop van merkrechten De verdediging voert aan dat niet is gebleken dat de merken beneden de werkelijke waarde zijn verkocht. De rechtbank acht dit niet van belang. Wat er ook zij van de reële waarde van deze merken, de verkoop moet worden gezien als een onderdeel van het omschreven plan dat er onder meer toe diende te leiden dat een [vennootschap 26] vennootschap de activa van [vennootschap 23] in handen zou krijgen, waaronder derhalve ook de merken. Daarnaast diende de verkoop van de merken nog een ander doel. Daardoor werden aan [vennootschap 23] extra middelen verschaft om haar in staat te stellen haar schuld aan [vennootschap 26A], althans een van haar dochtervennootschappen, te voldoen. Dit laatste is ook expliciet overwogen in de overeenkomst tot koop en verkoop van de aandelen van 12 december 2005. [vennootschap 23] heeft deze merken voor het faillissement verkocht aan [vennootschap 28] die deze merken weer aan [vennootschap 26A] verkoopt. De rechtbank concludeert hieruit dat de verkoop van de merken geen enkel redelijk doel ten voordele van [vennootschap 23] heeft gediend, maar onderdeel vormt van het plan dat tot haar faillissement zou leiden. De verkoop van de merken aan [vennootschap 28] is dus aan te merken als een onttrekking aan de boedel. De veiling van de bedrijfsuitrusting en voorraden van [vennootschap 22] De verdediging betoogt dat bij de veiling van de bedrijfsuitrusting en voorraden geen faillissementsrechtelijke normen zijn geschonden. De rechtbank overweegt dat de veiling het sluitstuk vormt van het door [verdachte] ontworpen plan. Uit de concept overeenkomst van opdracht volgt dat [verdachte] na het faillissement van [vennootschap 23] door middel van het uitwinnen van pandrechten en een veiling zorg zou dragen voor de overdracht van de activa aan een [vennootschap 26] vennootschap. Uit de feiten volgt dat dit plan ook zo is uitgevoerd. De ene vennootschap van [verdachte], [vennootschap 24], wint de pandrechten op de bedrijfsuitrusting en voorraden van [vennootschap 23] uit en de andere vennootschappen van [verdachte], te weten [vennootschap 29] en [vennootschap 25A], kopen deze activa op en verkopen deze vervolgens aan [vennootschap 26A]. Dat [verdachte] in staat is gebleken deze activa te kopen, is een gevolg van de regie die [verdachte] heeft gevoerd over deze veiling. Zo wordt in opdracht van [verdachte] slechts een dag voor de kijkdag en de veiling hiervan aankondiging gedaan en dat dan enkel in het Parool en het Dongens dagblad.xcv Nu de uitvoering van het gehele plan reeds als paulianeus handelen is beoordeeld behoeft het hier besproken verweer geen verdere bespreking. Immers, de veiling maakt hier een essentieel onderdeel van uit. 5.5. [verdachte] Op grond van de bewijsmiddelen kan het volgende over de rol van [verdachte] worden vastgesteld. [verdachte] is door [persoon 3] naar aanleiding van de slechte financiële situatie bij [vennootschap 23] als adviseur in de arm genomen. [verdachte] is toen met een plan gekomen dat er toe diende te leiden dat de vordering van [vennootschap 26A], althans een van haar dochtervennootschappen, op [vennootschap 23] voor faillissement grotendeels zou worden voldaan. Daartoe heeft hij de aandelenoverdracht aan [persoon 16], de geldleningsconstructies en de overdracht van de activa van [vennootschap 23] aan een [vennootschap 26] vennootschap bedacht. Volgens dit plan werd op gecontroleerde wijze toegewerkt naar het faillissement van [vennootschap 23]. Dit plan is vervolgens ook zo uitgevoerd. Uit de bewijsmiddelen volgt dat [verdachte] de grote lijnen heeft uitgezet en dat hij vervolgens zelf uitvoering heeft gegeven aan het plan. Zo was hij via zijn vennootschappen partij bij de geldleningsconstructies, heeft hij de daartoe noodzakelijke overeenkomsten opgesteld, heeft hij er zorg voor gedragen dat de merken aan een aan hem gelieerde vennootschap werden verkocht, heeft hij de lening aan [vennootschap 23] uiteindelijk opgezegd en heeft hij tenslotte de activa van [vennootschap 23] gekocht en aan [vennootschap 26A] doorverkocht. Deze gang van zaken heeft [verdachte] zelf voordeel opgeleverd. Uit de stukken is gebleken dat [vennootschap 25A] als aflossingsoverschot op de lening een voordeel van EUR 18.786 heeft genoten en met betrekking tot de verkoop van de voorraden van de veiling aan [persoon 3] een voordeel van EUR 70.330. Voorts zou [verdachte] volgens de concept overeenkomst van opdracht voor zijn werkzaamheden een succesfee van EUR 300.000 in rekening brengen. Niet kan echter worden vastgesteld of [verdachte] deze succesfee daadwerkelijk betaald heeft gekregen. Daarnaast heeft ook [vennootschap 29] met de transacties voordeel genoten. Het voordeel dat met de verkoop van de bedrijfsuitrusting van de veiling is gemoeid, bedraagt EUR 116.812.xcvi [verdachte] moet zich hebben gerealiseerd dat deze handelingen tot benadeling van de overige schuldeisers in het faillissement zouden leiden. Hij heeft er immers voor gezorgd dat een van de [vennootschap 26] vennootschappen haar vordering op [vennootschap 23] voor faillissement grotendeels voldaan kreeg, hetgeen onvermijdelijk tot benadeling heeft geleid van de overige schuldeisers. Zonder de door [verdachte] bedachte en uitgevoerde constructie zou immers de [vennootschap 26] vennootschap als concurrent schuldeiser in het faillissement hebben moeten opkomen. Daarnaast heeft [verdachte] met het tot stand brengen van de geldleningsovereenkomst tussen [vennootschap 24] en [vennootschap 23] de boedel bezwaard met pandrechten. Daar stond geen inbreng van 'nieuw' geld tegenover. Die geldleningsovereenkomst was zo vormgegeven dat [vennootschap 24] bij een verslechtering of aantasting van de marktpositie van [vennootschap 23] door wijziging in de verhouding tussen [vennootschap 23] en zakelijke partners, met onmiddellijke ingang het openstaande bedrag kon opeisen, vermeerderd met een boete van 25% en voorts haar pandrecht kon uitoefenen. Wanneer die verslechtering of aantasting van de marktpositie zich zou aandienen, was slechts een kwestie van tijd. [verdachte] was immers volledig op de hoogte van de slechte financiële situatie van [vennootschap 23] en daar had hij de overeenkomst van geldlening met zijn strikte voorwaarden op afgestemd. Bovendien kon [vennootschap 24] door middel van het uitwinnen van de pandrechten, alle waardevolle bestanddelen van [vennootschap 23] in haar macht krijgen en daarmee buiten het bereik van de faillissementscurator houden. De in de tenlastelegging genoemde handelingen zijn verricht in een periode dat het faillissement niet meer te voorkomen was. Deze handelingen hebben geleid tot benadeling van de rechten van andere schuldeisers en tot bevoordeling van een schuldeiser. Uit hetgeen hiervoor met betrekking tot de rol van [verdachte] is overwogen, volgt dat hij deze handelingen in nauwe, bewuste en volledige samenwerking met de gefailleerde vennootschap, [vennootschap 24], [vennootschap 25A], [vennootschap 26A], [vennootschap 27] en [persoon 3] als natuurlijk persoon tot stand heeft gebracht en hij zich bewust is geweest van de nadelige gevolgen die zijn handelen voor de positie van de andere schuldeisers zou hebben. 5.6. [persoon 3] [persoon 3] heeft ter terechtzitting verklaard dat hij kennis heeft genomen van het door [verdachte] ontworpen plan, dat hij dit heeft voorgelegd aan zijn advocaat, dat zijn advocaat hem heeft laten weten dat dit plan mogelijk strafbaar was en dat hij daarna van medewerking aan dit plan heeft afgezien. Het geld dat [vennootschap 26A] aan [vennootschap 25A] heeft geleend was volgens [persoon 3] bedoeld als investering in vastgoed. Dit had dus niets van doen met [vennootschap 23].xcvii De rechtbank gelooft echter niet dat voor [persoon 3] het al gemaakte plan van de baan was. Ten eerste is in de toenmalige woning van [persoon 3] een handgeschreven, schematische weergave van het door [verdachte] gepresenteerde plan aangetroffen.xcviii Ten tweede is in diezelfde woning een overzicht aangetroffen waarop het volgende staat:xcix "[persoon 3] krijgt circa 1331 van [VENNOOTSCHAP 25B] BV. Er zal 160k via de advocaat komen Resteert 1171 - Machine deal Tranche 726 K excl OB Maandag eerste deal: [VENNOOTSCHAP 29] betaalt een [veilingbureau] [veilingbureau] betaalt aan [VENNOOTSCHAP 25B] BV; [VENNOOTSCHAP 25B] BV lost af bij [persoon 3] [persoon 3] betaalt aan [vennootschap 29] BV; [persoon 3] wordt daardoor eigenaar van de machines en de lening is grotendeels afgelost. PM [persoon 3] moet wel de OB aanvullend aan [VENNOOTSCHAP 29] betalen want [VENNOOTSCHAP 29] moet deze OB betalen en [persoon 3] kan deze aftrekken bij de OB [VENNOOTSCHAP 29] betaalt dinsdag weer aan [veilingbureau] en hetzelfde rondje Aldus resteert 445 Woensdag betaalt [VENNOOTSCHAP 25B] aan [veilingbureau] en [veilingbureau] betaalt dit weer terug aan de pandhoudster [VENNOOTSCHAP 25B] BV verkoopt en levert de voorraden etc aan [vennootschap 26A] BV voor Euro 446.250 excl OB [persoon 3] moet deze OB wel aanvullen aan [VENNOOTSCHAP 25B] betalen want [VENNOOTSCHAP 25B] moet deze afdragen; [persoon 3] kan deze aftrekken.c" Ten derde blijkt uit de vaststaande feiten die hiervoor zijn weergegeven, dat het op papier gezette plan ook daadwerkelijk is uitgevoerd. [persoon 3] heeft daaraan meegewerkt. Hij heeft zowel namens [vennootschap 23] als namens [vennootschap 26A] alle relevante overeenkomsten ondertekend. Ook heeft hij de pandrechtakten ondertekend en via [vennootschap 26A] alle activa, waaronder de merken, gekocht van [verdachte]. Uit dit alles blijkt dat [persoon 3] willens en wetens zijn volledige medewerking heeft verleend aan het plan, terwijl hij wist dat dit niet door de beugel kon. Dat alle implicaties van het plan [persoon 3] volledig duidelijk waren volgt uit de bij hem thuis gevonden papieren waarin een en ander in detail is uitgewerkt. Dat de medewerking van [persoon 3] gedurende de gehele uitvoering van het plan heeft voortgeduurd volgt eveneens uit het zojuist geciteerde overzicht. Dit overzicht betreft immers, zo begrijpt de rechtbank uit de tekst, de wijze van afrekening aan het einde van de rit en is pas ten tijde van de veiling opgesteld. De stelling dat hij geld heeft geleend aan [vennootschap 25A] ten behoeve van de aanschaf van vastgoed, is dan ook volstrekt ongeloofwaardig. De in de tenlastelegging genoemde handelingen zijn verricht in een periode dat het faillissement niet meer te voorkomen was. Als toenmalig aandeelhouder en deelgenoot van het plan wist [persoon 3] dat. Dat hij zichzelf bevoordeelde ten koste van de andere schuldeisers, moet [persoon 3] eveneens hebben geweten. Uit het voorgaande volgt dat hij deze handelingen in nauwe, bewuste en volledige samenwerking met [verdachte], [vennootschap 23], [vennootschap 23A], [vennootschap 24], [vennootschap 25A], [vennootschap 26A] en [vennootschap 27] tot stand heeft gebracht en hij zich bewust is geweest van de nadelige gevolgen die zijn handelen voor de positie van de andere schuldeisers zou hebben. 5.7. Bewezenverklaring De rechtbank acht op grond van het vorenstaande bewezen dat [verdachte]: ten aanzien van het onder 3 primair tenlastegelegde: in de periode van 1 oktober 2005 tot en met 1 januari 2007 in de gemeente Dongen en/of elders in Nederland, tezamen en in vereniging met [vennootschap 22], voorheen genaamd [vennootschap 23] BV en hierna te noemen: [vennootschap 23], en met andere rechtspersonen en een natuurlijke persoon, terwijl [vennootschap 23] bij vonnis van 1 augustus 2006 van de Rechtbank Breda in staat van faillissement is verklaard, bedrieglijk, ter verkorting van de rechten der schuldeisers van [vennootschap 23] telkens op een tijdstip waarop [vennootschap 23] en verdachte en hun mededaders wisten dat het faillissement niet kon uitblijven, één of meer van de schuldeisers van [vennootschap 23] heeft bevoordeeld en lasten heeft verdicht en enig goed aan de boedel heeft onttrokken door: - een lening tot stand te brengen bij een op 12 januari 2006 tussen [vennootschap 24] en [vennootschap 23] afgesloten "Overeenkomst van Geldlening" voor het bedrag van EUR 1.375.000 waarin opgenomen een boeteclausule van 25%, te voldoen bij niet nakoming van de aflossingsverplichtingen door [vennootschap 23] en waarbij akten van verpanding zijn opgemaakt waarmee de [vennootschap 24] en later [vennootschap 25A] BV een pandrecht verkreeg op alle voorraden en de bedrijfsuitrusting van [vennootschap 23], waardoor bij een faillissement, ten koste van de positie van de overige crediteuren, voor de [vennootschap 24] en later [vennootschap 25A] BV en daarmee voor [vennootschap 26A] BV een betere positie werd gecreëerd en -van een lening ten bedrage van EUR 1.700.000 - zonder zekerheidsstelling - van [vennootschap 26A] BV, althans een van haar dochtervennootschappen, aan [vennootschap 23] een bedrag van EUR 1.520.000 door laatstgenoemde af te laten lossen op rekening van [vennootschap 27] BV, en - [vennootschap 23] rechten op de geregistreerde woord- en beeldmerken Quadralite, Skandiplex en [vennootschap 23] onverplicht te laten verkopen en over te laten dragen aan [vennootschap 28] BV, en - op 28 juli 2006 een openbare veiling - via het internet - te laten organiseren waarbij activa (magazijn-, kantoor- en/of bedrijfsinventaris en voorraden grondstoffen en producten en onderhanden werk) van [vennootschap 23] werden geveild en vervolgens [vennootschap 25A] BV en [vennootschap 29] BV de bedoelde activa te laten verkopen en leveren aan [vennootschap 26A] BV waarbij door [vennootschap 25A] BV een winst is behaald van enig geldbedrag en voor [vennootschap 29] BV een winst is behaald van enig geldbedrag, tengevolge waarvan genoemde geldbedragen uit het zicht en buiten het bereik van de curator zijn gebracht. Zoals reeds overwogen leest de rechtbank onder het tweede gedachtestreepje in plaats van "van een lening ten bedrage van EUR 1.700.000 - zonder zekerheidsstelling - van [vennootschap 23A] BV aan [vennootschap 23] een bedrag van EUR 1.520.000 door laatstgenoemde af te laten lossen op rekening van [vennootschap 27] BV,", het volgende: "een lening ten bedrage van EUR 1.700.000 - zonder zekerheidsstelling - van [vennootschap 26A] BV, althans een van haar dochtervennootschappen,aan [vennootschap 23] een bedrag van EUR 1.520.000 door laatstgenoemde af te laten lossen op rekening van [vennootschap 27] BV,". Het betreft hier een evidente misslag. Verdachte is door deze verbetering niet in zijn verdediging geschaad. 6. [persoon 4] 6.1. Nietigheidsverweer De verdediging voert aan dat het vermelde achter het eerste gedachtestreepje van de tenlastelegging een innerlijke tegenstrijdigheid bevat die tot nietigheid van dat onderdeel moet leiden. De verdediging heeft dat standpunt onvoldoende toegelicht, mede in het licht van de overigens door haar betrokken stellingen, waaruit blijkt dat verdachte heel goed heeft begrepen waartegen hij zich heeft te verweren. 6.2. Essentie In het navolgende komt de rechtbank tot de vaststelling dat in de zaak van [vennootschap 18] het plan is gemaakt en uitgevoerd dat [vennootschap 18] zou failleren, dat voordien een belangrijk deel van haar schuld aan haar voormalig aandeelhouder zou worden betaald en dat door tussenkomst van [vennootschap 19] de activa van de vennootschap tegen voor [vennootschap 19] de meest gunstige voorwaarden in handen zouden komen van een van de kandidaten die al belangstelling hadden getoond om het bedrijf van [vennootschap 18] over te nemen. Daaruit volgt dat bewust is toegewerkt naar haar faillissement en dat ook van meet af aan het oogmerk aanwezig was om de schuldeisers in dat faillissement te benadelen. 6.3. De feiten Uit het dossier blijken namelijk de volgende feitenci 1) [vennootschap 18] (hierna te noemen [vennootschap 18] of [VENNOOTSCHAP 18]) is een in Eerbeek gevestigd transportbedrijf. Vanaf 2 januari 2004 zijn de aandelen van de vennootschap in handen van [persoon 4] Holding BV, welke holding wordt geleid door [persoon 4] (hierna te noemen: [persoon 4]).cii 2) De bedrijfsresultaten van [VENNOOTSCHAP 18] zijn al langere tijd slecht. De resultaten over de boekjaren 2002, 2003 en 2004 zijn negatief: respectievelijk EUR 998.000, EUR 1.750.000, EUR 1.850.000.ciii Voorts heeft [VENNOOTSCHAP 18] een schuld van EUR 1.300.000 aan de voormalig aandeelhouder [vennootschap 20] (hierna te noemen [vennootschap 20]), welke vennootschap ook wordt geleid door [persoon 4]. Op 20 december 2004 is deze schuld geformaliseerd in een lening van [vennootschap 20] aan [VENNOOTSCHAP 18] van EUR 1.300.0000. In de lening is geen pandrecht overeengekomen.civ 3) Op 25 april 2005 komen [VENNOOTSCHAP 18] en [vennootschap 20] dit alsnog overeen en wordt ook het pandrecht op de bedrijfsvoorraden en de vorderingen van [VENNOOTSCHAP 18] gevestigd.cv 4) Op 13 mei 2005 stelt [vennootschap 41] (later: ING Commercial Finance en hierna te noemen: ING), die de handelsdebiteuren van [VENNOOTSCHAP 18] bevoorschot, vast dat [VENNOOTSCHAP 18] over het eerste kwartaal van 2005 een verlies heeft geleden van EUR 180.000, welk verlies voornamelijk is veroorzaakt door het wegvallen van een grote klant. [VENNOOTSCHAP 18] is daardoor in acute betalingsproblemen gekomen. ING besluit daarop haar account-[VENNOOTSCHAP 18] onder te brengen bij haar afdeling Intensief Beheer.cvi 5) Op 21 mei 2005 schrijft [persoon 5] namens de vennootschap [vennootschap 19] BV, een vennootschap van [persoon 5],cvii (hierna: [vennootschap 19]) aan [persoon 4] Holding dat [vennootschap 19] 80% van de aandelen wil overnemen tegen een totale koopprijs van EUR 0,80, mits [vennootschap 20] tegen betaling van EUR 500.000 door [VENNOOTSCHAP 18] tot inlossing van haar eerdervermelde schuld aan [vennootschap 20] aan [VENNOOTSCHAP 18] een bedrag van EUR 800.000 kwijtscheldt. [vennootschap 19] zegt tevens toe aan [VENNOOTSCHAP 18] een aanvullende lening te zullen verstrekken van ten minste EUR 1.000.0000 en maximaal EUR 1.250.000. Het schriftelijk voorstel wordt op 28 mei 2005 voor akkoord getekend door [VENNOOTSCHAP 18] en [vennootschap 20].cviii Diezelfde dag ondertekenen [persoon 4] Holding en [persoon 5] namens [vennootschap 19] een contract waarbij [vennootschap 19] 80% van de aandelen onder de genoemde voorwaarden koopt. [verdachte], die op dat moment [VENNOOTSCHAP 18] als adviseur bijstaat, heeft tot deze aandelenoverdracht geadviseerd.cix 6) Op 8 juni 2005 ondertekenen [vennootschap 19] en [VENNOOTSCHAP 18] een contract waarin zij overeenkomen dat [vennootschap 19] een bedrag van EUR 1.250.000 zal uitlenen aan [VENNOOTSCHAP 18]. [VENNOOTSCHAP 18] is over het geleende bedrag een rente verschuldigd van 5% per jaar. Afgesproken wordt dat [VENNOOTSCHAP 18] het bedrag zal aflossen in 183 maandtermijnen van elk EUR 6.830,60. De eerste termijn moet op 30 september 2005 worden voldaan. Indien niet of niet geheel aan deze aflossingsverplichting zal worden voldaan, zal [VENNOOTSCHAP 18] over het alsdan verschuldigde bedrag een boete van 25% verschuldigd zijn aan [vennootschap 19]. Voorts zal [VENNOOTSCHAP 18] dan een rente verschuldigd worden van 8% per jaar. Het niet voldoen aan deze verplichting leidt volgens de bepalingen in het contract tot onmiddellijke opeisbaarheid van de alsdan verschuldigde bedragen. Tevens vermeldt het contract dat [VENNOOTSCHAP 18] tot meerdere zekerheid voor de nakoming van haar verplichtingen ten behoeve van [vennootschap 19] een pandrecht - eerste in rang - zal vestigen op voorraden en zaken, een pandrecht - tweede in rang - op debiteuren en eerste in rang op de overige vorderingen. De overeenkomst is in Blaricum ondertekend, namens [vennootschap 19] door [persoon 5] en namens [VENNOOTSCHAP 18] door [persoon 4].cx De akte van verpanding van de activa van [VENNOOTSCHAP 18] wordt diezelfde dag ondertekend en geregistreerd bij de belastingdienst.cxi 7) Op diezelfde dag komen [vennootschap 19] en [vennootschap 20] overeen dat [vennootschap 20] een bedrag van EUR 1.000.000 zal uitlenen aan [vennootschap 19] tegen een rente van 5% op jaarbasis. [vennootschap 19] zal het geleende bedrag in 12 maandtermijnen van elk EUR 83.333,33 aflossen. Anders dan de overeenkomst tussen [VENNOOTSCHAP 18] en [vennootschap 19], bevat dit contract geen boeteclausule noch een boeterente.cxii 8) Ter uitvoering van genoemde overeenkomsten van geldlening verstrekt [vennootschap 20] op 9 juni 2005 aan [vennootschap 19] een bedrag van EUR 500.000, welk bedrag [vennootschap 19] dezelfde dag verstrekt aan [VENNOOTSCHAP 18]. [VENNOOTSCHAP 18] voldoet nog steeds op dezelfde dag een gelijk bedrag aan [vennootschap 20] tot aflossing van haar meervermelde schuld aan [vennootschap 20] onder vermelding 'aflossing lening tegen finale kwijting'. 9) Op 16 en 30 juni 2005 verstrekt [vennootschap 20] aan [vennootschap 19] telkens een bedrag van EUR 250.000 tot nakoming van hun overeenkomst van geldlening. [vennootschap 19] verstrekt dit geld op dezelfde dagen aan [VENNOOTSCHAP 18] tot nakoming van hun overeenkomst van geldlening.cxiii 10) Op 5 augustus 2005 wordt 80% van de aandelen [VENNOOTSCHAP 18] geleverd aan [vennootschap 19]. Diezelfde dag treedt de Holding uit functie als bestuurder en wordt op aanraden van [verdachte] [persoon 6] aangesteld als interim directeur van [VENNOOTSCHAP 18].cxiv 11) [vennootschap 21] Barneveld BV (hierna: [vennootschap 21]) is de vaste leverancier van het wagenpark van [VENNOOTSCHAP 18], aan wie [VENNOOTSCHAP 18] haar wagens ook in onderhoud geeft. Uit dien hoofde heeft [vennootschap 21] een openstaande vordering op [VENNOOTSCHAP 18] van EUR 80.899,95. [vennootschap 21] en [vennootschap 19] komen op 9 augustus 2005 - met instemming van [verdachte]cxv - overeen dat [VENNOOTSCHAP 18] deze schuld zal voldoen en daarnaast voor EUR 478.058 vijf trucks van [vennootschap 21] zal kopen. Om de aankoop te financieren leent [vennootschap 21] aan [vennootschap 19] EUR 250.000, welk bedrag [vennootschap 19] op 16 augustus 2005 in lening verstrekt aan [VENNOOTSCHAP 18]. Daardoor komt het in totaal door [vennootschap 19] aan [VENNOOTSCHAP 18] onder hun overeenkomst in lening verstrekte bedrag op EUR 1.250.000. [VENNOOTSCHAP 18] betaalt vervolgens in augustus 2005 de koopsom voor de trucks en de openstaande vordering.cxvi 12) Veiling/taxatiebedrijf [veilingbureau] taxeert in opdracht van de directie van [VENNOOTSCHAP 18] op 14 september 2005 de waarde van alle activa van [VENNOOTSCHAP 18], behalve haar vorderingen. De onderhandse verkoopwaarde bedraagt, exclusief BTW, EUR 2.136.300cxvii en de liquidatiewaarde bedraagt EUR 1.586.200.cxviii 13) [VENNOOTSCHAP 18] betaalt op 30 september 2005 een bedrag van EUR 5.208 aan [vennootschap 19] ter aflossing van de contractueel verschuldigde rente. [VENNOOTSCHAP 18] verzuimt evenwel de eerste aflossingtermijn van EUR 6.830,60 te voldoen, hoewel daarvoor nog voldoende financiële ruimte is.cxix 14) Op 5 oktober 2005 schrijft ING aan de directie van [VENNOOTSCHAP 18] dat de bank uit de tussentijdse cijfers van 30 september 2005 een verdere verslechtering van het resultaat en de cashflow is gebleken en volgens eigen mededeling van de directie een ommekeer ten goede niet mag worden verwacht. Daarom zegt ING de bevoorschottings- en dienstverleningsovereenkomst met [VENNOOTSCHAP 18] met onmiddellijke ingang op.cxx 15) Een dag later eist [vennootschap 42] namens [vennootschap 19] de lening van [vennootschap 19] aan [VENNOOTSCHAP 18] op vanwege het niet voldoen van de contractueel verschuldigde aflossingstermijn van EUR 6.830,60. Volgens de brief is [VENNOOTSCHAP 18] een bedrag van EUR 2.142.305,20 verschuldigd, welk bedrag bestaat uit de dan nog verschuldigde hoofdsom, vermeerderd met de contactuele rente, de contractuele boete en de contractuele boeterente en kosten. In de brief eist [vennootschap 19] verder dat alle zaken waarop ten behoeve van [vennootschap 19] een stil pandrecht is gevestigd, direct in haar macht worden gebracht. Daarnaast verzoekt [vennootschap 19] [VENNOOTSCHAP 18] door ondertekening voor akkoord van de brief in te stemmen met het omzetten van een stil pandrecht naar een vuistpand en instemming met onderhandse executie van het pand. [persoon 6] tekent de brief op 6 oktober 2005 voor akkoord namens [VENNOOTSCHAP 18].cxxi 16) De voorzieningenrechter verleent [vennootschap 19] diezelfde dag, 6 oktober 2005, verlof om de stil verpande zaken onder zich te nemen.cxxii Daartoe gaat [vennootschap 19] nog diezelfde middag over. Het rollend materiaal wordt dan van het terrein van [VENNOOTSCHAP 18] afgereden.cxxiii 17) Op vrijdag 7 oktober 2005 om 07.00 uur besluiten de aandeelhouders van [VENNOOTSCHAP 18] het faillissement van [VENNOOTSCHAP 18] aan te vragencxxiv, dat nog dezelfde dag door de rechtbank te Zutphen wordt uitgesproken met aanstelling van mr. [curator 2] tot curator.cxxv 18) Op 8 oktober 2005 koopt [vennootschap 19] het rollend materiaal van [VENNOOTSCHAP 18] tegen een prijs van EUR 1.826.888 (EUR 1.535.200, te vermeerderen met EUR 291.688 aan BTW). De koopprijs wordt verrekend met het bedrag dat [vennootschap 19] te vorderen heeft uit hoofde van de opgezegde leningsovereenkomst.cxxvi 19) [vennootschap 19] verkoopt de goederen op 9 oktober 2005 aan [vennootschap 43A1] (hierna te noemen [vennootschap 43A1], een onderdeel van [vennootschap 43A] BV), en [vennootschap 21] tegen een koopprijs van in totaal EUR 2.133.021 (EUR 1.792.455, te vermeerderen met EUR 340.566 aan BTW).cxxvii [vennootschap 21] verkoopt een dag later, op 10 oktober 2005, bijna alle aangekochte transportmiddelen door aan [vennootschap 43A1] voor een totaalbedrag van EUR 1.731.991,45 (EUR 1.455.455, te vermeerderen met EUR 276.536,45 aan BTW).cxxviii 20) Op 10 oktober 2005 komen de curator en [vennootschap 43A1] overeen dat [vennootschap 43A1] tevens de nog bij [VENNOOTSCHAP 18] aanwezige activa overneemt voor een totaalbedrag van EUR 155.000, en dat [vennootschap 43A1] voorts een groot deel van het personeel van [VENNOOTSCHAP 18] een nieuw dienstverband zal aanbieden.cxxix 21) De curator in het faillissement van [VENNOOTSCHAP 18] en [vennootschap 19] komen later overeen dat [vennootschap 19] aan de boedel EUR 200.000 afdraagt ten titel van door [VENNOOTSCHAP 18] onverschuldigd betaalde boete uit hoofde van de overeenkomst van geldlening.cxxx 22) In oktober en november 2005 lost [vennootschap 19] EUR 900.000 af van de 1 miljoen euro die zij uit hoofde van de leningsovereenkomst is verschuldigd aan [vennootschap 20].cxxxi 23) Op 20 augustus 2007 doet de curator in het faillissement van [VENNOOTSCHAP 18] aangifte tegen [VENNOOTSCHAP 18], [persoon 4], [vennootschap 19], [persoon 5] en [persoon 6] omdat bij hem het vermoeden is gerezen dat zij zich schuldig hebben gemaakt aan faillissementsfraude. Ten tijde van de aangifte bedragen de vorderingen van de schuldeisers in het faillissement [VENNOOTSCHAP 18]: - EUR 1.464.679 (preferente vordering fiscus) - EUR 445.270 (preferente vordering UWV) - EUR 131.503 (overige preferente schuldeisers) - EUR 1.728.180 (concurrente crediteuren)cxxxii 6.4. Tijdstip waarop het faillissement niet meer kon worden voorkomen? De officier van justitie betoogt dat bij de introductie van [verdachte] al duidelijk was dat een faillissement van [VENNOOTSCHAP 18] niet meer was te voorkomen en dat er daarna doelbewust op het faillissement is aangestuurd. [verdachte] betwist dat al vaststond dat een faillissement zou volgen. Inderdaad stond [VENNOOTSCHAP 18] er bij zijn komst financieel niet florissant voor, doch er zijn doorlopend onderhandelingen geweest met verschillende partijen om een going-concern ov

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.