vonnis RECHTBANK AMSTERDAM Afdeling privaatrecht rolnummer: CV 14-33615 vonnis van: 16 december 2014 fno.: 178 vonnis van de kantonrechter I n z a k e International Card Services B.V., gevestigd te Amsterdam, eiseres, gemachtigde: mr. J.M. Wisseborn, t e g e n [naam gedaagde], wonende te [woonplaats], gedaagde, niet verschenen. VERLOOP VAN DE PROCEDURE dagvaarding van 24 november 2014; een akte vermindering eis ingekomen op 28 november 2014 Gedaagde is niet verschenen, hoewel de dagvaarding aan de door de wet gestelde eisen voldoet. Vervolgens is een datum voor vonnis bepaald. GRONDEN VAN DE BESLISSING Aangezien gedaagde niet is verschenen en de (verminderde) vordering de kantonrechter niet onrechtmatig of ongegrond voorkomt is deze toewijsbaar, behoudens het navolgende. De kosten van een sommatie-exploot zijn niet toewijsbaar, nu kosten voor sommaties en aanmaningen tot betaling geacht moet worden te zijn begrepen in de afzonderlijk gevorderde en toegewezen buitengerechtelijke kosten. Gelet op de afloop van de procedure wordt gedaagde veroordeeld in de proceskosten van eiseres. Met betrekking tot de hoogte van die kosten wordt overwogen als volgt. In de dagvaarding staat vermeld dat de oorspronkelijke vordering een bedrag van € 1.457,08 bedroeg. Eiseres heeft ter besparing van kosten griffierecht aanvankelijk een bedrag van € 500,00 van dit bedrag gevorderd, welke vordering bij vonnis van 26 november 2013 is toegewezen. Uit het gestelde bij dagvaarding, gelezen in samenhang met een bij de dagvaarding gevoegde brief van 9 september 2014 blijkt dat op dit vonnis een betalingsregeling is gevolgd en dat gedaagde op die manier aan dat vonnis heeft voldaan. In genoemde brief wordt gedaagde gemaand om voor de resterende vordering de bestaande betalingsregeling van € 75,00 per maand voort te zetten en gewaarschuwd dat indien betaling uitblijft eiseres zich opnieuw tot de rechter zal moeten wenden en kosten zal moeten maken. Vervolgens heeft eiseres gedaagde op 24 november 2014 gedagvaard voor het volledige restant van € 918,70 (inclusief de niet toewijsbare kosten sommatieexploot). Uit de hierboven genoemde door eiseres ingediende akte blijkt echter dat gedaagde op 21 november 2014 (weer) een bedrag van € 75,00 heeft betaald. Eiseres heeft in haar akte te kennen gegeven dat dit bedrag niet meer in de dagvaarding kon worden opgenomen. Eiseres heeft aanvankelijk, naar eigen zeggen ook ter besparing van kosten voor gedaagde, de vordering beperkt tot € 500,
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.