vonnis RECHTBANK AMSTERDAM Afdeling privaatrecht zaaknummer: 5646139 CV EXPL 17-1494 vonnis van: 7 november 2017 vonnis van de kantonrechter I n z a k e de besloten vennootschap Apply B.V. gevestigd te Utrecht eiseres in conventie, verweerster in (voorwaardelijke) reconventie nader te noemen: Apply gemachtigde: mr. J.W.B. van Till t e g e n de besloten vennootschap Vodafone Libertel B.V. gevestigd te Amsterdam gedaagde in conventie, eiseres in (voorwaardelijke) reconventie nader te noemen: Vodafone gemachtigde: mrs. K. Dadi en C. Kalisvaart VERLOOP VAN DE PROCEDURE De volgende stukken bevinden zich in het procesdossier: - dagvaarding van 15 december 2016, met producties;- antwoord met producties;- instructievonnis;- dagbepaling comparitie. De comparitie heeft plaatsgevonden op 21 juni 2017. Voor Apply zijn verschenen de heren [naam 1] , [naam 2] en [naam 3] , vergezeld door de gemachtigde. Namens Vodafone verschenen [naam 4] en [naam 5] , vergezeld door de gemachtigden. Beide partijen hebben voorafgaand aan de zitting nog aanvullende stukken ingediend, waaronder een conclusie van antwoord in (voorwaardelijke) reconventie van Apply. Ter zitting zijn partijen gehoord en hebben zij vragen van de kantonrechter beantwoord. De griffier heeft aantekeningen gemaakt van hetgeen is besproken. Ten slotte is vonnis bepaald en aangehouden tot heden. GRONDEN VAN DE BESLISSING Feiten 1. Als enerzijds gesteld en anderzijds erkend of niet (voldoende) weersproken, alsmede op grond van de overgelegde en in zoverre niet bestreden inhoud van de bewijsstukken, staat in dit geding het volgende vast: 1.1. Apply is een dienstverlenende organisatie op het gebied van ICT, meer in het bijzonder in spraak- en dataoplossingen. Apply biedt haar klanten eigen IT/telefonie oplossingen alsmede die van derden aan. 1.2. Vodafone is een Nederlandse telecomprovider met een eigen netwerk voor mobiele telefonie en dataverkeer. 1.3. Apply en Vodafone hebben sinds ongeveer 2004 samengewerkt. 1.4. Partijen zijn op 8 februari 2010 respectievelijk 9 februari 2010 een businesspartner overeenkomst en een overeenkomst van opdracht (hierna gezamenlijk: de overeenkomst) met elkaar aangegaan. Beide overeenkomsten zijn aangegaan voor de duur van 3 jaar met als einddatum 31 maart 2013 en kennen een opzegtermijn van 3 maanden alsmede de mogelijkheid voor Vodafone om de vergoedingen tussentijds, met inachtneming van een maand aanzegtermijn, eenzijdig te wijzigen. 1.5. De businesspartner overeenkomst voorzag in de bemiddeling door Apply bij de totstandkoming van overeenkomsten tussen Vodafone en eindgebruikers. De beloning voor de bemiddelingsactiviteiten van Apply bestond uit een standaard aansluitvergoeding (hierna: de transactievergoeding) en bepaalde marketingbijdragen. De vergoeding werd per periode separaat overeengekomen, waartoe partijen doorgaans jaarafspraken maakten. 1.6. De overeenkomst van opdracht zag op het beheer door Apply van bestaande Vodafone klanten. Voor deze werkzaamheden ontving Apply een standaard airtime- of omzetafhankelijke vergoeding (hierna: de airtimevergoeding). De vergoedingsafspraken werden vastgelegd in jaarafspraken met bijbehorende jaarlijks vast te stellen ‘commerciële condities’. De laatst overeengekomen commerciële condities (2015-2016) zien op de periode 1 april 2015 tot en met 31 maart 2016. Uit die voorwaarden blijkt dat er in die periode een standaardvergoeding was van 5,5% van de netto omzet. Dit percentage kon met maximaal 5% verhoogd worden wanneer bepaalde targets waren behaald. In totaal bedroeg de airtimevergoeding derhalve maximaal 10,5%. 1.7. Partijen hebben de overeenkomst, toen de onder 1.4 genoemde termijn verstreek, door middel van het sluiten van een vaststellingsovereenkomst onder de oude voorwaarden voor drie jaar, derhalve tot en met 31 maart 2016, verlengd. 1.8. Tijdens een evaluatie in november 2015 heeft Vodafone Apply te kennen gegeven dat de toenmalige beloningsstructuur vanwege de ondermaatse prestaties van Apply niet meer te hanteren was. In een schriftelijke bevestiging van deze evaluatie heeft Vodafone Apply geschreven dat zij de commerciële condities vanaf 1 april 2016 zou versoberen als Apply niet beter ging presteren. Vodafone schrijft: “Op dit moment loopt uw acrreditatie voor FY17 serieus gevaar. Indien uw performance voor 31 maart 2015 (bedoeld zal zijn 2016 - ktr) niet substantieel verbetert zijn wij vanuit de Partner Overeenkomst genoodzaakt u per 1 april 2016 te voorzien van een sterk versoberd commercieel model”. 1.9. Vodafone heeft Apply nadien een concept overeenkomst voorgelegd met daarbij een voorstel voor nieuwe (versoberde) commerciële condities voor de periode 1 april 2016 t/m 31 maart 2017. Kort gezegd hield het voorstel van Vodafone in dat de bestaande airtimevergoeding van maximaal 10,5% van de netto omzet (zie onder 1.6) werd gehandhaafd, maar dat deze zou worden verlaagd tot maximaal 7,5% (2,5% standaardcomponent en 5% afhankelijk van targets) indien Apply in de periode van 1 april 2016 t/m 30 september 2016 niet aan een aantal in de commerciële condities genoemde voorwaarden zou voldoen. 1.10. Apply was het niet eens met het voorstel van Vodafone en partijen hebben over de voorwaarden waaronder de overeenkomst zou worden voortgezet onderhandeld. In de tussentijd bleef Apply haar activiteiten voor Vodafone voortzetten op de voet van de per 1 april 2016 geëindigde overeenkomst. 1.11. Op enig moment heeft Vodafone de (maandelijkse) betaling aan Apply van de airtimevergoeding stopgezet. 1.12. Bij brief van haar gemachtigde van 17 augustus 2016 heeft Apply Vodafone een tegenvoorstel gedaan en haar verzocht de airtimevergoeding te betalen en de overige voorwaarden na te leven lopende de verdere duur van de onderhandelingen over een eventueel nieuw te sluiten overeenkomst. 1.13. Bij brief van 25 augustus 2016 heeft Vodafone Apply het volgende geschreven, voor zover hier relevant:(…) Het is echter helemaal niet de bedoeling dat de samenwerking eindigt. (…) Helaas heeft Apply in de fiscale jaren 2015 (68%) en 2016 (70%) haar targets niet gehaald. De vergoedingen zoals in Bijlage C overeengekomen voor de periode van 1april 2015 t/m 31 maart 2016 zijn echter gebaseerd op het behalen van deze targets. Vodafone heeft daarom een versobering van de vergoeding voorgesteld indien Apply opnieuw haar targets niet haalt. (…) De overeenkomst is geëindigd per 1 april 2016. Wij hebben namens Vodafone een heel redelijk voorstel gedaan voor nieuwe afspraken voor de periode 1 april 2016 t/m 31 maart 2017. Uiteraard kan daarover worden onderhandeld, maar een uitnodiging daartoe is door Apply steeds afgeslagen. (…) en uiteindelijk hebben wij jullie brief d.d. 17 augustus 2016 ontvangen. In jullie brief wordt samengevat op de volgende drie punten gewezen: 1. Apply heeft vanaf juni geen vergoedingen meer ontvangen (…) 2. Apply heeft inhoudelijke bezwaren tegen de juridische voorwaarden in de nieuwe BPO (businesspartner overeenkomst - ktr) en;3. Apply is niet akkoord met de nieuwe commerciële voorwaarden (…). Vodafone heeft er vertrouwen in dat partijen er op korte termijn uitkomen en is daarom bereid een voorschot te betalen van € 62.700,00. Dit bedrag is grofweg gelijk aan 5,5% over de Netto Omzet in het Toegewezen Klantenbestand over de maanden juni, juli en augustus 2016. Indien partijen niet uiterlijk 30 september 2016 overeenstemming over nieuwe voorwaarden hebben dan beschouwt Vodafone de samenwerking als beëindigd per 1 april 2016 en het betaalde voorschot als al hetgeen verschuldigd is voor de beperkte werkzaamheden van Apply na 1 April 2016 (…). 1.14. Bij brief van 5 september 2016 heeft de advocaat van Apply op de brief van Vodafone gereageerd. Daarin staat vermeld, voor zover hier van belang:(…) Allereerst geldt dat Apply er vanzelfsprekend ook de voorkeur aan had gegeven om de kwestie (…) zonder mijn tussenkomst af te handelen.Zij is echter geconfronteerd met een ondubbelzinnige weigering van de kant van Vodafone om over de inhoud daarvan te onderhandelen. (…)Ook in uw brief van 26 augustus 2016 worden aan de betaling van de Airtime vergoeding voorwaarden verbonden. Aan mijn verzoek om een bevestiging dat onverwijld voor betaling van de achterstallige Airtime vergoeding zal worden zorggedragen (…) wordt geen gevolg gegeven. (…)Met inachtneming van het voorgaande verzoek ik u langs deze weg nogmaals om een bevestiging, van hetgeen ik u in mijn brief van 17 augustus 2016 heb verzocht. (…) 1.15. Bij brief van 8 september 2016 heeft Vodafone Apply het volgende geschreven, voor zover hier van belang: (…) Vodafone heeft per brief d.d. 26 augustus 2016 heel duidelijk aangegeven dat zij zo snel mogelijk een voorschot van € 62.700 wil betalen aan Apply, welk bedrag gelijk is aan het bedrag dat onder de oude overeenkomst verschuldigd zou zijn. Tevens heeft Vodafone aangegeven om op grond van de oude juridische voorwaarden zaken te willen blijven doen met Apply. Tot slot heeft Vodafone zich bereid verklaard om voor de periode 1 april 2016 t/m 31 maart 2017 de oude commerciële voorwaarden te hanteren. (…) Zij heeft slechts de eis op tafel gelegd dat partijen bij het codificeren van nieuwe afspraken vastleggen dat de commerciële voorwaarden voor de periode na 31 maart 2017 versoberen als Apply wederom haar targets niet haalt. Indien u en Apply blijven weigeren om een ander te formaliseren dan heeft Vodafone geen andere mogelijkheid dan om dit als een opzegging door Apply van onze relatie te beschouwen en het toegewezen klantenbestand te migreren naar een andere Business Partner. 1.16. Bij brief van 12 september 2016 van haar gemachtigde heeft Apply Vodafone het volgende geschreven, voor zover hier van belang:(…) U kwalificeert deze vergoedingen wederom als voorschot, maar ik ga er zonder andersluidend tegenbericht van uit dat deze bevestiging betekent dat u er zorg voor zal laten dragen dat de Airtime vergoeding over de maanden juni, juli en augustus 2016 ten bedrage van € 62.700,- thans onverwijld wordt voldaan (…) lopende de onderhandelingen over de voorwaarden van een nieuw te sluiten overeenkomst voor één jaar eindigend op 31 maart 2017. U bevestigt voorts dat Vodafone niet alleen gedurende de onderhandelingen over een dergelijke nieuwe overeenkomst, maar zelfs bereid is tot 31 maart 2017 op basis van de voorwaarden van de op 31 maart 2016 geëindigde overeenkomst met Apply een relatie aan te gaan. In vorenvermeld kader stelt u dat Vodafone zich bereid heeft getoond om voor de periode 1 april 2016 t/m 31 maart 2017 de commerciële voorwaarden te hanteren zoals die laatstelijk tussen partijen van kracht waren. Nog afgezien dat dit niet in uw voorgaande brief was vermeld, is het vanzelfsprekend geïndiceerd om over de commerciële voorwaarden voor de nieuw te sluiten overeenkomst die zal gelden t/m 31 maart 2017 nieuwe afspraken te maken gezien de inmiddels alweer verstreken kostbare tijd na Vodafone’s eerdere weigeringen tot eind augustus om te onderhandelen. (…) 1.17. Apply heeft haar werkzaamheden onder de overeenkomst tot omstreeks 20 september 2016 verricht. 1.18. Op 20 september 2016 heeft er een overleg tussen partijen plaatsgevonden, waarbij zij verder hebben onderhandeld over een eventueel nieuw gesloten overeenkomst. Dit heeft niet tot overeenstemming geleid. 1.19. Bij e-mail van 26 september 2016 heeft Vodafone Apply als volgt bericht, voor zover hier van belang:(…) Helaas zijn wij in dit gesprek niet nader tot elkaar gekomen, echter hebben wij elkaars standpunten uitgebreid kunnen bespreken. (…)Er zijn slechts twee opties: Apply gaat akkoord of Apply gaat niet akkoord en zegt daarmee eenzijdig deze partnership op. (…) 1.20. Bij e-mail van 29 september 2016 heeft Apply Vodafone het volgende geschreven, voor zover hier van belang:(…) De uitkomst van het overleg is de vaststelling dat wij helaas niet nader tot elkaar zijn gekomen zoals jij ook in jouw e-mail van 26 september jl. signaleerde.De gestelde targets zijn gezien de door Vodafone ontstane ‘radiostilte’ de afgelopen maanden irreëel en daarnaast zijn wij niet bereid akkoord te gaan met een eventuele verlaging van de vaste component van de Airtime vergoeding van 5,5% naar 2,5% bij het niet behalen van drie van de vier targets. (…)Feit is dat wij geen overeenstemming hebben weten te bereiken over de voorwaarden van een eventuele nieuwe samenwerking. Anders dan jij stelt in jouw e-mail van 26 september jl. betekent dit niet dat Apply de partnership opzegt. De partnership is op 31 maart jl. geëindigd en wij hebben vervolgens geprobeerd overeenstemming te bereiken over de voorwaarden van een mogelijk te hernieuwen samenwerking. Daar zijn wij niet in geslaagd. Er rest ons derhalve niets anders dan nu onze aandacht te richten over het (financieel en organisatorisch afwikkelen van de op 31 maart jl. geëindigde BPO. (…)” 1.21. Op 28 september 2016 heeft Vodafone de airtimevergoeding over de maanden juni tot en met augustus 2016 van in totaal € 62.700,00 aan Apply uitgekeerd. 1.22. Bij brief van 12 oktober 2016 heeft Vodafone Apply het volgende geschreven, voor zover hier relevant: “De prestaties zijn niet verbeterd na november 2015 en wij hebben bij het voorstel voor de nieuwe jaarafspraken aanvankelijk ingezet op en versobering van het model vanaf 1 april 2016 (…). Wij hebben deze eis echter al snel laten varen en steeds duidelijk gecommuniceerd dat wij bereid zijn om nog een vol jaar samen te werken onder de voorwaarden zoals die golden in de periode 1 april 2015 tot 1 april 2016 (tot 1 april 2017 dus). Maar dat wij dan wel duidelijke targets overeen willen komen waar Apply zich aan committeert en die – als zij niet worden gehaald – tot een versobering vanaf 1 april 2017 leiden. (…) De vraag is hoe nu verder. Wij herhalen: Vodafone wil verder met Apply, Apply kan tot 1 april 2017 de oude voorwaarden krijgen (…), wel moeten er targets worden afgesproken met daaraan gekoppeld een versobering per 1 april 2017 als slecht wordt gepresteerd. (…) Wij verzoeken Apply daarom hierbij om uiterlijk vrijdag 21 oktober 2016 aan te geven of zij bereid is de relatie met Vodafone voort te zetten, en zo ja: 1. Welke targets Apply voorstelt (…); 2. aan welke minimale target-gerelateerde prestaties Apply zich kan committeren (…); en 3. Welke verlaging van de basisvergoeding (nu 5,5%) Apply bereid is te accepteren per 1 april 2017 als deze commitment niet wordt behaald (…). (…) Zo spoedig mogelijk na ontvangst van het voorstel moet een overleg worden ingepland om ofwel tot formalisering van de afspraken te komen ofwel de verdere afwikkeling en migratie van het kantenbestand te bespreken.” 1.23. Op 28 oktober 2016 heeft er opnieuw een bespreking tussen partijen plaatsgevonden. Bij die gelegenheid heeft Apply Vodafone laten weten dat de voorwaarden van Vodafone voor haar onaanvaardbaar waren en dat er geen basis meer was voor een vruchtbare samenwerking in de toekomst. Vordering en verweer in conventie 2. Apply vordert dat de kantonrechter bij vonnis, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad: verklaart voor recht dat Vodafone de airtimevergoeding aan Apply verschuldigd is voor de overeenkomsten die binnen een periode van zes maanden na 20 september 2016 worden gesloten tussen Vodafone en de in productie 16 bij de dagvaarding genoemde klanten dankzij de voorbereidende bemiddelingswerkzaamheden van Apply; Vodafone te veroordelen tot betaling van € 1.250.053,75 exclusief btw aan klantenvergoeding; Vodafone te veroordelen tot betaling van € 22.009,71 exclusief btw aan airtime-vergoedingen; Vodafone te veroordelen tot betaling van de wettelijke handelsrente over de onder 2 b en c genoemde bedragen vanaf 1 april 2016 althans 20 september 2016 tot aan de dag der algehele voldoening; Vodafone te veroordelen tot betaling van € 11.593,00 exclusief btw aan buitengerechtelijke incassokosten; Vodafone te veroordelen in de proceskosten. 3. Aan haar vordering sub 2b legt Apply ten grondslag dat zij op grond van artikel 7:442 lid 1 Burgerlijk Wetboek (BW) recht heeft op betaling van een klantenvergoeding. Apply stelt daartoe - kort gezegd - dat de overeenkomst (zie 1.4 t/m 1.6) per 1 april 2016 is geëindigd door het verstrijken van de overeengekomen bepaalde tijd. Vervolgens hebben partijen onderhandeld over nieuwe voorwaarden onder voortzetting door Apply van haar werkzaamheden. Partijen hebben op 20 september 2016 vastgesteld dat zij geen overeenstemming hebben bereikt, waarna tot afwikkeling van de overeenkomst moest worden overgegaan, aldus Apply. Apply heeft de hoogte van de klantenvergoeding berekend op basis van de verdiende commissie in de laatste twaalf maanden van de overeenkomst (april 2015 t/m maart 2016), in welke periode de door Apply verdiende provisie € 1.206.305,82 beloopt. Uitgaande van de verwachte duur van drie jaar waarin Vodafone waarschijnlijk voordeel zal hebben en een zogeheten ‘churn rate’ (migratie van klanten naar andere aanbieders) van 10% en rekening houdend met een rentevoet van 6% omdat sprake is van vervroegd inkomen, komt Apply een vergoeding toe van € 2.765.650,82. Deze moet overeenkomstig artikel 7:442 lid 2 BW worden gemaximeerd op € 1.250.053,75, te weten de beloning over één jaar, berekend naar het gemiddelde van de laatste vijf jaren, zo stelt Apply. 4. Ter onderbouwing van de door haar gevorderde airtimevergoeding (sub 2c) stelt Apply dat Vodafone haar betalingsverplichting tot en met 30 september 2016 niet is nagekomen. Volgens Apply is Vodafone haar over die periode nog € 22.009,71 exclusief btw verschuldigd. Haar vordering sub 2a grondt Apply op artikel 7:431 lid 2 sub a BW. Apply verwijst op dit punt naar een door haar als productie 16 bij dagvaarding overgelegde klantenlijst. 5. Vodafone voert tegen de vordering sub 2b primair als verweer dat Apply de stekker uit de overeenkomst heeft getrokken en daarom op grond van artikel 7:442 lid 4 sub b BW geen recht heeft op een klantenvergoeding. Vodafone voert daartoe aan dat beide partijen de overeenkomst na 31 maart 2016 hebben voortgezet, zodat zij ingevolge artikel 7:436 BW voor onbepaalde tijd op dezelfde voorwaarden gebonden zijn. Nu Apply haar werkzaamheden onder de overeenkomst per 1 oktober 2016 heeft gestaakt, moet zij geacht worden deze per die datum te hebben opgezegd. Subsidiair voert Vodafone aan dat niet aan de voorwaarden van artikel 7:442 lid BW is voldaan. Zij betwist dat haar klantenkring door toedoen van Apply is uitgebreid dan wel dat Apply overeenkomsten met bestaande klanten aanmerkelijk heeft uitgebreid en dat de overeenkomsten met deze klanten haar nog aanzienlijke voordelen met een duurzaam karakter opleveren. Volgens Vodafone moet van de klanten worden uitgegaan die Apply in de periode 1 april 2013 - 30 september 2016 nieuw heeft aangebracht omdat partijen elkaar voor (de klantenbase
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.