RECHTBANK AMSTERDAM VONNIS Parketnummer: 13/993074-17 (Promis) Datum uitspraak: 10 december 2018 Vonnis van de rechtbank Amsterdam, meervoudige strafkamer, in de strafzaak tegen [verdachte] gevestigd op het adres [vestigingsadres] , [vestigingsplaats] . 1Het onderzoek ter terechtzitting Dit vonnis is bij verstek gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen op 24, 25 en 27 september 2018, 4 oktober 2018 en 10 december 2018 (sluiting). De rechtbank heeft op die zittingen kennisgenomen van het standpunt en de vordering van de officieren van justitie mrs. H.J. Hart en C.P.W. Kok. 2De tenlastelegging Aan verdachte is ten laste gelegd dat zij zich van 2011 tot en met 2013 schuldig heeft gemaakt aan valsheid in geschrift en witwassen. Dit zou zij hebben gedaan tezamen met andere natuurlijke- en rechtspersonen, waarmee zij ook een criminele organisatie zou hebben gevormd. De integrale tekst van de tenlastelegging is aan dit vonnis gehecht als bijlage. 3Voorvragen De dagvaarding is geldig, deze rechtbank is bevoegd tot kennisneming van de ten laste gelegde feiten en de officier van justitie is ontvankelijk. Er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging. 4Waardering van het bewijs 4.1. Vrijspraak De rechtbank acht niet bewezen dat verdachte heeft deelgenomen aan een criminele organisatie zoals onder feit 1 is ten laste gelegd. Verdachte maakte deel uit van de handelstak van de [naam handelstak] groep. Deze handelstak stond onder leiding van [medeverdachte 1] , één van de hoofdverdachten in onderzoek Trust EU. In de zaken tegen [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] heeft de rechtbank respectievelijk bewezen geacht dat hij leiding heeft gegeven aan- en deel uitmaakte van een criminele organisatie, te weten een samenwerkingsverband van natuurlijke personen, bestaande uit [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] , [naam 1] , [naam 2] en andere personen, welke organisatie tot oogmerk had het plegen van misdrijven, namelijk valsheid in geschrift en gewoontewitwassen. Om deze misdrijven te plegen heeft de organisatie gebruik gemaakt van verschillende rechtspersonen, waaronder verdachte. Verdachte heeft dus, net als andere rechtspersonen, onderdeel uitgemaakt van een fraudestructuur, maar haar strafbare handelen kan zozeer worden vereenzelvigd met het handelen van de natuurlijke personen van de organisatie, dat er niet zozeer sprake is van een samenwerkingsverband tussen de rechtspersonen en de natuurlijke personen, maar van een groep natuurlijke personen die meerdere rechtspersonen als ‘werktuigen’ hebben gebruikt voor het plegen van fraude. Verdachte wordt daarom vrijgesproken van deelname aan een criminele organisatie. 4.2. De rechtbank acht bewezen dat verdachte t.a.v. feit 2: in de periode van 1 oktober 2011 tot en met 30 november 2011 te Amsterdam, Italië en de Verenigde Arabische Emiraten, opzettelijk geschriften, te weten: (NL13-D146) de Sale and Purchase Agreement tussen Orient Invest Ltd. (hierna Orient) ("seller") en haar, verdachte ("buyer"), gedateerd 1 juli 2010, (NL13-D205) de brief van haar, verdachte, aan Polichem srl, gedateerd 12 november 2010, (NL13-D206, pag. 1) de brief van haar, verdachte, aan Polichem srl, gedateerd 20 november 2010, (NL13-D206, pag. 2, NL13-D147, IT13-D003) de Agreement tussen Polichem Srl en haar, verdachte, gedateerd 24 november 2010, (NL13-D207) de brief van haar, verdachte, aan Polichem srl, gedateerd 27 november 2010, (NL13-D154) de factuur "invoice 111058" van haar, verdachte, aan Polichem Srl, gedateerd 3 oktober 2011, en (NL13-D155) de factuur "invoice 111059" van haar, verdachte, aan Polichem Srl, gedateerd 4 oktober 2011, zijnde geschriften die bestemd waren om tot bewijs van enig feit te dienen, valselijk heeft opgemaakt met het oogmerk om die geschriften als echt en onvervalst te gebruiken en door anderen te laten gebruiken, en in de periode van 1 oktober 2011 tot en met 30 november 2011 te Amsterdam, Italië en de Verenigde Arabische Emiraten, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk geschriften, te weten de hiervoor genoemde onder 1., 2., 3., 4., 5., 6. en 7. opzettelijk voorhanden heeft gehad, terwijl zij wist dat deze geschriften bestemd waren om als echt en onvervalst te gebruiken, voornoemde valsheden bestaan hieruit dat in die geschriften valselijk en in strijd met de waarheid is voorgewend en opgenomen, dat ad 1.: deze overeenkomst is aangegaan/afgesloten op 1 juli 2010, ad 2.: deze brief is opgesteld op 12 november 2010 en/of zij, verdachte, "is able to asist in resolving those problems [problems related to Polycarbonate problems connected to Yellowness, Transparancy and Impact Resistance] en/of zij, verdachte, "is ready to offer to Polichem some recipes adapted to that customer [an important (potential) customer from Polichem] and to his technology", ad 3.: deze brief is opgesteld op 20 november 2010 en/of zij, verdachte, in de periode 15 tot en met 20 november 2010 een brief gedateerd 15 november [2010] van Polichem srl heeft ontvangen, ad 4.: deze agreement is aangegaan/afgesloten op 24 november 2010 en/of zij, verdachte, "is able to asist in resolving those problems [problems related to Polycarbonate problems connected to Yellowness, Transparancy and Impact Resistance] en/of zij, verdachte, "is ready to offer to Polichem some recipes adapted to that customer [an important (potential) customer from Polichem] and to his technology", ad 5.: deze brief is opgesteld op 27 november 2010, ad 6.: zij, verdachte, voor Polichem werkzaamheden en/of diensten heeft verricht en/of gerechtigd is tot een bedrag van EURO 25.000 wegens "our fees as advance payment for use of our patent (under registration) as agreed in our agreement dated 24 November 2010" en/of deze factuur is opgemaakt op 3 oktober 2011, en ad 7: zij, verdachte, voor Polichem werkzaamheden en/of diensten heeft verricht en/of gerechtigd is tot een bedrag van USD 30.000 wegens "our fees as advance payment for use of our patent (under registration) as agreed in our agreement dated 24 November 2010" en/of deze factuur is opgemaakt op 4 oktober 2011. t.a.v. feit 3: in de periode van 1 oktober 2011 tot en met 30 november 2011 te Amsterdam, Italië en de Verenigde Arabische Emiraten, opzettelijk van geldbedragen bestaande uit een of meerdere betaling(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.