← Nederland

ECLI:NL:RBAMS:2019:4522

RECHTBANK AMSTERDAM INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER Parketnummer: 13/751281-19 RK nummer: 19/2388 Datum uitspraak: 18 juni 2019 UITSPRAAK op de vordering ex artikel 23 Overleveringswet (OLW), ingediend door de officier van justitie bij deze rechtbank. Deze vordering dateert van 16 april 2019 en betreft onder meer het in behandeling nemen van een Europees aanhoudingsbevel (EAB). Dit EAB is uitgevaardigd op 25 maart 2019 door de Staatsanwaltschaft Duisburg (Duitsland) en strekt tot de aanhouding en overlevering van: [opgeëiste persoon] , geboren te [geboorteplaats] (voormalig Joegoslavië) op [geboortedag] 1968, ingeschreven in de Basisregistratie Personen op het adres: [adres] , hierna te noemen de opgeëiste persoon. 1Procesgang De vordering is behandeld op de openbare zitting van 18 juni

  1. Het onderzoek heeft plaatsgevonden in tegenwoordigheid van de officier van justitie, mr. M. Diependaal. De opgeëiste persoon is bijgestaan door zijn raadsvrouw, mr. S.M. Kurvers, advocaat te Roermond. 2Identiteit van de opgeëiste persoon De rechtbank heeft de identiteit van de opgeëiste persoon onderzocht. De opgeëiste persoon heeft ter zitting verklaard dat de bovenvermelde personalia juist zijn en dat hij de Nederlandse nationaliteit heeft. 3Grondslag en inhoud van het EAB In het EAB wordt melding gemaakt van een arrestatiebevel van het Amtsgericht Duisburg van 18 maart 2019 (dossiernummer: (AZ.)11 Gs 920/19) . De overlevering wordt verzocht ten behoeve van een door de justitiële autoriteiten van de uitvaardigende lidstaat ingesteld strafrechtelijk onderzoek ter zake van het vermoeden dat de opgeëiste persoon zich schuldig heeft gemaakt aan naar het recht van Duitsland strafbare feiten. Deze feiten zijn omschreven in onderdeel e) van het EAB. Een door de griffier gewaarmerkte fotokopie van dit onderdeel is als bijlage aan deze uitspraak gehecht. 4Bevoegdheid uitvaardigende autoriteit Zoals hiervoor weergegeven, is het EAB uitgevaardigd door de Staatsanwaltschaft Duisburg oftewel – in de Nederlandse vertaling – het Openbaar Ministerie in Duisburg. Over de bevoegdheid van het Duitse Openbaar Ministerie om een EAB uit te vaardigen zijn door de Ierse rechter prejudiciële vragen gesteld die door het Europese Hof van Justitie zijn beantwoord bij arrest van 27 mei 2019 (ECLI:EU:C:2019:456). Uit het arrest volgt – kort samengevat – dat het Duitse Openbaar Ministerie daartoe niet bevoegd is. Gelet op dit arrest is door het Amtsgericht Duisburg op 3 juni 2019 een nieuw EAB uitgevaardigd in de Duitse strafzaak die aan het onderhavige EAB ten grondslag ligt. De rechtbank heeft geen bericht ontvangen dat het onderhavige EAB is ingetrokken. Het voorgaande brengt de rechtbank, met de officier van justitie en de raadsvrouw, tot de conclusie dat de officier van justitie niet-ontvankelijk moet worden verklaard in haar vordering tot het in behandeling nemen van het onderhavige EAB. 5Beslissingen Verklaart de officier van justitie niet ontvankelijk in de vordering tot het in behandeling nemen van het EAB, dat is uitgevaardigd op 25 maart 2019 door de Staatsanwaltschaft Duisburg (Duitsland). Stelt vast dat het geschorste bevel overleveringsdetentie is vervallen. Aldus gedaan door mr. M. van Mourik, voorzitter, mrs. C.A. van Dijk en R. Godthelp, rechters, in tegenwoordigheid van mr. R.R. Eijsten, griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 18 juni
  2. Ingevolge artikel 29, tweede lid, OLW staat tegen deze uitspraak geen gewoon rechtsmiddel open.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.