vonnis RECHTBANK AMSTERDAM Afdeling privaatrecht, voorzieningenrechter civiel zaaknummer / rolnummer: C/13/676597 / KG ZA 19-1261 AB/BB Vonnis in kort geding van 24 januari 2020 in de zaak van de stichting STICHTING REGIONAAL OPLEIDINGENCENTRUM VAN AMSTERDAM, gevestigd te Amsterdam, eiseres bij dagvaarding van 13 december 2019, advocaten mrs. G. Verberne en M.J. de Meij te Amsterdam, tegen de publiekrechtelijke rechtspersoon DE GEMEENTE AMSTERDAM, zetelend te Amsterdam, gedaagde, advocaat mr. M.H. de Vries te Amsterdam. Partijen zullen hierna het ROC en de Gemeente worden genoemd. 1De procedure 1.
- De zitting van 9 januari 2020 is aangehouden tot 15 januari 2020 om mr. De Vries in de gelegenheid te stellen de brief van 2 januari 2020, waarin het ROC de gronden van dagvaarding heeft aangevuld, mee te nemen in het verweer van de Gemeente. Mr. De Vries had geen kennis genomen van deze brief, die niet in het door het ROC toegestuurde papieren dossier zat, ofschoon die wel per e-mail aan de oorspronkelijke advocaat van de Gemeente was verstuurd. Besloten is tot een korte aanhouding, opdat het debat volledig kon worden gevoerd. 1.
- Op de vervolgzitting heeft het ROC de vorderingen zoals omschreven in de dagvaarding toegelicht. De Gemeente heeft verweer gevoerd. Beide partijen hebben producties en een pleitnota ingediend. Vonnis is bepaald op heden. Op beide zittingen waren aanwezig: aan de kant van het ROC: [medewerker eiseres 1] ( [functie] ), [medewerker eiseres 2] [functie] ) met mrs. Verberne en De Meij, aan de kant van de Gemeente: [medewerker gedaagde 1] [functie] ), [medewerker gedaagde 2] [functie] ) met mr. De Vries. 2De feiten 2.
- De Gemeente heeft een Europese aanbesteding uitgeschreven voor “Levering van Taalcursussen aan de Gemeente Amsterdam”. De aankondiging van de aanbesteding is gepubliceerd op TenderNed en Negometrix. Het doel van de aanbesteding is om met maximaal 6 leveranciers afspraken te maken voor de levering van taalcursussen verdeeld over drie percelen. Deze afspraken zullen worden vastgelegd in een overeenkomst met een looptijd van één jaar, met optie tot verlenging van drie keer één jaar. De onderverdeling in percelen is als volgt: 2.
- In paragraaf 1.2.9 van de Inschrijfleidraad staat dat de Gemeente de Inschrijvingen beoordeelt aan de hand van de gunningscriteria. Paragraaf 1.4 beschrijft de beoordelingsmethodiek. In paragraaf 1.4.1 staat dat de Opdracht wordt gegund aan de inschrijver met de beste “Prijs Kwaliteitsverhouding” (BPKV). Verder staat in deze paragraaf dat de beoordeling elektronisch geschiedt in Negometrix en dat de Utility Index wordt gehanteerd. In deze paragraaf staat daarnaast, voor zover van belang het volgende: 2.
- In paragraaf 1.4.3 van de Inschrijfleidraad staat over het beoordelingsteam, voor zover van belang, het volgende: 2.
- In het Programma van Eisen worden per Perceel de “gunningscriteria” uitgewerkt. Hierin staat wat van de inschrijver wordt verwacht. Voor Perceel 1 staan in paragraaf 1.2 vier gunningscriteria en voor Perceel 2 drie gunningscriteria. De relevante criteria zullen hierna bij de beoordeling worden opgenomen. Voor beide Percelen wordt in paragraaf 1.2 de puntenweging gegeven. Die luidt als volgt: 2.
- Het ROC heeft een inschrijving gedaan op Perceel 1 en
- 2.
- In een ongedateerde brief heeft de Gemeente aan het ROC meegedeeld dat zijn inschrijving niet voor gunning van de opdracht voor Perceel 1 in aanmerking komt. Zijn inschrijving is als achtste geëindigd. In de brief staat, voor zover van belang, het volgende: De scoretabel en toelichting op de beoordeling per gunningscriterium volgt hierna bij de beoordeling. 2.
- In een ongedateerde brief heeft de Gemeente aan het ROC meegedeeld dat zijn inschrijving niet voor gunning van de opdracht voor Perceel 2 in aanmerking komt. Die inschrijving is als derde geëindigd. In de brief staat, voor zover van belang, het volgende: De scoretabel en de toelichting op de beoordeling per gunningscriterium volgt hierna bij de beoordeling. 2.
- Het ROC heeft bij brieven van 5 december 2019 schriftelijk bezwaar gemaakt tegen de gunningsbeslissingen. 2.
- Op 5 december 2019 hebben partijen daarover een gesprek gehad. 2.
- Bij brief van 10 december 2019 heeft de Gemeente op de bezwaren van het ROC gereageerd. In de brief staat, voor zover van belang, het volgende: “(…) De gemeente stelt zich op het standpunt dat de brief van 20 november 2019 voldoet aan de eisen van artikel 2.130 Aw, echter begrijpt uit de bezwaren van uw cliënte dat zij graag een nadere toelichting hierop wenst. Hieronder zal de gemeente (nogmaals) de redenen voor de genomen gunningsbeslissing motiveren. (…) Het beoordelingsteam baseert haar waardering op basis van het totaalbeeld van de kwaliteit. Er wordt een zevenpuntschaal gehanteerd, zie paragraaf 1.4.
- van de leidraad. Toekenning van de punten wordt hoger naarmate er concreter, vollediger, praktischer, realistischer, passender, effectiever, creatiever en specifieker op de situatie wordt ingegaan. Toekenning van de punten wordt ook hoger wanneer er meer wordt bijgedragen aan de doelstelling van het project. (…) De verdere inhoud van deze brief per gunningscriterium volgt hierna bij de beoordeling. 3Het geschil 3.
- Het ROC vordert samengevat -: primair
- de Gemeente te gebieden het voornemen om de opdrachten voor perceel 1 en 2 te gunnen aan Taaloffensief in te trekken, althans dit voornemen niet uit te voeren; en
- de Gemeente te gebieden de aanbesteding voor perceel 1 en 2 te staken en gestaakt te houden, in die zin dat als de Gemeente de opdrachten nog wil gunnen zij een nieuwe aanbesteding moet houden; subsidiair
- de Gemeente te gebieden het voornemen om de opdrachten voor perceel 1 en 2 te gunnen aan Taaloffensief in te trekken, althans dit voornemen niet uit te voeren; en
- de Gemeente te gebieden de inschrijvingen van het ROC op perceel 1 en 2 opnieuw te laten beoordelen door een nieuw aan te stellen onafhankelijke beoordelingscommissie en op basis van deze herbeoordeling een nieuwe gunningsbeslissing te nemen; meer subsidiair een andere beslissing te treffen die aan de belangen van het ROC tegemoet komt. Tot slot vordert het ROC de Gemeente te veroordelen in de kosten van dit geding. 3.
- Het ROC stelt daartoe dat de in gunningsbeslissing gegeven motivering voor de afwijzing op Perceel 1 en 2 te summier is. In de brief van 10 december 2019 heeft de Gemeente de bezwaren van het ROC niet verhelderd. Integendeel. De motivering is zo ondermaats dat het ROC de wijze waarop is beoordeeld niet kan toetsen. Naar de juridische maatstaf gebruikt in het vonnis van de voorzieningenrechter van deze rechtbank van 9 mei 2019 (ECLI:NL:RBAMS:2019:4206), kan het ROC niet anders concluderen dan dat de Gemeente niet heeft voldaan aan de eis dat de gunningsbeslissing zodanig wordt gemotiveerd dat het voor de afgewezen inschrijver redelijkerwijs mogelijk is om de wijze waarop de beoordeling heeft plaatsgevonden te toetsen. De mededeling van de gunningsbeslissing voldoet daarnaast niet aan de eisen die de Aanbestedingswet 2012 stelt. Bovendien is de motivering onbegrijpelijk en zelfs aantoonbaar onjuist. De beoordeling is onzorgvuldig. Achteraf is ook gebleken dat het in deze aanbestedingsprocedure voor kandidaat-inschrijvers onvoldoende duidelijk was wat er van ze werd verwacht. De Gemeente had als uitgangspunt dat zou worden beoordeeld in hoeverre een inschrijving beantwoordt aan het doel van de Gemeente. Uit de gunningsbeslissing en brief van 10 december 2019 blijkt nu dat aan niet vooraf bekend gemaakte doelen is getoetst. Tot slot is onduidelijk hoe de puntentoekenning is geschied. In de Inschrijfleidraad staat dat de ‘Negometrix Utility Index’ zal worden toegepast. Vast staat dat dit niet is gebeurd. Er is een andere, onduidelijke, manier van puntentoekenning toegepast. De gebreken aan de opzet en aanpak van de aanbesteding zijn onherstelbaar. De schending van aanbestedingsrechtelijke beginselen moet leiden tot een heraanbesteding. Tot slot dient bij de kostenveroordeling ermee rekening te worden gehouden dat er twee zittingen zijn geweest. 3.
- De Gemeente voert verweer. Hierop wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan. 4De beoordeling 4.
- Het spoedeisend belang van het ROC vloeit voort uit de aard van de vorderingen. 4.
- Uitgangspunt is dat in deze aanbesteding de inschrijvingen alleen op kwaliteit zijn beoordeeld en enige mate van subjectiviteit daarbij onontkoombaar is. Dit levert geen strijd op met de aanbestedingsrechtelijke beginselen van transparantie en gelijke behandeling zolang (a) voor een kandidaat-inschrijver duidelijk is wat van hem wordt verwacht, (b) de inschrijvingen aan de hand van een zo objectief mogelijk systeem worden beoordeeld en (c) de gunningsbeslissing zodanig wordt gemotiveerd dat het voor een afgewezen inschrijver redelijkerwijs mogelijk is om de wijze waarop de beoordeling heeft plaatsgevonden te toetsen. 4.
- Volgens het ROC is de systematiek van puntentoekenning onbegrijpelijk. Verder is de motivering van de gunningsbeslissing te summier en ondeugdelijk en ten slotte is de beoordeling van de inschrijvingen onzorgvuldig geweest. Het ROC heeft zijn bezwaren aan de hand van specifieke voorbeelden per Perceel uiteengezet. Bij de beoordeling zullen deze voorbeelden achtereenvolgens worden nagelopen. Voor de beoordeling is naast de in 4.
- weergegeven criteria nog het volgende van belang: i) Volgens artikel 2.130 lid 1 Aw moet de mededeling van de gunningsbeslissing de relevante redenen voor die beslissing bevatten. Volgens lid 2 wordt onder relevante redenen in ieder geval verstaan de kenmerken en relatieve voordelen van de uitgekozen inschrijving. Nadat de gunningsbeslissing is gegeven is alleen een nadere toelichting op de reeds aangevoerde redenen toegestaan en niet het aanvoeren van nieuwe redenen. Dit laatste volgt uit het arrest KPN/Staat van 7 december 2012 (ECLI:NL:HR:2012:BW9231) waarin het ging om de uitleg van artikel 6 lid 1 van de Wira; het huidige artikel 2.130 lid 1 Aw. ii) In paragraaf 1.4.
- van de Inschrijfleidraad is bepaald dat toekenning van punten hoger wordt naarmate er concreter, vollediger, praktischer, realistischer, passender, effectiever, creatiever en specifieker op de situatie wordt ingegaan en naarmate er meer wordt bijgedragen aan de doelstelling van het project/het doel van de Gemeente. Algemeen De Negometrix Utility Index 4.
- Volgens het ROC is onduidelijk of de in paragraaf 1.4.
- van de Inschrijfleidraad beschreven ‘Negometrix Utility Index’ is gebruikt en zo ja, hoe dan. In paragraaf 1.4.1 staat immers dat de toepassing van de parameters prijs en kwaliteit binnen deze Index 100% kwaliteit betreft. 4.
- De Negometrix Utility Index werkt normaal gesproken met een breuk, waarvan de teller wordt gevormd door de kwaliteit en de noemer door de prijs. Om te voorkomen dat Taalaanbieders hun docenten zouden gaan onderbetalen, hanteert de Gemeente steeds een vooraf door haar vastgestelde prijs. De prijs, en daarmee de noemer van de Negometrix-breuk, speelt bij de aanbesteding dus geen rol. Dit betekent dat van die breuk alleen de teller (de kwaliteit) wordt meegenomen. Bij een noemer van nul zou de formule die door de Index wordt gebruikt bovendien voor alle inschrijvers op nul punten uitkomen. Het komt erop neer dat de rangorde louter is bepaald op basis van de enige variabele die er is, kwaliteit. Vooralsnog is niet gebleken dat de Gemeente de ‘Negometrix Utility Index’ hiermee anders heeft gebruikt dan in de Inschrijfleidraad beschreven, namelijk op grond van kwaliteit. Hierover kan geen misverstand bestaan. Het bezwaar gaat dan ook niet op. De puntentoekenning 4.
- Volgen het ROC is onduidelijk hoe de punten in deze aanbesteding zijn toegekend. Op gunningscriterium Inhoud van Perceel 1 heeft hij bijvoorbeeld een ‘voldoende’ (13,3 van de 40 punten) gekregen. Uit het PvE volgt dat dit correspondeert met het cijfer ‘6’. Op dit criterium konden maximaal 40 punten worden behaald. Een behoorlijk geïnformeerde en normaal oplettende inschrijver mocht dan ook verwachten dat deze ‘6’ correspondeert met 24 punten (60% van de 40 punten). Onduidelijk is waarom het oordeel ‘voldoende’ slechts leidt tot toekenning van 13,3 = 33% van het maximale aantal punten. Ook bij andere gunningscriteria is zonder toelichting – die ontbreekt – niet te begrijpen hoe het oordeel ‘voldoende’ of ‘goed’ zich verhoudt tot de toegekende punten, aldus het ROC. 4.
- In de gunningsbeslissing op Perceel 1 staat een scoretabel die de score van het ROC per gunningscriterium laat zien in vergelijking met de drie voorlopig gegunde inschrijvers. inschrijvers Inhoud
(40)Netwerk
(30)Plaatsing
(10)Vervolg
(20)(…) 40 25 8,3 13,3 (…) 33,3 20 8,3 16,7 (…) 33,3 20 6,7 16,7 ROC 13,3 15 5 6,7 4.8. Deze puntentoekenning is niet onduidelijk of oneerlijk. Uit paragraaf 1.4.1 van de Inschrijfleidraad volgt immers dat voor de puntenverdeling een 7 punts schaal geldt, beginnend bij 4 (de laagste) en eindigend bij 10 (de hoogste). In het PvE in paragraaf 1.2 is de daarmee correspondeerde puntenweging gegeven, waarbij 4 ‘onvoldoende’ en 10 ‘uitstekend’ is. Een bepaalde score leidt tot een bepaald aantal punten, afhankelijk van de weging van het gunningscriterium. Bij Perceel 1, Inhoud kan bij een score van 10 (uitstekend) en 4 (onvoldoende) worden uitgegaan van respectievelijk 40 punten en 0 punten. Volgens de later door de Gemeente opgemaakte tabel geldt daarbij dan de volgende verdeling: De tussen ‘onvoldoende’
(4)en ‘uitstekend’
(10)liggende scores worden dus evenredig met meer punten (telkens 6,67%) beloond. Dit betekent dat als het ROC bij gunningscriterium Inhoud ‘voldoende’ heeft gescoord, zij 13,3 van de 40 punten krijgt. Hoewel deze tabel niet in de Inschrijfleidraad is opgenomen, zijn de uitgangspunten van de puntentoekenning daarin wel vermeld en voldoende transparant. Dat het ROC niet wist dat een score van 4 nul punten opleverde maakt dat niet anders. Het gaat om de onderlinge verhoudingen tussen de scores, die voor alle inschrijvers hetzelfde waren. Daarmee is de beoordelingsmethodiek voldoende doorzichtig, controleerbaar en objectief. 4.
- ROC stelt verder dat de motivering en beoordeling van de inschrijvingen op beide percelen onjuist zijn. Zij doet dit aan de hand van de volgende voorbeelden. Perceel 1 Voorbeeld 1 4.
- In het PvE staat over gunningscriterium Inhoud In de gunningsbeslissing staat over het tweede bulletpoint: Inzet leermiddelen: minder gescoord omdat methodes voor algemene taalverhoging alleen bij analfabeten worden genoemd en niet bij andere doelgroepen. Er wordt wel verschil gemaakt in taalniveau, maar niet in opleidingsachtergrond of doelgroep. 4.
- Het ROC stelt dat hij in zijn inschrijving per doelgroep heeft beschreven wat de inzet van leermiddelen is. Op pagina 2/3 van de door hem als productie 2A overgelegde inschrijving is een uitgebreid schema gepresenteerd waarin in de kolom “Doelgroep” de specifieke doelgroepen worden benoemd waarop de in de eerste kolom genoemde cursussen zijn gericht. Een beschrijving per opleidingsachtergrond was niet gevraagd, aldus het ROC. 4.
- In de brief van 10 december 2019 heeft de Gemeente, voor zover van belang, als aanvullende toelichting gegeven: “(…) De winnende inschrijver heeft hier hoger gescoord omdat deze aanbieder bij de keuze van materiaal kijkt naar methoden voor algemene taalverhoging en naar materiaal gericht op het doelperspectief, steeds rekening houdend met opleidingsachtergrond, taalniveau en doelgroep. Op sub criterium 1 heeft uw cliënte niet maximaal gescoord omdat: Uw cliënte weliswaar goed materiaal heeft ingezet voor de cursussen Taal in de Buurt, Taal en Werk en Taal en Financiële Zelfredzaamheid, gericht op competenties. Maar geen methode gericht op systematische taalverhoging vanaf Ao. Voor Analfabeten is dit wel adequaat uitgewerkt. De inschrijving noemt in de tabel op pag 2/3 wel de doelgroep maar niet de opleidingsachtergrond. Andere elementen uit de inschrijving die maakten dat de inschrijving op dit punt als voldoende is beoordeeld zijn: (…)” 4.
- Volgens het ROC erkent de Gemeente met de opmerking onder het tweede bulletpoint expliciet dat wèl, zoals gevraagd, een beschrijving per doelgroep is gegeven en impliciet dat haar eerdere oordeel dus onjuist was. Toch is ten onrechte de score gehandhaafd. Verder heeft ROC gesteld dat de toelichting over de winnende inschrijver onvolledig en zonder toelichting onbegrijpelijk is. Het Perceel wordt immers niet gegund aan één, maar aan drie partijen. Welke partij heeft wat aangeboden? 4.
- De gunningsbeslissing op dit onderdeel is zeer summier. Dit geldt trouwens voor alle onderdelen. Dat betekent echter niet zonder meer dat de gunningsbeslissing niet voldoende is gemotiveerd. Inderdaad staat in de afwijzingsbrief achteraf ten onrechte dat geen onderscheid was gemaakt in doelgroep, want dat had het ROC wel degelijk gedaan. Resteert evenwel de reden in de afwijzingsbrief dat geen onderscheid is gemaakt naar opleidingsniveau. Dat was weliswaar niet met zoveel woorden gevraagd, maar het zou de inschrijving wel concreter, effectiever en passender hebben gemaakt, wat volgens het PvE tot een hogere score had geleid. Volgens mededeling van de Gemeente hebben de nummers 2 en 3 wel gedifferentieerd naar opleidingsniveau. In de gunningsbeslissing is een scoretabel opgenomen met de door de winnende inschrijvers en ROC behaalde punten op de verschillende gunningscriteria. In zijn geheel bezien bood de gunningsbeslissing voor een afgewezen inschrijver als het ROC op dit onderdeel redelijkerwijs voldoende houvast om de wijze waarop de beoordeling heeft plaatsgevonden te toetsen. 4.
- Voorshands is ook niet gebleken dat de Gemeente de inschrijving van het ROC op dit onderdeel onjuist heeft beoordeeld. Vaststaat dat bij de inzet van leermiddelen onderscheid moest worden gemaakt naar doelgroep. Zoals gezegd kon de inschrijving concreter, specifieker en passender worden gemaakt door daarnaast ook onderscheid te maken naar opleidingsniveau, ook al was dat niet met zoveel woorden gevraagd. De inschrijver heeft in deze aanbesteding immers de ruimte om zijn inschrijving voor de Gemeente zo aantrekkelijk mogelijk te maken en de Gemeente hoefde daarvoor niet zelf de elementen aan te dragen. Om dezelfde reden kon de Gemeente in redelijkheid ook tot het oordeel komen dat op het punt van het beschrijven van leermiddelen voor algemene taalverhoging voor anderen dan analfabeten de inschrijving van het ROC minder was (dan die van de hoger geëindigde inschrijvers). Voorbeeld 2 4.
- In het PvE staat over gunningscriterium Netwerk: In de gunningsbeslissing staat: Score: ruim voldoende (15 van de 30 punten), uit de door u verstrekte informatie blijkt dat in ruim voldoende mate aan het doel van de Gemeente wordt beantwoord. Toelichting op beoordeling: Werving en leslocaties: minder gescoord omdat u beschrijft op welke locaties u in het verleden heeft gezeten, dat is minder concreet. De beschrijving is minder wijkgericht. 4.
- Het ROC stelt dat hij in zijn inschrijving zeer uitgebreid op de vragen is ingegaan. ROC noemt per werkgebied in een inleidende zin op welke locaties is lesgegeven. Daarna wordt per werkgebied en per wijk een uitgebreide beschrijving van de aanpak gegeven. Het klopt dus dat ROC aangeeft op welke locaties zij les heeft gegeven, maar de Gemeente gaat eraan voorbij dat zij daarnaast wel degelijk een uitgebreide aanpak beschrijft. 4.
- In de brief van 10 december 2019 staat, voor zover van belang, als aanvullende toelichting: 4.
- Volgens het ROC volgt uit deze brief dat het argument nu kennelijk is dat zijn inschrijving op dit onderdeel minder passend, minder effectief en met name minder persoonlijk zou zijn. De Gemeente lijkt te ontkennen dat haar eerdere oordeel niet juist was. Waarom de oorspronkelijk score is gehandhaafd is haar niet duidelijk. 4.
- Bij dit gunningscriterium gaat het niet alleen om het netwerk, maar ook om de vraag hoe daarvan gebruik zal worden gemaakt, met name bij het werven en motiveren van de moeilijker bereikbare doelgroepen. De Gemeente vindt de inschrijving van het ROC minder wijkgericht (dan die van de hoger geëindigde inschrijvers), niet omdat het ROC geen netwerk zou hebben, maar omdat hij niet laat zien dat en hoe hij dit netwerk gebruikt bij de werving van deze doelgroepen. Daarmee voldoet de afwijzingsbrief op zich aan de hiervoor weergegeven maatstaf. De Gemeente heeft haar standpunt ter zitting toegelicht aan de hand van een aantal concrete voorbeelden. Het ROC kwam daarop met vindplaatsen waar de wijkgerichte aanpak wèl werd beschreven. De Gemeente vond dat nog steeds niet concreet genoeg, althans minder concreet dan de nummers 1 en
- Het mocht bovendien geen zoekplaatje worden. Daarmee is de discussie beland op een welles/nietes niveau, waarbij bovendien de gegevens van de andere inschrijvers ontbreken. Bij deze stand van zaken, en gelet op het voor de gehele aanbesteding geldende criterium ‘Toekenning van de punten wordt hoger naarmate er concreter, vollediger, praktischer, realistischer, passende, effectiever, creatiever en specifieker op de situatie wordt ingegaan’, kan voorshands niet worden gezegd dat de Gemeente redelijkerwijs niet tot het oordeel kon komen dat aan de inschrijving van het ROC een mindere score toekwam dan die van de hoger geëindigde inschrijvers. Perceel 2 4.
- In de gunningsbeslissing staat de volgende scoretabel: inschrijvers Inhoud
(50)Werving
(40)Plaatsing
(10)(…) 41,7 33,3 6,7 ROC 33,3 26,7 6,7 Voorbeeld 3 Gunningscriterium Inhoud 4.
- In de toelichting in de gunningsbeslissing staat: “Score: goed (33,3 van de 50 punten), uit de door u verstrekte informatie blijkt dat in goede mate aan het doel van de Gemeente wordt beantwoord. Toelichting op beoordeling: Faciliteren docenten: minder gescoord omdat u minder voorbereidingstijd biedt. Leermiddelen: minder gescoord omdat de succesreeks niet gericht is op systematisch verhogen taalniveau en er geen methode leesvaardigheid is uitgewerkt. In de brief van 10 december 2019 staat als aanvullende toelichting: De winnaar heeft hier zeer goed gescoord omdat deze wel een methode hanteert die gericht is op het systematisch verhogen van taalniveau. Faciliteren docenten: de inschrijving biedt weinig voorbereidingstijd. Wel is het faciliteren van docenten goed uitgewerkt. Goed dat de examens op 2F voor jong volwassenen wordt benoemd, meer uitgewerkt had dit tot een hogere score geleid. Leermiddelen: de succesreeks is niet gericht op systematisch verhogen taalniveau en er is geen methode leesvaardigheid uitgewerkt. De genoemde voorbeelden bij rekenvaardigheden hadden functioneler gekund in plaats van knopen in een bakje. 4.
- Volgens het ROC is de toelichting in de gunningsbeslissing onbegrijpelijk. De voorbereidingstijd die hij aan docenten biedt is immers optimaal. Waar is het oordeel dat hij minder voorbereidingstijd biedt op gebaseerd? Minder in vergelijking met wat? En waarom is meer voorbereidingstijd per definitie beter? Verder is de “succesreeks” volgens het ROC wel degelijk gericht op het systematisch verhogen van het taalniveau; het volledige onderwijsprogramma is daarop gericht. Het ROC heeft bovendien in haar bieding wel degelijk een methode leesvaardigheid uitgewerkt. Tot slot is aan de nieuwe reden in de aanvullende toelichting: “De genoemde voorbeelden bij rekenvaardigheden hadden functioneler gekund in plaats van knopen in een bakje.” geen touw vast te knopen. Nergens in de inschrijving van het ROC wordt gesproken over “knopen in een bakje”. Duidelijk is dat de beoordeling onzorgvuldig is geschied en dat de motivering zo ondermaats is dat het ROC de wijze waarop is beoordeeld niet kan toetsen. 4.
- Anders dan de winnaar heeft het ROC volgens de afwijzingsbrief een methode gehanteerd (de succesreeks) die niet is gericht op het systematisch verhogen van het taalniveau. Het ROC heeft hier de score ‘goed’ behaald en is daarmee (goede) tweede geworden. Gelet op het betrekkelijk geringe verschil met de nummer 1 vormt alleen al de opgegeven reden dat door het ROC geen methode is gehanteerd die is gericht op het systematisch verhogen van het taalniveau, een voldoende duidelijke motivering. Het minder duidelijke argument over de voorbereidingstijd staat daar los van en kan daaraan niet afdoen. Hetzelfde geldt voor de enigszins wonderlijke ‘knopen in een bakje’ uit de toelichtingsbrief. De afwijzingsbrief voldoet dus ook op dit onderdeel aan de eisen. 4.
- Volgens de Gemeente is de succesreeks niet een methode die is gericht op het systematisch verhogen van het taalniveau. De succesreeks kan wel naast een dergelijke methode worden gebruikt. Volgens het ROC voldoet de succesreeks wel aan de eisen. Ook hier weer welles-nietes, waar in het kader van dit kort geding niet valt uit te komen. Voorshands kan ook op dit punt dus niet worden gezegd dat de Gemeente redelijkerwijs niet tot het oordeel kon komen dat aan de inschrijving van het ROC een mindere score toekwam dan die van de hoger geëindigde inschrijver. Voorbeeld 4 Gunningscriterium Werving 4.
- In de toelichting in de gunningsbeslissing staat: “Score goed (26,7 van de 40 punten), uit de door u verstrekte informatie blijkt dat in goede mate aan het doel van de Gemeente wordt beantwoord. Toelichting op beoordeling: Werving: minder gescoord omdat geen gebruik gemaakt wordt van zogenaamd camouflageaanbod. In de brief van 10 december 2019 staat als aanvullende toelichting: Werving: uw cliënte heeft weliswaar camouflageaanbod beschreven maar de uitwerking was onvoldoende creatief. Volgens het ROC is het onbegrijpelijk dat haar in de gunningsbeslissing wordt verweten geen camouflageaanbod te beschrijven en in de aanvulling dat de uitwerking onvoldoende creatief is. 4.
- De Gemeente heeft toegeven dat zij in haar brief van 10 december 2019 haar oordeel in de gunningsbeslissing dat de inschrijving geen camouflageaanbod heeft gecorrigeerd en heeft toegelicht dat het camouflageaanbod onvoldoende creatief was uitgewerkt. Het ROC beschrijft wel dat het hiervoor flyers en promotiefilmpjes gebruikt, die online kunnen worden gedeeld, maar werkt onvoldoende uit hoe de werving in zijn werk gaat, aldus de Gemeente. 4.
- Het camouflageaanbod is een marketingtruc voor het binnenhalen van laaggeletterden, die zich in de regel niet zo maar aanmelden voor een taalcursus. Dat gebeurt dan onder het mom van een cursus ‘prijzen vergelijken op internet’ of ‘online bankieren’, die als opstapje dient naar een taaltraining. Het ROC heeft een camouflageaanbod gedaan. In zoverre was de afwijzingsbrief dan ook domweg fout. Inmiddels heeft de Gemeente duidelijk gemaakt dat het camouflageaanbod van het ROC onvoldoende creatief was, waarmee zij kennelijk bedoelt onvoldoende uitgewerkt. De winnaar was volgens de Gemeente heel creatief en scoorde daarmee ‘zeer goed’. Ook hier weer een betrekkelijk gering verschil met de nummer 1, waar in kort geding geen vat op is te krijgen en dat dan ook niet kan leiden tot de conclusie dat de Gemeente redelijkerwijs niet tot haar beoordeling kon komen. 4.
- Het voorgaande betekent dat de gevraagde voorzieningen zullen worden geweigerd, met verwijzing van het ROC als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten, aan de zijde van de Gemeente begroot op € 656,- aan griffierecht plus € 1.470,- aan salaris advocaat. 5De beslissing De voorzieningenrechter 5.
- weigert de gevraagde voorzieningen, 5.
- veroordeelt het ROC in de kosten van dit geding, tot heden aan de zijde van de Gemeente begroot op: € 656,- aan griffierecht € 1.470,- aan salaris advocaat, 5.
- veroordeelt het ROC in de na dit vonnis ontstane kosten, begroot op € 157,- voor salaris advocaat, te vermeerderen met € 82,- en de kosten van het betekeningsexploot ingeval betekening van dit vonnis plaatsvindt, 5.
- verklaart deze kostenveroordelingen uitvoerbaar bij voorraad, 5.
- wijst het meer of anders gevorderde af. Dit vonnis is gewezen door mr. A.J. Beukenhorst, voorzieningenrechter, bijgestaan door mr. B.P.W. Busch griffier, en in het openbaar uitgesproken op 24 januari
- type: GHF coll: