← Nederland

ECLI:NL:RBAMS:2020:6335

RECHTBANK AMSTERDAM Afdeling privaatrecht zaaknummer: 8430875 EA VERZ 20-248 beschikking van: 26 oktober 2020 func.: 33618 beschikking van de kantonrechter I n z a k e het openbaar lichaam de Koninklijke Nederlandse Beroepsorganisatie van Accountants gevestigd te Amsterdam verzoekster nader te noemen: NBA gemachtigde: mr. G.A. Diebels t e g e n [verweerster] wonende te [woonplaats] verweerster nader te noemen: [verweerster] gemachtigde: mr. R.M.S. Carli VERDER VERLOOP VAN DE PROCEDURE Op 31 augustus 2020 is een tussenbeschikking gegeven. Ter uitvoering van die tussenbeschikking hebben beide partijen een akte ingediend. Nadien is een datum voor beschikking bepaald. GRONDEN VAN DE BESLISSING Verdere beoordeling

  1. In de tussenbeschikking van 31 augustus 2020 zijn partijen in de gelegenheid gesteld om zich uit te laten over de juistheid van de berekeningen zoals weergegeven in rechtsoverweging 34, 35, 41 en
  2. Partijen hebben zich bij akte daarover uitgelaten. De kantonrechter oordeelt daarover als volgt. Opmerking vooraf
  3. [verweerster] heeft in haar akte (ook) gereageerd op de door de kantonrechter in de tussenbeschikking genomen inhoudelijke beslissingen ter zake van de geschilpunten tussen partijen. Zij is het met een deel van die beslissingen niet eens. In de tussenbeschikking zijn partijen echter in de gelegenheid gesteld om uitsluitend te reageren op de juistheid van de berekeningen zoals weergegeven in de tussenbeschikking. Partijen zijn niet in de gelegenheid gesteld om te reageren op de juistheid van de beslissingen die aan die berekeningen ten grondslag liggen. Aan hetgeen [verweerster] ter zake van de inhoudelijke beslissingen van de kantonrechter naar voren heeft gebracht, zal dan ook voorbij worden gegaan. De kantonrechter overweegt ten overvloede nog dat de door [verweerster] bestreden gedeelten van de tussenbeschikking van 31 augustus 2020 eindbeslissingen betreffen en dat in hetgeen [verweerster] aanvoert geen aanleiding wordt gezien op de inhoud hiervan terug te komen. Achterstallig salaris en schadevergoeding ter hoogte van gederfd loon
  4. Partijen zijn het eens met de in de tussenbeschikking weergegeven berekeningen, zodat over de verschillende perioden de volgende bedragen toewijsbaar zijn. 1 oktober 2017 tot en met maart 2018 Geen recht op achterstallig salaris en/of een schadevergoeding. 1 april 2018 tot en met 16 oktober 2018 € 3.331,71 bruto aan schadevergoeding in verband met gederfd loon. 17 oktober 2018 tot en met december 2018 € 1.098,23 bruto aan schadevergoeding in verband met gederfd loon. 1 januari 2019 tot en met 29 mei 2019 (afgerond 1 juni 2019) € 2.291,80 bruto aan schadevergoeding in verband met gederfd loon. 1 juni 2019 tot en met 16 oktober 2019 € 2.426,63 bruto aan schadevergoeding in verband met gederfd loon en € 2.363,99 bruto aan achterstallig salaris. 17 oktober 2019 tot en met december 2019 € 1.348,13 bruto aan schadevergoeding in verband met gederfd loon. 1 januari 2020 tot en met juli 2020 € 3.865,26 bruto aan schadevergoeding in verband met gederfd loon. - augustus en september 2020 € 1.104,36 bruto aan schadevergoeding in verband met gederfd loon. Uit het voorgaande volgt dat de totale schadevergoeding in verband met gederfd loon € 15.466,12 bruto bedraagt. Het totale achterstallige salaris bedraagt € 2.363,99 bruto. Achterstallig vakantiegeld en 13e maand en schadevergoeding
  5. Partijen zijn het eens met de in de tussenbeschikking weergegeven berekeningen, zodat over de verschillende perioden de volgende bedragen toewijsbaar zijn. 1 oktober 2017 tot en met maart 2018 Geen recht op achterstallige bedragen en/of schadevergoeding. 1 april 2018 tot en met 16 oktober 2018 € 266,54 bruto en € 277,53 bruto aan schadevergoeding in verband met gederfd vakantiegeld en 13e maand. 17 oktober 2018 tot en met december 2018 € 87,87 bruto en € 91,49 bruto aan schadevergoeding in verband met gederfd vakantiegeld en 13e maand. 1 januari 2019 tot en met 29 mei 2019 (afgerond 1 juni 2019) € 183,34 bruto en € 190,91 bruto aan schadevergoeding in verband met gederfd vakantiegeld en 13e maand. 1 juni 2019 tot en met 16 oktober 2019 € 189,12 bruto en € 196,92 bruto aan achterstallig vakantiegeld en 13e maand. € 194,13 bruto en € 202,14 bruto aan schadevergoeding in verband met gederfd vakantiegeld en 13e maand. 17 oktober 2019 tot en met december 2019 € 107,85 bruto en € 112,30 bruto aan schadevergoeding in verband met gederfd vakantiegeld en 13e maand. 1 januari 2020 tot en met juli 2020 € 309,22 bruto en € 321,98 bruto aan schadevergoeding in verband met gederfd vakantiegeld en 13e maand. - augustus en september 2020 € 88,35 bruto en € 91,99 bruto aan schadevergoeding in verband met gederfd vakantiegeld en 13e maand. Uit het voorgaande volgt dat de totale schadevergoeding in verband met gederfd vakantiegeld en 13e maand € 2.525,64 bruto bedraagt. Het totale achterstallige vakantiegeld en 13e maand bedraagt € 386,04 bruto. Vakantie-uren en schadevergoeding
  6. Partijen zijn het eens met de in de tussenbeschikking weergegeven berekening(en), zodat vastgesteld wordt dat [verweerster] recht heeft op een bedrag van € 6.172,95 bruto aan openstaande vakantie-uren en € 3.672,79 bruto aan schadevergoeding ter hoogte van 96,5 vakantie-uren. Conclusie
  7. Uit het voorgaande volgt dat [verweerster] recht heeft op een totale schadevergoeding ter hoogte van € 21.664,55 bruto en een bedrag van € 2.363,99 bruto en € 386,04 bruto aan achterstallig salaris respectievelijk achterstallig vakantiegeld en 13e maand. Deze bedragen zullen worden toegewezen. Proceskosten
  8. Zoals reeds in de tussenbeschikking is overwogen, worden de proceskosten gecompenseerd in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt. BESLISSING De kantonrechter: In het tegenverzoek: veroordeelt NBA tot betaling aan [verweerster] van een bedrag van € 2.363,99 bruto aan achterstallig salaris, te vermeerderen met de wettelijke verhoging die tot op heden begroot wordt op nihil; veroordeelt NBA tot betaling aan [verweerster] van een bedrag van € 386,04 bruto aan achterstallig vakantiegeld en 13e maand, te vermeerderen met de wettelijke verhoging die tot op heden begroot wordt op nihil; veroordeelt NBA tot betaling aan [verweerster] van een schadevergoeding ter hoogte van € 21.664,55 bruto; veroordeelt NBA tot betaling aan [verweerster] van de wettelijke rente over de onder I tot en met III vermelde bedragen, te berekenen vanaf 14 dagen na heden tot de algehele voldoening; In het verzoek en tegenverzoek: compenseert de proceskosten in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt; verklaart de veroordelingen uitvoerbaar bij voorraad; wijst het meer of anders verzochte af. Deze beschikking is gegeven door mr. E.J. van der Molen, kantonrechter, in samenwerking met mr. R. van Rijn, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 26 oktober
  9. de griffier de kantonrechter

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.