RECHTBANK AMSTERDAM Afdeling privaatrecht zaaknummer: 9024284 KK EXPL 21-103 vonnis van: 2 april 2021 func.: 8622 vonnis van de kantonrechterkort geding I n z a k e [eiser 1 t/m 7] [eiser 1 t/m 7] [eiser 1 t/m 7] [eiser 1 t/m 7] [eiser 1 t/m 7] [eiser 1 t/m 7] [eiser 1 t/m 7] allen wonende te [woonplaats] [eiser 8 en 9] [eiser 8 en 9] beiden wonende te [woonplaats] [eiser 10] wonende te [woonplaats] [eiser 11] wonende te [woonplaats] [eiser 12 en 13] [eiser 12 en 13] beiden wonende te [woonplaats] [eiser 14] wonende te [woonplaats] [eiser 15] wonende te [woonplaats] [eiser 16] wonende te [woonplaats] [eiser 17] wonende te [woonplaats] [eiser 18] wonende te [woonplaats] eisers, nader te noemen: werknemers gemachtigde: mr. A.M. Dielemans-Buiteman en mr. A. Şimşek t e g e n de stichting De Stichting tot instandhouding van de diergaarde van het Koninklijk Zoölogisch Genootschap Natura Artis Magistra (Artis) gevestigd te Amsterdam gedaagde, nader te noemen: Artis gemachtigde: mr. I.J. de Laat VERLOOP VAN DE PROCEDURE Bij dagvaarding van 17 februari 2021 hebben werknemers een voorziening gevorderd. Op het moment van dagvaarden waren ook [naam 1] , [naam 2] , [naam 3] , [naam 4] en [naam 5] nog eiser. Zij hebben hun vordering later ingetrokken, zoals hierna vermeld. Ter terechtzitting van 12 maart 2021 heeft de mondelinge behandeling plaatsgevonden. Voorafgaand daaraan heeft Artis producties overgelegd en hebben werknemers nog een aanvullende productie ingediend. Werknemers sub 1, 2, 3, 5, 6, 7, 8, 9, 11, 12, 13, 16, en 18 zijn verschenen, alsmede [naam 4] , met hun gemachtigden. Namens Artis zijn verschenen de heer [naam 6] , de heer [naam 7] , de heer [naam 8] , mevrouw [naam 9] , mevrouw [naam 10] en mevrouw [naam 11] , bijgestaan door de gemachtigde. Partijen hebben ter zitting hun standpunten toegelicht en vragen beantwoord, de gemachtigden hebben pleitaantekeningen overgelegd. Na verder debat is de zaak kort aangehouden om te bezien of partijen een mediationtraject wilden volgen. Bij faxbericht van 16 maart 2021 hebben partijen vonnis gevraagd, om vervolgens bij faxbericht van 24 maart 2021 nader aanhouding van het vonnis te vragen in verband met een mogelijke schikking. Bij faxbericht van 30 maart 2021 heeft mr. Dielemans-Buiteman laten weten dat namens vijf van de oorspronkelijke drieëntwintig eisers de vordering werd ingetrokken, te weten [naam 1] , [naam 2] , [naam 3] , [naam 4] en [naam 5] . Namens de overige eisers werd vonnis gevraagd, waarna vonnis is bepaald op heden. GRONDEN VAN DE BESLISSING Uitgangspunten 1. Als uitgangspunt geldt het volgende. 1.1. Werknemers waren allen tot 1 juli 2008 bij Artis werkzaam als ambtenaar, op basis van een aanstelling. 1.2. Met ingang van 1 juli 2008 hebben werknemers hun arbeidsverhouding met Artis voortgezet op basis van een privaatrechtelijke arbeidsovereenkomst. Vanaf dat moment was op de arbeidsovereenkomst de cao voor het dagattractiebedrijf (verder: Leisure CAO) van toepassing. Daarbij is tussen Artis en de vakbonden een overgangsregeling overeengekomen: het Overgangsreglement voor de overgang van de Stichting tot Instandhouding van de Diergaarde van het Koninklijk Zoölogisch Genootschap Natura Artis Magistra van de Amsterdamse rechtspositie naar de CAO voor het Dagattractiebedrijf (verder: het Overgangsreglement). 1.3. Het Overgangsreglement werd op werknemers van toepassing. 1.4. Na afloop van de Leisure CAO 2011-2012 heeft Artis geen nieuwe CAO afgesloten. Wel heeft zij in 2011 een Personeelsgids opgesteld. Deze is na overleg met de Ondernemingsraad (OR) in 2013 aan werknemers verstrekt. Werknemers hebben daarbij een verklaring ondertekend, die luidt:Hierbij verklaar ik, dat ik de personeelsgids in ontvangst heb genomen en mij op de hoogte stel van de inhoud. 1.5. In de personeelsgids is onder meer vermeld:De inhoud van deze Personeelsgids maakt onderdeel uit van je arbeidsovereenkomst. (…)Voor sommige werknemers gelden nog regels en afspraken aanvullend op hun arbeidsovereenkomst en dus op deze Personeelsgids (…) Voor een deel van deze werknemers zijn ook nog aanvullende afspraken van toepassing uit het Overgangsreglement. (…) Voor de gehele Personeelsgids geldt dat als (…) het Overgangsreglement op jou van toepassing is, de bepalingen uit die regeling (…) gelden wanneer die afwijken van, of in aanvulling zijn op, de bepalingen in deze Personeelsgids. (…)Hoofdstuk 1 DE ARBEIDSOVEREENKOMST1.1 De arbeidsovereenkomstJe krijgt bij indiensttreding een schriftelijke (digitale) arbeidsovereenkomst waarin ARTIS de gemaakte afspraken bevestigt. (…)1.4 Wijzigen arbeidsvoorwaardenARTIS behoudt zich uitdrukkelijk het recht voor om wijzigingen aan te brengen in de bepalingen van de Personeelsgids en van je arbeidsovereenkomst, inclusief collectieve regelingen, bijvoorbeeld in geval van gewijzigde omstandigheden binnen ARTIS (…) zonder dat daarvoor per definitie compensatie plaatsvindt. Waar noodzakelijk vinden wijzigingen plaats in overleg met de ondernemingsraad (OR). 1.6. Door de coronacrisis halveerde in 2020 het aantal bezoekers van Artis, het aantal verkochte dagkaarten nam met 63% af. 1.7. Op 28 september 2020 schreef Artis aan werknemers onder meer het volgende:Toen kwam het corona virus en de impact hiervan is werkelijk ongekend, zeker voor ARTIS. (…)Tijdens de laatste personeelsbijeenkomst op 10 september heb ik jullie laten weten dat we ook ná de zomer nog steeds te weinig inkomsten en te hoge kosten hebben. (…)De komende tijd zullen we dus niet alleen de geleden verliezen moeten compenseren, maar ook moeten anticiperen op lagere inkomsten en een onzekere toekomst. Dit zullen we doen door de structurele kosten te verlagen, te focussen op activiteiten die de inkomsten verhogen en het vinden van financiële steun bij individuen, bedrijven en overheden. (…)Maar we gaan inkrimpen en dat gaat pijn doen. De OR neemt nu de tijd om het voorstel door te nemen. 1.8. Op 3 november 2020 liet Artis in een volgende brief aan werknemers weten:Dit heeft ertoe geleid dat de OR op donderdag 29 oktober een positief advies heeft uitgebracht over de voorgenomen reorganisatie en harmonisatie van de arbeidsvoorwaarden. (…) Met de harmonisatie zullen wij later starten; daar volgt in een later stadium meer informatie over. 1.9. Op 16 november 2020 schreef Artis vervolgens aan werknemers:Harmonisatie van de arbeidsvoorwaarden houdt in dat alle werknemers die niet vertrekken als gevolg van de reorganisatie én na 1 januari 2021 nog bij ARTIS in dienst zijn, gelijksoortige arbeidsvoorwaarden krijgen zoals beschreven in de personeelsgids. (…) Het Overgangsreglement komt hiermee definitief te vervallen. De belangrijkste maatregelen hierin zijn:1. Afkopen en afschaffen van de ARA-specifieke na- en bovenwettelijke WW-rechten (…)2. Afschaffen ARA-specifieke eindejaarsuitkering en levensloopuitkering vanaf 2021 zodat voor alle medewerkers op de wijze zoals beschreven in de personeelsgids, de eindejaarsbonus wordt bepaald. (…)3. In twee jaar afbouwen en daarna afschaffen vaste en variabele toeslagen, waarbij de totale mogelijke teruggang in bruto-inkomsten nooit meer zal bedragen dan 5% (…)4. Voortijdig uitkeren en afschaffen uitkering bij ambtsjubileum vanaf 2021.(…) 1.10. Artis heeft de Overgangsregeling per 1 januari 2021 aan de betrokken vakbonden opgezegd. 1.11. Nadien hebben werknemers in december 2020 nog een nadere persoonlijke toelichting gekregen, zowel op schrift als in een gesprek. Werknemers hebben zich tegen de wijzigingen verzet. Artis heeft de wijzigingen echter doorgevoerd en ook de volgens haar toepasselijke compensatie aan de werknemers uitgekeerd. Vordering en verweer 2. Werknemers vorderen – kort gezegd – dat Artis bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, wordt veroordeeld alle arbeidsvoorwaarden uit het Overgangsreglement en de Leisure CAO te handhaven. Gevolg daarvan is dat vanaf 1 januari 2021 een correctie en nabetaling moet plaatsvinden, alsmede dat bovenwettelijke WW-rechten hersteld moeten worden, dat laatste op straffe van een dwangsom. Over achterstallig loon moet wettelijke rente en wettelijke verhoging worden betaald en Artis moet, tot slot, in de proceskosten worden veroordeeld, aldus werknemers. 3. Werknemers leggen aan de vorderingen ten grondslag dat Artis eenzijdig de arbeidsvoorwaarden wijzigt. Nu een geldig eenzijdig wijzigingsbeding ontbreekt gelden daarvoor strenge eisen. Aan die eisen is niet voldaan. 4. Artis voert verweer. Zij voert aan dat met de invoering van de Personeelsgids een geldig eenzijdig wijzigingsbeding tot stand is gekomen. Aan de vereisten voor wijziging op basis van dat beding is voldaan. Ook zonder een eenzijdige-wijzigingsbeding zijn de wijzigingen van de arbeidsvoorwaarden toelaatbaar. 5. Op de stellingen van partijen en het verweer van Artis zal hierna waar nodig worden ingegaan. Beoordeling 6. In een kort geding wordt een voorlopig oordeel gegeven. De centrale vraag die in deze zaak moet worden beantwoord is of Artis de arbeidsvoorwaarden van werknemers per 1 januari 2021 mocht wijzigen. Eenzijdig wijzigingsbeding 7. Naar het oordeel van de kantonrechter is ten aanzien van de Overgangsregeling en de (bepalingen met nawerking uit
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.