RECHTBANK AMSTERDAM VONNIS Parketnummer: 13/848000-18 Datum uitspraak: 24 maart 2021 Vonnis van de rechtbank Amsterdam, meervoudige strafkamer, in de strafzaak tegen [verdachte] geboren te [geboorteplaats] ( [geboorteland] ) op [geboortedag] 1967, wonende aan [adres] , hierna te noemen: verdachte. 1Het onderzoek ter terechtzitting Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 24 maart
- Verdachte en haar raadsvrouw, mr. A.B.M. Nohl, advocaat te ’s-Gravenhage, waren daarbij aanwezig. De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie, mr. V.T.R.W. van Thiel, en van wat verdachte en haar raadsvrouw naar voren hebben gebracht. 2De tenlastelegging Verdachte wordt kortgezegd beschuldigd van het medeplegen van gewoontewitwassen van meerdere geldbedragen in de periode van 1 juni 2016 tot en met 18 januari
- De volledige tekst van de tenlastelegging staat in de bijlage bij dit vonnis. 3Vrijspraak De officier van justitie vindt dat verdachte moet worden vrijgesproken. De raadsvrouw heeft bepleit dat verdachte moet worden vrijgesproken. De rechtbank acht het tenlastegelegde niet wettig en overtuigend bewezen, zodat verdachte daarvan dient te worden vrijgesproken. 4De beslissing De rechtbank komt op grond van het voorgaande tot de volgende beslissing. Verklaart het tenlastegelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij. Dit vonnis is gewezen door mr. M. van Mourik, voorzitter, mrs. E. Akkermans en M.C.M. Hamer, rechters, in tegenwoordigheid van mr. J.G.R. Becker, griffier, en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van 24 maart
- Bijlage De tenlastelegging Aan bovenbedoelde gedagvaarde persoon wordt tenlastegelegd dat: Zij op een of meerdere tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 1 juni 2016 tot en met 18 januari 2018, te Den Helder en/of Julianadorp en/of Lelystad en/of Amsterdam en/of (elders) in Nederland, (telkens) tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, meermalen van het plegen van witwassen een gewoonte heeft gemaakt, althans zich schuldig heeft gemaakt aan witwassen, immers heeft zij, verdachte en/of (één of meer van) haar mededader(s), van diverse geldbedragen en/of voorwerpen te weten: - in of omstreeks de periode van 8 november 2016 tot en met 26 december 2016 een geldbedrag van EUR 1.720 (EUR 1.320 en EUR 400), althans enig(e) geldbedrag(en)(ZD Witwassen 4.
- reis Egypte) en/of - in of omstreeks de periode van 23 mei 2017 tot en met 23 september 2017 een geldbedrag van EUR 2.682,70 (EUR 2.352,70 en EUR 330), althans enig(e) geldbedrag(en) (ZD Witwassen 4.
- Feest the Party Factory) en/of - in of omstreeks de periode van 19 augustus 2016 tot en met 31 augustus 2016 een geldbedrag van EUR 1.300, althans enig(e) geldbedrag(en) (ZD Witwassen, 4.11 Aanleg tuin woning [verdachte] ) (telkens) de werkelijke aard en/of herkomst en/of de vindplaats en/of de vervreemding en/of de verplaatsing verborgen en/of verhuld, althans verborgen en/of verhuld wie de rechthebbende op voornoemde geldbedragen en/of voorwerpen waren/zijn en/of (telkens) deze geldbedragen en/of voorwerpen verworven en/of voorhanden gehad en/of overgedragen en/of omgezet en/of van deze geldbedragen en/of voorwerpen gebruik gemaakt, terwijl verdachte en/of haar mededaders wisten, dat voornoemde geldbedragen en/of voorwerpen - onmiddellijk of middellijk - afkomstig waren uit enig misdrijf;