vonnis RECHTBANK AMSTERDAM Afdeling privaatrecht, voorzieningenrechter civiel zaaknummer / rolnummer: C/13/707461 / KG ZA 21-776 HH/MAH Vonnis in kort geding van 5 oktober 2021 in de zaak van [eiseres] , wonende te [woonplaats] , eiseres bij dagvaarding van 22 september 2021, advocaat mr. H. Plantenga te Amsterdam, tegen [gedaagde] , wonende te [woonplaats] , gedaagde, niet verschenen. 1De procedure Op de zitting van 30 september 2021 heeft mr. Plantenga namens eiseres de dagvaarding kort toegelicht en verzocht vonnis te wijzen. Gedaagde is niet verschenen. Vonnis was bepaald op 7 oktober 2021, maar wordt vandaag bij vervroeging uitgesproken. Eiseres heeft daarvan bericht ontvangen. 2De beoordeling 2.
- Bij de dagvaarding zijn de bij de wet voorgeschreven termijnen en formaliteiten in acht genomen, zodat verstek zal worden verleend tegen de niet verschenen gedaagde. 2.
- De vorderingen komen niet onrechtmatig of ongegrond voor en zullen worden toegewezen als vermeld in de beslissing. Met betrekking tot de gevorderde proceskostenveroordeling wordt dit nog als volgt toegelicht. Op het verzoek van eiseres van 14 september 2021 om toestemming voor de vakantie naar Turkije in oktober 2021 van eiseres met [minderjarige] (8 jaar) heeft gedaagde op 15 september 2021 geantwoord: “Ik geef geen toestemming omdat heb ik geen contact met kinderen dus moet je zelf regelen, weer naar de rechtbank om de toestemming vragen”. Voor de zomervakantie 2021 heeft de voorzieningenrechter – bij verstekvonnis van 9 juli 2021 - ook al vervangende toestemming moeten verlenen aan eiseres. In afwijking van de hoofdregel dat proceskosten worden verrekend tussen ex-partners, zal gedaagde daarom, als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van eiseres worden begroot op: - griffierecht 85,00 - salaris advocaat 656,00 Totaal € 741,00 3De beslissing De voorzieningenrechter 3.
- verleent verstek tegen de niet verschenen gedaagde, 3.
- verleent [eiseres] vervangende toestemming om in de periode van 10 tot en met 22 oktober 2021 naar Turkije te reizen en daar te verblijven met haar kind [minderjarige] , geboren [geboortedatum] 2013 te [geboorteplaats] , 3.
- bepaalt dat deze toestemming in de plaats komt van de vereiste toestemming van de vader (gedaagde); 3.
- veroordeelt gedaagde in de proceskosten, aan de zijde van eiseres tot op heden begroot op € 741,00, te vermeerderen met de wettelijke rente over dit bedrag met ingang van 14 dagen na betekening van dit vonnis tot de dag van volledige betaling; 3.
- verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad, 3.
- wijst het meer of anders gevorderde af. Dit vonnis is gewezen door mr. H.C. Hoogeveen, voorzieningenrechter, tevens kinderrechter, bijgestaan door mr. M.A.H. Verburgh, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 5 oktober
- Bij afwezigheid van mr. Hoogeveen is dit vonnis ondertekend door mr. E.A. Messer, voorzieningenrechter, die het vonnis uitsprak. Type: MAH Coll: LO