vonnis RECHTBANK AMSTERDAM Afdeling privaatrecht zaaknummer / rolnummer: C/13/690500 / HA ZA 20-985 Vonnis van 15 december 2021 in de zaak van [eiser] , wonende te [woonplaats 1] , eiser in conventie, verweerder in reconventie, advocaat mr. A. Knol te Assendelft, tegen [gedaagde] , wonende te [woonplaats 2] , gedaagde in conventie, eiseres in reconventie, advocaat mr. L.M. Ravestijn te Amsterdam. Partijen zullen hierna [eiser] en [gedaagde] genoemd worden. 1De procedure 1.
(2x)en washok: Pvc afvoerleidingen, hulpstukken, drain/afvoerput Onvoldoende onderbouwd voor wat betreft drain en afvoerput. Pvc afvoerleidingen en hulpstukken voldoende komen vast te staan en deels erkend. € 100,- Nieuwe aanvoeren koud/warm water douche, keuken, washok, berging: Waterleidingen 15mm/12mm, muurplaten, koppelingen en overige hulpstukken Onvoldoende onderbouwd voor wat betreft het meerdere van het door [eiser] erkende bedrag van € 240,-. € 240,- Verhogen keukenvloer, slaapkamervloer: Huur freesmachine, egaline, vurenhout Onvoldoende onderbouwd. € 0 Montage badkamer: Sanitair kit, high tack, hulpmaterialen Voldoende vast komen te staan dat kitwerk uitgevoerd diende te worden. € 100,- Gipsmuur badkamer 10 cm + achterplaat t.b.v. nis: Gipsblokken, blokkenlijm Onvoldoende onderbouwd. € 0 Nieuw kozijn met dubbel glas volgens tekening incl. goot/pijp wegwerken: Waterdichte aansluiting compriband/DPC en lood, kit, aftimmermateriaal en beslag voor ramen Onvoldoende onderbouwd. € 0 Balkon isoleren + bekleden volgens vergunning: PU isolatie + pu lijm, vloerplaat, egaline Onvoldoende onderbouwd. € 0 Kozijn + muur oude badkamer aanpassen: Kozijnstijlen maatwerk, RP van Renovaid, bevestigingsmaterialen Onvoldoende betwist. € 225,- Gipsmuur 10 cm tussen slaapkamer/keuken incl. kozijnen en deur: Afwerkmaterialen Onvoldoende onderbouwd door [gedaagde] . € 0 Stoppenkast: VD draad 1,5 mm2 en 2,5 mm2, inbouwdozen, schakelmateriaal en afdekplaatjes, 5/8 buis ¾ buis pvc Een bedrag van € 550,- erkend door [eiser] . Meerdere is onvoldoende onderbouwd door [gedaagde] . € 550,- Stukwerk en sauswerk flat + berging: Materialen Onvoldoende betwist door [eiser] . Sauswerk is in de opdracht inbegrepen. € 172,80 Aanpassen mechanise installatie: Spiralobuis, inregelventielen Erkend. € 63,- Verstevigen trapgat volgens vergunning: Huur diamantzaag, stempels en hulpmateriaal voor sloopwerk Onvoldoende onderbouwd. € 0 Leveren + plaatsen vurenhouten trap ½ rond dicht grondverf geleverd en twee kozijnen met draai/kiep raam en dubbelglas: Montagematerialen, lijmankers, pluggen enz. Een bedrag van € 180,- erkend. € 180,- Gipsmuur/isoleren berging: Vuren regels, isolatiemateriaal, gipsplaten Onvoldoende onderbouwd. € 0 Berging deur multiplex brandvertragend volgens vergunning: Multiplex deur met brandlatten maatwerk, hang- en sluitwerk, slot Onvoldoende onderbouwd, zie ook 2.7 € 0 Verleggen buizen t.b.v. trap + brandwerend bekleden: Pijp en promatect koker Onvoldoende onderbouwd. € 0 Totaal € 1.630,80 2.
- Ten aanzien van de mechanische luchtafvoer en het kozijn met deur (punten 13 en 14 van de akte van [gedaagde] ) oordeelt de rechtbank als volgt. [gedaagde] heeft gesteld dat [eiser] deze materialen weliswaar aan haar gefactureerd heeft, maar niet heeft geleverd, zodat de waarde van deze materialen ook gelden als besparing. [eiser] heeft aangevoerd dat deze materialen in de opslag bevinden, en in ieder geval wat betreft het kozijn met deur dat [gedaagde] deze kan afnemen. Verder heeft [eiser] aangevoerd dat [gedaagde] ondanks herhaalde verzoeken van [eiser] het kozijn met deur niet heeft afgenomen. [eiser] kan dit op maat gemaakte kozijn niet voor een ander project gebruiken en het levert daarom volgens hem geen besparing op. Dat en waarom [gedaagde] deze materialen niet heeft afgenomen heeft zij niet toegelicht. Gelet op de gemotiveerde betwisting van [eiser] heeft [gedaagde] niet bewezen dat dit een besparing oplevert. 2.
- De conclusie is dat [eiser] voor een bedrag van € 1.630,80 (exclusief btw) aan materialen heeft bespaard (€ 1.973,27 inclusief btw). conclusie 2.
- Het voorgaande betekent dat [gedaagde] zal worden veroordeeld tot betaling van € 16.642,67 aan [eiser] . De vordering is als volgt opgebouwd: Restant aanneemsom (aanneemsom minus betalingen) € 18.103,69 Af: besparingen € 1.973,27 Bij: meerwerk € 512,25 Totaal € 16.642,67 incl btw 2.
- [gedaagde] heeft zich beroepen op verrekening met de door haar geleden schade, indien zij wordt veroordeeld om enig bedrag aan [eiser] te betalen. De rechtbank heeft in haar tussenvonnis de vordering van [gedaagde] tot vergoeding van schade afgewezen, zodat haar beroep op verrekening ook niet kan slagen. wettelijke rente 2.
- [eiser] heeft over het toe te wijzen bedrag wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW vanaf 15 mei 2020 gevorderd. Aangezien [gedaagde] de verschuldigdheid van de wettelijke rente en de ingangsdatum niet heeft weersproken, zal de rechtbank het gevorderde toewijzen. buitengerechtelijke incassokosten 2.
- [eiser] heeft tot slot vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten van € 1.072,63 gevorderd. De rechtbank stelt vast dat het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (hierna: het Besluit) van toepassing is nu het verzuim na 1 juli 2012 is ingetreden. [eiser] heeft met verwijzing naar en onder overlegging van de brief van 13 mei 2020 voldoende gesteld en onderbouwd dat buitengerechtelijke incassowerkzaamheden zijn verricht. Het gevorderde bedrag aan buitengerechtelijke incassokosten is hoger dan in het Besluit bepaalde tarief. De rechtbank zal het bedrag toewijzen tot het wettelijke tarief berekend over het toegewezen bedrag van € 16.642,67, wat neerkomt op € 941,
- proces- en nakosten 2.
- [gedaagde] zal als de grotendeels in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van [eiser] worden begroot op: - dagvaarding € 105,08 - griffierecht € 941,43 - salaris advocaat € 1.407,50 (2,5 punten × tarief € 563,00) Totaal € 2.454,01 2.
- De door [eiser] gevorderde nakosten zullen worden toegewezen op de wijze zoals hierna onder de beslissing is vermeld. De over de proces- en nakosten gevorderde wettelijke rente is eveneens toewijsbaar, op de wijze zoals hierna onder de beslissing is vermeld. in reconventie 2.
- In het tussenvonnis zijn de reconventionele vorderingen van [gedaagde] afgewezen. [gedaagde] zal daarom als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van [eiser] worden begroot op € 281,50 voor salaris advocaat (1,0 punt × factor 0,5 × tarief € 563,00). 2.
- De nakosten worden ambtshalve toegewezen op de wijze zoals hierna onder de beslissing is vermeld. 3De beslissing De rechtbank in conventie 3.
- veroordeelt [gedaagde] om aan [eiser] te betalen een bedrag van € 16.642,67 (inclusief btw), te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over het toegewezen bedrag vanaf 15 mei 2020 tot aan de dag van volledige betaling, 3.
- veroordeelt [gedaagde] om aan [eiser] te betalen een bedrag van € 941,43 aan buitengerechtelijke incassokosten, 3.
- veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten, aan de zijde van [eiser] tot op heden begroot op € 2.454,01, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over dit bedrag met ingang van veertien dagen na dagtekening van dit vonnis tot aan de dag van volledige betaling, in reconventie 3.
- wijst de vorderingen af; 3.
- veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten, aan de zijde van [eiser] tot op heden begroot op € 281,50, in conventie en in reconventie 3.
- veroordeelt [gedaagde] in de na dit vonnis ontstane kosten, begroot op € 255,00 aan salaris advocaat, te vermeerderen, onder de voorwaarde dat [gedaagde] niet binnen veertien dagen na aanschrijving aan het vonnis heeft voldaan en er vervolgens betekening van de uitspraak heeft plaatsgevonden, met een bedrag van € 85,00 aan salaris advocaat en de explootkosten van betekening van de uitspraak, en te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over de nakosten met ingang van veertien dagen na dagtekening van dit vonnis tot aan de dag van volledige betaling, 3.
- verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad. Dit vonnis is gewezen door mr. M.L.S. Kalff, rechter, bijgestaan door mr. M. Sahin, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 15 december 2021.